INTERVIEW

'Als ik een zwarte moslim was geweest, waren jullie dan ook blij met mij?'

Welke rol speelt afkomst in Nederland? Robert Vuijsje onderzoekt het in een reeks interviews. Filmproducent San Fu Maltha (56): 'Het is geen toeval dat mijn vrouw indo is.'

San Fu Maltha. Beeld Robin de Puy

San Fu Maltha co-produceerde de tv-serie Shouf Shouf!. 'Ik stond een beetje te praten met de Marokkaanse acteurs over dat ze werden geweigerd in discotheken. Ze vertelden het alsof het iets nieuws was. Alsof dit daarvoor in Nederland niet bestond.

Elke generatie denkt dat zij uniek is. Deze dingen gebeuren elke keer als grote groepen mensen ergens aankomen. Het is niet vreemd om bang te zijn voor mensen die je niet kent. Vreemd wordt het pas als je bang blijft nadat is gebleken dat die nieuwe mensen zich normaal ge­dragen.'

Ook u werd geweigerd in discotheken?

'En dat terwijl ik het netst was gekleed van al mijn vrienden. Maar als ik me hierover uitspreek, wordt weer gezegd: ha ha, jij moet ook zo nodig een allochtoon zijn. Terwijl ik me alleen uitspreek over mijn identiteit en over een realiteit. Dat wordt niet geapprecieerd.'

In gesprek

Schrijver Robert Vuijsje (Alleen maar nette mensen, Beste vriend) gaat voor V in gesprek met ­bekende en minder bekende ­Nederlanders over de rol die hun afkomst speelt in hun leven. Hij spreekt onder anderen nog columniste Naema Tahir (Brits-Pakistaans) en oud-basketballer Francisco Elson (Surinaams).

De naam Maltha komt vermoedelijk van het eiland Malta.

'Mijn vader had een gemengde afkomst: Nederlands, Frans, Vlaams, Engels, Duits en waarschijnlijk dus Maltees. De familie van mijn moeder, dat waren Chinese Indonesiërs. Mijn ouders ontmoetten elkaar in Jakarta, mijn vader had dienst genomen in het Nederlandse leger. Ze trouwden tegen de wil van de vader van mijn moeder. Omdat mijn vader Nederlands was. En hij stond in een lagere rang in de maatschappij, zijn vader was schilder. De familie van mijn moeder was welgesteld, ze hadden plantages.'

Hoe groeide u op?

'In het Brabantse katholieke dorp ­Oudenbosch waren een paar ­Indische gezinnen. Verder alleen Hollanders. Wat wij precies waren, dat wist ik niet. Mijn vader probeerde ons zo Hollands mogelijk te laten opgroeien, mijn moeder was verstoten door haar familie. Die weg was afgesloten. Ik wist van niks, mijn moeder vertelde niets. Op de lagere school werd ik uitgescholden voor alle kleuren van de regenboog, dat werd soms fysiek.'

U heet San Fu.

'Ken je dat liedje van Johnny Cash, A Boy Named Sue? Over een vader die zijn zoon een meisjesnaam geeft, zodat hij is opgewassen tegen de harde wereld. Nou, dat klopte wel. De oudste twee kinderen heten Saskia en John, daarna kregen we allemaal ­Chinese namen.'

Was uw leven anders verlopen met een naam als John?

'Mijn naam hielp niet mee, dat is duidelijk. Later heb ik de familie van mijn moeder ontmoet, die accepteerde me ook niet, ik was niet Chinees genoeg. Ik was geen Chinees en geen Nederlander. Eigenlijk was ik niks.

Waarom de jongere kinderen Chinese namen kregen? Op die vraag heb ik nooit antwoord gekregen. Mijn moeder zei dat mijn vader het zo wilde. Pas toen ik mijn vrouw ontmoette, die ook indo is, ben ik me gaan verdiepen in mijn achtergrond. Het komt bijna niet voor, een indo die trouwt met een andere indo. Ze hebben allemaal een Hollandse partner. Misschien zijn ze nog steeds onbewust bezig om zo Nederlands mogelijk te worden.

'Ik was vroeger ook zo, ik had een keer een blond vriendinnetje. Haar ouders zeiden: wij discrimineren niet, kijk maar hoe goed wij jou accepteren. Ik zei: dat is makkelijk, ik ben hoogopgeleid, ik spreek goed Nederlands. Wat als ik een zwarte moslim was geweest, waren jullie dan ook zo blij met mij? In Nederland doen we altijd alsof het niet uitmaakt welke kleur iemand heeft. In de praktijk doet het er natuurlijk wel toe. Dat heb ik wel geleerd: zolang het goed gaat, heb je er weinig last van. Maar als het erop aankomt, ben je niet een van hen, je hoort er niet echt bij.'

San Fu Maltha (Nederland, 1958) produceerde films als Costa!, Tirza en Zwartboek. Als ex-eigenaar van filmdistributeur A-Film en eigenaar van productiebedrijf Fu Works is hij een van de grootste producenten van Nederland. ‘Wat je vaak ziet: als mensen eenmaal onderdeel uitmaken van het establish­ment doen ze alsof hun afkomst niet meer speelt. Zodra een onderliggende groep een bovenliggende positie krijgt, doen ze vrolijk mee. Heel wat indo’s stemmen op de PVV. Ik begrijp dat niet.’

Hoe merkte u dat?

'De mensen die iets te vertellen hebben in mijn wereld, de bazen over de omroep, de festivals en de fondsen - daar zit niemand bij met een andere kleur. Ik ben niet voor positieve discriminatie, alles met het woord discriminatie erin vind ik niet goed, maar het is wel opmerkelijk.

In Nederland wonen anderhalf miljoen mensen die een band hebben met Nederlands-­Indië. Hoeveel films zijn daarover gemaakt in de laatste 75 jaar? Max Havelaar, De schorpioen, De gordel van smaragd, Ver van familie, Gekkenbriefje en Oeroeg. Hoe komt dat? Doordat ze niet geïnteresseerd zijn. Waarom zijn ze dat niet? Omdat ze er niets over ­weten. Nu bestaat even aandacht voor, zeg maar, de nieuwe allochtonen. Het zou zonde zijn als over honderd jaar alleen de rijsttafel over is als herinnering aan Nederlands-Indië. En sambal.'

Wat merkt u persoonlijk?

'Door een journalist van NRC Handelsblad werd mijn werkwijze ooit on-­Nederlands hard genoemd, omdat ik niet verder ga met mensen die hun werk niet goed doen. Sluwheid, dat wordt mij ook toegedicht. Dat zou dan horen bij mijn Aziatische afkomst. Aan een Hollander worden zulke eigenschappen niet toebedeeld. Ik ben geen Europeaan en geen Aziaat, ik ben het allebei. De directheid van de Nederlander probeer ik te combineren met de empathie van de Aziaat.'

Nederlands
'Als ik in het buitenland ben.'

Indo
'Wanneer ik met botheid word geconfronteerd. Dat is helaas vrij vaak.'

Eten
'Fusion Aziatisch. Tjampoer, alles door elkaar, net als ik.'

Partner
'Het is geen toeval dat mijn vrouw indo is. De eerste keer dat ik in Indonesië kwam, wist ik meteen: de geur, het gevoel, dit is vertrouwd.'

Mohammed cartoons
'Die moeten niet worden verboden. Tenzij het puur is om te beledigen en te kleineren. Daar is de vrijheid van meningsuiting niet voor bedoeld.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden