Als kwekeling was ik principieel monter

Natuurlijk werden er ook vHrlin weleens ondoorgrondelijke gedichten geschreven, maar sinds de 19de eeuw - met name sinds Mallarm lijken dichters het erom te doen....

Toch zijn er altijd ook pogingen geweest de verworvenheden van de nieuwe poe te gebruiken in werken van langere adem: de Cantos van Ezra Pound, het proza van Samuel Beckett, eventueel Finnegans Wake van Joyce - maar dat berust op het misverstand dat het leuk is als iedere mededeling uit louter woordspelingen bestaat.

Een van onze minst toegankelijke dichters is Kees Ouwens. Zijn debuutbundel Arcadia (1968) was nog goed te doen, maar in de daaropvolgende decennia heeft Ouwens een unieke wereld opgebouwd waarin de oningewijde domweg niet welkom is. Wie zich de in 2002 verschenen verzamelbundel Alle gedichten tot dusver wil eigen maken, dient vooraan te beginnen en door te ploeteren tot hij erdoorheen is. Een bloemlezing samenstellen heeft geen zin.

En het is nog erger. Tegelijk met Arcadia verscheen ook de roman De strategie, waarna nog drie romans en een paar losse verhalen het licht zagen. Deze romans hangen niet alleen onderling, maar ook met de poe nauw samen, zelfs in die mate dat verscheidene passages uit het proza letterlijk terugkeren in de poe, en omgekeerd. En ook bij het proza is er sprake van een ontwikkeling van betrekkelijk toegankelijk naar totaal ondoorgrondelijk.

De strategie is een hilarische roman, die qua sfeer, stijl en waanzin doet denken aan Bezorgde ouders van Reve. Een weltfremde jongeman die nog bij zijn dominante moeder woont en graag 'het vrouwelijk wezen' wil leren kennen, wordt tijdens een wandeling langs het hek van een landgoed door een jongetje met eikels bekogeld. Ze raken in gesprek, waarbij het jongetje beweert dat hij in de kelder van het landhuis 'een naakte meid' houdt.

De jongeman, die eigenlijk niet wil laten merken hoe graag hij die vrouw wil zien, weet de 'prepuber' zo ver te krijgen dat hij hem meeneemt naarbinnen. Daar wordt het tweetal door de moeder van het jongetje ontvangen, die na een absurde conversatie een poging doet de jongeman te verleiden. Maar dat was niet wat hij zich bij het vrouwelijk wezen had voorgesteld. Was hij op zoek naar een Idee, hier komt hij in aanraking met een wezen van vlees en bloed, hetgeen hij ontdekt op het moment dat hij haar thee ziet drinken: 'Ik was ontsteld door de pornografie in haar gedrag. Haar theedrinken was exhibitionistisch. (. . .) Haar menselijkheid was totaal. (. . .) Ik besefte dat haar schoonheid niet van haar lichaam was los te denken. En dat was onthutsend.'

De jongeman weet zich los te rukken. Aan het eind van het boek blijkt ook de kooi waarin de 'naakte meid' zou zitten, leeg te zijn. 'Het was duidelijk zichtbaar dat ik afdroop.'

Een belangrijk thema dat vanaf het begin Ouwens' werk kenmerkt, is dat van de wereld als projectie van de denker. Weliswaar gaat Ouwens nooit zo ver dat hij het bestaan van het Ding an sich ontkent, maar wel is van meet af aan duidelijk dat de verbeelding het primaat heeft en de realiteit hoogstens tweederangs is. Daarmee hangen almachtsfantasiesamen, die bij de katholiek gevormde Ouwens ook altijd een religieus karakter dragen. De protagonist schept zich een wereld van tegenspelers, die op hun beurt de protagonist maken tot wie hij is.

Die gedachte wordt uitgewerkt in De eenzaamheid door genot (1987). De roman begint met een herneming van de sc bij het hek van het landgoed, zij het dat de personages hier tien jaar ouder zijn en er deze keer geen eikel, maar een kiezelsteen wordt gegooid. Dit hoofdstuk, dat vreemd genoeg 'Verantwoording' heet, staat echter helemaal los van de rest van het boek.

De hoofdpersoon heet Armand en woont in Zinzendorp bij zijn ouders. Hij heeft een onvoorstelbaar vervelend administratief baantje, verder staat hij bijna helemaal buiten de werkelijkheid. In de beslotenheid van zijn kamer geeft hij zich over aan eindeloze masturbatiesessies. Het centrale hoofdstuk beschrijft een huiveringwekkende logeerpartij bij een oom en tante, wier dochter Avril zijn speciale belangstelling heeft.

Pas gaandeweg wordt duidelijk dat de logeerpartij zich geheel in Armands verbeelding afspeelt en dat hij al fantaserend ook steeds nieuwe verwikkelingen bedenkt, die niet zelden strijdig zijn met eerdere. Zo wordt eerst gesteld dat hij in het etmaal voorafgaand aan de logeerpartij niet had gemasturbeerd, omdat hij rein wilde arriveren, later vertelt een volstrekt idiote sc hoe hij op de heenweg in een vrijwel verlaten trein heeft liggen rukken.

De eenzaamheid door genot is een roman die zich moeilijk, maar dan toch volledig laat veroveren.

De zinnen zijn erg lang, het abstractieniveau van Armands overwegingen is hoog, zelfs beschrijvingen van futiele handelingen nemen vele pagina's in beslag. Maar heb je eenmaal in de gaten wat werkelijkheid en wat fantasie is, dan kun je je laten meeslepen in de verwrongen gedachtenwereld van de eenzelvige estheet.

Telt deze roman drie hoofdstukken, de volgende belooft een stap verder te gaan, want heet Een twee drie vier. . . (1994). Ouwens trekt zich hier zo ver terug in zijn eigen wereld, dat er nauwelijks meer een poging wordt gedaan contact met de lezers te maken. Iedere alinea moet je zes keer lezen om misschien de helft ervan te begrijpen, en geen lezer houdt dat tweehonderd bladzijden vol.

Ook in Een twee drie vier. . . grijpt Ouwens terug op cruciale scs uit zijn voorafgaande romans - heb je die niet paraat, dan hoef je hier niet eens aan te beginnen. Je zou het kunnen typeren als een proefopstelling of (Ouwens-woord) 'ontwerp'.

Gegeven een vrouw, luisterend naar de naam Agnes-Dei, die op een T-splitsing met haar auto een lekke band krijgt. De typische Ouwens-hoofdfiguur, hier veelal aangeduid als de Kwekeling, die Anthony heet, helpt haar met het verwisselen van het wiel. Vervolgens wordt onderzocht hoe een verhaal zich zou kunnen ontwikkelen, waarbij duidelijk slechts sprake blijft van hypothetische gebeurtenissen. Ouwens deinst er niet voor terug de personages zelf suggesties te laten doen, en grossiert daarnaast ook nog in mythologische en filosofische toespelingen. De roman bevat schitterende en dikwijls geestige zinnen: 'Als Kwekeling was ik principieel monter.' 'De voorstellingloosheid is een tegemoetkoming. De ladder beklimt hij van mijn doorhalingen, talloos zijn zij als mijn voetsporen.' Mooie beelden. Maar een hele roman lang van dit soort cryptische mededelingen, dat werkt niet.

In zijn laatste roman, Helis' mythe (1998), doet Ouwens een stap terug. Je kunt het boek lezen als een heroverweging van De strategie. Als zodanig is het ook aanzienlijk leesbaarder dan Een twee drie vier. . ., mits de lezer de eerdere romans helder op zijn netvlies heeft staan. Wederom gaat het om de ontmoeting bij het hek van het landgoed.

De roman speelt in 1997, wanneer een afsplitsing van de auteur, Ziesenis Handigejongen, van een afstand toekijkt hoe zijn twintig jaar jongere zelf, Helis Obertop geheten, in gesprek raakt met de jongen uit het landhuis, die hier Ernoul Strohmian heet. Obertop blijkt inmiddels getrouwd te zijn met de moeder van Strohmian. Kern van het boek is de vraag in hoeverre een mens samenvalt met zijn eerdere of latere zelf, en wie van hen de eigenlijke schepper van zijn levenslot is. Aan het eind van dit vreemde boek versplintert de spiegel tussen Handigejongen en Obertop, waarbij, als ik het goed begrijp, Obertop sterft: 'Uit die klank, dat kennelijk aan scherven gaan, aangericht op de as van de weg, ontspringt een zwerm bloed'.

De verzamelbundel wordt afgesloten met vijf rare verhalen, waarvan Ouwens het laatste in december 2002 uitsprak als dankwoord bij de aanvaarding van de Constantijn Huygens-prijs. 'We bezegelden elkaar met een kus', staat daar: uiteindelijk is het de sacrale erotiek die mensen realiteit verleent. Desnoods alleen op papier.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden