Als een vis in de opera

Prinses Laurentien schreef Mr Finney, over een visachtig wezentje dat een oplossing zoekt voor de klimaatproblematiek. Dat wordt nu een opera. Vier makers leggen uit hoe je dat doet, van een kinderboek een échte opera maken.

Het is geen grap. Op de bodem van de oceaan wappert echt een Russische vlag. Op deze banale manier claimde Moskou in 2007 een stuk grond onder het ijs van de Noordpool. 'Een even riskante als heroïsche missie die vergelijkbaar is met het planten van een vlag op de maan', meldde het Russische staatspersbureau toen. Ordinair landjepik, volgens critici. Het zou Rusland vooral gaan om de vermoedelijke gas- en olievoorraden in de bodem.


Hoe dan ook vormde het nieuwsbericht de basis voor het populaire kinderboek Mr Finney en de Wereld op z'n Kop (Querido, 2009) geschreven door prinses Laurentien van Oranje en van illustraties voorzien door Sieb Posthuma.


In het boek speelt het visachtige wezentje Mr Finney de hoofdrol. De Russen die de vlag hebben geplaatst, zijn in het verhaal aasgieren. En olie- en gasvoorraden zijn in het boek schatten in de bodem van de zee.


De naïeve en nieuwsgierige Mr Finney reist naar de Noordpool, op zoek naar de vlag. Daar belandt hij in een conflict tussen de vissen en de aasgieren. Volgens die laatsten is het stukje zeebodem van hen, maar de vissen vinden dat de zee van iedereen is. Mr Finney gaat op zoek naar een oplossing.


Tijdens het voorlezen aan haar kinderen, vormde zich in de fantasie van sopraan Marijje van Stralen een muzikaal verhaal. De reis van het visachtige wezentje Mr Finney moest een opera worden, voor kinderen.


Met haar plannen verraste Van Stralen de makers van het boek. Maar de schrijfster en illustrator waren snel om. Een opera past in de filosofie van de Finneybedenkers. Van Stralen: 'Het is niet het makkelijkste genre, maar je hoeft ook niet altijd op je knieën voor kinderen. Ze zijn vaak slimmer dan je denkt.'


Om de opera van de grond te krijgen ging Van Stralen, die inmiddels artistiek leider van het project is, op zoek naar co-producenten. Die vond ze in de muzikanten van het Asko Schönberg Ensemble, regisseur Jos van Kan en de Koninklijke Schouwburg Den Haag. Een 'Gesamtkunstwerk in alle opzichten', aldus Van Stralen, die zelf ook meezingt.


Mr Finney De Opera is net als het boek bedoeld voor kinderen vanaf 6 jaar. De makers hopen ermee kinderen nieuwsgierig te maken naar wat Van Stralen 'het totaaltheater van de opera' noemt.


Mr Finney De Opera gaat vanavond in première in de Koninklijke Schouwburg in Den Haag.


Carel Alphenaar, librettist

'Voor een solo-opera van David Dramm had ik al eens met Marijje van Stralen samengewerkt. Ze belde nu met dit idee. Of ik iemand kende die het libretto wilde schrijven. 'Een beetje een oneerlijke vraag', antwoordde ik, 'want het lijkt mij ook leuk.'


'Ik had nog nooit van het boek gehoord, maar na het lezen zag ik het helemaal voor me: een roadopera. Daar kon ik letterlijk alle kanten mee op, want Mr Finney reist de hele wereld over. Er zit een hoop werk in zo'n vertaling van kinderboek naar libretto. In een opera voor kinderen moeten de zinnen nog korter zijn dan in een kinderboek; niet veel langer dan vier, vijf woorden. Daarnaast moeten er ook bepaalde dubbele lagen in zitten, zodat het voor ouders ook interessant blijft. Ik kan je verzekeren dat die Mr Finney van mij dommer is dan die van Laurentien. Hij maakt aardig wat taalkundige missers. Dat zullen kinderen niet zo snel doorhebben.


'In de verhaallijn stuitte ik op een paar problemen. Het is niet alleen een kinderboek met behoorlijk veel tekst, het was soms ook te ingewikkeld. In een opera heb je maar weinig tijd, dus alles moet kernachtig zijn. Gelukkig kreeg ik alle vrijheid van Laurentien.


'Ik heb scènes geschrapt, beesten eruit gehaald. Die schatten in de zeebodem, waarnaar Mr Finney en zijn vriendinnetje Pinky Pepper in het boek op zoek gaan, zijn in mijn vertaling gewoon oliebronnen. Daardoor wordt het een stuk toegankelijker.


'Bij het schrijven van een libretto moet de muziek in de tekst verstopt zitten, als een soort geheime metriek. Ik denk in ademtochten. Je zult me altijd zingend achter de schrijftafel aantreffen. Op het laatste lied na is alle muziek geschreven op de teksten. Alleen bij het laatste liedje was er eerst de muziek, wat vrij uitzonderlijk is als je een opera maakt.'


Joey Roukens, componist.

'Tijdens het componeren van de muziek voor Mr Finney heb ik veel naar stukken geluisterd die zowel voor jongeren als voor volwassenen interessant zijn. Peter en de Wolf van Sergej Prokofjev bijvoorbeeld. Maar ook L'enfant et le sortilège van Maurice Ravel en Hansel and Gretel van de Duitse componist (niet de Engelse zanger) Engelbert Humperdinck.


'Mr Finney is een kleurrijk en bont boek. Caleidoscopisch, een beetje zoals mijn muziek. Het boek, met de geweldige illustraties van Posthuma, riep direct een heleboel klanken op in mijn hoofd. Een mooie verscheidenheid aan kleuren, stemmingen en emoties.


'Ik heb rekening gehouden met de kinderoortjes. Tegelijkertijd wilde ik niet te veel concessies doen. De scène met de dolfijnen begint als een standaard popliedje. Op een gegeven moment wijkt het dan toch af. Het wordt ergens dissonant, ik stop er een klein foutje in, wat noten die uit de pas lopen. Dat het kind denkt: hé, dat is verrassend. Dat kende ik nog niet.


'Het stuk is best lang voor kinderen, zo'n 75 minuten. Belangrijk is dat de opera niet te langdradig wordt, maar ook weer niet te druk. Die balans heb ik voor mijn gevoel wel gevonden. Toch blijft het een risico. Gelukkig spelen er nog andere zaken mee die een opera kleur geven, zoals het verhaal en het spel.


'Verfrissend is dat je bij het schrijven van zo'n jeugdopera ook elementen kunt verweven die je in je normale werk nooit zou gebruiken. Een sentimenteel walsje of het padvindersmelodietje waarmee ik het stuk afsluit. Normaal gesproken schrijf je de muziek op de teksten, maar dit wijsje had ik al heel lang in mijn hoofd. Dus toen heb ik bij uitzondering Alphenaar gevraagd daar tekst op te schrijven.


'Het melodietje komt de hele voorstelling terug. Tegen het einde zit het hopelijk zo in het onderbewuste van het kind, dat het door iedereen wordt meegezongen.'


Sieb Posthuma, illustrator en ontwerper van het decor en de kostuums.

'Ik had al best veel ervaring met het ontwerpen voor theater. Het is de tweede keer dat ik mijn eigen tekeningen als uitgangspunt moest gebruiken. Dat is niet gemakkelijk, maar wel een heerlijke uitdaging. Je moet de wereld die je voor het boek hebt geschapen, proberen helemaal los te laten. En opnieuw kijken naar het platform waarvoor je gaat ontwerpen, in dit geval dus een opera. Dus niet zomaar je tekeningen uitvergroten, driedimensionaal maken en er een acteur in zetten.


'Het is een andere wereld geworden dan die in het boek. Op de plekken waar Mr Finney op zijn reis komt, speelt niet alleen het decor een rol. Daar houd je rekening mee, door niet te veel te willen vertellen met de decorstukken. De prachtige muziek van componist Joey Roukens is ook belangrijk om een bepaalde sfeer neer te zetten. Zo creëert Roukens een koude, kille omgeving met zijn muziek wanneer Mr Finney de Noordpool bereikt.


'Librettist Carel Alphenaar is vrij geweest in de vertaling van het geschreven verhaal naar het podium. Hij heeft er zelfs een figuur bij verzonnen. Voor de ijsbeer moest een nieuw ontwerp worden bedacht. Daar was ik het niet mee eens. Een ijsbeer wordt zo snel een cliché: een grote, wollige witte beer met een zwart neusje. Ik had liever een poolvosje ontworpen, maar Alphenaar was resoluut: te ingewikkeld. 'Dan moet je ook nog gaan uitleggen wat voor dier het is', zei hij. Nu ik de repetities heb gezien kan ik niet anders dan hem volledig gelijk geven. De ijsbeer is misschien wel mijn favoriete kostuum geworden.


'Waar ik erg tevreden over ben, is dat de muzikanten ín het podium zitten. De concertbak is niet voor, maar in het podium. Zo staan de muzikanten en zangers niet los van elkaar, maar wordt het één geheel.'


LAURENTIEN VAN ORANJE, SCHRIJFSTER VAN HET BOEK.


'Toen Marijje van Stralen me belde, wist ik niet wat ik hoorde. Ik kende Marijje nog van de doop van onze zoon, waar ze heeft gezongen. Een hele eer dat professionals vanuit hun vakgebied mijn verhaal wilden gebruiken.


'Op het eerste gezicht lijkt het misschien geen logische keuze om een kinderboek naar een opera te vertalen. Maar het resultaat is fantastisch. Geen musicalachtige theatervoorstelling, maar echt een opera. De muziek en zang zullen misschien even wennen zijn voor de kinderen, maar ik ben er van overtuigd dat het aanslaat bij de jeugd.


'Bij de repetities werd ik diep ontroerd. Het voelt alsof je je eigen hoofd binnenstapt. Een bijzondere ervaring. Mijn Mr. Finney komt tot leven. Met geweldige muziek en teksten.


'Het heeft me geen moeite gekost om de teksten over te laten aan Carel Alphenaar. Ik heb me er ook expres niet mee bemoeid. Hij heeft er een eigen draai aan gegeven, waar ik erg blij mee ben. Door de ogen van een kind leer je basisvragen stellen, die vaak de kern van een probleem aanwijzen.


'Met Mr Finney De Opera wordt er weer een hoofdstuk toegevoegd aan de wereld van Mr Finney. Er is al een educatieve website en de band Alderliefste schreef een liedje naar aanleiding van het boek.


'Met Mr. Finney vraag ik aandacht voor de klimaatproblemen. Die problemen worden dan bekeken door de ogen van een kind. Ik ben uitgenodigd voor een overleg met Al Gore en de Ierse minister-president Mary Robinson. Een kleine bijeenkomst over de klimaatveranderingen en de manier waarop we omgaan met de aarde. Ik ben daarbij gevraagd omdat ik Mr Finney heb geschreven.'


Credit: Meezinglied in de Opera

De zee is van iedereen en leve de opera


Jongens wat moet er gebeuren?


Gaan we door met het kappen van het woud, steeds dezelfde fout


Jongens dat zullen we betreuren


Van wie is de zee? De zee is van iedereen


Blijf dus met je fikken van de ijszee af


Mister Finney heeft alles nu gezien, en wij bovendien,


Denk aan de raad die Oude Walrus gaf.


Carel Alphenaar, librettist.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden