Opinie

'Albert Heijn weet meer van ons dan de burgemeester'

Wie privacy belangrijk vindt, zou terecht moeten kunnen bij een Volg-me-niet-register, vindt Matt Poelmans van Overheid 2.0.

Albert Heijn. Beeld ANP

In maart vorig jaar kwam de WRR met een alarmerend rapport over de digitalisering van de overheid. Anders dan de gebruikelijke kritiek dat het allemaal niet opschiet en te veel geld kost, stelde de WRR dat de Elektronische Overheid (e-Overheid) eigenlijk is doorgeschoten. Er is een Informatie Overheid (i-Overheid) ontstaan die zich kenmerkt door ongebreidelde informatiestromen.

Niet alleen is de overheid zelf daarop het zicht kwijtgeraakt, ook kunnen burgers de dupe worden van verkeerd gegevensgebruik. Het is de hoogste tijd dat de privacybescherming beter wordt geregeld. Vandaar dat er voorstellen zijn gedaan om de transparantie te vergroten over wat er met al die gegevens wordt gedaan, bijvoorbeeld door het inzage- en correctierecht aan te scherpen.

De enorme toename van het gegevensgebruik binnen de overheid geeft inderdaad aanleiding om hier kritisch naar te kijken. Maar tegelijkertijd rijst de vraag of dit probleem beperkt is tot de overheid zelf? Bedrijven verzamelen immers ook steeds meer gegevens over hun klanten. Waar dat bij de overheid geen doel op zich is maar het gevolg van de uitvoering van publieke taken, zijn bedrijven juist op zoek naar klantgegevens in het kader van hun marketing. Bij bepaalde bedrijven is het zelfs de kern van hun business model. De diensten die internetbedrijven 'gratis' aanbieden worden betaald uit het vergaren, verrijken en verkopen van persoonsinformatie.

Intieme gevoelens
Is dat erg? Voor velen kennelijk niet. Het lijkt erop alsof privacy minder belangrijk wordt gevonden. Mensen deinzen er niet voor terug om hun diepste zielenroerselen te etaleren voor 5 minuten tv roem. Ook het delen van persoonlijke ervaringen of intieme gevoelens via sociale media kent geen grenzen. Gekscherend is deze trend wel getypeerd met: 'Big Brother is not watching us, We are watching Big Brother'.

De drijfveer achter het verzamelen van persoonsinformatie is positief: klantgerichtheid. Zowel de overheid als het bedrijfsleven willen inspelen op wensen en behoeften van de afnemers van hun diensten. Waar dat vroeger niet anders kon dan met grove methoden als doelgroepenbeleid en segmentering, gebeurt dat tegenwoordig met fijnmazige middelen als profiling. Dergelijke klantenprofielen ontstaan door de combinatie van afzonderlijke gegevens die apart onschuldig zijn, maar bij elkaar een inbreuk kunnen maken op de persoonlijke levenssfeer van mensen.

'Anderen die dit boek kochten lazen ook...'
Dat is ook precies het probleem. Als profiling beperkt blijft tot de bekende aanbiedingen van internetboekwinkels in de trant van: 'Anderen die dit boek kochten lazen ook ...' maakt u zelf wel uit of u dat ook doet. Storender is als u steeds pop ups op uw scherm of ongevraagd e-mail krijgt met aanbiedingen over een onderwerp dat u net op een zoekmachine intikte. Helemaal ongemakkelijk gaat u zich voelen als u niet meer weet wie er nog meer in uw gegevens snuffelt of zich afvraagt of u dezelfde aanbieding als een ander op uw scherm krijgt. Op dit gebied staat ons veel meer te wachten.

Per 1 maart heeft Google het privacybeleid gewijzigd. Het is verkocht als betere service, maar in feite geeft het Google een grotere greep op ons, omdat het gebruiksgegevens gaat combineren van alle diensten die het levert. Eerder dit jaar voegde Facebook functies toe zoals de Tijdlijn, waardoor ineens allerlei bezigheden elders worden getoond zonder dat je het weet. Andere sociale media doen iets dergelijks: als je naar Spotify luistert, vraagt Amazon de volgende dag of je die cd wil kopen. En de betaalde versie vrijwaart je wel van storende reclame maar niet van verkoop van jouw luistergedrag.

Dat mag allemaal van de Algemene Voorwaarden die iedereen ongelezen accepteert. Het is niet doenlijk je daarin te verdiepen en als je al de moeite zou nemen dan is de enige keus: afzien. Maar dat is geen optie omdat de grote sociale media in feite monopolisten zijn.

Je gedrag is geld waard
We staan nog maar aan het begin met wat allemaal mogelijk is met de gepersonaliseerde diensten. Terwijl we ons terecht zorgen maken over de omvang van het gebruik door de overheid, beschikken bedrijven inmiddels over meer en gevoeliger gegevens dan die overheid: AH weet meer van u dan uw burgemeester. Het gaat niet alleen om kale gegevens zoals de waarde van uw huis, maar over reisgedrag, eetgewoonten, muziekvoorkeuren, etc. Die informatie is geld waard en dus is er een levendige handel ontstaan die zich volkomen onttrekt aan onze waarneming.

Dit proces zal zich verder versterken door de vermenging van publieke en private diensten (vervoer, energie, zorg). Ook de Open Data beweging draagt daaraan bij, want het gevaar zit namelijk in de cumulatie van informatie en het gebruik buiten de oorspronkelijke context. Een gigantische versnelling ontstaat ook door bijv. met je Facebook account in te loggen bij andere sociale media. Probleem is dat niemand meer overziet wat er achter de schermen gebeurt. Er is daarom alle reden om de ongelimiteerde verspreiding van persoonsinformatie aan banden leggen.

Volg-me-niet-register
Ongemerkt speelt een steeds groter deel van ons leven zich af in virtuele wereld. Dat heeft grote voordelen, maar zijn we ons bewust van de risico's en nadelen? Wie dat wel is kan zich nauwelijks te weer stellen, doordat het een ongelijke strijd is, de complexiteit te groot is en het alternatief is dat je jezelf buiten sluit.

De keuzevrijheid moet in ere worden hersteld. Net zoals het een burgerrecht is dat mensen zich kunnen verdedigen tegen ongewenste of ongevraagde inmenging in hun persoonlijke levenssfeer door de overheid, geldt dat ook voor bedrijven. Uitgangspunt voor dat zelfbeschikkingsrecht zijn de algemeen geldende principes:
• De eigendom van gegevens berust bij de persoon in kwestie, die niet mag worden gedwongen die tegen zijn zin af te staan;
•Gebruik door derden is alleen toegestaan met voorafgaande toestemming van betrokkene (via opt-in);
•Betrokkene moet op eenvoudige wijze inzage kunnen krijgen in dat gebruik (door wie en waarvoor);
•Met een effectieve klachtenregeling moet betrokkene uitwassen tegen kunnen gaan;
•Bij nalatigheid of benadeling heeft betrokkene recht op schadevergoeding.

Wie niet lastig gevallen wil worden kan tegenwoordig terecht bij een Bel-me-niet Register. Wie verschoond wil blijven van ongewenste bemoeizucht of inmenging in zijn persoonlijk levenssfeer moet zich kunnen inschrijven in een Volg-me-niet Register.

Matt Poelmans


 
Het mag allemaal van de Algemene Voorwaarden die iedereen ongelezen accepteert.
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden