Alleen Sudan vaart wel bij oorlog Oost-Afrika

Het begon met ruzie over een gebied van zand en keien. Ethiopië en Eritrea vochten om een betwiste grensstrook; de wereld keek verbaasd en van een afstand toe....

Van onze correspondent Kees Broere

'Dit gebied is als kokende melk', zegt Haile Kiros, een woordvoerder van de Ethiopische regering in de hoofdstad Addis Abeba. 'Je weet nog niet wat het zal worden: boter, yoghurt, kaas? Het borrelt, het gist. Het kan alle kanten opgaan.'

De komende jaren, zo menen deskundigen, zal van 'afkoeling' in elk geval geen sprake zijn.

De oorlog tussen Ethiopië en Eritrea is nog altijd onbeslist. 'Toch is er al een grote winnaar', meent een westers diplomaat: 'Sudan.' Voor het Westen geldt de Sudanese regering als een steunpilaar van internationaal terrorisme. De strijd tegen de islamitische regering in Khartoem wordt voor een deel gevoerd via hulp aan christelijke rebellen in Zuid-Sudan. Ethiopië en Eritrea steunden die rebellen.

Met het conflict tussen de twee landen is aan die hulp een einde gekomen. Eritrea en Sudan tekenden deze maand een zogeheten verzoeningsovereenkomst. Na vijf jaar onenigheid zijn de diplomatieke banden hersteld en beloven beide landen een einde te maken aan de steun voor oppositiegroepen aan weerskanten van de grens.

Ethiopië bleef niet achter. Nog geen week na de overeenkomst tussen Sudan en Eritrea trof de Ethiopische premier Meles Zenawi de Sudanese president Omar al-Bashir. En deze maand vloog Zenawi ook naar Libië, het land dat reeds goede betrekkingen onderhield met Eritrea en dat in de ogen van veel westerse landen al even verdacht is als Sudan.

Waar Sudan de grote winnaar is, zijn de Verenigde Staten de grote verliezer. Meles Zenawi en de Eritrese president Isayas Afewerki golden voor Washington als de herauten van democratisering en 'goed bestuur' in Afrika. Met de relatief jonge leiders werd in het continent ook de aloude Engelstalige en geopolitieke 'as van Caïro tot Kaapstad' nieuw leven ingeblazen.

De vreugde hierover bleek van korte duur. 'Wij zijn teleurgesteld in de VS', zegt de Ethiopische regeringswoordvoerder Kiros, 'zij weigeren de agressie van Eritrea te veroordelen.' In Eritrea zelf kreeg de Amerikaanse onderminister van Buitenlandse Zaken, Susan Rice, pure beledigingen naar het hoofd geslingerd toen zij poogde president Afewerki op vredelievender gedachten te brengen.

De 'kokende melk' in de Hoorn van Afrika stroomt ook over naar andere gebieden. Ethiopië was voor zijn verbinding naar de Rode Zee afhankelijk van havens in Eritrea. De oorlog maakte hieraan een einde. Onlangs bombardeerden Ethiopische vliegtuigen zelfs de Eritrese havenstad Massawa. De verbinding naar zee loopt nu via buurland Djibouti.

En dat tot vreugde van Frankrijk, de vroegere koloniale heerser in Djibouti, die elke breuk in de as Caïro-Kaapstad opvat als een versteviging van de 'eigen' as Djibouti-Dakar. Niet toevallig is dezer dagen Frankrijk een van de belangrijkste wapenleveranciers van Ethiopië, naast een land als China, dat ook al niet geldt als de trouwste bondgenoot van de VS in Afrika en daarbuiten.

Al even zorgelijk voor de VS is de steun die Eritrea heet te geven aan een van de krijgsheren in Somalië, Hussein Aideed. Begin deze maand zouden vanuit Eritrea niet alleen 700 Ethiopische rebellen tegen het bewind in Addis Ababa naar de Somalische havenstad Merca zijn verscheept, maar ook wapens en manschappen voor Aideed. Ethiopië steunt andere krijgsheren.

Osama bin Laden, de Arabische terrorist die door de Amerikanen wordt verdacht van de bomaanslagen vorig jaar in de Oost-Afrikaanse hoofdsteden Nairobi en Dar-es-Salaam, houdt zich tegenwoordig mogelijk in Somalië schuil. 'We hebben een open grens', zo zei Hussein Aideed onlangs, zonder het gerucht over Bin Laden te bevestigen of te ontkennen.

Ook de Arabische wereld en Israël volgen de ontwikkelingen in de Hoorn met grote belangstelling. Zo is Egypte bezorgd over Ethiopische plannen voor de bouw van dammen in de Blauwe Nijl. Israël, bondgenoot van de VS, ziet op zijn beurt Eritrea niet graag uit de westerse invloedssfeer verdwijnen omdat het voor de Eritrese kust zou beschikken over een bevoorradingsplaats voor onderzeeërs in de Rode Zee.

Westerse landen zonder strategische belangen in de Hoorn dreigen Ethiopië en Eritrea met bevriezing van de ontwikkelingsgelden als zij de oorlog voortzetten. Minister Herfkens van Ontwikkelingssamenwerking bijvoorbeeld heeft het tweetal nu op haar voorkeurslijst van negentien landen staan. Het is de vraag of dat na het Kamerdebat in juni nog zo zal zijn. Duitsland schortte de hulp reeds op. Andere landen overwegen vergelijkbare stappen.

John Bosley, een Canadese adviseur van de Ethiopische regering in Addis Abeba, meent dat stopzetting van hulp de situatie in de regio enkel zal verslechteren. 'Dit is de Hoorn van Afrika. Dit is geen vreedzaam gebied. Als je hier de komende vijftien jaar ontwikkeling wil brengen, moet je rekening houden met instabiele grenzen, militaire conflicten, enzovoort.'

Volgens Bosley is het 'onzin te denken dat je een tik kunt uitdelen door de hulp te bevriezen. Wie dat doet, brengt de landen in de Hoorn geen stap dichter bij vrede.' Sam Ibok, hoofd Conflictbeheer van de Organisatie van Afrikaanse Eenheid, ziet de komende jaren sowieso een verslechtering van de situatie. 'Dit is een uiterst instabiele regio. Voor het beter wordt, zal het nog veel slechter worden.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden