Alles in het teken van die ene race

Hoeveel stempels zijn er al niet op hem gedrukt? Van 'supertalent' naar 'type Vergeer' tot 'geweldenaar op de mijl'. Maar de realiteit is dat Martin Hersman (27) na bijna een decennium aan het internationale schaatsfront nog zonder titel is....

ZO HAD hij het zelf nog niet bekeken. 'Ik ben tevreden met mijn carrière tot dusver. Trots zelfs. De verwachtingen die trainers over mij hebben uitgesproken heb ik nooit als druk gevoeld. Ik heb alle toppers op de 1500 meter één of meerdere keren verslagen; ik twijfel niet aan mijn capaciteiten. Wat voor resultaat moet je dan boeken om een belofte in te lossen? Een internationale titel? Oké, die heb ik niet.

'Het is dit jaar d'r op d'r onder, dat is waar. Ik zet nog één keer alles op de 1500 meter, terug naar mijn basis. Zit ik dan straks niet bij de top, dan houd ik ermee op. Dan probeer ik maatschappelijk een carrière op te bouwen. Daar hecht ik ook waarde aan. En of ik dan het maximale uit het schaatsen heb gehaald... Ik heb mijn best gedaan het maximale eruit te halen, dáár gaat het om.

'Blessures? Die horen erbij, dat mogen nooit excuses worden. Vanzelfsprekend heeft zijn vorige olympische missie (toen een maaginfectie hem zes kilo lichter en kansloos maakte) een litteken nagelaten, maar de liefde voor het ijs bleek altijd groter. Trouwens: een schaatser heeft tegenwoordig genoeg redenen om zijn loopbaan te verlengen: alles is indoor, de klapschaats blijft een mysterie, en er is geld.

'Leg de uitslagen van de Olympische Spelen van '94 en nu maar eens naast elkaar; dan zie je nog veel dezelfde namen. Vroeger werd het peloton om de vier jaar grotendeels ververst, nu rijden er genoeg dertigplussers in de top. Door de klapschaats is de top voor meer mensen bereikbaar geworden, dat is een grote stimulans. En omdat er nu behoorlijk geld te verdienen valt, is het ook maatschappelijk te verantwoorden om langer te blijven schaatsen.

'Het valt me op dat veel oud-topsporters na hun carrière met frustraties blijven rondlopen. ''Als dit, als dat. Die was tegen me, daar had ik pech.'' Zo wil ik niet worden, zo zal ik niet worden. Veel oud-sporters lopen rond met het idee dat ze beter waren dan de statistieken uitwijzen. Allemaal excuses, die tellen niet. Als je tien jaar aan topsport hebt gedaan, ben je zo goed als de lijstjes aantonen.'

In één zin.

'Ik ben geen Koss.'

Maar verwachtingen waren er wel, van jongsaf aan al. Samen met Romme en Straathof vormde hij de voorhoede van een gouden Haagse lichting, waarbij gewestelijk trainer Wim den Elsen hem de fraaiste toekomst toedichtte. Een ras-technicus met de coördinatie van een balletdanser, aldus Den Elsen. Complimenten die zelfs Martin Hersman kunnen doen zwijgen, ook nu nog. Maar van dat gouden trio is uitgerekend hij degene die (nog) geen wereldtitel op zijn naam heeft.

Dan: 'Ik heb het in me. Maar ik heb nog niet het geluk gehad dat alles klopt op die ene dag dat het er ook écht om gaat.'

Type Vergeer, ook zo'n predikaat: het pure talent van de middenafstand met het vermogen zijn klasse uit te bouwen naar de lange afstanden. Den Elsen zei het al, Gemser herhaalde het en Kuiper, onder wiens vleugels hij in 1998 bij Sanex (later TVM) kwam, was eveneens overtuigd dat in Hersman een allrounder van internationaal aanzien schuil ging. Vorig seizoen kwam Hersman tot de ontdekking dat Vergeers erfenis één stap te ver is voor hem. 'Even slikken en weer verder.

'Op zich was die vergelijking met Vergeer wel terecht. Zo heb ik het zelf ook altijd gevoeld en als drie grote trainers je ook nog in die gedachte sterken, dan móet je het wel proberen. Trouwens, bij alle internationale allround-toernooien die ik heb gereden stond ik na drie afstanden in de top-drie. Dat zegt toch iets. Pas na de tien kilometer kukelde ik van het podium. Het is net dat laatste beetje. Misschien heb ik gewoon de tijd niet mee.

'Het eerste seizoen bij Sanex waren we op de goede weg: ik reed het EK en WK, zesde en zevende. Het seizoen daarna kreeg ik eerst last van een rugblessure en vervolgens kreeg ik nog een infectie aan de luchtwegen. Pech, pure pech. Vorig seizoen begonnen we met het idee om gewoon de lijn door te trekken; we wilden dat laatste stapje maken. In de trainingen lag het accent op de lange afstanden. Dat is me opgebroken.

'Het is mijn eigen schuld en het is de schuld van het hele team. We waren te geobsedeerd door Romme. Hij had op het WK allround in 2000 iedereen vernederd, inclusief Ritsma. Natuurlijk werkte dat door in onze ploeg. We wilden dat verschil goedmaken. Als team zijn we doorgeslagen in omvang-training. Ik heb die zomer meer uren gemaakt dan ooit, maar het waren geen efficiënte uren. Ik had zesduizend kilometer gefietst, zes-dui-zend! Ritsma kon dat aan, ik niet.

'Tijdens testen in januari dit jaar bleek dat mijn energie-systemen totaal uit balans waren. Ik had de conditie voor een Elfstedentocht, maar alle explosiviteit en timing was weg. Nee, ik beschouw het niet als verloren jaren. Na de Olympische Spelen van '98 heb ik me heel bewust op dat allrounden gestort. Dát heeft in Nederland aanzien, dát was de uitdaging. Het is beter spijt te hebben van iets dat je geprobeerd hebt, dan van iets dat je niet geprobeerd hebt.

'Na die tests zijn we gaan evalueren. Kritisch naar jezelf kijken, daar heb ik geen moeite mee. De top als allrounder? Het zat er niet in, hard maar waar. Nu de blik naar voren: wat kan ik wel, wat kan ik niet.'

Sindsdien doet Martin Hersman weer waarvoor hij werd geboren: de 1500 meter rijden. Met Jac Orie als persoonlijk trainer, net als hij iemand die uren kan filosoferen, cijferen en oreren over de ins en outs van een race. 'Voel ik me prettig bij.' Dat miste Hersman bij Kuiper en Ritsma weleens. 'Goeie kerels, maar noorderlingen hè. Na een half uur zeggen ze: nou even je kop houden.'

En of het weer loopt! 'Ik ben beter dan ooit. Alle testen wijzen het uit. Die race in Innsbruck afgelopen weekeinde was misschien wel mijn beste World Cup-wedstrijd ooit; misschien wel mijn beste race ooit. Van de laatste zes ritten, waarin bijna alle toppers zaten, was ik de snelste, een seconde sneller dan nummer twee. S ndrål en Molicki waren sneller dan ik, maar die twee reden eerder op de middag in betere omstandigheden.

'Begrijp me goed: aan die prestatie van S ndrål doe ik niets af. Ongelooflijk wat hij kan. Drie weken na een knie-operatie zo perfect rijden, dat is heel knap. Maar het verandert niets aan de situatie met betrekking tot de Olympische Spelen. Hij was al de grote favoriet en dat heeft hij afgelopen weekeinde bevestigd. Maar ik ben niet bang voor hem. Kijk, van S ndrål weet je dat hij straks hard gaat. Maar van types als Kibalko of Parra vrees je dat ze straks hard gaan. Die kunnen je verrassen.'

Anderzijds: waarom zou Martin Hersman straks niet op de bovenste tree kunnen staan? De suggestie dat tijdens zijn avontuur als allrounder de specialisten een onoverbrugbare voorsprong hebben genomen, wuift hij weg. Die ervaringen uit de afgelopen jaren stellen hem juist in staat deze winter minutieus zijn trainingsroute te plannen. 'Ik heb mijn lichaam heel goed leren kennen. Dat heeft me mentaal ook sterker gemaakt.

'Wie straks het goud wil pakken, moet een wereldrecord rijden. 1.44,6 Lijkt mij een aardige indicatie. De vraag is wie daar mentaal klaar voor is? Weet je wat mij zo verbaast aan S ndrål? Dat hij niet al een keer 1.44 heeft gereden. Had hij allang gekund, dat weet iedereen. Maar waarom doet hij het niet? Is hij bang voor die hele snelle opening waardoor hij misschien de kracht tekort komt voor het slot? Durft hij zijn tactiek nog niet aan te passen? Straks moet het.

'Wij zijn daar heel intensief mee bezig. De juiste tactiek uitvogelen: hoe bouw je de rondes op, hoe open je, waar moet je bij je tegenstander wegrijden? Het klinkt misschien alsof ik met mijn hoofd al in Salt Lake City ben, maar dat valt genoeg mee. Eerst de olympische kwalificatie-wedstrijd eind december in Heerenveen. Eigenlijk is die nog belangrijker. Alles valt of staat met die ene race. In feite is dat het wezen van topsport. Daar doe ik het voor.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden