'Als ik terugkijk, denk ik: mens, doe eens effe blij'

In Londen won Ranomi Kromowidjojo het koninginnenummer, maar ze voelde er niets voor zich te laten huldigen als een koningin.

Meer dan drie maanden beleefde zij 'het andere leven'. Niet op je eten letten, zomaar in de auto stappen om naar je ouders of vrienden in Groningen te rijden, rustig tot middernacht aan tafel blijven bij een etentje. IJs en alcohol, niet verboden. Die vrijheid beviel Ranomi Kromowidjojo, maar de tweevoudig olympisch zwemkampioene had geen enkele moeite weer in het keurslijf van de topsport terug te keren.


'Het is sinds half november weer zwemmen, trainen, eten, slapen. Er is weer regelmaat. Die ervaar ik als fijn. Dat het een tijdje niet hoefde, was ook lekker. Ik had het me precies zo voorgenomen. Ik had een hele lijst van dingen die ik na de Olympische Spelen wilde doen.


'Als ik nu terugkijk, denk ik: wat heb ik eigenlijk van die dingen gedaan? Heel veel ook niet. Maar het is de vrijheid te doen wat je goeddunkt, die zo leuk was. Nu ben ik weer blij dat ik in het normale leventje, het zwemmen, terug ben. Vrijheid is fijn, maar op zeker moment wil je weer gewoon wat je gewend bent, een strakke planning.'


Het is eind november, de Europese zwemwereld heeft zich verzameld in Chartres, voor een toernooi om de Europese kortebaantitels. Ranomi Kromowidjojo komt voor drie dagen en twee diners naar Frankrijk, om op een zaterdagmiddag voor duizend fans en een hoop bobo's gehuldigd te worden als Europees zwemster van het Jaar. Ze is oprecht verrast als ze de namen van eerdere winnaars ziet: Pellegrini, Steffen, Adlington, Alshammar, Manaudou. 'Mooi dat er zoveel goede zwemmers zijn die deze prijs hebben gehad.'


Gebroken arm

Het oordeel over zichzelf geeft ze niet prijs. Zij is geen vrouw die van zichzelf zal zeggen dat ze bijzonder is, of 'een legende' zoals Inge de Bruijn ooit in de nastoot van olympisch goud rondtetterde. Kromowidjojo is een Groningse met Surinaams bloed. Zij is behept met evenveel kracht als zwemtalent. Haar fysiek is haar grote plus. Ze brak op de havo ooit de arm van een medescholier. 'Zet daar wel even bij dat het per ongeluk gebeurde.'


Nederland zag haar deze zomer winnen. In Londen won zij de 100 meter vrije slag, het koninginnenummer van het olympische zwemtoernooi en twee dagen later nog eens de 50 vrij, met trainingsmaatje Marleen Veldhuis op hetzelfde erepodium. De meeste emotie kwam vrij toen ze zag dat Marleen brons gewonnen had. 'Ik hoorde Marleen gillen. Ja, toen was ik emotioneler dan na de 100.'


Het volk thuis verbaasde zich over de koelheid en kalmte, waarmee 'Kromo' haar eerste goud, op de 100 vrij, incasseerde. 'Ja, dat vond ik zelf ook. Achteraf dan. Als ik het nu terugzie, dan denk ik: nou, heb je verloren of zo? Ik bedenk dat niet hoor. Het is puur. Het is emotie en reactie. Op dat moment ben je echt niet bezig met die camera die jou aan de rest van de wereld toont. Het is allemaal erg onbewust.


'Nou, in die eerste minuut na de 100 zat mijn contactlens scheef, dus ik zag het allemaal niet zo goed.


'Olympische Spelen betekent voor iedereen goud halen. Maar mijn olympische gedachte is: boven jezelf uitstijgen. Dus minimaal eenhonderdste sneller dan je ooit heb gedaan, die 52,75 van april in Eindhoven. Dat had ik niet gedaan, zag ik toen mijn lens uit was. Ik zag een 1, maar ook 53nul. Ik dacht: ik heb gewonnen, maar het is niet mijn beste race ooit. En dat wil je wel in de finale. Maar een paar seconden later denk je: boeiuh. Goud is goud.'


Ze toonde zich zoals ze is. Ze kan ingetogen zijn om haar proces van topverrichtingen niet in gevaar te brengen, om maar niet uit de gewenste tunnel van succes, de 'flow' te geraken. 'Ik kom altijd heel rustig over, maar dat komt doordat ik bij het zwemmen gefocust ben, bezig met een doel, een proces. Als die Spelen voorbij zijn, dan ben ik gewoon weer van doink, doink, doink.


'In zijn algemeenheid ben ik niet iemand die op de badlijnen gaat zitten en het uitschreeuwt. Als ik zo zou zijn, dan had ik het echt wel gedaan. Dat ik zo in mezelf bleef, had echt met die 53-tijd te maken. Maar als ik nu terugkijk, denk ik: jezus mens, doe eens effe blij.'


Na zo'n gouden race is het langs camera's, langs microfoons en schrijfblokjes, uitzwemmen, huldiging, dopingcontrole en zorgen dat je gauw in je bed ligt. 'Als je denkt van we zien wel hoe het loopt, dan ben je bij zo'n olympisch toernooi zo drie uur verder. Dat is niet handig als je de andere ochtend, zoals ik, de series van de 50 vrij moet zwemmen.'


Onderkoeld

Het haast onderkoelde karakter van de topzwemster is in de topsport goud waard. Ze laveerde ermee door de opwinding na de Spelen. 'Je moet leren omgaan met het gegeven dat er opeens een mediabom is ontploft. Dan scheelt het wel dat je niet vanuit het niks olympisch kampioen bent geworden. Bij mij is het geleidelijk gegaan. Van Europees jeugdkampioenschap naar EK, naar WK en de Spelen. Het is niet van niks naar alles.'


Kromowidjojo verbaast zich over alle reacties die haar zwemoptredens hebben losgemaakt. 'Nederland is een fijn land. Het is van niet zeuren en met beide benen op de grond blijven. Aan de andere kant vinden ze het stom dat je je boodschappen zelf blijft doen. Mensen verbazen zich erover dat ik in een winkel kom. Ja, en ik was en ik kook ook zelf. Je doet het nooit goed voor iedereen.


'Ik kom al vier jaar elke dag in dezelfde supermarkt. Daar vinden mensen het niet zo interessant hoor dat ik bij de groenteafdeling sta. Ik loop er ook rond met nat haar en ik ruik naar chloor. Dat maakt het niet heel spannend. Ze feliciteren me en dat was het dan. Maar ik zal nu natuurlijk niet zomaar tien zakken chips in mijn mandje gooien. Dan gaan mensen kijken van: wat gaat die nou doen? Dat soort dingen.


'Maar het gaat allemaal goed. Ik heb goed gezwommen, mensen vinden het allemaal leuk en zijn blij voor mij. Ik vind het lekker en fijn dat ik gewoon over straat kan. In Nederland is het sowieso van doe maar gewoon. Daarbij komt, ik ben maar gewoon een zwemmer, geen voetballer of Lady Gaga. Het valt allemaal reuze mee.'


Een groot ochtendblad wilde haar na het toernooi portretteren als Ranomi I, de koningin van de zwemwereld. De attributen, zoals troon en kroon, waren al besteld. Ze weigerde. Licht spottend: 'Er is maar één koningin. En dat is onze Bea.'


Ze houdt best van gekke dingen. Inge de Bruijn in goud geverfd op de cover van Sports Illustrated, het Amerikaanse sportblad. 'Dat is wel heel gaaf. Ik ben niet iemand van alles netjes doen en volgens de regels. Maar het moet wel binnen mijn eigen principes. Ik laat niet met me sollen. Mensen moeten me niet zeggen wat ik moet doen. Als ik een kerk binnenloop, zoals hier in Chartres, dan steek ik een kaarsje aan omdat ik dat wil. Niet omdat er een camera bij staat. Maar bij veel van die dingen denk ik: laat ik maar doen waar ik goed in ben, hard zwemmen.'


Huldigen, Hollands volksvermaak, ze kan er met ironie over spreken. 'Wat mij betreft gaat iedereen in Nederland feest vieren, maar ik vond het na een paar huldigingen wel best. Ik kan toch moeilijk de rest van mijn leven gehuldigd worden. Huldigen is leuk, als het maar geen hysterie wordt. Als mensen voor mij staan te gillen, denk ik: mens, doe normaal. Gelukkig wonen we in Nederland en is het weer rustig geworden.'


Dorpsfeest

Ze klinkt anders als ze het over de huldiging in haar eigen Sauwerd heeft. Dat was de mooiste, de beste. 'Iedereen was blij en trots, maar ze laten je verder met rust. Want je zult het wel druk hebben. Elk huis had vlaggetjes, alle kinderen hadden tekeningen en linten gemaakt. Het hele dorp was bezig geweest voor mij. Het was een sociale happening, een dorpsfeest.


'Als je dan gehuldigd wordt, weet je precies wie het zijn. Oude omaatjes langs de weg, mensen bij wie je vroeger als kind over de vloer kwam. Dat doet je meer dan tienduizend mensen die staan te springen. Ik was ontroerd. In Brabant gaan ze wat makkelijker de straat op dan in Groningen, hè.'


Ze kreeg huwelijksaanzoeken, 'op twee handen te tellen hoor, maar wel leuker dan een dreigbrief'. Ze kan als ze wil elke week een goed betaalde presentatie of clinic geven. Ze wordt door de sponsors Arena en Auping als boegbeeld gebruikt. Het is allemaal goed bedoeld, maar de lokroep van het water is sterker en blijft haar leven de komende vier jaar bepalen.


'Een dag na de Spelen wist ik het nog niet. Maar na een maand vrij wist ik dat ik verder zou gaan met zwemmen. De motivatie is zwemmen, niet olympisch kampioen worden of racen. Het is zwemmen, ik wil het water in. Drie, vier weken kan ik goed zonder. Ik ben niet zo'n gestoorde sporter die niet eens een middag op de bank kan zitten, hoor. Maar dan wil ik weer het water in. Ik zal echt niet snel stoppen met zwemmen. Maar ik ga niet door omdat het een veilige keuze is en ik goed mijn geld kan verdienen. Je moet wel echt gemotiveerd zijn.'


Lekker eten

Drie kilo groeide ze in de maanden dat ze niets aan topsport deed. De verklaring is simpel: 'Ik hou van lekker eten.' Ja, zij, de dochter van een vorstelijk kokende pa, moet zich dingen ontzeggen in haar voedselpatroon. Na de Spelen was dat regime er niet. 'Je gaat meer eten en je gaat vetter eten. En je gaat van 25 uur training naar niks. Het is niet erg hoor. Het komt allemaal weer goed. Bij de Spelen moest ik in topvorm zijn. Niet erna. Volgend jaar in Barcelona ben ik het weer.'


De olympische dagen zitten erop. De gebeurtenissen hebben haar meer verbaasd dan ze had gedacht. Als 8-jarig kind keek Kromowidjojo in 2000 naar 'Pieter en Inge', de zwemhelden Van den Hoogenband en De Bruijn bij de Spelen van Sydney.


'Dat was van ieder kind een droom, daar op dat podium te staan. En nu stond ik er zelf, met Marleen. Het is zo raar als je daar zelf staat. Voor de tv is het veel groter. Het ziet er ook heel gaaf uit. Maar zodra je er zelf staat, is het alleen maar race, herstellen, volgende race en in je flow blijven.


'Je bent je dat niet bewust. Je bent niet bewust in een flow. Je weet het alleen als je er niet in zit. Zoals vorig jaar bij de WK in Shanghai. Toen zat ik er niet in. Zodra je tijdens een 100 meter gaat denken van o ik voel me moe, ik ga verzuren, dan is het mis. Hoe meer je het wilt, dat werkt averechts. Flow overkomt je.'


En er is geen betere flow dan die van Ranomi?


'Geen idee. Weet ik echt niet.'


TROOSTENDE WOORDEN

Vorig jaar was ze in het rood, dit jaar in het zwart. Ranomi Kromowidjojo had niet lang voor haar garderobekast gestaan om een galajurk uit te zoeken voor de avond van de Sportvrouw van het Jaar. Als chaperonne had ze haar broer Chjanoy meegenomen naar de RAI in Amsterdam. Voor het tweede achtereenvolgende jaar werd zij Sportvrouw van het Jaar. Tot de verslagen Marianne Vos, de wielrenster, richtte ze zich met troostende woorden. 'Als het aan mij had gelegen, hadden we hier allebei gestaan, Marianne.' Kromowidjojo en Vos wonnen beiden twee keer. Die positie delen ze met Enith Brigitha, Ingrid Haringa, Keetie van Oosten en Bettine Vriesekoop. Het klassement wordt aangevoerd door kunstrijdster Sjoukje Dijkstra en wielrenster Leontien van Moorsel. Die lijken met zes uitverkiezingen niet in te halen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden