Narcostaat Nederland Aflevering 1: de gebruiker

Als de keuken aan kant is, wordt een lijntje op tafel gelegd

Beeld Harry Cock / de Volkskrant

Nederland is een narcostaat, waarschuwde de politie. De komende tijd onderzoekt de Volkskrant de drugsindustrie, te beginnen met de gebruiker. Verbloemen dat ze drugs gebruiken doen jongeren steeds minder. Bewust leven gaat voor hen prima samen met een pilletje op zijn tijd, jonge ouders zien niet af van een lijntje coke. Voor nare gevolgen als misbruik en criminaliteit is minder aandacht.

De vingers van Rogier glijden over het scherm van zijn telefoon. ‘Hi, goedenavond’, appt hij, ‘kunnen wij vanavond afspreken?’ Ontspannen zakt hij achterover in zijn stoel aan de eettafel. Zijn vriendin Rosa ruimt de restanten van het avondeten op. Door de babyfoon klinkt het gekraai van hun 2-jarige dochter die net op bed ligt. Binnen een minuut licht de telefoon van Rogier weer op. ‘Zeker, wat wil je hebben?’ Razendsnel tikt hij zijn bestelling:

5 gram coke (puur)

30 xtc-pillen

3 gram ketamine

5 lsd-zegels

‘Komt goed’, appt de dealer. Het totaalbedrag, rekent hij Rogier voor, komt uit op 540 euro. Hij is er binnen een uur.

Het is woensdagavond even na zevenen. Locatie: een ruime bovenwoning in een keurige Amsterdamse wijk vol bakfietsen. Rosa en Rogier (niet hun echte namen) zijn hoogopgeleide dertigers. Rogier – blond, bril, sportief gebouwd – werkt als consultant bij een groot bedrijf. Rosa – blond, tenger – als marketeer.

De twee leven bewust: ze nemen groene stroom af, eten zo min mogelijk vlees, scheiden hun afval en pakken liever de fiets dan de auto om het milieu te sparen. Binnenkort breidt hun gezin verder uit: Rosa is zwanger.

Rogier bestelt nooit alleen voor zichzelf. Hij inventariseert eerst in zijn Amsterdamse vriendengroep: wie wil wat? Op die manier kan hij een fikse korting afdwingen en matst hij zijn vrienden, onder wie een aantal huisartsen en een ambtenaar met een voorbeeldfunctie. Voor hen is bestellen een stuk riskanter. Mochten ze worden gepakt, dan kunnen ze hun baan verliezen.

Je zou in Rosa en Rogier de belichaming kunnen zien van het woord ‘yogasnuiver’. Letterlijk, want Rosa zit geregeld in lotushouding op een matje. De term kreeg vorig jaar landelijke bekendheid na een toespraak van korpschef Erik Akerboom. ‘Doordeweeks hebben hoogopgeleide twintigers en dertigers in steden een ultra gezonde levensstijl’, zei hij tijdens een internationale politietop, ‘in het weekend nemen ze cocaïne en pillen’.

Akerboom sprak in zijn Engelstalige speech van cocaine yogi’s, De Telegraaf maakte daar het tot de verbeelding sprekende ‘yogasnuivers’ van. Met zijn toespraak wilde de korpschef niet zozeer aandacht vragen voor de paradoxale combinatie van yoga en drugs, maar voor de ontwikkeling waar die combinatie symbool voor staat: de normalisering van drugsgebruik.

Werden harddrugs lang geassocieerd met de rafelranden van de maatschappij, met illegale raves en bepaalde subculturen (gabbers, punkers); inmiddels zijn dit soort middelen onder hoogopgeleide twintigers en dertigers mainstream geworden. Het hoort bij uitgaan en bij festivals, net als alcohol en sigaretten.

Het taboe onder jongeren om hun eigen drugsgebruik te bespreken ‘is flink verminderd’, signaleerde het Trimbos instituut in 2015. Ook het ‘taboe om zichtbaar onder invloed te zijn van middelen’ lijkt volgens het onderzoeksinstitiuut steeds kleiner te worden.

Het probleem met die normalisering, vindt politiechef Akerboom, is dat veel gebruikers zich niet bewust zijn van de ‘keiharde’ wereld die schuilgaat achter zo’n onschuldig ogend pilletje. Een wereld waarin ‘misbruik en extreem geweld de norm zijn’.

Nederland is een narcostaat geworden, waarschuwde de politiebond vorig jaar in het pamflet ‘Noodkreet Recherche’. Het permanente capaciteitsprobleem bij politie en justitie, de relatief lage straffen voor drugscriminelen, de centrale ligging en uitstekende logistiek maken van Nederland een walhalla voor de drugsindustrie.

De komende tijd onderzoekt de Volkskrant die industrie: van de pillenboer die de productie voor zijn rekening neemt tot de maatschappelijke kosten die hiermee gepaard gaan en de dumper die het drugsafval uiteindelijk loost. Maar eerst de mannen en vrouwen die de industrie, in de woorden van Akerboom, ‘steunen en continueren’: de consument.

De coke wordt door de dealer per gram verpakt geleverd in gouden pakketjes. Beeld Harry Cock / de Volkskrant

Xtc op nummer 1

Net als bij de meeste jonge gebruikers is het slikken van een pilletje voor Rosa en Rogier nauw verbonden met uitgaan en festivals. De twee leerden elkaar zo’n vijftien jaar geleden kennen op een groot technofeest. Rogier had die avond xtc op, Rosa – op dat moment nog onervaren met drugsgebruik – merkte zijn grote pupillen en malende kaken niet op. ‘Ik was gewoon lam.’ De vonk sloeg desalniettemin over en het duurde niet lang voordat ook zij uit nieuwsgierigheid haar eerste pilletje nam.

In de jaren die volgden, hebben beiden het nodige geprobeerd, maar nog altijd is xtc hun nummer één. Het middel zorgt ervoor dat ze volledig op kunnen gaan in de muziek, een diepe verbondenheid voelen met hun vrienden en andere bezoekers. ‘Je bent even helemaal in het hier en nu’, zegt Rogier. ‘Het is een ontstresser, een uitlaatklep. Je bent veel opener en minder veroordelend.’

Het stel zag de omgang met drugs de laatste jaren veranderen. Toen zij elkaar begin deze eeuw tegen het lijf liepen, was gebruik nog niet iets wat je ‘van de daken schreeuwde’, zegt Rosa.‘Tegenwoordig zie je op feestjes elke eerstejaars student met knallende doppen rondlopen.’ Er wordt openlijker gebruikt en makkelijker over gepraat.

De basis voor die normalisering werd in de jaren negentig gelegd, met de opkomst van de xtc en housemuziek, zegt Ton Nabben. De criminoloog, verbonden aan de Hogeschool van Amsterdam (HvA), doet al zo’n dertig jaar onderzoek naar middelengebruik onder het uitgaanspubliek in Amsterdam. Met xtc kwam voor het eerst een middel op de markt dat door alle lagen van de bevolking werd gebruikt op housefeesten. ‘Van bouwvakker tot creatieveling, van de bodybuilders uit Diemen tot de dames uit de Bijenkorf.’

In de jaren daarna werd het uitgaansleven in Amsterdam groter en gereguleerder. Illegale rave-feesten maakten plaats voor grote clubs en een keur aan festivals, bezocht door een breed publiek. De middelen verhuisden mee.

Voor de goede orde: harddrugs is nog altijd iets voor de kleine minderheid. Minder dan 8 procent van de Nederlandse bevolking heeft ooit in zijn leven xtc gebruikt. Voor cocaïne is dat een kleine 5 procent. ‘Onder jongeren worden dit soort middelen meer gebruikt’, zegt Nabben. ‘Harddrugs zijn onderdeel geworden van de jongerencultuur, maar ook voor die leeftijdsgroep geldt dat er nog altijd een grote groep is die nog nooit iets heeft genomen.’

Vandaar ook dat Rosa en Rogier niet met hun echte naam in de krant willen. Hoewel hun ouders een vermoeden hebben dat ze op feestjes wel eens drugs gebruiken, is het geen onderwerp waar ze met iedereen openlijk over praten. Tegenover collega’s zwijgen ze er bewust over. ‘In onze vriendengroep is het normaal om te gebruiken’, zegt Rosa. ‘Maar veel mensen vinden toch: drugs hoort niet. Je wil niet dat collega’s een verkeerd oordeel over je vellen.’

De normalisering van drugsgebruik is, behalve aan de opkomst van xtc, ook voor een groot deel te danken aan internet. ‘Jongeren zijn niet meer afhankelijk van de informatie die ze van voorlichters krijgen. Online is alles te vinden’, zegt Nabben. Ervaringen en tips kunnen via fora en sociale media makkelijk gedeeld worden. In de bijna zevenduizend leden tellende Facebookgroep Changing Perspective delen gebruikers even makkelijk tips over het uitkoken van ‘keta’ (ketamine) als over het combineren van pep (speed) met een koolhydraatarm dieet.

De overheid heeft in zekere zin ook bijgedragen aan de normalisering van gebruik, zegt Nabben. ‘Een illegale pil kun je legaal laten testen.’ Het eerste kabinet-Balkenende schafte het testen op feestlocaties in 2002 wel af: drugsgebruik zou hiermee te veel gelegitimeerd worden. Maar na de dood van meerdere xtc-gebruikers klinkt de laatste jaren de roep om de testen weer toe te staan op feesten.

Wat ook meespeelt: steeds meer jongeren groeien op met ouders die wel eens met drugs hebben geëxperimenteerd. ‘Sommige twintigers die nu beginnen met uitgaan hebben ouders die vroeger xtc hebben gebruikt’, zegt Nabben. ‘Die ouders schamen zich daar meestal niet voor, ze hebben er goede herinneringen aan en praten er open over.’

Met de komst van de smartphone is het bestellen van drugs inmiddels net zo makkelijk als andere online-aankopen. Moest je vroeger voor een lijntje coke naar een café of club, of naar een onguur steegje, nu is het een kwestie van een appje en de koerier komt voorrijden.

Op WhatsApp circuleren ‘drugsmenu’s’ die in de loop der jaren steeds uitgebreider zijn geworden. Een gemiddelde dealer verkoopt tegenwoordig niet alleen drugs, maar ook slaapmiddelen, kalmeringsmiddelen en libidoverhogende middelen.

Een menu bevat een duidelijke handleiding, met daarop het tijdstip waarop besteld kan worden (de ene dealer levert al in de ochtend, de ander pas na vijven) en de gewenste overdrachtsprocedure. Meestal zijn er twee opties: een gebruiker spreekt af op een locatie buiten de deur en rijdt een blokje om in de auto van de dealer, zodat de overdracht ongezien kan plaatsvinden. Of de dealer komt bij de persoon thuis. Hij parkeert zijn fiets, scooter of auto om de hoek, levert de gewenste bestelling en vertrekt weer.

Rosa en Rogier zijn eraan gewend dat de dealer over de vloer komt. Toen hun dochter nog een baby was, was ze er zelfs een keer bij. Rogier: ‘De dealer vroeg: wil je het hier doen of ergens anders? Ik zei: doe maar gewoon hier hoor.’ Rosa: ‘Nu zouden we dat niet meer doen, omdat ze het te bewust mee krijgt.’

Beeld Harry Cock / de Volkskrant

Ook vanavond verloopt de levering volgens afspraak. Een uur nadat Rogier zijn bestelling per app heeft doorgegeven, gaat de bel. Heel kort, in verband met het slapende kind. De dealer is van tevoren geïnstrueerd. Na wat gestommel op de trap verschijnt een jongeman, amper 20 jaar oud, in de woonkamer. Het is een doodgewone verschijning, alsof de buurjongen even op bezoek komt. Hij draagt een groene regenjas, heeft gemillimeterd haar en om zijn nek bungelen de oortjes waarmee hij onderweg naar muziek luistert.

Gehaast drukt hij Rogier de hand, ze hebben elkaar vaker gezien. Tijd voor een praatje is er dit keer niet. De dealer heeft het druk. ‘Het is bijna Koningsdag. Ik ben sinds vanmiddag al in de weer.’ Hij ritst zijn zwarte rugtas open. ‘Moeten de gordijnen niet even dicht?’, vraagt Rogier. De jongen kijkt achteloos naar het raam dat uitkijkt op keurig aangelegde tuintjes. ‘O ja, doe maar.’

Terwijl de kamer wordt verduisterd, klikt hij twee Smint-doosjes open en schudt daar de xtc uit. De roze pilletjes – in de vorm van de Noord-Koreaanse dictator Kim Jong-un – rollen over de tafel. Uit een zwart etui klopt hij vervolgens een stapel gouden envelopjes. Het is de coke, per gram verpakt.

De ketamine heeft een wat minder chique uiterlijk; de poeder is verpakt in doorzichtige zakjes zoals die waar knopen van een nieuw gekochte jas in zitten. Het verdovingsmiddel, dat een paard op een operatietafel kan lamleggen, wordt in lagere doseringen in toenemende mate in het feestcircuit gebruikt. Tot slot tovert de dealer nog vijf lsd-zegels uit een kauwgompakje.

De jongen telt het geld na dat klaar lag naast de theepot op tafel, glimlacht vriendelijk en steekt zijn hand op. Nog geen vijf minuten na binnenkomst staat hij weer buiten. Het geluid van zijn scooter ebt weg. De gordijnen kunnen weer open.

‘Zie je, een fatsoenlijke jongen’, zegt Rogier, die het adresje via een vriend heeft. Die verzekerde hem dat de kwaliteit goed is. ‘Je gaat af op de recensies van vrienden.’ Testen vindt hij overbodig. ‘De kwaliteit is nog nooit zo hoog geweest’. Een gemiddelde xtc-pil, zo blijkt inderdaad uit monsters die voor onderzoek zijn genomen, bevat tegenwoordig bijna 170 milligram mdma. Tien jaar geleden was dit nog 80 milligram. Ook coke wordt, mede door het grote aanbod uit Colombia, wat de prijs drukt, steeds puurder, wat inhoudt dat het minder wordt versneden met ‘rommel’ als medicijnen en cafeïne.

‘De dealer gooit zijn eigen ruiten in als hij slecht spul levert’, zegt Rogier. ‘Eén slechte pil en niemand koopt meer bij hem.’

Neemt het gebruik van harddrugs toe?

Bijna een kwart van de jongvolwassenen in Nederland tussen de 20 en 24 jaar heeft ervaring met xtc – al jaren de meest gebruikte drug in de uitgaanswereld. Hoe dat twintig jaar geleden zat, is lastig te achterhalen. Landelijke, vergelijkbare cijfers over drugsgebruik door de jaren heen ontbreken, omdat onder andere het Trimbos-instituut zijn meetmethode de laatste jaren een aantal keer heeft aangepast.

Uit Amsterdamse cijfers valt op te maken dat het middelengebruik grillig verloopt. Het gebruik van xtc en cocaïne in het uitgaansleven piekte in de jaren negentig en nam daarna weer af. De afgelopen jaren bereikte het gebruik weer een hoogtepunt.

Een verschil met de jaren negentig is dat de recente piek iets hoger is. Had in 1998 – de hoogtijdagen van xtc – meer dan de helft (55 procent) van de Amsterdamse uitgaanders het middel het afgelopen jaar gebruikt; in 2017 gold dat voor twee op de drie uitgaanders (66 procent). Bij cocaïne zijn de verschillen minder groot: in 1998 had 37,3 procent van de uitgaanders het poeder in het afgelopen jaar gebruikt. In het piekjaar 2017 was dat 39,3 procent.

Niet in de kreukels

Gebruik onder dertigers als Rosa en Rogier, die werken en een gezin hebben, komt steeds vaker voor. Het Trimbos, dat onderzoek doet naar middelengebruik, heeft geen harde cijfers. Het instituut maakt alleen onderscheid op leeftijd als het om jongere leeftijdsgroepen gaat, zoals scholieren en studenten. Maar onderzoeker Ferry Goossens hoort het vaak in zijn netwerk van drugsonderzoekers en preventiespecialisten. ‘De leeftijdsperiode waarbinnen mensen uitgaan en naar festivals gaan is opgerekt, in elk geval bij hoogopgeleide stadsbewoners. Daar hoort voor sommigen ook drugs bij.’

Gevolg is dat gebruik meer planning vergt. ‘Agendahedonisme’, noemt Nabben dit fenomeen, waarbij met name twintigers en dertigers drugs inpassen in een verder verantwoord leven. ‘Een avond los gaan moet worden ingepland tussen sportafspraken, tentamens of vergaderingen die niet in gevaar mogen komen’, zegt de onderzoeker. ‘Je wil de remmen losgooien, maar wel op een gecontroleerde manier.’

Sinds Rogier werkt, kan hij het zich niet veroorloven een halve week ‘in de kreukels te liggen’, zegt hij. Dus regelt hij dat hij na een feestje maandag en dinsdag vrij is of thuis werkt. ‘En ik zorg ervoor dat ik klanten pas aan het einde van de week ontvang. Naarmate je ouder wordt, komt de kater harder aan.’

Rosa, die vanwege haar zwangerschap voorlopig niet gebruikt, merkt dat ze sinds ze een kind heeft niet meer de puf heeft om een nacht door te halen. Liever pakt ze een dagfestival, zodat ze op tijd haar bed in kan. In de week die volgt, mijden ze afspraken in de avonden. Ze eten gezond en gaan op tijd naar bed om optimaal te herstellen.

De club wordt bovendien vaker ingeruild voor een avond gereguleerd drugsgebruik, thuis op de bank. Een ‘in house-houseparty’ noemen Rogier en Rosa dat grappend. In hun vriendengroep is het een bekend concept. Het begint met een drankje bij het avondeten. Als de keuken aan kant is, wordt een lijntje op tafel gelegd. Vaak volgt er nog een en nog een.

Heel bewust wordt op zulke avonden niet voor een pilletje gekozen: zo’n trip duurt te lang, een lijntje is binnen een half uur uitgewerkt. ‘Een cokekater is vergelijkbaar met een alcoholkater’, zegt Rogier. ‘Je hebt er één dag last van en daarna voel je je topfit. Maandag kun je gewoon normaal naar je werk. Ideaal.’

Een dipdag na xtc komt voor oudere twintigers en dertigers vaak ‘ongelegen’, staat ook in het Antenne-onderzoek uit 2017, dat Ton Nabben samen met verslavingskliniek Jellinek uitvoert. Om een zo realistisch mogelijk beeld te krijgen, worden gesprekken gevoerd met panelleden, die thuis zijn in het uitgaansleven. Ook worden enquêtes gehouden onder grote groepen feestgangers. ‘Succesvolle dertigers als advocaten, artsen en salesmanagers kunnen zich vaak niet te veel uitspattingen met xtc meer permitteren’, aldus het rapport. ‘Tijd om te snuiven is er nog wel.’

Hoe representatief zijn Rosa en Rogier?

Het gebruik van xtc en cocaïne is het hoogst onder hoogopgeleide stedelingen, zoals Rogier en Rosa. Zij zijn dus niet doorsnee: nog altijd is het gebruik van harddrugs voorbehouden aan een kleine minderheid. Gebruik in grote steden is sowieso anders dan in de regio, zegt Ton Nabben, die niet alleen veel onderzoek in Amsterdam deed, maar ook ghb-verslavingen op het platteland onderzocht. ‘Hoogopgeleiden in de steden hebben meer ervaring met cocaïne en xtc.’

Het drugsgebruik op het platteland is doorgaans lager, vervolgt de onderzoeker. ‘De feestcultuur die je in de stad ziet, heb je niet in dorpen. Maar drugsgebruik is in de regio wel vaak problematischer, onder meer als gevolg van sociaaleconomische achterstand. De brandhaarden van ghb-verslaving komen daar vaker voor.’

Spelletjesavonden

Deze bevinding sluit naadloos aan bij de vriendengroep van Rogier en Rosa: allemaal hoogopgeleide dertigers met serieuze banen. De meesten hebben jonge kinderen. Nu de frequentie van festivals en feestjes flink naar beneden is bijgesteld, zijn hier spelletjesavonden voor in de plaats gekomen. Die slurpen een stuk minder energie. Het concept is als volgt: de gastheer verzorgt het eten en de gasten nemen een flesje sterk en wat speciaalbier mee. Naarmate de avond vordert, wordt de sfeer steeds uitbundiger. De dobbelstenen vliegen over tafel, er wordt gelachen en gejoeld.

Rond middernacht is iedereen aardig lam en verschijnen de eerste gouden envelopjes op tafel. Het is een ingesleten gebruik, waar niemand nog van opkijkt. De coke wordt met een Ikea-Familycard in strakke lijnen opgedeeld. ‘Met dit agressieve spul kun je beter geen bankpas gebruiken’, legt Rogier uit. Een oude dvd-hoes dient als plateau om de lijnen op te dienen. De vrienden buigen zich één voor één voorover, sluiten een neusgat af met hun vinger en weg is het witte spul. ‘Het zorgt ervoor dat je wakker blijft en wat langer doorgaat’, zegt Rogier. ‘De sfeer blijft nagenoeg hetzelfde, maar het geeft net dat beetje extra schwung aan de avond. Door de drank krijg je ook zin om te snuiven. En door de coke blijf je doordrinken, je raakt minder snel verzadigd.’

Een pilletje zou op deze avond niet passend zijn. ‘Dat verandert de hele sfeer. Je kunt dan niet meer geconcentreerd een spelletje spelen.’

De gedachte dat drugsgebruik als ouder niet verantwoord is, is bij Rosa en Rogier nooit opgekomen. Rosa: ‘Ik denk dat je een leukere vader of moeder bent als je je eigen ding blijft doen. Natuurlijk kun je niet meer elk weekend naar de club, maar af en toe even niet in de ouderrol, is alleen maar goed.’ Bovendien besteden ze hun dochtertje altijd uit als ze een weekend gebruiken. Dat is niet bij al hun vrienden het geval: die snuiven soms als hun kind op bed ligt. ‘Maar die hebben kinderen die altijd doorslapen’, grinnikt Rogier.

Ook bij het Trimbos instituut maken ze zich vooralsnog geen grote zorgen over snuivende ouders. Goossens: ‘Wij zien mensen die af en toe gebruiken zonder dat dat tot grote gezondheidsproblemen of tot verslaving leidt.’ Dat neemt niet weg, zegt de onderzoeker, ‘dat je elke keer dat je harddrugs gebruikt een risico neemt.’

Beeld Harry Cock / de Volkskrant

Geromantiseerd

In zijn toespraak over yogasnuivers deed Erik Akerboom een oproep. Drugsgebruik wordt volgens hem niet alleen genormaliseerd, maar ook geromantiseerd. Gebruikers zouden zich nauwelijks bewust zijn van de criminele industrie die ze financieren. Vooral de cokehandel, waar enorme bedragen in omgaan, gaat gepaard met excessief geweld.

De meest gezochte crimineel van dit moment, Ridouan T. uit Vianen, zou multimiljonair zijn geworden met een cocaïnelijn vanuit Panama naar Nederland. Dat ging niet zonder slag of stoot: hij wordt ervan verdacht opdracht te hebben gegeven tot een reeks brute moorden.

Om Narcostaat Nederland aan te pakken, vindt de korpschef, moeten gebruikers worden aangesproken op de industrie die ze steunen. Die boodschap verkondigt minister Grapperhaus ook geregeld. Donderdag waarschuwde hij ‘pillengebruikers en cokesnuivers’ nog in een interview in De Telegraaf: ‘Besef dat je een enorme criminele industrie helpt en dat het op het dak komt van gewone mensen.’ 

Het is de vraag of het bewustzijn zal veranderen. Trimbos-onderzoeker Ferry Goossens hield recent een enquête onder twintigers die geregeld uitgaan of naar festivals gaan. De resultaten verschijnen deze herfst. ‘Het onderzoek is niet representatief, maar het geeft wel een idee. We zien dat jongeren wisselend op de hoogte zijn van de milieuschade en criminaliteit waarmee het maken van harddrugs gepaard gaat.’

De jongeren die zich wel bewust zijn van de schade, maken zich meer zorgen over het milieu dan over de achterliggende criminaliteit, zegt Goossens. Maar zijn ze ook bereid een pilletje te laten liggen voor het milieu? ‘Dat is lastig. Jongeren maken zich wel zorgen, maar als je ze vraagt of ze bereid zijn hun gedrag aan te passen, scoren ze een stuk lager.’

Hetzelfde geldt voor Rosa en Rogier. Ze noemen zichzelf bewuste gebruikers in die zin dat het volledig hun eigen keuze is en dat ze er niemand mee tot last zijn. ‘De schuld zit ’m in het systeem’, zegt Rogier. ‘Ontzettend veel mensen gebruiken drugs, daar is blijkbaar behoefte aan. Dan zit de oplossing niet in het verbieden en bestrijden.’ Hoe moet het dan wel? Legaliseren is de enige duurzame oplossing, vindt het stel. ‘Dan kun je er als staat ook nog inkomsten uit halen.’

De opkomst van drugs in Nederland

In zijn strijd tegen drugscriminaliteit wil minister Grapperhaus (Justitie en Veiligheid) ‘kritisch kijken’ naar festivals waar veelvuldig wordt gebruikt. Eerder pleitte hij ook al voor strengere drugscontroles voor festivalgangers. Is dit de oplossing? Een rondgang langs betrokkenen.

In juni deed de politie in Rotterdam een recordvondst van 2.500 kilo methamfetamine. Zo’n enorme hoeveelheid is niet eerder in Europa aangetroffen. Zit hier een Mexicaans drugskartel achter?

Een frituurpan, een babybox, kaarsen: in de gekste voorwerpen treffen douaniers tegenwoordig xtc aan. Door de opkomst van het darkweb voelen buitenlandse kopers zich vrij om in Nederland te bestellen.

‘Gedogen harddrugs is geen oplossing voor veiligheid’, stelde Ferdinand Grapperhaus, minister van Justitie en Veiligheid, in een ingezonden stuk in de Volkskrant.

Nederland, drugsland? Daar lijkt het wel op. Niet alleen poederen we zélf graag de neuzen tijdens een feestje, ook het buitenland maakt gretig gebruik van onze drugshandel. Vorig jaar alleen al werden er 972 miljoen xtc-pillen geproduceerd. Tel daar nog eens 614 miljoen gram speed bij op, en we zitten aan een omzet van 19 miljard (!) euro. Daar moet een strak netwerk achter zitten, zou je denken. Maar is dat ook zo?

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden