Alligators aan de snelweg

HET GAAT IETS BETER MET DE EVERGLADES, MAAR ECHT GOED ZAL HET NOOIT MEER KOMEN. 'ALS JE HET WILT REDDEN, MOET JE MIAMI AFBREKEN.'..

DOOR ERIC VAN DEN BERG

Als de oranje gloed van de zon oplost in het moeras, komt het monster tot leven. Niet de alligator, die hier rustig door het water glijdt en ziet hoe de eerste sterren hun lampje hebben aangedaan. Nee, dáár, in de verte: die kolos van kunstlicht en smog die zich nooit meer opzij zal laten zetten. De enige sterren die daar zichtbaar zijn, nippen aan een cocktail.

Wie van Miami naar de Everglades is gereden, over Highway 1, heeft al meteen gezien dat hier twee buren wonen die veel last van elkaar hebben. Eerst het landschap van Wendy's, City Furniture en Used Cars, en dan ineens een landschap van gras, pijnbomen, mangrove, cipressen en water.

Aan de westkant van Florida hetzelfde: Collier County, dat een van de snelst groeiende populaties van de Verenigde Staten herbergt, rukt op, en het vliegveld van Fort Myers ontvangt nu ook rechtstreekse vluchten uit Europa. Hier is het veiliger dan in Miami, zeggen ze, en dit is 'the gateway to the Everglades'. Het is ook de poort naar ruim 130 achttienholes golfbanen.

De Everglades, dat is natuur in het nauw, dat kan iedere Joe Sixpack zien.

En wat voor een natuur. De Everglades, dat is toch dat moeras met van die propellerboten? Klopt. Het is ook het grootste mangroveecosysteem op het westelijk halfrond, het belangrijkste broedgebied voor waadvogels in NoordAmerika. Het grootste zoetwatermoeras ter wereld. Het is, zoals milieuactivist en 'Moeder van de Everglades' Marjory Stoneman Douglas in 1947 al schreef, een River of Grass.

Een rivier van gras, van sawgrass (galigaangras). Wie op de airboat stapt van Johnny Tigertail, een Miccosukeeindiaan, ziet en voelt wat het is. De boot, zo een dus met een manshoge propeller achterop, vaart over ondiep water, ondieper water, en nóg ondieper water dat eruitziet als een halfverdronken prairie. Twee ogen van een alligator glinsteren tussen het gras, een ibis schrikt van de herrie en vliegt heen. 'Mijn grootvader voer hier nog met een kano', zegt Tigertail. 'Dit gaat sneller.'

Kleinzoon Johnny - spiegelzonnebril, hiphopringtone op mobieltje - runt een bedrijfje voor airboattours. Hij brengt toeristen voor 20 dollar naar 'zijn' gebied in de Everglades. Of eigenlijk het gebied van de Miccosukeetribe, die tot de oorspronkelijke bewoners worden gerekend. Hijzelf woont er niet, heeft net als de meeste Miccosukees een groot huis aan de Tamiami Trail, wat exotisch klinkt, maar een synoniem is voor de US 41 van Tampa naar Miami.

Twee minuten varen vanaf de snelweg, en het lijkt toch even of al die jaren maar weinig is veranderd: het 'eiland van oma' ruikt alsof er net uitgebreid op het vuur is gebraden, op zijn eigen eiland verbouwt Johnny maïs voor de rituele Green Corn Dance. Mamagator en Papagator zijn z'n vrienden, de een drie, de ander vier meter lang.

Puur natuur? Wake up! Dit is Water Conservation Area 3B. Afvoergebied voor overtollig water als er een orkaan over Florida raast. Om te voorkomen dat er te veel water vanuit het Okeechobeemeer, het hart van ZuidFlorida, naar de dichtbevolkte centra van Miami of Palm Beach stroomt.

Voordat de mens Florida ging bewonen, was er duizenden en duizenden jaren niets aan de hand. De regen viel, kwam terecht in de Kissimmeerivier, stroomde naar het Okeechobeemeer en sijpelde vanaf daar - over een breedte van zo'n tachtig kilometer - rustig zuidwaarts richting de Baai van Florida. De kaalkopooievaar vond er zijn broedplek, de Floridapanter zijn jachtgebied.

Maar de mens ontdekte het subtropische zuiden. Plantte overal de maleleucaboom (papierboom) omdat die 200 liter per dag drinkt. Bouwde een dam opdat vissersdorpen niet meer zouden wegspoelen. Legde suikerplantages aan om te concurreren tegen de goedkope suiker van Fidel Castro. Of groef kanalen naar de Atlantische Oceaan en de Golf van Mexinielen co om Miami en Naples te beschermen. Een satelliet kan het zien: drieduizend kilometer aan kanalen doorkruist de Everglades.

De erfenis is een ecosysteem dat niet meer werkt. In luttele decennia is het aantal mensen in ZuidFlorida vertienvoudigd (nu zes miljoen) en zijn de Everglades in omvang gehalveerd. Er zijn meer standbeelden van de Floridapanter dan dat er in het echt rondlopen. Van de vogelpopulatie van een eeuw geleden is nog 10 procent over.

'De Everglades is een test', staat op de muur van het bezoekerscentrum van het Everglades National Park, een van de drie nationale parken in het gebied. 'Als we slagen, mogen we de planeet houden.'

Er is hoop, zegt ranger Rick Cook. 'Het wordt nooit meer wat het was, maar we moeten redden wat er te redden valt. Het aantal panters is voor het eerst weer iets toegenomen. Het is een begin.'

Dat is wat wordt gepoogd. Plannen te over, sommige worden zelfs uitgevoerd. Er is een Everglades Forever Act, een Clean Water Act, een Endangered Species Act - en er is zelfs een restauratieplan van 8 miljard dollar (!), in 2000 ondertekend door president Clinton. Niemand die weet of al dat geld er ooit ook echt komt. Zeker lijkt nu al dat de deadline niet wordt gehaald: 2036. De parkwachter: 'Wie kan er nou dertig jaar achtereen bezorgd blijven? Dat is erg lang.'

De gemiddelde toerist (of Amerikaanse belastingbetaler) zal de vooruitgang niet zien. Het Everglades National Park heeft onlangs weer boerenland aangekocht en meet nu ruim 600 duizend hectare (zoiets als NoordBrabant en Utrecht bij elkaar), maar 94 procent daarvan is Officiële Wildernis, en daar mag niemand komen. Verder is het fosfaatgehalte van het water gedaald, omdat de suikerindustrie niet zomaar meer alles mag lozen. Dat moet je wéten.

Hoe moet het toch zijn geweest? Wat je nu ziet keer tien? Bij de Anhingaboardwalk staat een Amerikaanse kraai te wachten en is een blauwe reiger rustig een vis aan het verorberen. Daar nog een, daar nog een. Naast de snelweg die ook het Big Cypress National Preserve doorkruist liggen alligators gewoon te liggen - alsof ze de auto's die met 90 kilometer per uur voorbijrazen niet opmerken.

De Everglades, dat is het land van de verbeelding. Hier spelen zich thrillers af die niet goed kúnnen aflopen, hier is het donker, en zo niet, dan toch zeker dampend. Hier worden cipressen gewurgd door de Wurgboom!

Hier, zegt Clyde Butcher, de hoffotograaf van de Everglades, 'kun je twintig jaar in het moeras rondlopen en echt niemand tegenkomen'. Wat hij ook heeft gedaan - 'op loophoogte heb je hier meer leven dan in de Amazone'. Zijn galerie, met detailfoto's van de Everglades die in prijs oplopen tot zo'n 15 duizend dollar, staat er middenin; foto 1 is een reiger bij het water naast zijn parkeerplaats.

Butcher, een van de Vrienden van het Big Cypresspark, ziet verbeteringen, 'maar die stellen niet zo veel voor'. Immers, 'misschien maken wat meer vogels hun nest hier, maar ze zoeken hun eten aan de kust, en dat is veel te ver'. Op Michael Mooretoon en met dito gezicht kan hij moeiteloos een uur somberen: 'Het park is nu beschermd gebied, maar als het Congres het morgen verkoopt, is het afgelopen.' Zijn favoriet: 'Shit flows downhill.' En: 'Als je de Everglades wilt redden, moet je heel Miami afbreken. Dan praat je over triljoenen dollars.'

Vroeger. . . dat komt niet meer terug. Vroeger stapten de kinderen van Terri Rementeria, eigenaar van Joanie's Blue Crab Cafe, op een boot en gingen ze ergens een vuurtje stoken. Dat mag niet meer. Een zaklamp gebruiken evenmin, want daar schrikken de beesten van. De kids helpen haar nu in de keuken van het restaurant.

Terri heeft gator nuggets op het menu. Kwam de alligator in de jaren zestig op de Lijst van Bedreigde Diersoorten, nu zijn er meer dan een miljoen van en kan ze hem serveren met Indian flat bread erbij. Tijden veranderen. 'Vroeger woonden hier veel boeren', zegt Terri. 'Hadden we bijna net zoveel vee als in Texas. Stonden hier meer huizen dan in Naples. Nu hoort het land bij Big Cypress en is er bijna niemand meer.'

Haar restaurant, vlakbij het minuscule postkantoor (1 m2) van Ochopee, gevestigd in wat eens een keet van een olieraffinaderij was, is een begrip in de regio. De plaatselijke sheriff stopt er net zo graag als de tourgids. 'Ook dit is de Everglades', zegt Charles Kropke, gids en medeeigenaar van Dragonfly Expeditions. Eerst lunchen bij Terri, dan laarzen aan voor de wet walk tussen de cipressen in het Kirby Storter Roadside Park.

Niet dat iedereen dat zomaar wil. Het blijft toch een moeras. 'Van de Amerikanen durft 99 procent het water niet in', zegt Kropke. 'Die vinden het eng. Mensen uit Miami komen hier al helemaal niet. Daar gaat het om strand en surfen. Modder is voor de boeren.'

Een imagoprobleem. Plannen genoeg, maar who cares? De Everglades zijn yucky mucky. Jakkes. Zeg Everglades, dan denken Amerikanen aan miljoenen muggen in Flamingo - het plaatsje aan de Baai van Florida waar je Tshirts kunt kopen met I gave blood at the Everglades. Zeg Everglades, dan denken Amerikanen aan de tvbeelden van de ramp met het Valujettoestel in 1996 - 110 doden, in alligatorgebied!

Het Everglades National Park ontvangt een miljoen bezoekers per jaar (eenzevende van het aantal bij Disney World in Orlando) - licht dalend, weinigen komen voor een tweede keer. 'Het is een moeilijk park om te promoten', zegt ranger Rick Cook. 'We hebben geen fantastische uitzichten. Het is zelfs een beetje boring als je hier voor het eerst komt. De Grand Canyon krijgt vier miljoen bezoekers per jaar, maar daar hoef je alleen maar naar de rand te lopen om het mooi te vinden.'

De meeste Amerikanen denken dat de Everglades enkel dit park is. 'De Everglades is zoveel meer. Het is een groot deel van ZuidFlorida, het is de reden dat al die mensen hier sowieso kunnen léven.'

De Everglades halen wel eens het nationale nieuws. Als er een python is gesignaleerd, en de rangers een puppie gaan trainen om die op te sporen. En als twee alligators plots opduiken in het zwembad van de Universiteit van Coral Gables. Met de waarschuwing: 'De dieren gaan aan de mensen wennen, ze komen dichterbij.'

Het blijft een moeilijk verhaal. Dat de alligators niet zwemmen in het water van de studenten, maar andersom.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden