Aleid Truijens: kansen van kinderen gaan voor het gelijk van de leraar

De verkiezingen komen in zicht en staatssecretaris van Onderwijs Sander Dekker komt met een goed plan. Ja, echt. Het 'stapelen' van diploma's moet weer makkelijk worden, vooral de overgang van vmbo-t, of mavo, naar de havo. Het werd tijd. Jammer dat Dekker er nu pas mee komt.

Een jongere op een vmbo-school in Utrecht. Beeld Marcel van den Bergh

De kloof tussen vmbo-scholen en havo-vwo-scholen is symbolisch voor de rigide tweedeling in ons onderwijs. Zelden zitten een vmbo en een havo in hetzelfde gebouw, of zelfs maar in dezelfde wijk. Op havo-vwo-scholen zitten in meerderheid kinderen van hoogopgeleide, witte ouders, op vmbo's voornamelijk kinderen van lageropgeleiden, van allerlei herkomst. Zo klonen de ouders zichzelf in hun kinderen en houden we sociale ongelijkheid keurig in stand.

Dit alles met dank aan een andere, weinig illustere staatssecretaris, Tineke Netelenbos, die in 1990 het vmbo bedacht, een samenvoeging van de mavo en het lager beroepsonderwijs. Scholen met een mavo én havo, waar leerlingen makkelijk konden overstappen, verdwenen vrijwel.

In 2008 verscheen een mooi boek van Paul van Liempt, met de treffende titel: De Nederlandse droom. Daarin staan interviews met mensen die het na een lange omweg ver geschopt hebben, zoals de politici Gerrit Braks, Maria van der Hoeven, Ahmed Aboutaleb en Ahmed Marcouch, hoogleraar Paul Cliteur en voormalig NS-president Aad Veenman. Zij vertellen dat studeren in hun milieu ondenkbaar was, maar door stug te stapelen kwam het er toch van. Iedereen die te maken heeft met selectie van kinderen in het onderwijs zou dit boek eens moeten lezen, om er wijzer, voorzichtiger en ruimhartiger van te worden.

'Ik had geen kans gekregen in deze tijd', zegt Veenman, die ooit begon op de lts (lagere technische school) en als hoogleraar eindigde. Hij heeft gelijk: in 2008 was stapelen vakkundig ontmoedigd. Minister van Onderwijs Jo Ritzen (1989-1998) was ermee begonnen en zijn opvolgers zetten de operatie door. Efficiëntie was de nieuwe Nederlandse droom. Stapelen was ondoelmatig en véél te duur. Wat een misvatting, een typisch geval van 'goedkoop-duurkoop'. Op deze manier is een hoop talent niet ontwikkeld, nog los van alle individuele frustratie en verloren illusies. Kennisvernietiging is altijd erg duur, en erg dom.

Aad Veenman, president-directeur NS van 2002 tot en met 2009, tijdens het openbare verhoor van de parlementaire enquetecommissie Fyra. Beeld anp

Nog altijd lopen scholen een financieel risico als ze leerlingen de mogelijkheid geven het te proberen op een hoger niveau. Scholen worden afgerekend op rendement en examencijfers; dus twijfelgevallen, omlopers en laatbloeiers zijn een risico. Om stapelen tot een succes te maken zou er juist een premie moeten staan op het bieden van kansen, niet op rendement. Ook dat moet Dekker dan veranderen.

Het is dus voorspelbaar dat ze bij de VO-raad niet staan te trappelen om de maatregel door te voeren, maar niettemin heel teleurstellend. 'Niet iedere vmbo'er is in staat om het havo te halen, leerlingen komen hiermee in de problemen', zegt een woordvoerder van de werkgeversclub.

Dit is precies het verkeerde, benepen argument. Natuurlijk kan niet iedere vmbo'er een havodiploma halen, dat beweert ook niemand. De meesten willen dat ook niet. Maar ontmoedigen zou niet de norm moeten zijn. Het zou er niet om moeten gaan of de leraar gelijk heeft, het is aan de leerling om zich te bewijzen. Scholen hoeven niets meer of minder te doen dan hun niveau te bewaken, hun normen niet te verlagen, maar wel iedereen die het wil proberen te verwelkomen.

Het is die weeffout waarop het afgelopen voorjaar onze Onderwijsinspectie én de grote Europese waakhond, de OESO, wezen: ons troebele, onrechtvaardige selectiesysteem, waarin niet de ambitie van de leerlingen maar het (voor)oordeel van de leraar het zwaarst weegt. Dat mechanisme houdt de sociale tweedeling in stand. Het verbaasde de OESO-onderzoekers dat leerlingen bij ons niet in alle gevallen rechten kunnen ontlenen aan formele, objectieve toetsen. Een vmbo-diploma of een voldoende cito-score zijn waardeloos als de docent niet in je gelooft.

Een vmbo-diploma zou zo'n formeel toegangsbewijs kunnen zijn, mits de schooltypen op elkaar aansluiten. Nu moeten vmbo'ers die willen doorstromen een extra vak volgen, omdat het havo-examen één vak meer telt - ook een extra drempel. Waarom zou je niet zeven vakken examineren op het vmbo? Goed voor de algemene ontwikkeling én de doorstroming. Het zou de VO-raad sieren als hij de kansen van leerlingen nu eens vooropzette.

Aleid Truijens is schrijfster, literatuurrecensente en biografe. Reageren?

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden