Alles is kunst

De spectaculaire interieurs van de vele art-nouveauhuizen in Brussel - ooit de Europese hoofdstad van de stijl - zijn maar eens in de twee jaar te bekijken. Volgende maand is het zover.

'Rugzakken en handtassen in de vestiaire. Plastic beschermhoesjes rond de schoenen. Niets aanraken, niets fotograferen. Ja, u mag een pen en notitieblokje meenemen, maar let op dat uw pen nergens tegenaan zit. Sorry dat ik zo streng moet zijn, maar het is allemaal erg kwetsbaar.'


De gids is zenuwachtig. Hij moet een groep van twintig personen rondleiden in een huis waar alles kunst is. De elegante muurschilderingen, de koepels van gekleurd glas en het fijne houtsnijwerk zijn kunstwerken, maar ook de tapijten waarover we lopen, de trapleuningen die we vasthouden en de stoel waarop we zouden willen (maar niet mogen) zitten.


Alles is kunst, en alles is extreem kostbaar. Liefst van al zou de eigenaar, een rijke antiquair, hier geen bezoekers binnenlaten. Anderzijds wil hij de schoonheid ook delen. Dus laat hij mondjesmaat geïnteresseerden toe, onder strenge voorwaarden en voor hoge toegangsprijzen. Een groepsbezoek kost 800 euro per uur. Volgens de gids is dat geenszins kostendekkend.


'Ziet u die stoel, daar achter u?', wijst hij. 'Die kost 50.000 euro en daarvan staan er driehonderd in dit huis. U mag zelf de rekening maken.'


We zijn in het Solvayhuis in Brussel, een van de weelderigste en best bewaarde art-nouveauhuizen van de Belgische hoofdstad. De befaamde architect Victor Horta kreeg hier een onbeperkt budget en dat is te merken. Als de twintig bezoekers de trap oplopen, slaken ze kreetjes van verrukking. Op de eerste etage ontvouwt zich een interieur als een totaalspektakel. Je komt ogen tekort.


Ooit telde Brussel meer dan vijfduizend gebouwen in deze art-nouveaustijl. Ze maakten van de straat een openluchtmuseum vol bijzondere gevels: kleurrijk tussen grijs, frivool tussen hoekig, uniek tussen monotoon. Ze gaven Brussel de reputatie van Europese hoofdstad van de art-nouveau.


Een eeuw later zijn er nauwelijks vijfhonderd huizen over, en daarvan zijn er slechts een paar - zoals het Hortamuseum, het warenhuis Waucquez en Old England - toegankelijk voor publiek. De meeste art-nouveaupanden zijn opgekocht en gerestaureerd door vermogende kunstliefhebbers. Die beschermen hun bijzondere privéhuis als een archivaris zijn fragielste blaadje papier.


Alleen in de oktobermaand van oneven jaren - zoals volgende maand - zetten ook zij de deuren open. Dan is het in Brussel Art Nouveau en Art Deco Biënnale en zijn zo'n honderd unieke gebouwen te bezoeken. Waaronder heel wat privéhuizen, zoals het Hotel Max Hallet of het Maison Ciamberlani, die anders gesloten bolwerken zijn.


'De Biënnale is voor ons heel lastig: in één weekend komen er vijfhonderd mensen in je huis', zegt Delphine Dumont-Laforge, die met haar echtgenoot en vijf kinderen in het Ciamberlanihuis woont. De familie kocht het huis in 2004, zonder goed te beseffen waaraan ze begonnen. Het immense gebouw, dat architect Paul Hankar in 1897 bouwde voor de schilder Albert Ciamberlani, is een beschermd monument.


'Gelukkig houd ik van een uitdaging', lacht Dumont-Laforge. Samen met de Brusselse erfgoeddienst en een team specialisten werkte ze vijf jaar aan de restauratie. Het resultaat is een architecturaal pareltje, met een intens mooie gevel. De onderste etages verhuurt ze voor bedrijfsevenementen en recepties, de bovenste etages zijn de privévertrekken, die slechts bij uitzondering toegankelijk zijn.


Het is bijzonder om er toch een kijkje te mogen nemen. Niet alleen om de twee ronde ramen met dungeslepen glas en om het elegant geschilderde fries, twee typische art-nouveau-elementen. Maar ook om te zien hoe een historisch pand een nieuw leven kan krijgen. De moderne designmeubels en de nieuwe keuken van de familie passen hier wonderwel. Dit is art-nouveau, maar ook gewoon gezellig.


'Ik zou mijn huis niet elke zaterdag kunnen openstellen', zegt Delphine Dumont-Laforge. 'De kinderen houden er niet van. Ze moeten alles netjes opruimen, het moet er onberispelijk uitzien. Maar dat is de prijs die we betalen om in zo'n buitengewoon huis te wonen. Ons huis maakt deel uit van het Brusselse erfgoed, en dat moeten we delen.'


OPENDEURDAG EN RONDLEIDINGEN

Biënnale

opendeurdag en rondleidingen tijdens vier weekeinden van oktober. Elk weekeinde zijn andere huizen te bezoeken. Kaarten en reserveringen op biennale-art-nouveau.be (20 euro per weekend / 55 euro voor 4 weekends). Opgelet: sommige huizen, zoals het Solvayhuis, zijn snel uitverkocht.


Het hele jaar open voor publiek

Hortamuseum (alleen in de middag, max. 45 personen tegelijk), warenhuis Waucquez (nu Stripmuseum), warenhuis Old England (nu Muziekinstrumenten Museum), Hannonhuis (nu fotogalerie), Autriquehuis (woensdag- tot zondagmiddag).


Art-nouveaurondleidingen, voiretdirebruxelles.be (in Frans en Engels), biedt ook uitzonderlijke interieurbezoeken met gespecialiseerde gids (90 euro p.p. voor drie huizen)


ART NOUVEAU?

Het eerste art-nouveauhuis werd in 1893 in Brussel gebouwd door de Belgische architect Victor Horta. In plaats van de toen populaire imitatiestijlen - neoklassiek, neobarok - gebruikte hij een gloednieuwe stijl. Het huis had zichtbare ijzeren steunbalken, tot dan toe alleen gebruikelijk in fabrieken. Horta installeerde ook elektriciteit, toiletten met stromend water en luchtventilatie. Voor die tijd was dat revolutionair.


De art-nouveauhuizen waren niet alleen technisch, maar ook esthetisch hoogstaand. Horta en zijn stijlgenoten installeerden grote ramen en koepels om overal licht binnen te laten. Ze lieten muurschilderingen aanbrengen, ontwierpen balkonrelingen van krullend ijzersmeedwerk en dreven houtbewerkers tot wanhoop met hun ronde kozijnen. In art-nouveauhuizen is nauwelijks een rechte lijn te vinden.


De huizen zijn bovendien gesamtkunstwerken. De architecten ontwierpen niet alleen het huis, maar lieten bijpassende meubels, tapijten en verlichting maken. Voor biljartfanaat Armand Solvay, eigenaar van het Solvayhuis, tekende Horta een stijlvolle pooltafel met een set keus. De architect paste zelfs het bestek van zijn opdrachtgevers aan hun huis aan.


Dat oog voor detail en het persoonlijke maatwerk bleken na de Eerste Wereldoorlog een nadeel. In economisch moeilijke tijden waren de rijk versierde huizen veel te duur in onderhoud. Duizenden prachtige huizen werden afgebroken om plaats te maken voor goedkopere en modernere panden. De meeste art-nouveaugebouwen hebben nu monumentenstatus.


DURE FOTO'S

Met foto's van art-nouveauhuizen kun je maar beter opletten. Op de afbeelding ervan rust een auteursrecht tot zeventig jaar na de dood van de architect. Vooral de erfgenamen van Victor Horta, die in 2017 zeventig jaar gestorven zal zijn, staan erom bekend dat auteursrecht uit te oefenen. Binnen in de huizen is het simpelweg verboden te fotograferen. Wie - bewust of onbewust - een foto van een beschermde gevel op zijn weblog of Facebookpagina plaatst, riskeert een flinke boete. 'Voor de Belgische wet kunt u zich niet verweren met het argument dat u het niet wist', aldus de gids in het Solvayhuis. Wie toch een foto wil verspreiden, moet vooraf de auteursrechten afkopen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden