PostuumDerk Wiersum

‘Alles komt goed, maatje’ – het leven van advocaat Derk Wiersum

Mensen leggen bloemen neer in de straat waar advocaat Derk Wiersum werd doodgeschoten.Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant

Justitie gaat ervan uit dat advocaat Derk Wiersum een van de prominente slachtoffers was van Ridouan T.. Wie was de man die kroongetuige Nabil B. bijstond in het Marengo-proces? En die op 18 september werd doodgeschoten?

‘Hé Derk, hoe is het? Er wordt geschoten in jouw straat’, appt advocaat ­Micha Jonge Vos op woensdag 18 september naar zijn buurtgenoot Derk Wiersum. Het is rond 8 uur ’s ochtends. Even daarvoor heeft Jonge Vos een bericht gezien op de buurtgenoten-app van de Amsterdamse wijk Buitenveldert. Om de hoek, in de straat van zijn vriend en oud-collega, is een schietpartij, meldt een buurvrouw in de app-groep.

Heel even denkt Jonge Vos aan de cliënt die Wiersum vertegenwoordigt: de kroongetuige in het ­Marengo-proces. ‘Maar ik dacht: nee, dat zal toch niet. Dus ik appte Derk. Gewoon even om te informeren of hij iets wist over die schietpartij.’

Nu, drie maanden later, kijkt Jonge Vos nog geregeld naar dat laatste berichtje. ‘Ik hoop twee blauwe vinkjes te zien, het teken dat hij het bericht heeft gelezen. Maar die vinkjes zullen er nooit komen.’

Derk Wiersum groeide in de afgelopen maanden uit tot het symbool van de bedreigde rechtsstaat. Want, stelt justitie: de 44-jarige advocaat werd waarschijnlijk vermoord vanwege zijn werk. Hij stond kroongetuige ­Nabil B. bij in het strafproces ­Marengo, dat draait om een reeks moorden in de onderwereld en ­zeventien verdachten, onder wie de ­veronderstelde leider Ridouan T., die zondag in Dubai werd gearresteerd en woensdagnacht naar Nederland is overgebracht.

Wie was de advocaat Wiersum? En waarom besloot hij een kroongetuige te verdedigen? De Volkskrant sprak met vrienden en oud-collega’s. De afspraak is om hem te portretteren als raadsman. Want: ‘Privé was bij Derk privé.’

Zijn karakter: altijd opkomen voor de persoon die op de grond ligt

‘Op kantoor noemden we hem de ‘denktank’’, zegt zijn voormalig kantoorgenoot Jonge Vos. ‘Omdat hij zo veel parate kennis had.’

‘Als Derk pleitte, merkte je als rechter dat hij opereerde vanuit een diepgeworteld gevoel’, zegt Rutger Wery, raadsheer bij het gerechtshof in Arnhem. ‘Het gevoel dat ieder mens, ook de verdachte, ertoe doet.’

‘Dat was wat hem dreef’, zegt advocaat Robert Malewicz. ‘Derk stond verdachten bij die toch al op de grond liggen en over wie iedereen ook nog eens heen pist.’

‘Maar zijn mooiste eigenschap was misschien wel zijn loyaliteit’, zegt oud-collega en vriend Bart Stapert. ‘Ik moest eens halsoverkop naar het ziekenhuis en toen appte hij: wanneer moet ik je halen? Niet: kan ik je ­komen halen, nee, wanneer móét ik je halen. Derk was er gewoon voor je.’

Het is begin 2017 als Derk Wiersum wordt gebeld door een collega-advocaat. Er heeft zich een cliënt gemeld met problemen: Nabil B. – een jongen uit de Utrechtse onderwereld die betrokken is bij moorden. Deze andere advocaat kan de zaak zelf niet doen. Dus wordt Wiersum benaderd, die op dat moment samen een kantoor runt met Bart Stapert. Wiersum is een advocaat met een commune strafpraktijk, hij doet allerlei soorten zaken: van mishandelingen tot drugs- en ­zedenzaken. Zelf noemde Wiersum het relativerend ‘huis-, tuin-en-keukenzaakjes’. Stapert: ‘Hij had veel zelfspot.’

Bovendien zet hij zich samen met Stapert in voor terdoodveroordeelden in het buitenland.

Hij vond zijn werk ontzettend leuk, zeggen een oud-collega’s en vrienden. ‘Zelfs als het over een fietsendiefstal ging, deed hij zijn werk met volle overtuiging’, zegt een oud-kantoor­genoot.

Al tijdens het eerste gesprek dat Wiersum en Stapert met hun nieuwe cliënt hebben, wordt duidelijk dat de zaak van Nabil B. ingewikkeld is. B. vreest voor zijn leven, wil voor zijn ­eigen veiligheid de cel in én praten met justitie. Voor Wiersum is het zijn eerste kroongetuigenzaak. Voor Stapert niet, hij werkte voorheen in de Verenigde Staten en heeft daar kroongetuigen bijgestaan. ‘Het was fijn dat we zo’n complexe zaak samen konden doen’, zegt Stapert. Al zegt hij er meteen bij dat ze toen nog niet konden bevroeden hoe heftig het zou worden. ‘Je stapt op een trein, die gaat rijden en je kunt er niet meer af.’

Een minuut ter nagedachtenis aan Derk Wiersum stilte tijdens een vergadering van de Orde van Advocaten.Beeld ANP

Zijn jeugdjaren: altijd al dat rechtvaardigheidsgevoel 

Derk moet rond de 20 zijn geweest, zegt zijn studievriend Pieter Wijffels, toen hij overtuigd raakte van het belang van het strafrecht. ‘Hij had ook best partner kunnen worden bij een groot kantoor om veel geld te verdienen. Maar dat interesseerde hem niet.’

Wijffels leerde Wiersum kennen in Groningen, waar ze samen lid werden van studentenvereniging Vindicat, ze waren jarenlang huisgenoten. ‘Derk was ervan overtuigd dat je als advocaat namens je cliënt er alles aan moet doen om tegenwicht te bieden aan het Openbaar Ministerie. Zodat de onafhankelijke rechter een goed oordeel kan vormen. Hij geloofde in het rechtssysteem.’

Die overtuiging wordt nog sterker als de 26-jarige Wiersum in 2001 naar New Orleans gaat om stage te lopen bij pro-deoadvocaat Bart Stapert. Kort daarvoor hebben ze elkaar leren kennen tijdens een lezing. De Nederlandse Stapert vertegenwoordigt in New Orleans de belangen van arme, vooral zwarte, Amerikanen. Daarnaast staat hij terdoodveroordeelden bij. ‘De klik, dat automatisme, dat vertrouwen was er meteen’, zegt Stapert over het begin van hun vriendschap. ‘En hij had toen ook al bravoure.’

Zo kon Stapert een keer niet naar een zitting voor een cliënt die een kleine verkeersovertreding had begaan. Hij stuurde zijn werkstudent om aan de aanklager te vragen of de zaak kon worden aangehouden. ‘Derk ging – zoals altijd – strak in pak. Even later kwam hij terug met een grote grijns. Hij zei: de officier dacht dat ik de advocaat was, dus ik heb de zaak maar even afgedaan.’

In New Orleans ging Wiersum ­bovendien mee met Stapert naar death row, waar veroordeelden wachten op hun dood. ‘Na zijn stage kwam hij als een andere Derk terug’, zegt jeugdvriend Lucas Hirsch. ‘Niet als een ander mens, maar wel alsof hij zijn wilde haren kwijt was. Voor hem was het duidelijk: dít moest hij doen in zijn leven.’

Helemaal verbaasd was Hirsch niet. Dat rechtvaardigheidsgevoel zat er al op jonge leeftijd in. Hirsch en Wiersum leerden elkaar kennen rond hun 15de, op de hockeyclub in Naarden-Bussum. ‘Hij was een heel relaxte ­vogel. Verbaal scherp, met veel ­humor.’ Later kwamen ze bovendien bij elkaar in de klas.

‘Toen we 17 waren gingen we op werkweek naar Praag. Het was kort na de val van de Muur. Bier kostte 10 cent, wodka 5 cent. We hadden in een bierkelder gezeten en bij mij was – na vijf wodka en drie bier – het stokbrood met kruidenboter slecht gevallen.’

Dat was een probleem. Want, hadden de docenten gezegd: wie dronken wordt, mag de volgende dag niet mee naar Theresienstadt, het doorgangskamp voor Joden in de Tweede Wereldoorlog. Hirsch: ‘Ik heb Joodse wortels en mijn opa is via Theresienstadt afgevoerd naar Auschwitz.’

En dus hoort Hirsch die avond, terwijl hij ‘met zijn kop boven de pot’ hangt, hoe zijn vriend Wiersum aan de andere kant van de wc-deur zijn zaak bepleit bij een woedende ­docent. ‘Hij legde uit wat er aan de hand was en dat het onrechtvaardig zou zijn als ik niet mee mocht naar Theresienstadt. Hij praatte het niet goed, maar vond de straf in mijn geval onverteerbaar. Hij probeerde zelfs een deal te sluiten: schors Lucas niet nu, maar straks als we weer terug in Nederland zijn. Ik denk dat het zijn eerste rechtszaak was.’

In die jaren, zegt Hirsch, ontwikkelt de tiener ook geleidelijk een fascinatie voor de underdog. ‘Een van zijn ­favoriete boeken was The man with the golden arm van Nelson Algren. Het gaat over een heroïneverslaafde kaartdealer die per ongeluk een moord pleegt. Dat heeft hem altijd aangetrokken. Want je kunt de pech hebben dat je per ongeluk iemand doodt, of dat je in een situatie terechtkomt waarin het alleen maar meer en meer misgaat.’

In 1995 vertrekt Wiersum vanuit het Gooi naar Groningen om rechten te studeren. ‘In het Gooi heb je natuurlijk een berg arrogante kut-kids’, zegt Hirsch. ‘Maar zo was Derk niet. Hoewel hij heel intelligent was, was hij nooit arrogant. Van huis uit had hij meegekregen dat je als je hersens hebt daarover niet moet pochen, maar iets goeds mee moet doen.’

Ieder individu moet gerespecteerd en begrepen worden, zegt studievriend Wijffels, ‘zo stond Derk in het leven. Hij was echt een humanist, hij oordeelde nooit over andere mensen.’

Een vrouw tekent het condoleanceregister voor advocaat Derk Wiersum, voorafgaand aan een vergadering van de Orde van Advocaten.Beeld ANP

De zaak: de kroongetuige en het drama van de familie

De keuze om een kroongetuige bij te staan, was waarschijnlijk dan ook een eenvoudige, zeggen mensen die Wiersum goed kenden. ‘Het was heel simpel: er is een klant en die komt bij jou omdat hij hulp nodig heeft. Dus die ga je helpen’, zegt Stapert.

Toch, erkent Stapert, hebben hij en Wiersum in het voorjaar van 2018 besproken of ze ermee zouden doorgaan. Die maand maakte het OM bekend dat Nabil B. belastend over de toen nog voortvluchtige Ridouan T. had verklaard. Nog geen week later werd de onschuldige broer van de kroongetuige doodgeschoten. ‘De gedachte om te stoppen is door ons hoofd gegaan, maar dat had niet ­zozeer met veiligheid te maken’, zegt Stapert.

De raadslieden zagen zichzelf als verleners van een juridische dienst, en niet als onderdeel van een onderwereldvete. ‘Het was voor mij en Derk geen persoonlijke strijd tegen ­Ridouan T. We deden gewoon ons werk. Derk zou als advocaat ook types als Ridouan T. hebben kunnen bijstaan.’ Maar na de moord op de ­onschuldige broer voor de kroon­getuige werd de beladen Marengo-zaak voor de advocaten steeds ingewikkelder en intensiever. ‘Het drama waarin de kroongetuige en diens ­familie verkeerden, was een factor die continu aanwezig was. En dat legt een enorme druk op je. Als de kroongetuige op zaterdagavond om 10 uur belt, neem je op.’

Ze besluiten door te gaan. ‘Het was een trein die al reed’, zegt Stapert die uiteindelijk eind 2018 wel stopte om een overstap te maken naar de rechterlijke macht – een ambitie die hij al eerder had.

Het onverwachte: voortdurend alert maar er was niets opvallends

‘Derk bekeek zijn werk zakelijk, en kon de heftigheid die zaken vaak met zich meebrengen goed van zich afzetten’, zegt Micha Jonge Vos. Zo stond Wiersum soms ook verdachten van zedenzaken bij, zegt de oud-kantoorgenoot. ‘Niet iedere advocaat wil zulke zaken doen. Maar hij bekeek het zuiver vanuit een juridische blik.’

Onder rechters had Wiersum de ­reputatie dat als híj aan het woord was, ze als vanzelf rechtop gingen zitten. ‘En dat doe je zeker niet bij elke advocaat’, zegt raadsheer Wery. ‘Hij was niet de man van het theater, de weidse armgebaren, de trucjes of de hoge toon. Hij was ook geen mooiprater, hij praatte niet iets goed wat niet goed te praten is. Wat hij wel deed, was laten zien dat je ook anders naar een zaak kunt kijken, en hij schetste een breder beeld van de verdachte.’

Een van zijn specialisaties was overleveringsrecht, een relatief nieuw rechtsgebied dat draait om de overlevering van verdachten en veroordeelden binnen de EU. In zo’n zaak mocht hij op zijn 34ste pleiten bij de Grote Kamer van het Europees Hof in Luxemburg. ‘Dat werd een kantooruitje’, zegt Jonge Vos. ‘Het was een eer.’ En Derk won, zegt Robert Malewicz die samen met Wiersum in een jurisprudentie-clubje zat. ‘Het was technisch een ingewikkelde overleveringszaak, en de gemiddelde advocaat zou hebben gezegd: ja, doei, laat maar zitten.’

Zulke zaken vond Wiersum een uitdaging, zeggen zijn oud-collega’s. ‘Hij kon op de vierkante centimeter een juridische strijd voeren. En vervolgens intens genieten als hij gelijk kreeg, of verontwaardigd zijn als zijn argumenten terzijde werden geschoven’, zegt vriend en advocaat Jeroen Soeteman.

Voor Derk, zegt Jonge Vos, ‘was ­jurisprudentie wat Netflix is voor de ander. Derk las ook al die ondoorgrondelijke arresten van het Europese Hof, en dan kreeg je een samenvatting van hem. Ik kon hem altijd bellen met vragen, en als hij opnam zei hij vaak niet meer dan: ja, zeg het maar.’

‘Ik denk nog best vaak: oh, ik moet Derk even appen’, zegt jeugdvriend Hirsch – hij en Wiersum maakten er een sport van om elkaar citaten uit boeken te sturen. ‘Die citaten kende hij uit zijn hoofd. Hij was een enorme fan van Amerikaanse literatuur.’ Hirsch is dichter en schrijver en beschreef hun ‘hobby’ in zijn roman De Weinigen. In het boek vervult Wiersum onder de naam ‘Egge’ de rol van luisterende en adviserende vriend.

Hirsch zag zijn vriend op 22 augustus voor het laatst. Ze waren samen naar een begrafenis geweest. En Hirsch maakte zich zorgen over het werk dat Wiersum deed voor de kroongetuige. ‘Ik zei tegen hem: we hebben nu een vader van een vriendin begraven, het laatste wat ik wil, is ook nog een vriend begraven. Derk antwoordde: alles komt goed, maatje.’

Want, zegt Stapert, ‘er was geen enkele indicatie dat dit zou gebeuren.’ Op dinsdag 17 september, de avond voor de moord, zijn ze samen nog naar Ajax geweest. Stapert met een Ajax-sjaal om, Wiersum met een Ajax-pet met een subtiel logo. ‘Mijn sjaal vond hij totaal niet cool. En Derk was wel cool.’

Twee dagen eerder was Wiersum teruggekeerd uit Brazilië waar hij voor de stichting Dutch & Detained Nederlandse gevangenen had bezocht. ‘Hij was daar naar ook naar een voetbalwedstrijd geweest. Van Flamengo, daar was hij vol van.’

Tijdens hun tocht van huis naar het stadion en weer terug, waren er scootertjes, fietsers en auto’s. ‘We zijn altijd wel alert. Maar er was niets opvallends. Geen onverwachte dingen, geen mensen die op een rare manier naar je kijken.’ Het was, zegt Stapert, ‘gewoon een hele leuke avond.’

Een bloemenzee bij het kantoor van advocaat Derk Wiersum.Beeld EPA

‘Eén van ons is vermoord’

Tientallen advocaten, rechters en aanklagers verzamelden zich in oktober in de Rode Hoed om Derk Wiersum te herdenken. ‘We voelen de dreiging. Wat betekent dit voor ons?’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden