Alive & kicking

Van Addis Abeba tot Oslo, van New York tot Belgrado. Al 33-1/3de jaar treedt de succesvolle rockband The Ex op, de aloude idealen nog steeds hoog in het vaandel. De muziek is wel veranderd: van punk naar freejazz, wrhaaooh!

Wie zich begeeft in de wereld van The Ex komt voor verrassingen te staan. Zo is de band uit Wormer en Amsterdam een veelgevraagde topact in de internationale geïmproviseerde-muziekscene en op Wereldmuziekfestivals, maar wordt hij in Nederland nog steeds vaak getypeerd als een punkband. Net of de tijd sinds de oprichting van The Ex in 1979 heeft stilgestaan.


Terrie Hessels (58), de gitarist van het eerste uur, lacht ontspannen om het punklabel van de band in Nederland. 'Alsof de Ethiopiërs met wie we optreden en platen maken ook punk zijn. Of Han Bennink. Al in 1984 maakten we een plaat met de Iraaks-Koerdische band Awara. Toen was de punk er bij ons er wel af.' Laat een enkele Nederlander maar denken dat The Ex nog steeds getooid met hanenkammen en veiligheidsspelden de podia bestormt, de rest van de wereld weet wel beter.


De wereld van The Ex spreidt zich uit van Addis Abeba tot Oslo, van New York tot Belgrado, van Spanje en Portugal tot Turkije en Egypte. In grote concertzalen en kleine undergroundclubs, overal speelt The Ex. Nu al 33-eenderde jaar, een leeftijd die refereert aan het toerental van de aloude lp, en dezer dagen feestelijk wordt gemarkeerd met - eigen - festivals in Brussel, Londen, Parijs en het Bimhuis in Amsterdam.


Bevriende gastmuzikanten van over de hele wereld komen The Ex straks versterken - uitdagen is een betere term, want The Ex houdt ervan op de proef te worden gesteld - met concerten waarvan er geeneen lijkt op een vorige. 'Van routine moeten we niets hebben', zegt Terrie. 'Muziek kan te goed, te mooi klinken. Dan wordt het veilig op het podium en wordt het tijd tegendraads te worden. Wij spelen heel goed met elkaar, maar dat kan alleen als we risico's nemen. Dat zit in de aard van onze muziek.'


Uitermate succesvol is The Ex, zozeer dat de groep - verrassing twee - figureert op plek 27 (net onder Herman van Veen) in de exportlijst 2011 van de Buma/Stemra, de rechtenorganisatie van artiesten. Geen prestatie die de bandleden naar het hoofd is gestegen. Verrassing nummer drie: sterallures zijn de muzikanten ten enenmale vreemd. 'We geinen wel-eens dat we vier roadies hebben en vier managers. Klopt, want we sjouwen onze instrumenten altijd zelf, en regelen zelf onze optredens, de cd-verkoop en de boekhouding.' Alle inkomsten gaan - verrassing nummer vier - in een gezamenlijke pot, waaruit de bandleden gelijkelijk hun salaris krijgen betaald.


Punk mag dood zijn, springlevend zijn bij The Ex de idealen die stammen uit de tijd waarin jonge muzikanten het D.I.Y. (do it yourself)-principe in de praktijk brachten en op hun eigen eightiesmanier invulling gaven aan het aloude adagium van vrijheid, gelijkheid en broederschap. Dat is voor The Ex-leden nog steeds geen holle frase.


'Als we optreden in Ethiopië, kopen we in Nederland tweedehands instrumenten, die we na afloop van onze optredens achterlaten bij lokale muzikanten. Zo doen we daar ook iets blijvends', zegt drummer Kat (voluit Katherina Bornefeld). Ze namen ook eens een saxofoonreparateur mee, die ter plekke wel vijftig instrumenten herstelde.


De wereld van The Ex is niet alleen wijd, en rijk aan uiteenlopende culturele invloeden, ze wordt bevolkt door grote talenten - en kent een roemruchte geschiedenis. 33 jaar laten zich in één artikel niet samenvatten, de geografische vertakkingen en artistieke dwarsverbanden niet in kaart brengen. Voor dit verhaal beperken we ons tot twee locaties: Wormer, de thuisbasis waar de Ex-geschiedenis begon, en Oslo, de Noorse hoofdstad waar de band optrad op het World Music Festival, met een twintigtal Ethiopische artiesten onder de naam Ethiocolour, en Scandinavische muzikale zwaargewichten: een opmaat voor de festiviteiten in december.


Villa

Hessels - boom van een vent, driekwart broek, stevige schoenen, sweater, open blik, jeugdig gezicht, licht Zaans accent - woont met zijn vriendin Emma Fischer (verantwoordelijk voor het eigenzinnige en herkenbare artwork van The Ex) en dochter in even statige als onderhoudsgevoelige villa aan de rand van een bedrijventerrein. Het is de oude directeurswoning van papierfabriek Van Gelder. Kort nadat de fabriek in de crisis van de jaren tachtig ten onder was gegaan, betrokken Terrie met een stel bevriende krakers het pand. De teloorgang zou later op een Ex-plaat worden bezongen.


'Ons eerste optreden was op een punkfestival in Castricum. Ik had een contractje getekend, terwijl we nog helemaal niet konden spelen.' Terrie had een goeie gitaar gekocht, een Guild, daarop had hij niet willen bezuinigen. Toen het instrument na lang wachten eindelijk in de winkel was gearriveerd, wees de verkoper een versterker aan: nou, ga maar lekker uitproberen. 'Ik zei, mwahhh, niet nodig hoor. Ik durfde niet te laten merken dat ik nog nooit had gespeeld.'


33 jaar later gebruikt Hessels nog dezelfde Guild. Vier van de oorspronkelijke zes snaren zijn bespeelbaar, maar reparatie van de stemmechanieken is niet nodig. Terrie is met het instrument vergroeid zoals het is - en vice versa. De Guild heeft 33 jaar podium- en studio-ervaring in zich opgezogen, het patina is gekleurd door bier en nicotine, bloed zweet en tranen. Het draagt de littekens van een ruwe behandeling, met strijkstokken, flessen, schroevedraaiers - alles wat voorhanden kwam om de klank te vervormen en de muzikale reikwijdte van het instrument te exploreren.


Nog steeds, bekent hij, kan Terrie niet spelen. Althans: niet in de klassieke betekenis van die term. Klank maken, spanning oproepen - dat kan hij als geen ander.


Castricum

Het optreden in Castricum, 1979, zette de toon. 'Wij waren uitgenodigd', zegt Terrie. 'En sindsdien is het altijd zo gegaan. Wij hebben er nog nooit om gevraagd, onszelf nooit hoeven te promoten.' Na dat eerste concert ('Vooral het aftellen klonk heel goed: one, two, three, four') volgden woeste jaren. Het debuutalbum, een ep, heette All Corpses Smell The Same.


De villa groeide uit tot het lokale middelpunt van de alternatieve muziekscene, en het mikpunt van het behoudender deel van de Wormer uitgaansjeugd, die van de alternativo's niets moest hebben. Niet gehinderd door ordehandhavende politie bestookten ze de villa na sluitingstijd van de kroeg met stenen, brandbommetjes, en uiteindelijk een fragmentatiebom. Toevallig sliep Terrie die nacht niet in zijn eigen slaapkamer, anders had hij de in het hout ingeslagen metaalscherven die nog aan de aanslag herinneren vast niet zelf kunnen aanwijzen.


The Ex maakte zich los van het beperkte drie-akkoordenidioom van de punk en vond aansluiting bij de freejazz en de experimentele muziek. 'Ook dat ging heel natuurlijk', zegt Terrie. 'Muzikanten weten ons altijd te vinden en van de ene samenwerking komt de andere. We voelen ons enorm vereerd, we spelen met de beste muzikanten van de wereld. We doen gewoon wat we doen, zonder na te denken waar we aan moeten voldoen. We kunnen wel heel goed luisteren, misschien verklaart dat een beetje waarom ze zo graag met ons werken. Magie moet je niet proberen te verklaren. Mijn intuïtie is goed. Op het juiste moment de juiste toon maken. En dan de ander er weer overheen: wrhaaaooh.'


De geschiedenis van de band in zevenmijlslaarzen: The Ex maakte naam in het Engeland van Thatcher en stond langdurig op de independent hitlijst. De Amerikaanse noiseband Sonic Youth kwam op het pad van The Ex, samen traden ze op en maakten platen, de band logeerde in de villa. De legendarische drummer Han Bennink werd een vaste muziekpartner, die ook mee zou gaan naar Ethiopië, net als saxofonist Ab Baars. Een paar jaar geleden nog produceerde Steve Albini (The Stooges, Nirvana, Pixies, P.J. Harvey) in zijn studio in Chicago de cd Catch My Shoe.


Meer dan 25 cd's en lp's en talloze singles, compilaties en dvd's maakte The Ex in 33 jaar. 'We verkopen er meestal ergens tussen de drie- en vijftienduizend per titel', zegt Terrie. 'Te weinig voor een grote platenmaatschappij om interessant te zijn. Maar voor ons zijn het fikse getallen en de kosten zijn relatief laag.' De dozen met cd's en vinyl staan hoog opgestapeld in de hal van de villa. Op een dvd over de band is te zien hoe de groepsleden eendrachtig aan de keukentafel hoesjes vouwen en cd's insteken -ambachtelijk als garnalenpellers, maar met aanmerkelijk meer plezier.


In de tuin staat nog de Land Rover waarmee Terrie met Emma in 1996 naar Zuid-Afrika reed - en terug naar huis. 'Onze drummer Kat was zwanger van haar tweede kind, en The Ex greep dat aan om een jaar vrijaf te nemen.' Overal waar Terrie en Emma kwamen, kochten ze bandjes met Afrikaanse muziek, honderden - en zo werd een nieuwe liefde geboren.


'Op het moment dat we Ethiopië binnenreden, werden we in het eerste het beste dorp door militairen gearresteerd. Onze auto werd doorzocht en zo stuitten ze op een boek over wereldmuziek. Emma opende het en noemde wat namen van Ethiopische zangers. De stemming sloeg meteen om. Ze konden het niet geloven, we waren beste vrienden. Alle verdenkingen vielen weg.'


Terug in Nederland raakte Terrie in contact met Emanuel, een vlak bij Wormer wonende hoogleraar geschiedenis die Ethiopië om politieke redenen was ontvlucht. Terrie wilde Afrikaanse muziek die hij op de cassettebandjes had meegebracht opnieuw uitgeven. Na de titanenklus die het achterhalen behelsde van originele opnamen en van de rechthebbende muzikanten, had hij iemand nodig die hoesteksten zou kunnen vertalen in het Ethiopisch. Dat werd Emanuel.


'Aan hem hebben we zo veel te danken. Hij raadde ons aan in Ethiopië te gaan optreden. Hij zei: 'Iedereen denkt bij het horen van de naam van ons land aan oorlog en honger. Maar als je er rondreist, zul je zien dat van dat beeld niets klopt.' En daarin bleek hij groot gelijk te hebben.'


Oslo

In de flat van de jazzdrummer Paal Nilssen-Love, beroemd in Noorwegen en ver daarbuiten, zijn, net als in de villa in Wormer, de dozen met cd's hoog opgetast tegen de muur. In de behaaglijke woonkamer van 5 bij 5 zitten op krukjes, een stretcher en keukenstoeltjes de vier bandleden van The Ex, de Noorse gastheer en zijn vriendin, de Zweedse tenorsaxofonist Mats Gustafsson en zo'n twintig Ethiopische artiesten samengepakt.


Het is het eerste weerzien van de Europeanen met de Ethiopiërs in maanden, de stemming is uitgelaten. Paal heeft al zijn gasten in de miezer voor de deur verwelkomd op de warme manier die de Ethiopiërs eigen is: een hand, de rechterschouder tegen de jouwe en dan een joviale knuffel.


Schalen met door de gastheer bereide hapjes gaan rond. En er is wijn, overvloedig wijn. De orthodox-christelijke Ethiopiërs hebben een vastendag - een mild regime waarbij ze melk-(producten) en vlees laten staan. Yohannis Afework, gerespecteeerd fluitist op leeftijd, houdt ondanks de gestaag oplopende kamertemperatuur zijn jas aan en zijn pet op.


Drummer Kat en Terrie ondergaan het samenzijn glimlachend en nu en dan met enige ontroering. 'Het zijn zulke lieve mensen', zegt Terrie. 'Ze hebben zo'n bijzondere manier van met elkaar omgaan. Ze nemen elkaar altijd in de maling en maken voortdurend grapjes over elkaar.'


'Toen we in 2001 voor het eerst in Ethiopië gingen optreden', zegt Kat, 'trokken we drie weken met een bus door het noorden. Wat me opviel, was hoe zelfbewust en trots de bevolking is. In andere Afrikaanse landen wil men nog wel eens onderdanig doen tegenover blanke Europeanen, maar zij niet. Het land is nooit gekoloniseerd. En de vrouwen hebben een kracht, daar neem ik als westerse een voorbeeld aan.'


In de bus waarmee The Ex door het land trok, was plek voor een generator die stroom opwekte voor de versterkers, zodat ze konden optreden waar ze maar wilden: in muziektenten in het park, op de trappen van een theater, gewoon op straat. De Ethiopiërs kwamen er met duizenden op af. 'We hadden zo'n connectie met ze', mijmert Kat.


'Wij zijn niet zoals veel rockbands, die met mega-stadionacts hun publiek overdonderen en in alles uitstralen: wij zijn beter dan jullie', zegt Terrie. 'The Ex zoekt altijd het contact met het publiek, het is de kern van wat we doen. Overkomt ons iets op het podium, een ingeving, een reactie, een bhwaaammm, dan ondergaat het publiek dat ook. Dat is ook onze binding met de jazz. Wij voelen op het podium altijd als er iemand in de zaal is die ongelukkig of agressief is. De verhouding met het publiek ligt gevoeliger dan je denkt.'


Om die reden kan The Ex zich ergeren aan de architectuur van nieuwe Nederlandse popzalen. Terrie: 'Neem Het Patronaat in Haarlem. Als je daar het podium af gaat, heb je de keuze door geluidwerende deuren naar een parkeerterrein te gaan of met de lift naar de kleedkamer. Met de lift! Je bent het contact met je publiek meteen helemaal kwijt, je hóórt niet eens of het een toegift wil.'


In de kamer heft Damtew Ayele een lied aan. Zeven jaar geleden is hij om vage, onuitgesproken (wellicht politieke) redenen weggegaan uit Ethiopië en heeft zich in Oslo gevestigd. De muziekscene in Addis was hem uit het oog verloren, maar door toeval kwam Terrie hem onlangs op het spoor. De volgende avond treedt hij met zijn landgenoten op, zijn eerste optreden sinds hij in Noorwegen woont.


Een soort krijgslied zingt Damtew, waarin de Ethiopische mannen figuurlijk hun borst opzetten alvorens op wildedierenjacht te gaan. Maar het is ook een manier om uit te dagen, op te jutten, een vraagantwoordspel te spelen, mild te spotten. En te improviseren.


Hoog en krachtig is de stem van Damtew en als hij zingt, fier rechtop, oogt hij jonger, alsof hij zeven jaar eenzaamheid van zich afschudt. Andere Ethiopiërs beantwoorden hem, met krachtige stem, vol bravoure, ritmisch kreten slakend. Op het tafelblad wordt getrommeld. Emebet Amaha en Zenash Tsegaye demonstreren in de overvolle kamer hun dans geïnspireerd op elkaar uitdagende vogels, de mimiek die aan veel Ethiopische dans ten grondslag ligt. Alle beweging begint in hun schouders, die ze raadselachtig soepel schudden op het ritme - inderdaad, net vleugels - waarin, gezien de vrolijke uitdrukking op alle gezichten, klein geluk door de kamer fladdert.


Fenika

Wandelend in de regen tussen het hotel en Nilssen-Loves flat vertelt Melaku Belay over zijn leven als baas van Fenika, de club in Addis waar de fine fleur van de Ethiopische muziekscene optreedt. Hijzelf is danser - 'zo ben ik geboren, het is mijn talent' - afkomstig van het platteland. Toen hij Terrie ontmoette, sliep hij wegens het ontbreken van een eigen woning nog achter de bar van de club. Artiesten moesten leven van de fooien uit het publiek, en wie de meeste aandacht trok, meestal de leadzanger, verdiende het meest.


Maar de tijden zijn veranderd. De contacten met Terrie en The Ex hebben de poorten naar de wereld wijd opengezet. Melaku heeft net een optreden in New York achter de rug, hij treedt op in voorname zalen. In zijn Fenika werken, spelen en dansen inmiddels zestig mensen. Naar voorbeeld van The Ex heeft Melaku een gemeenschappelijke financiële pot ingesteld, waaruit, voor iedereen controleerbaar, eerlijk wordt gedeeld.


'We komen overal mensen tegen die zaken met ons willen doen', zegt Melaku, 'lieden die geld aan ons willen verdienen. Dat is best lastig, wij zijn daar nog niet zo aan gewend. Daarom is Terrie ook zo belangrijk voor ons. Hij is een vriend, hij is echt helemaal te vertrouwen.'


Terrie helpt de Ethiopiërs bij visumaanvragen - zij hebben alleen een voornaam, wat officiële instanties nooit genoeg is. Hij probeert te voorkomen dat ze in dubieuze deals verzeild raken, in handen vallen van gedesinteresseerde impresario's of onheus worden behandeld door concertorganisaties. De Ethiopiërs naar de wereldpodia helpen is één ding, ze daarbij begeleiden is een ander - zij het een voor Terrie vanzelfsprekend vervolg.


'In sommige opzichten zijn ze kwetsbaar, niet gewend van zich af te bijten zoals wij dat doen. Onze vriend, de legendarische saxofonist Getatchew, moest na een optreden in Europa onderweg naar Addis twaalf uur wachten bij een tussenstop in Abu Dhabi. Niemand die hem begeleidde, terwijl hij er echt niet aan gewend is in zijn eentje op een internationaal vliegveld zijn weg te vinden. Hij leest geeneens Engels.


'Getatchew, 76 is hij inmiddels, kwam rechtstreeks vanaf het platteland in het Haile Selassi Orchestra (ingesteld door en vernoemd naar de roemruchte keizer die in 1975 overleed) in Addis terecht, hij heeft zijn hele leven muziek gemaakt en nooit iets op school geleerd. Hij is heel nobel en voor niemand bang. Dat is wel-eens lastig, want als er iemand in het vliegtuig aan zijn saxofoonkoffer durft te zitten, krijgt die meteen, zonder omhaal, een klap voor zijn kop.'


De volgende avond treden de Ethiopiërs en de Europeanen op in de - uitverkochte - Blå, een voormalige werkplaats even buiten het centrum van Oslo, die vagelijk doet denken aan de Melkweg in Amsterdam.


Zes uur lang staan ze op het podium, in wisselende samenstelling. Zerfu Demissie, brengt met zijn begana (een Ethiopische tiensnarige harp die alleen wordt bespeeld met de vasten) bezwerende, zoemende klanken voort, en vraagt zingend vergiffenis aan God voor alle zondige zaken (zoals de liefde, seks, drank) die vanavond bezongen zullen worden. De gevraagde toestemming wordt, zoals altijd, stilzwijgend verleend.


Nilssen-Love, Gustafsson en Mesele Asmawaw knallen er als Baro 101 een paar heftige nummers uit. De naam van het trio verwijst naar de gelegenheidsstudio, kamer 101 van Hotel Baro in Addis, waar ze een plaat opnamen. Baro is de vaste standplaats van The Ex en trawanten als ze de stad aandoen. Mesele bespeelt de krar, een harpachtig snaarinstrument, laat hem à la Adrian Belew of Jimi Hendrix gieren en knarsen door met een bierflesje over de snaren te raggen of er met een geribbelde plastic slang over te schuren.


The Ex speelt vijf eigen nummers, samen met Ethiopiërs uiteraard - virtuozen op hun eensnarige bas, harpjes, fluiten en andere blaasinstrumenten. Een van de nummers is het aanstekelijke Eoleyo, vanachter de drums gezongen door Kat. De Ethiopische tekst is een loflied op de schoonheid van de vrouw, ze heeft het leren zingen in een plaatselijk dialect - en hoopt maar dat dit voor degenen die de taal spreken niet al te lachwekkend klinkt. 'Het leidt sowieso tot hilariteit als Kat zingt, want het zijn vaak teksten die bedoeld zijn om door mannen te worden voorgedragen', had Terrie eerder uitgelegd.


Terwijl Afrikaanse klank, freejazz en het puntige, swingende en - vooruit - bij tijd en wijle echt nog wel naar de ruige punk verwijzende Ex versmelten, dansen Melaku, Emebet en Zenash, breakdance-achtig en met die typische vogelbewegingen. Melaku schudt zijn met weelderig haar bedekte hoofd onvoorstelbaar snel, een trilling zindert door zijn lijf, alsof er stroomstoten door hem heen schieten. De danseressen ogen als vorstinnen, met hun wapperende haren, hun gewaden en hun onweerstaanbare swing. Met hun specialiteit breken ze de tent af: ze laten hun hoofd tollen en schudden op hun nek, zo snel dat hun gezichten transformeren tot een vloeiend geheel - alsof ze transparant worden en oplossen in de beweging.


Wormer

De volgende ochtend, in alle vroegte, herinnert een van de Ethiopiërs aan de cultuurclash die de Afrikanen ondergaan. Met lichte paniek in zijn ogen meldt hij dat hij zijn vrienden niet kan vinden, dat ze 's nachts verdwenen lijken in Oslo. Op het tijdstip waarop hij dacht dat ze moesten verzamelen voor het vertrek naar de luchthaven zijn ze er niet. Terrie wordt uit zijn bed gebeld.


Een paar dagen later, terug in Wormer, weet die te melden dat het incident op een misverstand berustte, zoals die zich wel vaker voordoen. De andere muzikanten waren nog diep in slaap, toen hun vriend al met zijn bagage in de lounge stond. 'Voor Ethiopiërs is het 1 uur als de zon opgaat, en 6 uur op het middaguur. Dat kan natuurlijk tot verwarring leiden als je in Oslo bent.' Het voorval toont aan dat sommige Ethiopiërs een beetje steun van Terrie en The Ex nog kunnen gebruiken.


Vier dagen na Oslo maakt de band zich op voor een bijna drie weken durende tournee door Frankrijk, Spanje en Portugal. 'Morgen ben ik chauffeur, dan rijd ik de bus naar Lyon, 700 kilometer', zegt Terrie. Goed, gezond eten, nooit fastfood, en flexibel zijn, dan kun je het als band lang volhouden had Kat in Oslo al gezegd. 'De ene keer spelen we in een chique zaal, de volgende keer in een undergroundtentje zonder kleedkamer - maakt ons niet uit als we moeten improviseren, dat hoort erbij als je aansluiting zoekt bij je plaatselijke publiek.'


Veel van huis, duizenden kilometers in het busje, eindeloos wachten en dan even optreden - Terrie Hessels denkt niet dat hij er ooit genoeg van krijgt. 'Dat uurtje of twee op het podium, daar doen we het voor. Dat maakt alles goed.'


Jazz-recensent Tim Sprangers gaf de plaat Y'Anbessaw Tezeta van Getatchew Mekuria en The Ex in het voorjaar van 2012 vijf sterren.


'De Ethiopische saxofonist Getatchew Mekuria (1935) beschikt over een oergeluid. Hij introduceerde de saxofoon in Ethiopische muziek, zonder ooit een westerse tenorsaxofonist te horen spelen. Na de val van Haile Selassie speelde hij met orkesten in het communistische Noord-Korea en Bulgarije. Als je naast Getatchew staat terwijl hij speelt, realiseer je je hoe het blazen in een blaasinstrument zou moeten zijn. Hoe men ademde, voor de komst van microfoons, versterkers en concertzalen. Een enorme vibratie. Krachtig, maar ook teder. Lucht.'


Sprangers beschrijft hoe Mekuria tijdens een Europese tour plotseling tegen de leden van The Ex zegt: ik wil nog één album maken, waarschijnlijk mijn laatste, met jullie. De recensent vervolgt: 'Op Y'Anbessaw Tezeta (verlangend naar de leeuw) staan tijdloze klassiekers in een mix van Ethiopische stijlen. Op Mekuria's in 1972 uitgebrachte (en in 2003 opnieuw uitgegeven) Negus of Ethiopian Groove staan uitvoeringen van vier dezelfde composities. Als je Y'Anbessaw Tezeta ernaast legt, hoor je dat hij niet aan overtuigingskracht heeft ingeboed'.


Festival


The Ex-festivals ter viering van het 33-1/3de jarig bestaan


14 en 15/12 Parijs, La Dynamo. Met The Ex + Ethioguests, Zerfu Demissie, Ethiopische circusact Debre Berhan, Fendika, Endris Hassen, Ab Baars, Wolter Wierbos en anderen.


16/12 Brussels, Les Atelier Claus (Les Brigittines)


20/12 Rumor Festival, Huis a/d Werf, Utrecht


21 en 22/12, Amsterdam, Bimhuis. Met onder anderen Zerfu Demissie, Circus Debre Berhan + John Dikeman, Cement (Ab Baars, Paal Nilssen-Love + Ken Vandermark), A.L. Snijders / Joost Buis/ Oscar-Jan Hoogland, Jasper Stadhouders solo, MC Jaap Blonk, Mats Gustafsson. Zie: theex.nl


Verlangend naar de leeuw


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden