Als je geen band voelt, stap je gemakkelijk op

Hoeh! Aaah! Ik hoor iemand zeggen: Hoeh! Aaah! Wat zeg je? Weet je dat niet? Het is het geluid van de geketende dwangarbeiders – the sound of the men working on the chain gang....

Het is het geluid van de postsorteerders en de alfahulpen, het geluid van de Tweede Kamerleden en de topbestuurders. Hoeh! Aaah! Ze zingen: mijn, mijn, mijn, mijn, mijn, mijn, mijn werk is zo zwaar, geef me water, ik heb dorst, mijn werk is zo zwaar.

Neem mij nou: hoe hard ik ook zwoeg, de stapel werk wordt steeds hoger, brieven en mails, petities, pamfletten, aanklachten en oproepen sleep ik als een bal aan mijn been achter me aan, er is geen einde in zicht en het is zo heet in de zon. Been workin’ and workin’, ik ga mijn ketenen verbreken om te vluchten, zingt Nina Simone. Hoeh! Aaah!, zingt Sam Cooke.

Kijk, hier, een van die mails die zo’n blok aan mijn been zijn. Al veel te lang laten liggen op mijn werktafel, in maart geschreven door een lezer van de krant, die het begrip plicht nog serieus neemt. ‘Ik zou u willen verzoeken in uw column in de Volkskrant eens te schrijven over al die mensen die bij schering en inslag van hun hoge functies weglopen. Ik ben van mening dat deze mensen juist zouden moeten blijven. Net zolang tot zij de door hen – of door derden waarvoor zij verantwoordelijk zijn – gemaakte fouten hebben gerepareerd.’

Het is waar. Inderdaad verbreken mensen op hoge posten steeds gemakkelijker hun ketenen en slaan ze op de vlucht. Mijn werk is zo zwaar, zeggen ze, er is een vertrouwensbreuk, we hebben een conflict en ik moet om mijn gezondheid denken. In 2009 stapten 179 wethouders op, in 2008 waren het er zelfs 196; Kamerleden, politiek leiders, bestuurders van banken en bedrijven: voor je het weet zijn ze weg. Hun ervaring nemen ze mee, de schillen en de dozen blijven achter.

Deze arbeidsmigratie aan de bovenkant van de samenleving heeft diverse oorzaken en ook diverse gevolgen – te midden daarvan is gebrek aan loyaliteit oorzaak en gevolg tegelijk. Een band met de samenleving krijg je nu eenmaal niet gemakkelijk als je in een hoofdkantoor werkt op de bovenste verdieping; een band met een product of een dienst is moeilijk op te bouwen als je een metamanager bent; en je verbindt je steeds lastiger aan het algemeen belang als dat algemeen belang steeds vager en ongrijpbaarder wordt.

De arbeidssocioloog Richard Sennett heeft in zijn boek The Corrosion of Character ooit beschreven hoe het karakter van mensen wordt aangetast door instabiliteit van hun loopbaan. Wat betekent het bijvoorbeeld voor werknemers dat hun toekomst onzeker wordt door flexibilisering? Als bedrijven zich voortdurend verplaatsen, of fuseren en weer in delen uiteenvallen en hun werknemers ontslaan? De huidige, snelle wereld biedt weinig aanknopingspunten om betrokken te blijven bij een werkgemeenschap en je leven tot een begrijpelijk verhaal te maken.

Zo’n verhaal, een persoonlijke biografie waarop je zelf invloed hebt, is wel hard nodig voor de vorming van je karakter. Want verhalen, zegt Sennett, zijn meer dan een aaneenschakeling van gebeurtenissen: ze bieden structuur, laten je zien hoe je beweegt door de tijd, geven redenen aan waarom de dingen gebeuren, en ze laten de gevolgen zien van je handelen. De verhouding die je met anderen hebt, en het beeld dat je hebt van jezelf, liggen ingebed in dat verhaal.

Voor je karakterontwikkeling heb je zo’n continue structuur nodig en een perspectief op de lange termijn; verdwijnt dat perspectief, dan verlies je ook de oriëntatie voor je gedrag. Raakt je leven op drift door voortdurende inbreuken op de continuïteit, dan is het moeilijk karaktereigenschappen overeind te houden als loyaliteit, betrokkenheid en vasthoudendheid. En wat voor het individu geldt, geldt ook voor de gemeenschap: er is een collectief verhaal, een gedeeld lot nodig voor betrokkenheid en vertrouwen.

De manier waarop je het werk van alfahulpen en postbestellers vormgeeft, grijpt dus dieper in de samenleving in dan alleen op het gebied van arbeid. Creatieve destructie, zei de econoom Joseph Schumpeter, vraagt om mensen die geen angst hebben voor ingrijpende verandering; Sennett antwoordt daarop dat er maar weinig van zulke mensen zijn. En zelf denk ik dat die creatieve destructie wel degelijk ook iets doet met het karakter van mensen die het zo fantastisch getroffen hebben.

Want niet alleen aan de onderkant, ook aan de bovenkant van bedrijven, organisaties en politieke partijen leiden veelvuldige breuklijnen in het verhaal tot een corrosion of character. Als je geen band voelt, stap je gemakkelijk op; en als je gemakkelijk opstapt, kweek je geen band.

O, ja, dit is het laatste stukje dat ik heb geschreven voor uw Volkskrant. Ik stap op. Dat is niet best, en ik weet het. Ik zou nog lafhartig het excuus kunnen aanvoeren dat de dichter Bilderdijk uitsprak bij zijn officiële afscheid als dichter in het jaar 1811. ‘Neen, Dichtkunst is geen wel, die onuitputbaar vliet. ’t Gevoel verstompt, verhardt; de geest, ter neergezonken, Verstijft, het hel vernuft vervliegt in flaauwe vonken.’

Maar zo erg is het nou ook weer niet, en ik haast me te zeggen dat ik er niet zomaar de brui aan geef. Na de zomer sta ik gewoon weer verderop, in een andere krant, aan de weg te werken. Veel verandert er dus niet, en erg belangrijk is het ook niet. Zoals Bilderdijk er voor de continuïteit nog geruststellend aan toevoegde: ‘Wat verschijne, Wat verdwijne, ’t Hangt niet aan een los geval. In ’t voorleden Ligt het heden; In het nu, wat worden zal.’

En bij dat rotsvaste vertrouwen in uw en mijn toekomst sluit ik me graag aan.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden