‘Als je slecht kunt lezen ga je nat in de rekenles’

De staatssecretaris: rekenen is steeds ‘taliger’ geworden...

Van onze verslaggever Bart Dirks

Basisscholen hebben de laatste jaren al meer oog gekregen voor de achterstanden bij lezen en schrijven. Maar het verbeteren van het rekenonderwijs had duidelijk minder prioriteit, concludeert de Onderwijsinspectie. PvdA-staatssecretaris Sharon Dijksma (primair onderwijs) wil de scholen helpen die achterstanden weg te werken.

De inspectie stelt dat 23 procent van de basisscholen rekenzwak is, tegen 12 procent taalzwakke scholen. Maar de extremen zijn bij rekenen zowel positief als negatief opvallend, zegt Dijksma.

‘27 procent van de basisscholen is juist heel goed in rekenen, terwijl 18 procent bovengemiddeld scoort in taal. Er is inderdaad meer aandacht geweest voor het verbeteren van taalonderwijs. Wiskunde en rekenen bleven daarbij achter. Maar de Onderwijsinspectie concludeert gelukkig ook dat er een ommekeer in gang ins gezet dankzij onze Kwaliteitsagenda Primair Onderwijs.’

De inspectie bekritiseert de realistische rekenmethoden: sommen worden verpakt in verhaaltjes. Die verhaaltjes dwingen niet tot rekenen, maar tot goed lezen.

‘Goed kunnen lezen is ook voor rekenen onmisbaar. Rekenen is steeds ‘taliger’ geworden. Als je slecht bent in begrijpend lezen, ga je nat in de rekenles. Experts discussiëren over welke methoden het beste werken. Docenten moeten daar baat bij hebben. Daarom laat ik een overzichtsstudie doen.’

Maakt die studie duidelijk welke methoden niet deugen?

‘We gaan zeker geen ranglijst maken. De commissie-Dijsselbloem die het onderwijs heeft doorgelicht, maakte duidelijk dat wij ons als ministerie moeten bezighouden met het wat. Niet met het hoe! Maar we kunnen de vakdocenten wél inhoudelijk helpen met een wetenschappelijk onderbouwde vergelijking tussen de methoden.’

Moet de rekenles niet schoolser, minder creatief?

‘Wat al dan niet werkt, hangt sterk af van elk individueel kind. Je moet kinderen niet onderschatten of te snel afschrijven, als ze ergens moeite mee hebben. Op een andere manier lukt het misschien wel. En we moeten niet alleen met achterstanden rekening houden, maar ook met excellentie.

‘Elk kind is anders, dat maakt dat leerkracht zijn op een basisschool het moeilijkste is van alle onderwijsniveaus. Je moet kinderen met uiteenlopende capaciteiten iets bijbrengen. De meeste leerwinst is te behalen als je weet hoe je het beste uit elke leerling kan halen.’

Door ze nog vaker te toetsen dus?

‘Nee, want er wordt al genoeg gemonitord. Van meer toetsen, krijg je geen beter onderwijs. Maar je moet wel beter gebruik maken van de uitslagen van die toetsen. Basisscholen die systematisch kijken naar de opbrengst van de methoden, scoren het beste. Rekenzwakke scholen trekken minder conclusies op grond van de gegevens.’

Hoe verklaart u het dat rekensterke scholen vaak katholieke of protestantse scholen zijn, in Brabant en Limburg met mannelijke docenten, terwijl de rekenzwakke scholen vooral openbare scholen zijn in het noorden en Flevoland, met jonge, vrouwelijke docenten?

‘Het heeft lang niet altijd met jong of oud of met man en vrouw te maken. Maar als scholen in een regio kleiner zijn, versnippert het onderwijsaanbod. Een leerkracht moet dan vaak groepen lesgeven met een grotere variëteit in leeftijd. Dat maakt hun opdracht nog een stukje zwaarder. Maar we onderzoeken dit aspect ook.’

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden