Allesbehalve typische vakbondsvrouw Dinsdagprofiel Wilna Wind

Het moet voor de receptionist aan de Naritaweg in Amsterdam een vreemde ervaring zijn geweest. Een kekke Mini Cooper voor de slagboom, met daarin een frêle blondine....

De polder wordt sinds drie jaar opgefleurd door een parmantige verschijning: Wilna Wind (47). Ze is cao-coördinator en na voorzitter Agnes Jongerius de tweede ‘man’ op heikele arbeidsmarktdossiers bij de grootste vakcentrale van het land (1,2 miljoen leden). Achter de schermen was ze verantwoordelijk voor de deal over het ontslagrecht vorige maand. Een jaar geleden had ze bijna een kabinetscrisis op haar naam. Ook het resolute nee tegen de arbeidsmarkthervormingen van de ‘grote’ Peter Bakker van TNT is van haar afkomstig.

Tekentafelwerk, volgens Wind, dat niets te maken heeft met de werkelijkheid.

‘Zij doet het echte FNV-werk’, zegt Hein Knaapen, directeur Human Resources KPN en goede bekende. ‘Daarmee wil ik niet zeggen dat Jongerius haar werk niet goed doet. Agnes is het boegbeeld. Wilna doet het voorbereidende werk en heeft dus grote invloed op de maatregelen die in Nederland worden getroffen voor werknemers.’

Momenteel rent Wind van ministerie naar vakbonden en werkgevers om te pleiten voor een reddingsplan voor de werknemers die de dupe dreigen te worden van de economische malaise. ‘Het is crisis, en daarbij horen crisismaatregelen. Zeker als nu de uitzendkrachten al massaal buiten de deur worden gezet’, is haar verklaring.

Mensen die haar goed kennen, noemen Wind een onderhandelaarster pur sang. Dat er na jaren van ruzie met werkgevers en het kabinet over het ontslagrecht vorige maand alsnog een deal uitrolde, is volgens vriend en vijand haar verdienste. ‘Ze is zowel de brug naar werkgevers als naar ons’, duidt fractievoorzitter Mariëtte Hamer van de PvdA. ‘Wilna geeft niet op’, verklaart Luc Steenhorst, oud-vakbondsman, vriend en directielid bij bureau Berenschot. ‘Ze blijft openingen zoeken en luisteren: dit vuiltje moest uit de lucht.’

Ook Rienk van Splunder, haar evenknie bij de christelijke vakcentrale CNV, prijst Winds onderhandelingsvaardigheden – ondanks de bittere nasmaak over de ontslagdeal omdat het CNV er vooraf niet bij was betrokken. ‘Wilna’s aanpak is situationeel. Ze is keihard of juist heel persoonlijk, het is maar net waar de omstandigheden en haar tegenspeler om vragen. Dat werkt.’

Toch is Wind allesbehalve een typische vakbondsvrouw. Roept haar achterban om een loonsverhoging van 5 procent, dan praat zij het naar beneden, naar 3,5 procent. Knaapen: ‘Ze heeft oog voor wat economisch goed is op de lange termijn.’

Ook actievoeren doet ze liever niet. Vroeg opstaan is niet haar ding, geeft ze als verklaring. Een gesprek met haar vriend tijdens het ontbijt is haar al te veel – haar ochtendhumeur kan alleen de aanwezigheid van kat Lotje verdragen. Laat staan dat ze bij het ochtendgloren, gehuld in actieshirt en met actiepet, de barricaden beklimt.

Het begon allemaal op 4 juli 1961 in het gehucht Beerzerveld, Overijssel. Wind werd geboren in een middenstandsgezin met twee dochters. Wilna was de jongste. Vader en moeder runden de dorpssuper ‘C. Wind’, die was overgenomen van opa en oma. Het was hard werken. Ze kreeg een strenge, hervormde opvoeding en zat elke zondag gedwongen in de kerk.

Hier moet ik wegwezen, was een gedachte die Wind al jong bekroop. In haar omgeving trouwden de meisjes jong, op hun zestiende liepen ze al met een zwangere buik, en een carrière voor vrouwen was geen optie. ‘Ze heeft geen makkelijke jeugd gehad’, zegt Petra Harskamp, haar pianolerares en vriendin. ‘Ze heeft moeten knokken om te komen waar ze nu is. Ze is een echte selfmade woman.’

Met een schoolvriendin pakte Wind haar biezen zodra ze haar havo-diploma op zak had. Op de fiets vertrok Wind – ze was nog maar net zeventien – naar een kamer in Utrecht. Daar werd ze verkoopster bij V & D, maar het werd niet wat ze hoopte. Na een half jaar nam ze een baan als secretaresse bij de universiteit, waar ze in de avonduren haar atheneumdiploma behaalde. Ook haar opleiding sociologie deed ze in de avond.

Via vele omzwervingen belandde ze op haar 28ste bij de vakbond. Aanleiding waren verhalen van een collega op de universiteit over diens oude werkgever: de FNV. Zinnig werk, vond ze. Waar werknemers het heft in eigen hand nemen – de wat we willen, gaan we regelen-mentaliteit sprak haar enorm aan. Het vakbondswerk was geen roeping, zegt ze zelf. Maar zoals wel meer in haar leven: het kwam op haar pad.

Het begin was niet makkelijk. Ze kreeg samen met Anja Jongbloed (nu cao-coördinator FNV Bondgenoten) de sector kleinmetaal bij de Industriebond toebedeeld. Dit was eind jaren tachtig een sector waar een beetje bestuurder zich te goed voor voelde en dus konden de ‘jonge vrouwen’ hem krijgen. Er moest actie worden gevoerd vanwege een cao-conflict, maar de branche stond bekend als ‘niet in beweging te krijgen’.

Jongbloed en Wind wilden de grote jongens ‘een poepie laten ruiken’ en wel een succes van de actie maken. Ze huurden twintig bussen voor de actievoerders. Wind: ‘Die zaten zo vol en we zijn naar Malle Jan in Utrecht gereden om actie te voeren.’

‘Bij de Industriebond maakte ze kennis met de echte werkelijkheid. Daar haalt ze ook haar inspiratie vandaan, uit echte mensen en niet uit hoogdravende theorieën’, zegt Jongerius. ‘Je maakt tijden met de werknemers mee waarin het goed gaat en waarin het slecht gaat. Je deelt zowel de koek als de pijn. Die ervaringen gaan je niet in de koude kleren zitten, ze blijven in je systeem.’

Als vakbondsbestuurder krijg je soms verschrikkelijke verhalen te horen, erkent Wind. ‘Destijds verloren veel laagopgeleiden hun werk in de kleinmetaal. Dat waren vooral Marokkanen die zich jarenlang rot hadden gewerkt. Ze spraken nauwelijks Nederlands en hadden geen idee wat er gebeurde. Daar sta je dan in een zaaltje om hun uit te leggen dat ze aan de kant worden gezet. Ik was samen met een tolk; zij namen hun kinderen mee.’

Haar succes in de polder kwam ook niet vanzelf. Ze heeft haar positie moeten bevechten, weet Ton Heerts, tot 2006 vicevoorzitter van de FNV en nu Tweede Kamerlid voor de PvdA. ‘Mede door haar uiterlijk.’ Ze is gemangeld, zegt Heerts. ‘Meisje Wind, heette ze bij VNO-NCW. De grootste vergissing overigens die je kunt begaan: haar onderschatten.’

Want ondanks de grap en de grol die Wind zo kenmerken, is het allesbehalve een gemakkelijke tante. Ook met voorzitter Agnes Jongerius zijn heel wat vetes uitgevochten, zegt Heerts. ‘Het moest allemaal even een plek vinden. Inmiddels hebben ze een verstandige verhouding.’

CNV’er Van Splunder spreekt van een ‘collega met een gebruiksaanwijzing’. ‘Wilna is heel direct. Als iets haar niet zint, krijg je dat onverbloemd te horen. Dat geeft veel discussie.’

Dat ze behoorlijk bitchy uit de hoek kan komen, weet ook goede bekende Hein Knaapen uit ervaring. Een paar maanden geleden zat de KPN’er samen met Wind in een paneldiscussie over het ontslagrecht. ‘Ik zei: is het niet beter als werkgevers het geld dat ze nu kwijt zijn aan het ontslag investeren in de scholing van werknemers? Toen antwoordde zij: het is beremooi dat je wilt investeren in scholing, maar werknemers moeten zelf kunnen beslissen waarvoor ze hun ontslagvergoeding gebruiken.’

Heftige uitspraken, vindt Knaapen. ‘Maar als je haar kent, weet je dat daarachter iemand schuilgaat met wie je gewoon zaken kunt doen. Ze is veel genuanceerder.’

Vreemd is haar harde houding niet, ten opzichte van de versoepeling van het ontslagrecht en de arbeidsmarkthervormingen die de commissie-Bakker voorstelde. Ze is immers ingehuurd om haar achterban te vertegenwoordigen, die wordt gedomineerd door oudere mannen. Knaapen: ‘Ze heeft een ingewikkelde achterban, die veel conservatiever is dan zij. Het zou me niets verbazen als je met haar persoonlijk wel over de versoepeling van het ontslagrecht kunt praten.’

Ook Rens de Groot, lid van de commissie-Bakker, wil haar niet conservatief noemen in haar arbeidsmarktopvattingen. En dat terwijl juist zij degene is die de hervormingsplannen van de commissie afdoet als ‘tekentafelwerk’. Vooral het voorstel de werkloosheidsuitkering in te perken en werkgevers te verplichten hun werknemers in de eerste zes maanden naar een nieuwe baan te begeleiden, schoot bij FNV in het verkeerde keelgat. Zodanig zelfs dat Wind in ruil voor niet al te hoge looneisen en een relatief kleine aanpassing in het ontslagrecht, de werkgevers zover kreeg het rapport af te serveren.

Ze heeft beperkte speelruimte, stelt Knaapen. ‘Maar de ruimte die ze heeft, gebruikt ze heel intelligent.’

Teleurgesteld reageert de commissie niet. ‘Ook Wind is intelligent genoeg om te weten dat er wél iets moet gebeuren om de arbeidsmarktproblemen aan te pakken’, zegt De Groot. ‘Voor de buitenwereld lijkt dit onderwerp nu afgesloten, maar binnenskamers wordt er natuurlijk verder over gepraat.’

Logisch, vindt De Groot haar houding. ‘Eén verkeerd woord en dan slaat haar achterban op tilt. Maar ook bij FNV weten ze hoe de hazen lopen. Bij de volgende verkiezingen komt dit onderwerp gewoon weer terug.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden