Als het praten maar ophoudt

Hondenvrouw

Vrouwen van 34 die tegen hun hondje praten, moeten dood. Heel erg dood.

Vrouwen van een jaar of 34 die tegen hun hondje praten, zitten graag naast mij. In de bus, bij de huisarts en in een restaurant. Ik moet dat leuk vinden. Dat is het idee. Ze gaan naast me zitten, praten tegen de hond en ik moet dan denken: wat een apart wijf zit er naast me. Wat een lekker gekke vrouw. Nu ja zeg, gewoon tegen je hond zeggen dat je vrijdag gaat daten. Wat enig.

Ik denk dat niet. Ik denk: dood. Heel erg dood. De hond of de vrouw. Dat maakt me niet uit. Allebei is ook goed. Pijnlijk hoeft niet. Als het praten maar ophoudt. Doe dus toch maar die vrouw, dood.

Ik denk dat ook namens u. Binnen anderhalf jaar hebben we allemaal een 34-jarige vrouw naast ons, die onafgebroken over eyeliner zit te beppen tegen een hondje met een snor. Dat weet ik inmiddels wel, dat 34-jarige vrouwen dol zijn op hele kleine hondjes met een snor. En ogen als kastanjes.

Dat zit zo. Vrouwen van 34 met alleen maar een hond, vinden iets borstelachtigs vlak boven de bek van een hond fijn. Dan voelt het, als ze het hondje even kort tegen het gezicht drukken, precies alsof ze 's ochtends wakker worden gekust door een behaarde man. Inclusief de mondlucht. Hondenbekjes ruiken, net als vrijgezelle mannenmonden, naar oude ossenworst en wijn die nog net kon. In die kastanjebruine ogen herkennen de vrouwen zichzelf.

Een paar dagen geleden kwam er een hondenvrouwtje naast mij zitten in een Belgisch restaurant. Op kerstavond. Met haar moeder. De moeder knikte naar mij en ik knikte terug. Leuke jurk had ze aan. Je zag het meteen. Ze had zich gekleed op een feestavond. Ze droeg de jurk die ze altijd droeg toen Jacques nog leefde. Dan keek hij naar haar als ze de kamer binnenkwam en dan wist ze precies wat hij ging zeggen. 'Weet je dat dit mijn favoriete jurk is?' 'Waarom dan, lieverd?' 'Weet ik veel. Gewoon. De kleur of zoiets.'

Zo een jurk was het en zo een moeder was dat. Het hondenvrouwtje maakte een gebaar naar de bediening. Ze wees naar haar moeder en sprak geluidloos het woord 'oeuf'. Daarna wees ze naar haar hondje en lachte. Een vreselijke lach. Zoals eenzame vrouwen voor de zestigste keer lachen als Bridget Jones haar dikke kont laat zien.

Het hondenvrouwtje droeg een zwarte bh. Ook dat nog. De net doorgebroken Madonna uit 1984 zat midden in de Ardennen vlak naast mij tegen een hond te praten. De moeder zei niets. Soms keek ze mij aan en verontschuldigde zich met een subtiele beweging van haar ogen voor de geboorte van haar dochter. 'Sorry', spraken haar ogen, 'Jacques was een paar dagen vrij en toen had ik die jurk aan. Van het een kwam het ander, meneer uit Nederland.'

Het hondenvrouwtje babbelde maar door. Na iedere zin keek ze op, om te zien of wij in het restaurant van haar zaten te genieten. Ze hoopte dat wij thuis zouden vertellen: er zat een vrouw naast ons met een hondje! En die at gewoon mee! Hij had zijn eigen bestek!

Toen kwam het eten van de moeder. Een vierkante plak tartaar met een eidooier erbovenop. Zelden zag ik iemand zo verbeten eigeel door dood dierenvlees mengen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.