Alles gaat z'n gangetje

Bijna 40 procent van de ouderen in Amsterdam woont alleen thuis. Kinderen en buren houden soms een oogje in het zeil, en bij hoogbejaarden in de binnenstad komt de geriater van de Riagg op bezoek....

ZE ZIET eruit als een oud geworden hockeymeisje en reageert blij verrast op het bezoek. 'Dat is nou toevallig, ik sta net op het punt om naar Artis te gaan.' Giechelend staat ze met de knop van haar huisdeur in de hand. 'Komt dat even goed uit', zegt geriater Muck ter Stege. Een half uur eerder heeft ze opgebeld om te vragen of het schikte als zij, 'dokter Ter Stege van de Riagg', zo direct even langskwam. Als specialist in ouderdomsziekten is ze eraan gewend dat veel patiënten de afspraak onmiddellijk weer vergeten. 'Komt u binnen', zegt de rijzige dame met het ondeugende meisjesgezicht en ze gaat ons voor naar de trap. Op de glazen tochtdeur in de gang van het grachtenhuis is een briefje geplakt: 'Elisa, wij zijn de nieuwe bewoners: Rob, Angela en Timmie. We wonen hier sinds januari. We hebben al kennis gemaakt.'

Op haar antiek gemeubileerde etage verontschuldigt ze zich voor de stapels kranten en tijdschriften die we moeten optillen voor we kunnen plaatsnemen. Ter Stege zegt dat het een mooie kamer is en wijst vervolgens op een lichte plek op het behang. 'Daar hing vorige keer een schilderij. Heeft u dat weggedaan?' De dame kijkt verbaasd naar het lichte vierkant. 'Dat weet ik niet hoor. Nou ja, weg is weg.'

Op een ander adres treffen we dezelfde dag een 90-jarige in een kale woning, waar alleen nog de hoogst noodzakelijke meubels in staan - maar dat is haar eigen keuze, weet Ter Stege. 'Op zich is er niets tegen als iemand die oud is geleidelijk alle waardevolle spullen weggeeft aan de kinderen of andere naasten. Als het maar niet onder dwang is. Om de situatie te kunnen beoordelen, is het van belang dat wij ook de naaste omgeving leren kennen.'

Met 'wij' bedoelt de geriater de huisarts, de sociaal-psychiatrisch verpleegkundige en zichzelf. 'Om een goed beeld te krijgen van iemand die aan het dementeren is, moet je weten hoe hij of zij vroeger was. Dat kom je te weten door gesprekken met de partner, de kinderen of soms ook de buren. Oude mensen wonen vaak tientallen jaren in hetzelfde huis, met dezelfde buren. Als er geen familie is, kunnen die soms heel waardevolle informatie geven.'

Over de dame die zelfstandig een etage in een grachtenhuis bewoont en haar dagen slijt in de dierentuin, weet Ter Stege dat zij haar hele leven al enigszins een buitenbeentje was. Een paar jaar geleden vroegen familieleden hulp aan de Riagg omdat ze zich zorgen maakten over het steeds ondoorgrondelijker gedrag van de eigenzinnige Elisa. Zij was begin 70, zou er sprake kunnen zijn van dementeren?

Met haar ingesleten goede manieren, rijke woordkeus, blauwe blazers en Schotse rokken leek de gepensioneerde lerares op het eerste gezicht een onafhankelijke dame met wie niets aan de hand is. Maar de diagnose van geriater Ter Stege bevestigde het vermoeden van de familie. Sindsdien komt ze om de paar maanden poolshoogte nemen om te zien of Elisa het zelfstandig wonen nog aankan.

'Ik weet eigenlijk niet waarom ik er zo'n rommeltje van maak', zegt ze, als we de stapels papier van de stoelen verwijderd hebben. 'Dat komt misschien omdat u wat vergeetachtig bent geworden?', suggereert Ter Stege. 'Ik ben altijd al vergeetachtig geweest' zegt ze gedecideerd. 'Hoe vindt u dat?' Elisa giechelt. 'Wel grappig', zegt ze. 'Laten we eens wat proberen: welke dag is het? 'Het antwoord - 'maandag' - is goed. 'En welke maand?' Een wegwuivend gebaar: 'Ja, toe nou zeg. Januari?' 'Nee', zegt Ter Stege, 'in januari is het nog echt koud buiten. En u ging toch wandelen in Artis?' 'Ik ga altijd naar Artis. Desnoods zet ik een ijsmuts op. In dit huis gebeurt niet zoveel, wat betreft menselijk contact. In Artis ben ik kind aan huis. Ik heb daar ook dieren die naar mij toe komen. Die kennen mij.'

'Eet u ook in Artis?', vraagt Ter Stege. 'Ja. Alles wat ik eet wordt bereid door Artis, kun je wel zeggen.' 'En 's avonds, als Artis dicht gaat, wat doet u dan?' Elisa beantwoordt de vraag met een wedervraag: 'Ja hoor eens. . . wat doet ú 's avonds?' 'Ik ga eten koken. En daarna vaak lezen. Kookt u weleens eten?' 'Nee, dat doe ik niet. Wat aardig dat u langskomt. Alleen het praatje al. Komt u speciaal voor mij?'

'Ja. Ik kom kijken of u goed voor uzelf zorgt.' 'Dat doen ze in Artis', zegt Elisa en leunt glimlachend achterover. Haar gezicht vertrekt: 'Au, die pijn is er nog. Ik heb een reuze smak gemaakt, hier vlakbij op de brug. Nou ja, ik ben toch in Artis gekomen.' Ter Stege legt een hand op Elisa's knie, waar de donkerblauwe kous onopvallend gerepareerd is. 'U heeft geen tinteling in uw voeten?' 'Nee hoor, ik mankeer niks.' 'U kunt goed zitten?' 'Ja. Ik ben alleen maar op m'n knie gevallen. Dus u komt kijken of ik nog leef? En of ik niet te veel naar Artis ga?'

Ter Stege: 'U mag zo vaak naar Artis gaan als u wil. Als u er maar eet. Wat eet u? Yoghurt? Ook wel groente en een stukje vlees?' Verbaasde blik. 'Nee, dat is te veel gevraagd. Misschien, als ze het overhouden van de dieren, dat ik dan ook een lapje vlees krijg.'

Ter Stege blijft ernstig kijken. 'Wat dan wel?' 'O, allerlei kleine hapjes. Prettige gerechten. Geen onzindingen.' De geriater is overtuigd. 'U leeft, alles gaat z'n gangetje. Dan gaan we zo maar door.'

Eén keer is Ter Stege bij Elisa in de ijskast gaan kijken, vertelt ze later. 'Toen werd ze heel erg kwaad. Ik ben er geen strijd over aangegaan, maar heb wel voor elkaar gekregen dat ze bloed liet prikken. Dat was goed. Geen ijzertekort of zo. Dus blijkbaar eet ze toch goed.'

Onder het motto: 'U wil toch thuis blijven wonen en lekker lang gezond blijven?', weet de geriater de meeste mensen te overreden van tijd tot tijd een dag naar het ziekenhuis te gaan, voor een screening. 'Zo'n dagkliniek is heel efficiënt. Dan heb je tenminste weer een beeld. 30 Tot 40 procent van de ouderen in Amsterdam woont alleen, zonder partner. De mantelzorg, van kinderen en buren, gaat razendsnel achteruit omdat de meeste vrouwen nu buitenshuis werken.'

Als ouderenspecialist moet je minimaal één keer in de drie maanden op bezoek, anders heeft het geen zin, vindt Ter Stege. 'Bij de Riaggs zijn de meningen daarover verdeeld. Moet je dementerenden in zorg houden of kom je alleen als het fout gaat? Ik vind dat je dementerenden moet blijven volgen, want het gaat altijd achteruit. Als deskundige herken je het omslagpunt in het proces en kun je soms ongelukken voorkomen.'

Huisarts Fenneke Voorsluis-Spanhoff, een van de artsen die al vele jaren met Ter Stege samenwerkt, vindt het een absurde ontwikkeling dat de specialisten van de geestelijke gezondheidszorg alleen bij oude mensen komen als het dementeringsproces al ver gevorderd is.

Sinds een paar jaar zijn er overal in Nederland onafhankelijke indicatie-commissies ingesteld die moeten vaststellen of iemand in aanmerking komt voor opname in een verzorgingshuis of verpleeghuis, maar de wachtlijsten zijn er niet korter door geworden. Integendeel: huisartsen zijn eerder geneigd een patiënt al maar vast op te geven omdat de onafhankelijke commissie vaak vertragend werkt.

Voorsluis-Spanhoff: 'De meeste oude mensen willen absoluut niet weg uit hun eigen omgeving, dus als er een vreemde dokter komt kijken, doen ze zich zo goed mogelijk voor. Als zo iemand dan een lichte beroerte krijgt, moet je als huisarts god weet hoeveel ziekenhuizen bellen om hem opgenomen te krijgen. De ziekenhuizen zijn bang om te blijven zitten met verwarde oude mensen, voor wie geen plek is in een tehuis en die ook niet meer terug kunnen naar hun eigen woning.'

De huisartsen, benoemd tot 'poortwachter' voor de zorg, stuiten overal op wachtlijsten. Voorsluis-Spanhoff: 'Juist bij oude mensen moet je een beeld hebben van de totale situatie, lichamelijk, geestelijk en sociaal. Je moet ze in hun eigen omgeving zien en je moet de tijd hebben om uitgebreid met hen te praten. Zeker als het gaat om een diagnose over een dementeringsproces. Wij hebben daar als huisarts niet de tijd voor. En we hebben ook onvoldoende kennis in huis.'

Een huisarts kan verwijzen naar een ouderenpsychiater bij de Riagg. Maar voor verwarde oude mensen is dat vaak een te grote stap. De sociaal-geriater, een in ouderdomsziekten gespecialiseerde arts op wie de huisarts kan terugvallen, is volgens haar veel efficiënter.

Voorbeelden te over, in haar doorsnee-Amsterdamse praktijk. De dingen die onmogelijk lijken, zijn soms heel eenvoudig op te lossen. En omgekeerd. Een 101-jarige vrouw die zelfstandig woont op een zolderverdieping, vier steile trappen op: geen probleem. De beminnelijke heer van in de 70 die drie keer per dag zijn hond uitlaat: wel een probleem. Na de dood van zijn vrouw hoort hij stemmen en krijgt hij geheimzinnige opdrachten. Junks maken misbruik van zijn gastvrijheid. Pas kwam hij op de eerste hulp terecht omdat hij in zijn eigen huis in elkaar geslagen was. Hij moet overtuigd worden dat hij een medicijn moet slikken om zijn wereld weer onder controle te krijgen.

Bij de 101-jarige komt drie keer per dag iemand van de thuiszorg. Via een logboek berichten ze elkaar of mevrouw vandaag wel of niet gewassen wilde worden en welke boodschappen er gedaan zijn. 'Dit is voor ons een leuk adres', zegt het Surinaamse meisje dat we bij haar aantreffen. 'Soms hoor je haar zingen als je de trap op komt. Dan zit ze voor de televisie en zingt mee.'

Mevrouw heeft geen moeite met het aanvaarden van velerlei verzorging. Ze bracht een groot deel van haar leven door in voormalig Nederlandsch-Indië. 'Wat deed u toen u in Indië woonde?', vroeg Ter Stege toen ze voor het eerst bij haar kwam. 'Niets', zei de hoogbejaarde vrolijk. De familie heeft gezorgd dat er een brandmelder kwam, nadat mevrouw een smeulende stoel met kleren die te dicht bij de kachel stond, op het platte dak gooide.

Ter Stege heeft de buren gerustgesteld: 'De meeste branden in de stad ontstaan door jonge mensen die in bed roken. Als u studenten boven u krijgt, loopt u een groter risico.' Buren en thuishulp weten dat de geriater voldoende macht heeft om een snelle opname te regelen zodra het niet meer kan.

Ter Stege gaat over twee weken met vervroegd pensioen. Zij is trots dat zij bij haar Riagg, dat sinds kort gefuseerd is met andere instellingen en nu Mentrum heet, geen wachtlijst achterlaat. Zij wordt niet opgevolgd. 'Onbegrijpelijk', zegt de huisarts.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden