ReportageDebat lerarentekort

Alleen geld lost het lerarentekort niet op. Maar het helpt wel

Minister Slob eind januari in gesprek met leerlingen op basisschool De Schatgraver in Zwolle. Tijdens de nationale lerarenstaking bezocht de minister meerdere scholen om werknemers te spreken over het personeelstekort en de werkdruk. Beeld ANP

In een zes uur durend debat ging het in de Kamer woensdag over het lerarentekort. Het geduld raakt op, zo bleek, zowel bij oppositie als coalitie.

Dat het oplossen van het lerarentekort een zaak is van de lange adem, is het afgelopen jaar wel duidelijk geworden. Dat er op korte termijn iets aan wordt gedaan, is de boodschap waarmee de beide bewindslieden van Onderwijs woensdag opnieuw naar de Tweede Kamer zijn gekomen. In een zes uur durend debat tonen Kamerleden van zowel oppositie als coalitie zich ongeduldig. Maar ze beseffen ook dat voor het huidige tekort al jaren geleden werd gewaarschuwd. Tot politieke actie leidde dat niet.

Hoe groot het tekort precies is, weet niemand. Leerkracht Eddy Erkelens, in het debat regelmatig aangehaald, houdt in zijn vrije tijd een website bij: www.lerarentekortisnu.nl, die inmiddels door het ministerie is overgenomen en volgende maand betrouwbare cijfers moet geven. Gangbare schattingen spreken van een tekort van 2.300 nu naar ongeveer 6 duizend in 2024, maar er zijn ook hogere cijfers. Veel vacatures blijven verborgen, doordat scholen intern inventieve oplossingen bedenken. Vaststaat dat de problemen in de grote steden het zwaarst zijn.

OPPOSITIE

Voor de oppositiepartijen GroenLinks, SP en PvdA is het zonneklaar dat het lerarentekort en de werkdruk het best kunnen worden bestreden met structureel extra geld. Ze zijn het eens met de PO Raad, de koepel in het primair onderwijs, dat de salarissen van leraren op basisscholen gelijk moeten worden getrokken met die van docenten op de middelbare school. Dat kost 600 miljoen euro per jaar, zou het beroep veel aantrekkelijker maken en de belangrijkste bijdrage zijn aan een oplossing voor de personeelstekorten.

Voor twee andere oppositiepartijen, PVV en SGP, is dat niet zonneklaar. ‘Het gaat bij de PvdA alleen maar om meer geld, om poen, poen, poen’, zegt PVV-Kamerlid Harm Beertema. ‘Maar met geld los je niet alles op. Dat zijn socialistische sprookjes. Bepalender is dat je als leraar geen zelfbewuste professional meer kunt zijn, omdat je jaar in, jaar uit door al die managers en bestuurders bedild wordt. Mensen worden dat helemaal zat.’ SGP-Kamerlid Roelof Bisschop valt hem bij: ‘Ik deel de analyse van collega Beertema dat bij de ruimte voor de professional voor de klas een groot knelpunt in het onderwijs zit.’

SP-Kamerlid Peter Kwint vindt dat het kabinet slechts aan ‘schadebeperking’ doet, terwijl er ‘geld in overvloed’ is. ‘Er is veel gebeurd en tegelijkertijd veel te weinig’, vindt Kirsten van den Hul (PvdA). ‘Het is niet genoeg’, beaamt Lisa Westerveld (GroenLinks), die zelf bij de Algemene Onderwijsbond heeft gewerkt. ‘Leraren staken niet zomaar. Ze zijn ongerust en boos.’

COALITIE

D66 is het als regeringspartij eens met de linkse oppositiepartijen dat er één cao moet komen voor basis- en voortgezet onderwijs. Het kabinet vindt dat iets voor een volgende kabinetsformatie. Maar D66-Kamerlid Paul van Meenen zegt dat de roep van de linkse partijen voor meer onderwijsgeld ‘helpt om onze strijd voort te zetten, ook in de coalitie’.

Dat schiet de coalitiegenoten in het verkeerde keelgat. ‘Ik neem afstand van de suggestie dat D66 de enige partij is in de coalitie die in onderwijs wil investeren’, zegt CDA-Kamerlid Harry van der Molen. ‘Het lot van het onderwijs ligt niet in handen van de heer Van Meenen. Dat is volstrekte onzin.’ Eppo Bruins (ChristenUnie): ‘Geld is niet het enige en het belangrijkste. Natuurlijk is de loonkloof een kwestie, maar het is ook van belang dat we niet met een negatieve blik naar dit mooie beroep kijken.’

VVD-Kamerlid Rudmer Heerema benadrukt de noodzaak van langer werken in het onderwijs. ‘Waarom begint iedere docent, ook in een eerste baan meteen na de pabo, met een deeltijdbaan? Waarom is dat vanaf dag 1 normaal?’ Daarnaast bepleit hij prestatiebeloning voor leraren die het goed doen, om ze blijvend aan het onderwijs te binden. Hij krijgt daar noch van coalitie, noch van oppositie veel bijval voor. ‘Als een bonus je drijfveer is, ga je maar in de financiële wereld werken’, zegt SGP’er Bisschop.

KABINET

Minister Arie Slob (ChristenUnie) is verantwoordelijk voor het basis- en voortgezet onderwijs en noemt zich een ‘positieve realist’. Realist, want: ‘De situatie is zorgelijk. U kent de krapte op de arbeidsmarkt, in de volle breedte. Die treft ook het onderwijs. Maar we werken er hard aan.’ Positief: hij vindt een loonsverhoging van 14 procent in het basisonderwijs een geweldige prestatie van het kabinet en wijst op de vele andere gelden die, zij het deels incidenteel, zijn vrijgemaakt.

En hij heeft een verrassing. Vijf grote steden (Amsterdam, Rotterdam, Den Haag, Utrecht en Almere) werken aan noodplannen en hebben die voor een deel al gepubliceerd. Slob heeft becijferd dat die grofweg 100 miljoen euro gaan kosten en hij zegt de Kamer toe dat hij dat geld gaat vinden. ‘Daar ga ik voor!’ Een paar weken geleden, bij de presentatie van de eerste drie steden, bleef hij nog steken bij 9 miljoen extra voor zij-instromers.

Verder wijst hij op initiatieven als de website www.onderwijsloket.com (‘voor al je vragen over werken in het onderwijs’) en de nieuwe imagocampagne ‘De baan van het leven’ – allemaal ‘heel mooie ontwikkelingen’.

Minister Ingrid van Engelshoven (D66) meldt dat de instroom op de pabo’s stijgt, met zowel voltijd- als deeltijdstudenten en zij-instromers. Zij halveert het zogenoemde ‘instellingscollegegeld’ (van 7.000 naar 3.500 euro) voor mensen die zich als tweede opleiding op de pabo willen laten omscholen tot basisschoolleraar. Ook doet zij een oproep aan schoolbesturen om pabo-studenten tijdens hun studie een vergoeding te geven als zij stage lopen op een basisschool. Gratis pabo’s, zoals SP’er Kwint oppert, vindt zij een brug te ver. ‘Niets is gratis.’

Lees verder

Eind januari presenteerden drie grote steden hun noodplannen voor het lerarentekort. Een van de ideeën is het onderwijs op vier dagen te concentreren en de vijfde dag te besteden aan muziek of sport, onder begeleiding van professionals uit die sectoren. U leest er hier meer over.

Zestien Amsterdamse basisscholen gingen in december een week dicht om na te denken over creatieve oplossingen voor het lerarentekort. Lees hier waar ze op uit kwamen.

En hier vindt u het debatverslag uit oktober vorig jaar, toen de Kamer ook al sprak over het lerarentekort. Dat was een dag nadat minister Van Engelshoven met koning Willem-Alexander op bezoek was geweest op de pabo in Amsterdam.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden