Als 35 procent wordt gepest, is de rest dader

Zelfs de woordvoerder van de arme ouders van Tim Ribberink had het over 'weerbaarheidstrainingen'. Hij bedoelde het goed natuurlijk. Ontzettend goed.


Had het Tim Ribberink - die maar één uitweg zag om aan zijn belagers te ontkomen - geholpen als hij, na enig therapeutisch kneedwerk, 'weerbaar' was geworden? Had hij dan nog geleefd? Misschien had hij geleerd hoe hij uit 'uitlokkend' gedrag kon vermijden. Of hij daardoor gelukkiger was geworden is de vraag. Want het feit dat hij naar zo'n training werd gestuurd, had bevestigd dat er aan hem iets schortte, niet aan zijn kwelgeesten. Aan hém moest worden gesleuteld. Het offer voor het mogen meedoen met de anderen was het inleveren van zijn persoonlijkheid geweest. Van zijn afwijkendheid, van zijn eigenheid.


Waarom is weerbaarheid zo'n gewenste karaktereigenschap? Je hoort ouders altijd opgetogen vertellen over hun kinderen met wie het hartstikke goed gaat. Ze gaan blij naar school, de juf vindt hen gezellig, ze hebben vriendjes, doen leuk mee op het voetbalveld, worden gevraagd op partijtjes. Zelden roemen ouders een kind dat afwijkt van dat ideaalmodel. 'Hij zit urenlang alleen op zijn kamer games te ontwikkelen'; 'Ze schrijft toneelstukken die niemand opvoert'; 'Hij reist met zijn OV-kaart door het land, en kent nu alle dienstregelingen uit zijn hoofd'. Ja, je hoort ouders zulke dingen wel besmuikt zeggen, maar dan als redenen waarom hun kind dringend in therapie moet.


Het nieuws over de zelfmoord van Tim, zijn hele leven 'bespot, getreiterd, gepest en buitengesloten', is nu een week oud. In alle media zijn pestslachtoffers aan het woord gekomen, op scholen zijn kringgesprekken over pesten gevoerd. Zo'n shockeffect is nuttig. Maar nu zal de aandacht verstommen. Het was maar één week, uit het lange, niet geleefde leven van Tim.


Van alle verhalen over pestslachtoffers was het mooie interview van Jan Tromp met schrijver Arthur Japin (Vonk, 10 november) het meest hoopgevend. Japin slaagde erin om van kwetsbaarheid een kracht te maken, van een stigma een keurmerk, van een hel een eigen wereld. Dankzij een zekere onverstoorbaarheid, en het geluk iemand tegen te komen die juist van zijn afwijkendheid hield. Hij is de enige schrijver niet. W.F. Hermans, Gerard Reve, F.B. Hotz en Hella Haasse, om er een paar te noemen over wier jeugd we iets weten, waren bepaald geen kinderen die lekker in de groep lagen. Er bleef hun weinig anders over dan te vluchten in hun verbeeldingswereld.


Dat geldt niet alleen voor schrijvers. Bewijzen kan ik het niet, maar ik vermoed dat 90procent van de dingen die het leven de moeite waard maken, uit het hoofd en hart komen van mensen die níet bij 'de groep' hoorden. Schrijvers, filmmakers, schilders, componisten, sporthelden, komieken, wetenschappers, uitvinders. Als ze tenminste hun jeugd overleefden. Natuurlijk kun je je het niet omdraaien; helaas is niet elk pestslachtoffer een genie.


Sinds de macht van de kerken is gebroken, komen misbruikende priesters niet meer weg met hun verweer dat niet zij, maar hun slachtoffers de geobsedeerde viespeuken waren. Dankzij het feminisme is 'ze vroeg erom' geen geaccepteerde verklaring meer bij verkrachting. Misschien komt het nog voor dat ouders die hun kinderen niet beschermen tegen incest zeggen: 'Hoe durf je je vader/oom/broer van zoiets walgelijks te beschuldigen?' Maar dan weten ze dat ze fout zitten.


Het gekke is dat bij pesten de dooddoener 'je vroeg erom' nog alom geaccepteerd is, en impliciet tot uitgangspunt van therapie wordt gemaakt, terwijl de daders vrijuit gaan. Ik geloof Linda Duits best, die zaterdag in deze krant betoogde dat pestkoppen echt wel weten dat pesten verkeerd is. Misschien lezen ook zij snikkend Spijt van Carry Slee. Maar wat zij voorstelt, 'een veilige omgeving' creëren voor de pesters, waarin ze over hun gedrag kunnen vertellen 'zonder te worden weggezet als opperschurk', lijkt me niet erg urgent. Laten we eens beginnen de pestkop te benoemen als dader, en hem tonen wat zijn gedrag aanricht. Dat is het minste dat je voor de Timmen kunt doen. Maar die erkenning is voor veel mensen te pijnlijk. Niet zo raar, want als het waar is dat 35 procent van de mensen ooit is gepest, dan hoort 65 procent veilig tot 'de groep': daders, meelopers en wegkijkers.


Moorden, verkrachten, misbruiken - het zijn instincten, net als pesten, en daarom nooit volledig uit te roeien. Een morele keuze maken vóór het slachtoffer en de daders aanpakken, dat kan wel. Dat heet beschaving.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden