Column

Als de muntunie niet flexibeler wordt, wordt de volgende economische crisis haar waterloo

Column Derk Jan Eppink

De toezichthoudende Franse EU-commissaris Pierre Moscovici. Foto epa

Nederland leidt een coalitie van kleine landen om een Europese transferunie te voorkomen. Italië kampt met twee crises: de euromalaise en immigratie. Italianen zitten in een armoedeval. Als het eurosysteem niet flexibeler wordt, springt het uit elkaar. Dat vereist denken outside the box. Precies wat politici doet huiveren. Ze wandelen liever blind de transferunie binnen. Zoals bijna twintig jaar geleden de muntunie.

Ruud van Noort, oud-directeur-generaal Statistiek, maakte treffende opmerkingen over de invoering van de euro (O&D, 15 februari). Er was destijds niet te veel kritiek, maar te weinig. Dat de 'vrees, door onvoldoende kritisch volgen, bewaarheid werd', was eerder bevestigd door een bijdrage van Frits Bolkestein, oud-VVD-leider en Hans Hoogervorst, ex-minister van Financiën (O&D, 8 februari). Voor hen werd de muntunie een boulevard van gebroken beloften. In zijn toespraak in Berlijn op 2 maart bepleitte premier Rutte terugkeer naar de 'basisbelofte van de euro: afspraak is afspraak'.

Rutte wil terug naar een gepasseerd station. Nederland en Duitsland wilden een muntunie, gebaseerd op een begrotingsunie waarbij lidstaten hun tekorten en schulden beperken. Dat maakt het avontuur minder riskant. Mediterraan Europa, aangevoerd door Frankrijk, wil een muntunie die overgaat in een transferunie. In armere landen blijven tekorten en schulden hoog. Rijkere landen moeten bijbetalen, uit solidariteit. Resultaat: een permanente geldtransfer van Noord naar Zuid.

Nederland sukkelde de muntunie binnen met goedgelovigheid en opgeleukte statistieken. Dat dreigt nu ook bij de transferunie, zij het met babylonische spraakverwarring en Franse sluwheid. Een 'afspraak' is in Nederland een resultaatverplichting, in Mediterraan Europa een inspanningsverplichting. Frankrijk voldoet veertien jaar niet aan de begrotingscriteria van de muntunie. Maar het 'spant zich in'. De toezichthoudende Franse EU-commissaris Pierre Moscovici dekt het af.

Rutte schippert. Hij sprak zich uit tegen een transferunie en voor herstel van de no bail out-regel, maar bepleit vervolgens een Europees Monetair Fonds dat noodlijdende landen moet helpen. 'Op voorwaarde dat die landen eerst hun schulden saneren' en op basis van 'unanimiteit'. Alle 'voorwaarden' (lees: afspraken) van de eurozone liggen op het kerkhof. Dat wordt in een transferunie niet anders. Frankrijk zal, met steun van Zuid-Europa, de 'unanimiteitsregel' van Rutte onmiddellijk vervangen door 'gekwalificeerde meerderheid'. Nederland is gezien.

In Den Haag lijkt denken outside the box verboden. Gebruikelijke remedie: Kurieren am Symptom. In het eurorapport van de Adviesraad Internationale Vraagstukken komt de term transferunie één keer voor. In het eurorapport van de Afdeling Advies van de Raad van State helemaal niet. Haagse adviesraden staan met de rug naar het probleem. Met een verzwakte Duitse regering, Italië in levensnood en een Frans scenario is de transferunie de volgende fase.

Die transferunie lost het basisprobleem van de euro echter niet op: one size fits none. De euro is voor Duitsland en Nederland te goedkoop en voor Italië en Griekenland te duur. Zuid-Europa verarmt, de jeugdwerkloosheid is torenhoog. Dat leidt tot de roep om 'meer geld'. Voor het Noorden is dat meteen 'te veel geld'. Explosieve conflictstof is voorgeprogrammeerd. Als de muntunie niet flexibeler wordt, wordt de volgende economische crisis haar waterloo.

Euro-onderzoeker André ten Dam heeft een interessant voorstel ontwikkeld. Daarin blijft de euro enig betaalmiddel in de eurozone, maar krijgt elke lidstaat een eigen 'nationale rekeneenheid'. Gevolg is dat de rekeneenheden in Duitsland en Nederland sterker worden dan in Italië en Griekenland. Er komen als het ware wisselkoersen binnen het eurosysteem die worden vastgesteld door de Europese Centrale Bank. Daarmee devalueert mediterraan Europa binnen de eurozone. De euro van een Nederlander is meer waard dan van een Italiaan. Italië wordt goedkoper, de economie kan zich herstellen. Nu devalueert niet de munt, maar de Italiaanse samenleving. Terwijl Italië, derde economie van de eurozone, too big to fail is.

Van Dam lanceerde zijn idee in 2010. Toen was de hoop nog gevestigd op 'afspraak is afspraak'. Intussen zijn de problemen uitzichtloos. De ECB is een bad bank die sinds 2012 zo veel geld bijdrukte dat zijn schuld gelijk is aan 42 procent van het bruto binnenlands product van de eurozone. Lage rente perst Nederlandse spaarders en gepensioneerden uit. Politici die weigeren buiten geijkte paden te denken, kan 'schuldig verzuim' worden verweten. Zoals bij het begin van de muntunie.