Alle 225 koeien DOOD

Met tientallen tegelijk liet boer Pauw uit Beets zijn doodzieke dieren slachten. Zijn veestapel kromp, het aantal vragen groeide. Pauw is VERSLETEN voor een slechte veehouder, maar onderzoeken wijzen uit dat het gras en de sloten op zijn land zijn vervuild....

tekst astrid theunissen ; fotografie marcel van den bergh

Klaas Pauw is boer af. Eind 1996 bracht hij zijn laatste zieke koeien naar het slachthuis. Zijn boerderij in het Noord-Hollandse Beets verkocht hij een halfjaar later. Voor een prikkie. Want wie wil daar nog boeren? Hij woont in een stacaravan, zonder zijn vrouw en drie kinderen. Door de koeienziekte is zijn huwelijk op de klippen gelopen en is hij financieel geruïneerd.

Maar Pauw is een vechter. Hij heeft een vervallen loods opgeknapt, de overall verruild voor een colbert en verhuurt nu kantoorruimten. De zaken gaan goed, maar De Zaak heeft hem nog steeds in zijn greep.

De zaak stinkt. Dat staat voor hem als een paal boven water. Meer mensen zijn die mening toegedaan, onder wie personen binnen overheidsinstellingen als de Veterinaire Hoofd Inspectie (vhi) en het Rijks instituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM). Bij tijd en wijle vindt Pauw anonieme post op zijn deurmat. Vertrouwelijke correspondentie tussen betrokkenen bij zijn zaak, waaruit hij niets anders kan opmaken dan dat hij, zoals hij al jaren vermoedt, bewust kapot is gemaakt door de overheid.

'Hier. Dit kreeg ik onlangs.' Pauw laat een reactie zien van de toegevoegd veterinair Inspecteur van de Volksgezondheid, H. Bartels. Die reageert op het 'toxiciteitonderzoek verdachte melk koeien Pauw', gericht aan de hoofdinspecteur van de vhi. Bartels plaatst kanttekeningen bij de uitslag van een rattenproef die in opdracht van de vhi is uitgevoerd door het rivm. 'Omdat mij nog steeds geluiden bereiken dat dhr. Pauw c.s. de zaak niet laat rusten, lijkt het mij noodzakelijk de rapportage van het rivm zodanig te laten aanpassen dat vragen zoals ik hiervoor opsom in de definitieve versie van het rapport worden voorkomen', schrijft Bartels op 23 april 1997.

Pauw overhandigt nog een brief, van de directeur-Noordwest van het ministerie van Landbouw, A. Grijns. Die adviseerde de toenmalige landbouwminister Van Aartsen 'een parlementair onderzoek te voorkomen en het dossier Pauw van de politieke agenda af te voeren.'

Een ding wordt snel duidelijk. Er rust een taboe op de naam Pauw. Over de kwestie worden geen uitspraken gedaan. 'Als je iets wilt weten, doe je maar een beroep op de Wet Openbaarheid van Bestuur', zegt de voorlichter bij de vhi. 'Hoe kom je aan het rapportnummer van dat toxiciteitsonderzoek?', vraagt de afdeling rapportenbeheer van het rivm. 'Dat is geheim.'

Beets is een idyllisch gehucht in de Noord-Hollandse polder, waar de voorvaderen van Pauw meer dan honderd jaar goed boerden. Het jaar 1995 is nog maar net begonnen als het einde van deze veehoudersfamilie zich aandient. Pauw ontdekt bij twintig stuks jongvee dikke gewrichten, ontstoken uiers en gezwellen bij de lymfeklieren. De Gezondheidsdienst voor Dieren (GD) constateert dat de koeien lijden aan de bacterie Actino Bacillus Lignieressii, een vaak voorkomende infectie. Vreemd is dat extreem veel van Pauws koeien zijn getroffen en dat de antibioticabehandeling niet aanslaat. Drachtige koeien hebben miskramen. Kalfjes worden blind geboren, hebben afwijkingen en sterven na een paar dagen. Deze verschijnselen zijn volgens de gd het gevolg van een ernstig kopertekort. Pauw heeft zijn koeien te weinig mineralen bijgevoerd, luidt de conclusie.

Onmogelijk, beweert Pauw. In 1991 nam hij de boerderij met 60 hectare grond over van zijn vader, daarna heeft hij alles geautoma tiseerd. De mineralenbalans houdt Pauw nauwgezet bij op de com puter, en met dit management heeft zijn vee verschillende prijzen gewonnen.

Zowel de Algemene Inspectie Dienst als de veterinaire inspectie stelt Pauw na een afzonderlijke bedrijfscontrole in het gelijk. Het kopertekort en de bacterie kunnen niet worden toegeschreven aan mismanagement. Uit watermonsters blijkt dat de sloot in zijn land is vervuild met H2S (zuurstofsulfide) en sulfaat, en dat het water ongeschikt is als drinkwater voor vee.

'De mysterieuze ziekte van Beets', koppen de kranten, want gemeente, provincie en het hoogheemraadschap ontkennen dat het water is vervuild. Pauw weet beter: zijn koeien zijn vergiftigd, dat kan niet anders. Ondertussen brengt hij de ene na de andere lading ziek vee naar het slachthuis.

Ook biochemicus/toxicoloog Counotte van de Gezondheidsdienst voor Dieren (GD) doet onderzoek. Hij treft in het water en in het gras een verontrustend hoge concentratie molybdeen, sulfaat en H2S aan. Stoffen die het kopergebrek en de afbraak van het immuunsysteem van de koeien kunnen verklaren. Als de gd het hoogheemraadschap confronteert met deze bevindingen, biecht de waterbeheerder op dat er sinds 1991 te veel sulfaat in het oppervlaktewater zit en dat het inderdaad niet geschikt is als drinkwaterbron voor vee.

Anderhalf jaar na het uitbreken van de ziekten en met nog maar dertig 'wrakken' op stal, krijgt Pauw aandacht van de overheid. Het levert twee omstreden commissie-onderzoeken op. Uitslag: de ziekte van zijn koeien, de actinobacterie en het kopertekort zijn te wijten aan slechte stalling en onvoldoende voeding. Zijn dossier wordt in 1998 gesloten. Al zijn 225 koeien zijn dan gestorven.

Terwijl zijn bedrijfsvoering twee keer als adequaat is omschreven, terwijl is vastgesteld dat zijn koeien ziek werden van het water en gras, krijgt Pauw het stempel 'slechte boer' en verdwijnt hij van de politieke agenda. Dat is onterecht en ongeloofwaardig, stelt wetenschappelijk onderzoekster Ruth Mourik die is verbonden aan de universiteit van Maastricht. Ze doet promotieonderzoek naar de wijze waarop de maatschappij omgaat met risico's in de intensieve veehouderij en heeft de zaak Pauw op de voet gevolgd, het dossier doorgespit, anonieme post geanalyseerd en betrokken deskundigen gesproken. Daaruit concludeert Mourik dat er hele vreemde dingen zijn gebeurd. Met opzet? 'Er staan economische belangen op het spel.'

Er zijn in Nederland een heleboel slijters, stelt Mourik. Dat zijn koeien die, net als het vee van Pauw destijds, lijden aan een ziekte die het immuunsysteem aantast, maar waarvoor geen eenduidige oorzaak is aan te wijzen - althans zo beweren onderzoekers.

Voor Mourik is het een simpele optelsom. 'De intensivering van de landbouw waarop de overheid aandrong sinds de jaren tachtig, heeft geresulteerd in hoogproductieve koeien. Kwetsbare beesten die 250 liter vocht per dag nodig hebben. Daarnaast is er watervervuiling in de veengronden. Aangezien het oppervlaktewater traditioneel wordt gebruikt als drinkwater voor het vee is het geen wonder dat veel koeien ziek worden. Maar als bekend wordt dat er zo veel ziek vee is in Nederland, komt de export van vlees en zuivel in gevaar.'

Mismanagement, dat Pauw werd verweten, is voor het ministerie van Landbouw een effectief wapen in de strijd tegen de zieke koeien, legt Mourik uit. Met deze conclusie pleit de overheid zichzelf vrij van de verantwoordelijkheid en aansprakelijkheid voor de geleden schade van de boer en het verontreinigde oppervlaktewater. Door te stellen dat de problemen met koeien zijn veroorzaakt door intensivering van de landbouw, heeft de overheid een sterk argument voor het huidige beleid dat is gericht op halvering van de veestapel. Geen enkele boer die nog aan de bel trekt als hij zieke koeien heeft, zegt Mourik. Wil een veehouder blijven bestaan, dan verzwijgt hij ziekte onder zijn dieren. Zo kan staatssecretaris Faber van Landbouw met een gerust hart stellen dat de slijters geen grootschalig probleem vormen en 'dat dit probleem uitgestorven lijkt te zijn.'

Een fortuin heeft Pauw uitgegeven aan onderzoek naar de oorzaak van zijn veeziekte. Het was vechten tegen de bierkaai, weet Mourik. De sloot van Pauw mocht niet vies zijn. 'Voortdurend als Pauw bevindingen in handen kreeg die voor de overheid belastend waren, stelde de overheid een contra-onderzoek in om zijn bevindingen te ontkrachten.' Het dossier van Pauw kent talloze voorbeelden. Vindt het door Pauw ingeschakelde onafhankelijke bureau iwaco een verhoogd gehalte aan koolwaterstoffen in het slootwater, dan treft het rivm diezelfde stoffen vervolgens in beduidend lagere concentraties aan. Laat Pauw zijn verdachte koeienmelk testen op gezonde kalveren, dan vertonen de dieren na veertien dagen een groeiachterstand en een afname van de witte bloedcellen, en zijn ze na vier weken zo ziek dat de proef uit ethisch oogpunt wordt gestaakt. Wordt diezelfde koeienmelk door het rivm getest op ratten, dan wordt er bij de beesten geen afwijkend gedrag geconstateerd. Verbazingwekkend? Nee, vindt Mourik. 'Wetenschappelijke feiten zijn het resultaat van de vraagstelling en de gebruikte methode. De uitslag van de rattentest is fel omstreden. Iedere toxicoloog kan zien dat de proef niet deugt.'

Maar de uitslag van deze rattentest - 'er is niks mis met de melk' - zal later wel een essentiële rol spelen.

Terug naar Beets, eind 1996. Het hoogheemraadschap geeft toe dat het oppervlaktewater is vervuild. Jarenlange opname van giftig water en giftig gras is schadelijk voor koeien, constateert de commissie-Verhoeff, die de zaak dat jaar onderzoekt. De commissie maakt eerst op 19 november 1996 bekend dat 'is aangetoond dat de gezondheidsproblemen van de dieren worden veroorzaakt door een hoge belasting van dieren met molybdeen, zwavel en ijzer, waardoor de koperbenutting wordt belemmerd.' En: 'De commissie is vooralsnog van mening dat de veehouder geen blaam treft.' Het conceptrapport met deze strekking overhandigt de commissie-Verhoeff aan het ministerie van Landbouw.

Als de overheid het rapport openbaar maakt, treft Pauw plotseling toch alle blaam. 'Het oppervlaktewater kan weliswaar een risico inhouden voor de diergezondheid', meldt het ministerie namens Verhoeff, 'maar er is absoluut geen relatie tussen het water en de koeien van Pauw.'

Deze omslag is zo frappant, dat het opschudding veroorzaakt tot binnen de commissie. 'Naar mijn mening is niet aangetoond dat een vergiftiging geen rol kan hebben gespeeld', schrijft veterinair inspecteur van de Volksgezondheid, J. Minderhoud, in een drie pagina's tellende brief aan de GD en de VHI. 'Wij maken ons ongeloofwaardig,' stelt Minderhoud, 'omdat de bevindingen in strijd zijn met een eerder door de werkgroep verspreid commentaar waarin staat dat de heer Pauw geen blaam treft.'

Wat is er bekokstoofd tussen de commissie-Verhoeff en het ministerie?, vraagt SP-Kamerlid Poppe zich af. Hij tekent protest aan tegen het besluit de zaak te sluiten. Poppe vindt dat alle betrokken ambtenaren en deskundigen moeten worden gehoord. Collega-Kamerlid Huys steunt zijn voorstel. Op dat moment grijpt A. Grijns in. Hij is directeur-Noordwest van het ministerie van Landbouw en schrijft een brief waarin hij minister Van Aartsen adviseert 'niet in te gaan op overweging van de Kamerleden Poppe en Huys.' Grijs: 'U raadpleegt de coalitiepartners met het doel een parlementair onderzoek te voorkomen en het dossier Pauw van de politieke agenda af te voeren.'

Van Aartsen neemt dit advies over en beschouwt de zaak Pauw als afgedaan. Maar opnieuw zit Poppe dwars. De SP'er eist een diepgaand onderzoek naar de problemen in de Beetskoogpolder en de zaak-Pauw. Een Kamermeerderheid is het daarmee eens, de minister heeft geen keuze. Van Aartsen benoemt de toenmalige burgemeester Ouwerkerk van Groningen als voorzitter van een onafhankelijke onderzoekscommissie. En wie verschijnt aan Ouwerkerks zijde als secretaris? H. Laporte, secretaresse van Landbouw-directeur A. Grijns.

Pauw verliest intussen zijn vertrouwen in eerlijk overheidsonderzoek en vraagt de befaamde Belgische toxicoloog professor Schepens van de universiteit van Antwerpen zijn zaak te onderzoeken.

Paniek bij de ministeries. De directeur Gezondheidsbeleid van het ministerie van Volksgezondheid, S. van Hoogstraten, uit een noodkreet aan zijn staatssecretaris Terpstra. 'De zaak heeft een potentie die de bse-crisis in de schaduw stelt', schrijft hij in een vertrouwelijke brandbrief van 17 november 1997. Terpstra wordt ervan op de hoogte gesteld dat de Antwerpse professor Schepens over drie dagen een rapport presenteert waarin hij aantoont dat de belangrijkste zuivelproducerende gebieden van Nederland worden blootgesteld aan een zware milieuverontreiniging, en dat daarmee 'de veiligheid van vlees en zuivel in het geding is.'

'Olieresten en gas in de grond en het water', legt Van Hoogstraten Terpstra uit, 'worden omgezet in koolstofdisulfide (CS2) die de vee sterfte van Pauw veroorzaakt .' 'De in de publiciteit veelvuldig besproken zaak-Pauw staat symbool voor wat is aangetroffen in Noord- en Zuid-Holland, Friesland en Groningen.' 'Een intrigerend en verontrustend detail is dat verzekeringsmaatschappij Delta Lloyd heeft besloten geen verzekeringen meer af te sluiten. Dit is voor de maatschappij economisch niet meer verantwoord.' (...) 'Het gaat immers om Nederlands vlees en Nederlandse zuivel, om de Nederlandse consument en een groot exportbelang. Uit voorzorg de handel in melk ontraden, zou kolossale en bijna ondenkbare consequenties hebben. Het signaal dat de producten veilig zijn, kan een historische vergissing zijn.'

Het ministerie van vws stelt desondanks drie dagen later het Nederlandse volk gerust. 'Er is geen aanleiding om te denken dat de Nederlandse productie van zuivel en vlees in deze gebieden enigerlei gezondheidsbezwaren oproept.' Onderzoek door het Nederlands In sti tuut voor Zuivelonderzoek en de Inspectie Gezondheids be scher ming 'brengt geen enkele ongewenste stof in de melk aan het licht, met name niet de door de onderzoekers genoemde CS2'. 'De gemeten waarden voor deze stoffen liggen ruimschoots beneden de aanvaardbare niveaus. Al eerder in het onderzoek naar de zaak van boer Pauw was niet van toxische stoffen of van enig risico voor de volksgezondheid gebleken.'

Inderdaad. De overheid refereert hier aan de omstreden rattenproef van het rivm. Die onderzoeksgegevens hadden nooit mogen worden gebruikt, zegt onderzoekster Mourik. 'Die test vertelt hooguit dat er geen sprake is van direct toxisch gevaar, dus de overheid had niet mogen stellen dat consumptie van melk op lange termijn geen schadelijke effect heeft op de volksgezondheid.'

Hoe dan ook: een crisis is voorkomen. De biochemicus/toxicoloog Counotte doet in het actualiteitenprogramma Zembla nog wel uit de doeken dat 70 procent van het oppervlaktewater niet deugt als drinkwater voor vee, dat veel Nederlands vee lijdt aan een immuunziekte die qua symptomen vergelijkbaar is met aids en dat Schepens de ondergang van de veeteelt in de polders voorspelt.

Drie maanden later presenteert de commissie-Ouwerkerk haar conclusie: de veesterfte is een gevolg van mismanagement door boer Pauw. Geen van de commissieleden is op het bedrijf geweest. Er waren te veel tegenstrijdige meningen over de boer, verdedigt de onderzoekscommissie deze keuze tegenover sp'er Poppe. 'Ze wilden een onafhankelijk en objectief oordeel vellen.' Objectief? In de bronnenlijst staat mevrouw A. Pauw-Dik, de echtgenote van Pauw met wie hij in een scheiding lag. En al adviseert de commissie de minister om een langduriger onderzoek te laten doen naar de kwaliteit van gras en water, de commissie acht CS2 niet verantwoordelijk voor de gezondheidsproblemen.

Onderzoekster Mourik heeft het vermoeden dat alle betrokkenen bij de zaak-Pauw na het optreden van de Belgische professor Schepens werden geacht zich niet meer over de zaak uit te laten. 'Voor mij was het in elk geval erg moeilijk om onderzoekers nog te spreken te krijgen.'

De bevindingen van biochemicus en toxicoloog Counotte liggen niet ver van die van professor Schepens. 'Als er H2S in het water voorkomt, kan er ook CS2 voorkomen', zei hij destijds. Counotte vindt Schepens' theorie nog steeds interessant. 'Of dat nou komt door olie- of gasboringen of niet', zegt hij, 'er zitten gaten in de ondergrondse kleilaag en die zijn veel groter dan men aanneemt. En er zit vrij veel olie en gas in de grond die samen met zwavel aan de oppervlakte komen door kwelvorming. In het veenweidegebied van Friesland tot de Utrechtse Heuvelrug zit op sommige plaatsen zo veel gas, dat het water brandt als je het aansteekt.

'Zwavelverbindingen belemmeren de opname van vitamine B6. Dat heeft de aanmaak van onderhuids bindweefsel en een verstoring van de oestrogeenhuishouding tot gevolg. Zo kon Schepens de afwijkingen in het kraakbeen, het slechte bindweefsel en de hormoonafwijkingen bij de koeien van Pauw verklaren.' Hij had het aardig rond, zegt Counotte.

Waarom heeft hij zich dan niet sterk gemaakt voor Schepens? Daarop mag hij niet reageren. Hij noemt het wel vreemd dat de relatie tussen water en de gezondheid van koeien nog nooit voor de volle honderd procent is onderzocht. Daardoor kan er officieel ook geen relatie worden gelegd tussen vervuild water en zieke koeien. 'Vreemd ja, want de kwaliteit van het water is zorgelijk. Naast zwavel bevat het oppervlaktewater te veel coliebacteriën. Dat wijst op de aanwezigheid van andere gevaarlijke bacteriën als salmonella.'

Counotte heeft om verdergaand onderzoek gevraagd. Het werd hem niet toegezegd. sp'er Poppe is onderzoek naar molybde en en zwavel toegezegd door staatssecretaris Faber van Landbouw. Het is nog steeds niet uitgevoerd. Schandelijk, zegt Poppe. 'Het gaat om dierwelzijn en volksgezondheid.'

Onderzoekster Mourik heeft haar eigen maatregelen getroffen. 'Sinds ik drieënhalf jaar geleden aan dit onderzoek begon, eet ik alleen nog biologisch vlees.'

Pauw riep het al in 1996: de gezondheid van mens en dier is in gevaar. De boer stak zijn nek uit, het kostte hem zijn kop. Hij treft voorbereidingen voor een rechtszaak tegen de staat.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden