Albanezen en Serviërs zoeken de confrontatie

Uit het noorden van Kosovo komen steeds meer alarmerende berichten. Serviërs hebben wegblokkades opgeworpen en smokkelen wapens binnen, en de Albanezen houden hun leger paraat. De NAVO heeft voor de zekerheid zevenhonderd extra manschappen ingevlogen.

AMSTERDAM - Sinds het uitbarsten van een Servisch-Kosovaars grensconflict, vorige week maandag, nemen de spanningen in Noord-Kosovo toe. Op die maandag deed Pristina, dat zich in 2008 tegen de zin van Servië onafhankelijk verklaarde, een poging om Noord-Kosovo onder controle te krijgen. In dat gebied, ongeveer even groot als de provincie Utrecht, wonen vooral Serviërs die het gezag van Pristina niet aanvaarden.


De actie lokte een felle Servische reactie uit. Gemaskerde Serviërs staken een grenspost in brand en Servische inwoners blokkeerden de wegen. De NAVO-macht KFOR kwam tussenbeide en beheerst nu de grensposten, samen met Servische én - voor het eerst - Albanese agenten.


Die Albanese aanwezigheid stuit op weerstand: op alle wegen in Noord-Kosovo staan Servische wegblokkades. Bovendien worden via bergweggetjes volop goederen binnengesmokkeld: voedsel, medicijnen, maar ook wapens. Ooggetuigen melden dat Servische radicale groepjes en veiligheidspersoneel stiekem de grens met Kosovo oversteken.


Beide partijen beschuldigen elkaar van provocatie en oorlogsretoriek, terwijl de Europese Unie en KFOR uit alle macht de gemoederen proberen te sussen. Ze willen terug naar de sfeer van vóór het grensincident, toen Kosovo en Servië onder druk bereid bleken samen oplossingen te zoeken voor praktische problemen (zoals bijvoorbeeld grenscontroles).


Woensdag zouden de EU en KFOR een doorbraakje hebben bereikt: volgens diplomatieke bronnen staan Pristina en Belgrado open voor een compromisvoorstel. Servische bronnen ontkennen dit echter.


De actie van Pristina in Noord-Kosovo lijkt - hoe onbesuisd ook - op enig Europees begrip te kunnen rekenen. Sinds de onafhankelijkheid, die door 22 van de 27 EU-landen werd erkend, ziet Pristina het noorden van zijn land immers steeds meer uit zijn handen glippen. En de EU is daar mede verantwoordelijk voor.


Na de onafhankelijkheid verzekerde de Unie dat zijn Eulex-missie Noord-Kosovo onder Pristina's jurisdictie zou brengen. Maar die missie is compleet mislukt. 'De regering in Pristina voelt zich nu enorm bedonderd', zegt Yannick Du Pont, de goed ingevoerde directeur van de Nederlandse non-gouvernementele organisatie Spark, die in Noord-Kosovo actief is.


Toen Servië eind juli de laatste verdachte van het Joegoslavië-Tribunaal arresteerde en daarmee dicht bij EU-kandidaat-lidmaatschap kwam, besefte Pristina dat het zijn bevoorrechte positie in de internationale gemeenschap zou kwijtraken. 'Pristina weet dat het in dat geval afgelopen is met het noorden', zegt Du Pont. 'Het zag dit als de laatste kans om de situatie te veranderen.'


Het is daarom onwaarschijnlijk dat de EU Pristina zal dwingen zich uit Noord-Kosovo terug te trekken, ondanks het grote risico op een escalatie van het geweld.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden