Alle latino's zijn apetrots

Haar moeder kwam uit Puerto Rico. Sonia Sotomayor zelf groeide op in de Bronx. Ze wordt rechter bij het Hooggerechtshof in Washington....

Sonia Sotomayor en Joe Torres groeiden allebei op in de Soundview-buurt in de Bronx, het rauwe stadsdeel van New York. De twee Puerto Ricanen vertrokken er zodra ze konden. Torres gebaart naar de bovengrondse metro, de met graffiti besmeurde vrachtwagentjes en de clusters mannen op de hoek: ‘Waarom zou je blijven?’

Sotomayor (55) werd rechter in Manhattan en treedt binnenkort aan bij het Hooggerechtshof in Washington. Torres (62) keerde tien jaar geleden terug naar zijn rommelige geboortewijk, na drie huwelijken en enkele loopbanen.

Zijn familierestaurant Joe’s Place aan Westchester Avenue zit elke dag vol. Lokale politici die ertoe doen, komen bij Joe eten. Ze bestellen zijn sublieme gebakken plantanen, een soort banaan, of de beroemde ‘groentensoep’, een recept van Torres’ moeder: kippenbouillon met hompen rund- en varkensvlees, met wat maïs voor de vorm. Ze drinken rum en tequila.

Hij kent haar niet hoor, maar Torres acht het niet ondenkbaar dat Sotomayor een keer langskomt. Het restaurant is een van de sociale centra op haar thuisbasis, de vrijwel volledig Puerto Ricaanse grond waar Sonia in de jaren zestig werd grootgebracht om een grootse toekomst tegemoet te gaan.

De rechter zelf praat liefdevol over haar geboortebuurt, en het gevoel is wederzijds. ‘We voelen extreme trots’, zegt Torres in het onmiskenbare accent van de honderduizenden Puerto Ricanen in New York. ‘Het maakt indruk op de jongeren dat iemand als zij op die plek kan komen.’

Iets verderop staan de Bronxdale Houses, een complex van lage flats. Het is sociale huisvesting voor de armen, met groen en speeltuintjes tussen de gebouwen.

Sotomayor speelde hier als kind. Cory Vasquez (26) is zich daarvan bewust. ‘Het is vrij cool’, zegt de verpleegster, terwijl haar dochter in de vochtige augustushitte geconcentreerd een waterijsje eet. ‘Ik zag haar op de tv. Ik voelde gewoon dat er toch meer mogelijk is dan je soms denkt.’ Salsamuziek schalt uit een cabriolet. Een politiewagen rijdt voetstaps voorbij. Verderop dendert het verkeer over de Bruckner Expressway, een drukke snelweg die de wijk doormidden snijdt. Vasquez glimlacht. ‘Het is hier niet slecht of zo. Maar je denkt niet meteen aan het Hooggerechtshof.’

Het is een klein wonder, vinden sommige bewoners, dat hun wijk, het centraal-zuidelijk deel van de Bronx, niet ver van het honkbalstadion van de Yankees, nog bestaat. Nadat Sotomayor en Torres er waren vertrokken, werd de buurt vrijwel verwoest door geweld en drugs in de jaren zeventig en tachtig.

Het is nu beter. Maar hoewel je met metrolijn 6 zo in Manhattan bent, zijn de verschillen tussen de stadsdelen groot. Het gemiddelde inkomen in de Bronx (1,4 miljoen inwoners) is 30 procent lager dan in Manhattan (1,6 miljoen mensen). Het percentage bewoners dat onder de armoedegrens leeft, is 27 in de Bronx, 10 procent hoger dan in Manhattan. Veel van die armen zijn latino’s. En veel van die latino’s zijn Puerto Ricanen.

Tot voor kort werden zij vooral geassocieerd met sport, want veel honkballers en boksers komen van het eiland in de Caribische Zee. Of met criminaliteit, want ze komen vaak in het nieuws vanwege drugshandel en andere misdaden. Of met ordinair gedrag – zie de kauwgum kauwende actrice Rosie Perez in tal van films.

Of met armoede.

In haar boek Puerto Ricans – Born in the U.S.A. (1989) schrijft de sociologe Clara Rodriguez: Puerto Ricanen zijn altijd gemarginaliseerd als ‘de armste van alle Amerikaanse bevolkingsgroepen’.

Radeloosheid
Uit de eerste serieuze studies over de bevolkingsgroep rijst soms radeloosheid op. In haar boek From Colonia to Community – The History of Puerto Ricans in New York City (1983) beschrijft de historica Virginia Sanchéz Korrol een droevige scène. Kinderen in de VS leren op school helden te kiezen. Gevraagd naar hun rolmodel, noemen zij doorgaans een succesvolle figuur van hun eigen afkomst. Zelfidentificatie op basis van de groep begint vroeg in Amerika.

De auteur herinnert zich een Puerto Ricaans kind dat de zwarte honkballer Daryl Strawberry noemde. ‘De jongen leende helden omdat hij er zelf geen had’, schreef Sanchéz Korrol. ‘Hij had geen benul van de geschiedenis van zijn eigen volk.’

Maar het beeld van een ‘heldenloze’ gemeenschap sluit steeds minder bij de werkelijkheid aan. ‘Het imago van Puerto Ricaanse vrouwen was totaal geseksualiseerd’, zegt sociologe Rodriguez, die eveneens in de Bronx opgroeide. Ze verwijst naar Jennifer Lopez en andere sekssysmbolen die in de collectieve beleving niet alleen de Bronx maar ook Puerto Rico vertegenwoordigen. ‘Maar daar hebben we Sonia Sotomayor. Een slimme, sterke vrouw. Dat helpt om de beeldvorming bij te sturen.’

Sotomayor is een voorbeeldig rolmodel, merken Rodriguez en haar collega’s in de academische wereld. Na solide onderwijs aan een katholieke privéschool in de Bronx en studies aan Princeton en Yale werd ze rechter. De rooms-katholieke Sotomayor verloochent haar sobere afkomst geenszins. Net als Obama onderstreept ze haar levensgeschiedenis juist: de Amerikaanse droom was voor dit meisje uit de achterbuurt alleszins bereikbaar.

Haar uitlatingen vallen niet altijd goed. Sotomayor heeft zichzelf en vrouwen als haar laagopgeleide, hardwerkende moeder ooit ‘wijze latina’s’ genoemd. Zij zouden gezegend zijn met een wijsheid die wel eens groter kon zijn dan die van blanke mannen.

Later zei Sotomayor die uitspraak te betreuren, nadat conservatieve critici erop waren gedoken. Maar jonge latina’s eigenden zich haar woorden juist toe als een leuze voor de emancipatie. Een strak T-shirt met de woorden ‘WISE LATINA’ op borsthoogte liet niet lang op zich wachten.

De historica Sanchez Korrol – ook zij werd als Puerto Ricaanse in de Bronx geboren – plaatste deze reactie in perspectief door naar de 18de-eeuwse stichters van de republiek te verwijzen. ‘In elk tijdperk wordt de wijsheid van de stichters door andere stemmen verwoord’, schreef zij. ‘In dit tijdperk zouden het wel eens de stemmen van ‘wijze latina’s’ kunnen zijn.’

Rodriguez is het kenmerkende latino-accent van de Bronx kwijt. Als Spaanssprekend kind groeide zij in dezelfde omgeving op als Sotomayor. Rodriguez mag ‘Sonia’ zeggen. Clara’s vader noemde Sonia nogal eens als voorbeeld voor zijn dochter. Nu zijn ze opperrechter en hoogleraar.

Toch is het ook voor Rodriguez verrassend als een vrouw zoals zij zo ver komt. ‘Het is net als met Obama’, zegt ze. ‘Niet dat mensen verbaasd zijn over onze intelligentie. Ze zijn verrast dat mensen als wij zo’n positie bereiken.’

Geuzennaam
Puerto Ricanen in New York noemen zich Nuyoricans, een geuzennaam die ook Sotomayor in de mond nam na haar benoeming. Met die benaming geven ze hun bijzondere positie aan in de stad én binnen de groeiende latino-minderheid in de VS.

Puerto Rico, het eiland met 4 miljoen inwoners in het Caribische gebied, werd in 1898 van Spanje overgenomen, en is sinds 1952 een ‘territorium’ van de VS. Puerto Rico is geen staat, maar heeft wel een congreslid, zij het zonder stemrecht. Hoewel ze een eigen olympische ploeg en een Miss Puerto Rico hebben, zijn Puerto Ricanen Amerikaanse staatsburgers. Zij stemmen niet voor het presidentschap als ze op het eiland wonen, maar wel als ze in een staat op het vasteland staan ingeschreven.

Puerto Ricanen zijn dus migranten, geen immigranten. Maar zeker in New York waren ze nooit veel beter af dan andere nieuwkomers. In de speelfilm Piñero (2001) zegt de Puerto Ricaanse dichter Miguel Piñero: ‘We zijn deze stad al vanaf het begin aan het schoonmaken’ – een referentie aan het werk dat Puerto Ricanen zo lang deden, op de onderste treden van de horeca en de samenleving. Piñero zou later het Nuyorican Poets Cafe in Manhattan openen, een podium voor dichtkunst en stand-up comedy, dat nog steeds floreert.

In juni is elk jaar te zien hoe de stad verbonden is met het eiland en de mensen die er vandaan komen. Dan trekken duizenden mensen dansend op salsamuziek over Fifth Avenue. Het is dan Puerto Rico Day Parade, een dag waarop de stad voor even onmiskenbaar Nueva York is.

Een optocht is leuk, maar macht en invloed zijn iets anders, weet Cesar Perales. ‘Dit is de belangrijkste hispanic benoeming in de geschiedenis van dit land’, zegt Perales, voorzitter van een burgerrechtengroep in New York. ‘Het is een teken dat wij opgroeien.’

Perales kent Sotomayor goed. Zij zat jarenlang in het bestuur van zijn stichting Latino Justice PRLDEF, die ijvert voor gelijke behandeling. ‘Zij voegt zich bij de meest exclusieve club van Amerika’, zegt Perales. ‘Mensen beseffen niet hoe machtig het Hof is. Om daar een vrouw uit ons midden te zien belanden: buitengewoon.’

Zoals veel andere Puerto Ricanen die over Sotomayor praten, begint hij ongevraagd over Jennifer Lopez. ‘Ik vind het altijd leuk dat een Puerto Ricaanse meid uit de Bronx het idool van elke Amerikaanse man is geworden. Nu kan Sotomayor zich bij haar voegen’, zegt Perales met een lach.

Haar opkomst ziet hij als een natuurlijk gevolg van een trend: ‘We hebben de afgelopen tien, twintig jaar een opmerkelijke vooruitgang gezien voor deze gemeenschap. Ik observeer al een tijd de snelle groei van de latino-middenklasse en hun invloed. Puerto Ricaanse politici zijn in de stad en de staat New York doodgewoon aan het worden.’

De Bronx is mee veranderd. De dagen van geweld, brandstichting en drugsplagen zijn voorbij. Niet dat het nu overal vredig is. Maar de meeste leegstaande drugspanden zijn weg. Op basketbalpleintjes wordt weer gesport in plaats van gezopen. Kunstenaars en studenten herontdekken de buurt.

Ook in de straten rond de Bronxdale Houses heerst een relatieve rust. Alle etniciteiten en kleuren lopen door elkaar. Er wordt honkbal gespeeld op een goed onderhouden veld. Kinderen kraaien bij een fontein. Oude heren discussiëren op een bankje in een zangerig mengsel van Engels en Spaans. Zo was het hier ook toen hij en Sonia er opgroeiden, zegt Joe Torres. Nu is er het succes van ‘deze lokale meid’. Da’s mooi, vindt hij.

Maar toch. Torres is door schade en schande wel een realist geworden. Zijn devies blijft: wegwezen zodra dat mogelijk is. ‘Als je jurist of arts wilt worden, als je dromen hebt, dan blijf je toch niet hier?’

Buiten rent een zwarte man achter een latino op een mountainbike aan. Er klinkt geschreeuw op de hoek. Torres schudt zijn hoofd. ‘Dat bedoel ik.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden