REPORTAGEStudenten MBO

Als een docent zijn studenten niet ziet, kan hij ook hun leven niet veranderen

Naoufal Akhatab, voorzitter van de studentenraad van het Zadkine, op de middelbare school in Capelle aan den IJssel waar hij stage loopt.  Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant
Naoufal Akhatab, voorzitter van de studentenraad van het Zadkine, op de middelbare school in Capelle aan den IJssel waar hij stage loopt.Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant

Als voorzitter van de centrale studentenraad weet student Naoufal Akhatab wat de coronacrisis betekent voor het mbo. Zijn grootste zorg: dat online-onderwijs blijvend is. ‘Ik weet hoe het is om niet gezien te worden.’

Als Naoufal Akhatab vertelt waarom hij leraar op het vmbo wil worden, beginnen zijn donkere ogen te gloeien. Omdat hij scholieren met lage verwachtingen wakker wil schudden, zegt hij. Omdat hij ze wil laten inzien dat ze wel iets kunnen. Maar vooral: ‘Omdat ik weet hoe het is om niet gezien te worden.’

Akhatab – zwarte polo, haar strak in de gel – doet in veel opzichten denken aan veel van de mbo’ers die de Volkskrant de afgelopen weken sprak. Een en al veerkracht, soms tegen de klippen op. Wat de 18-jarige uit Rotterdam Crooswijk onderscheidt, is dat hij van alle studenten van ROC Zadkine misschien wel het best weet wat de coronacrisis betekent voor het mbo.

Als voorzitter van de centrale studentenraad zag hij deze week gebeuren waar hij al bang voor was: op de praktijklessen en de examens na moet al het onderwijs weer op afstand. Zijn grootste zorg: dat online-onderwijs ook na de coronacrisis blijft. Hoe belangrijk het is dat een leraar zijn leerlingen in de ogen kan kijken, illustreert zijn eigen verhaal.

Akhatab doet de opleiding tot onderwijsassistent. Het is een opstapje dat hij nodig heeft omdat hij van het vmbo komt, vertelt hij. Hierna wil hij de lerarenopleiding doen. Als hij praat, tikt hij met zijn voet. Met zijn hand plukt hij aan het opschrijfboekje op zijn schoot. Adhd is bij hem nooit vastgesteld, zegt de student, maar hij is wel een ‘beweeglijke jongen’. En vooral: snel afgeleid.

Zijn docenten op het vmbo wisten daar geen raad mee. Als hij druk was – en dat gebeurde vaak – moest hij achter in de klas zitten met oorkappen op. ‘Zo’n ding dat bouwvakkers dragen.’ Zijn docenten hoopten dat hij zich zo beter zou kunnen concentreren. ‘Maar ik werd er alleen maar onrustiger van. Waarom moest ik dat ding op? Waarom was ik anders?’

Tot hij een docent Engels kreeg die het anders aanpakte. Ismail Aghzanay – een paar jaar later zou hij in Rotterdam tot leraar van het jaar worden verkozen – vond die oorkappen maar niks. Akhatab moest van hem juist voor in de klas zitten. Als hij druk werd, mocht hij een rondje lopen op de gang.

‘Buiten de lessen praatte Ismail vaak met me. Hij vertelde dat hij zichzelf in mij herkende. Dat ik talent had. Dat ik bijvoorbeeld goed kon presenteren, voor de klas durfde staan en een verhaal kon vertellen. Dat zag ik toen nog niet.’

In het leven van docent Ismail Aghzanay speelde ook een docent een belangrijke rol. Zonder mevrouw Bento was hij misschien de grappenmaker gebleven die zijn emoties altijd verborg. Lees hier het interview met hem terug.

Het had effect, zegt Aghzany, die inmiddels teamleider is op de school waar zijn oud-leerling nu stage loopt voor zijn opleiding tot onderwijsassistent. ‘Hij werd rustiger. Kreeg meer zelfvertrouwen.’ Zijn mentor zag het ook. De oorkappen die de scholier altijd bij zich moest hebben, mocht hij inleveren. Hij had ze niet meer nodig. Akhatab weet nog hoe dat voelde: grote opluchting.

Een docent had hem opgemerkt en geholpen. Die ervaring gunt Akhatab iedereen. Daarmee komen we op zijn grootste zorg: dat onderwijs door corona voorgoed verandert. Dat online-onderwijs nooit meer weg gaat.

Noodgedwongen zakelijk

Hoezeer de docenten ook hun best doen, lessen op afstand zijn noodgedwongen zakelijk, zegt Akhatab. ‘Je maakt nooit een praatje tussen de lessen door. Je ziet elkaars gezichtsuitdrukking minder goed.’ Dat wil zeggen: áls docenten hun studenten al zien, want de meesten hebben hun camera uit staan. Begrijpelijk, vindt de student. ‘Want je weet niet wat er aan de andere kant gebeurt. Of je gefilmd wordt en de beelden straks rondgaan.’

Onderwijs draait om de band tussen docent en student. Die band staat nu onder druk. Tekenend voor de situatie: de meeste docenten van wie Akhatab les krijgt, heeft hij nog nooit in het echt heeft ontmoet. Ze zouden hem op straat voorbij kunnen lopen zonder hem te herkennen. Als docenten hun studenten niet zien, kunnen ze hun leven ook niet veranderen.

Kaya Bouma volgt het Rotterdamse ROC Zadkine. Binnen het onderwijs wordt het mbo misschien wel het zwaarst op de proef gesteld door de coronacrisis: een tekort van 20 duizend stageplekken, dreigende studievertraging, praktijklessen die in de knel raken, en veel online-lessen.  Dit is de slotaflevering van deze serie.

Eerder in deze serie:

Nog voordat ze hun eerste werkdag hebben gehad, worden studenten luchtvaartdienstverlening geholpen een carrièreswitch te maken. Want werk, dat is er even niet in de luchtvaartsector.

De jongen die pas na maanden was gaan praten in de klas, zweeg weer. Waarom online-les niet werkt voor sommige studenten binnen het mbo. 

Stage lopen in de zorg tijdens een pandemie. Remco Mourik weet hoe het is om doodziek te zijn, nu loopt hij stage op de IC. 

Veel studenten op het mbo worstelen met de online-lessen. Yentle Kross zit liever in de klas, want daar zijn telefoons tenminste strikt verboden. 

In klas 1B worden persconferenties niet bekeken, begrepen of geloofd, dus helpt de docent een handje.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden