Als een scène uit een David Lynch-film

Je gaat het pas zien als je het doorhebt.* Wieteke van Zeil over opmerkelijke en veelbetekenende bijzaken in de beeldende kunst. Deze week: licht. (*Johan Cruijff)

Bij Werkhoven kan de voorstelling ontaarden in iets duisters of sprookjesachtigs.

Je moet het misschien tientallen, of honderd keer hebben gezien voor je je realiseert dat het een ding op zichzelf is: lantaarnlicht in een natte, donkere lucht. Zo'n lantaarn kan op een avond als de dagen korter zijn geworden (altijd sneller dan je verwacht) 'zelfstandig' hangen in de lucht zonder zichtbare paal eronder, zonder heldere structuur van de omgeving, alleen dat mistige aureool van minuscule druppels in de lucht. Als je er bijvoorbeeld op een fietspad dichtbij komt, krijg je enige vat op de omgeving, en dan weer door naar de volgende ster in de dikke duisternis. Ik hoor de zingende dynamo van mijn fietslicht erbij, bij elke trap iets hoger van toon.

Bij mij was er een schilderij voor nodig; dit werk van Isabella Werkhoven. Sta je net iets te dichtbij, dan is het verf. Sta je te ver, is het een plaatje - het is geen al te groot schilderij. Maar bij de juiste afstand kreeg ik letterlijk weer het gevoel op een te grote fiets te zitten, kou in de lucht, rook uit je mond, sporttas onder de snelbinder. Ik ruik het sportveld nog en de dijk bij Arnhem, waarover ik fietste na training. Zo spooky en toch vertrouwd als dit verlaten tennisveld, zo precies ziet zo'n veld eruit op zo'n winteravond.

Ik weet niet hoe Werkhoven het doet - in elk geval met spetters, klodders, vegen - maar in een fractie van een seconde was ik terug op plekken waar ik decennia niet aan had gedacht. Dit detail is niet alleen extreem open voor persoonlijke associaties, maar ook cinematografisch - ik denk erbij in tijdsverloop. Het tennisveld, de maan en de lantaarns beloven een verhaal, of getuigen van iets wat zich zojuist heeft afgespeeld. Dat is opmerkelijk, want bij bijvoorbeeld Claude Monet, die ook de effecten van de tijd (ochtend, avond, winter, zomer) op de objecten schilderde, heb ik dat verhaalgevoel nooit. Je kunt Isabella Werkhovens schilderijen neo-impressionistisch noemen, maar daarmee mis je een element van fictie dat in het impressionisme ontbreekt. Bij Werkhoven kan de voorstelling ontaarden in iets duisters of sprookjesachtigs. Het kan gemakkelijk uit de hand lopen, terwijl de elementen niet uit de fantasie komen. Wat je ziet is tastbaar, de sfeer maakt er een geladen beeld van. Als een scène uit een David Lynch-film.

Isabella Werkhoven, The Whole of the Moon, 55 x 75 cm, 2010, Particuliere collectie.

Een filmmaker doet dit met licht - en Werkhoven met verf. De 'dikke, vochtige lucht' valt uiteen in spetters van volkomen onverwachte kleuren: roze, donkerblauw, okergeel. En ook de kleuren van de lucht, het gravel en het licht waaieren met spetters uit over de rest van de ruimte. Zo mengt alles voor je ogen tot die koude, dikke brij. En wordt het lantaarnlicht als een reddingsboei in het donkere mengsel van herinnering en verbeelding.

Te zien t/m 15 januari in de tentoonstelling Isabella Werkhoven, Enchanted in Museum More, Gorssel

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden