Alles moet een beetje ranzig zijn

Kunstenaars zijn niet alleen lekkerbekken, er zijn ook andere associaties tussen hun werk en eten. Een serie over wat er bij hen op het menu staat....

Vraag honderd willekeurige Nederlanders wat ze het meest luxueuze eten vinden, en in negentig van de honderd gevallen zal het antwoord zijn: kaviaar. Het ‘zwarte goud’ heeft een naam een (voor velen onbereikbare) delicatesse te zijn. Niet voor de Duitse kunstenaar Georg Herold (1947). Hij kliedert het met scheppen tegelijk op zijn doek alsof het de goedkoopste verf is.

Herold behoort, hoewel misschien net iets jonger, tot een generatie Duitse kunstenaars die vanaf de jaren zeventig de deftigheid van de kunstwereld op de hak nam met recalcitrant werk, zoals Martin Kippenberger, Albert Oehlen en Sigmar Polke. (Ze hadden ook overeenkomstige, vreemde culinaire gewoonten. Zo dronk Kippenberger het liefst rode wijn met cola, en vergastte hij de kunstelite graag op friet met frikandellen en kroketten.)

Tot het oeuvre van Herold behoort een geometrische lattenconstructie waarvan een hoek is ingesmeerd met pek als ironische reactie op de Fettecke van Joseph Beuys; een gehaakte pannenlap met kogelronde gaten als verwijzing naar de Target-schilderijen van Jasper Johns; een wit doek met een zwart vierkant van kaviaar als alledaags commentaar op het Magische Kwadraat van Kazimir Malevitsj.

De heiligheid van de kunst is niet aan Herold besteed. Heiligheid is sowieso geen optie om voor in katzwijm te vallen. Alles moet een beetje schmutzig zijn, beduimeld en ranzig. Omschreef hij de smaak van Russische marmelade al niet eens als ‘knarsend cement en mortel in de onderbroek van een arbeider’? Het beduimelde imago geldt ook voor de kunstenaar zelf. Wie Herold niet kent, denkt bij een eerste kennismaking met een tweedehandsautohandelaar te maken te hebben, dankzij zijn goedkoop ogende pakken en de glimmende, naar achteren gekamde haren.

De uit Jena, voormalig Oost-Duitsland, afkomstige Herold is een geboren proletariër die zijn socialistische achtergrond niet heeft verloochend, hoewel hij net als zo vele Ossies in de jaren zeventig naar het Westen verhuisde (hij woont nu in Keulen). Sterker: er is voor hem alle aanleiding om het Westen vanuit het Westen te blijven bekritiseren. Vanwege de verspilling, de commercie en de zelfingenomenheid die Herold erin meent te zien.

Voor Herold is het de reden om met de meest basale materialen te werken (afvalhout, textiel, ijzerdraad), of juist om de meest exclusieve ingrediënten te gebruiken alsof ze niets kosten. Zoals dus in zijn schilderijen, van behoorlijke afmetingen, die hij besmeert met de duurste Beluga-kaviaar. En die kost al gauw 10 duizend euro per kilo. Daar is weinig proletarisch aan. Maar ook dat behoort tot Herolds ironische visie op het kunstbedrijf. Verzamelaars kunnen de kaviaar op zijn werk namelijk wel kopen, maar niet opeten.

Rutger Pontzen

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden