Albanese politicus toont moed

Een historische fout? Is Albanië terug bij af? Zeker is dat het aftreden van de 31-jarige premier Majko weinig goeds voorspelt....

HET is een teken dat de Albanese politiek zich weer in een verkeerde richting beweegt: die van ouderwetse dogma's, primitief schelden en politiek geweld. Juist de komst van de jonge premier Majko leek een jaar geleden een einde te maken aan deze destructieve tendenzen die de sfeer in Albanië zeven jaar lang hadden verziekt.

Als eerste Albanese regeringsleider maakte Majko de indruk dat hij wist waar hij over sprak als hij woorden als democratie, markteconomie en corruptiebestrijding bezigde. Majko had de moed een verzoenende hand uit te steken naar oppositieleider Sali Berisha, de aartsvijand van zijn eigen Socialistische Partij. Dat die hand niet werd geaccepteerd, was niet Majko's schuld.

Majko werd vooral populair tijdens de Kosovo-oorlog. De kalmte in het land bleef bewaard. De vluchtelingen werden opgevangen. De NAVO kon Albanië als uitvalsbasis gebruiken.

Majko onderstreepte zijn klasse misschien nog het meest door af te treden dinsdag. Het was een historische primeur: Majko was de eerste Albanese politicus die zonder geweld afstand deed van de macht.

Dat had waarschijnlijk veel te maken met zijn jeugdige leeftijd. 'Een Albanese politicus boven de 45 kan niet deugen', luidt het adagium van de Kliti Ceca, politiek analist in Tirana. Die politici hebben immers het grootste deel van hun leven doorgebracht in het Albanië van Enver Hoxha, de hardste en meest gewelddadige communistische dictatuur van Europa. Met een dergelijke vorming is een mentaliteitsverandering zeer moeilijk.

De gebeurtenissen in Albanië sinds de val van het communisme in 1991 zijn illustratief. Sali Berisha, Hoxha's voormalige lijfarts, richtte de Democratische Partij op, maar heerste vijf jaar op weinig democratische wijze. Fatos Nano, oud-hoogleraar marxisme en leider van de nieuwe socialistische oppositie, verdween in de gevangenis.

Toen Berisha in de geweldsgolf van 1997 - die ontstond na het ineenstorten van tientallen piramidefondsen - het onderspit dolf, werden de rollen omgedraaid. Nano's regering gebruikte geweld tegen aanhangers van de Democratische Partij.

Ironisch genoeg had de jonge Pandeli Majko zijn premierschap te danken aan de rancune van Berisha. Deze probeerde Nano in september vorig jaar met een staatsgreep te wippen, Nano daarbij waarschijnlijk ten onrechte beschuldigend van de bloedige moord op Azem Hajdari, de tweede man van de Democraten.

De staatsgreep mislukte maar leidde wel tot het aftreden van Nano, die kort daarna zijn jonge partijgenoot Majko naar voren schoof. De voordracht werd algemeen gezien als een poging van Nano zijn politieke redelijkheid te tonen en tegelijkertijd achter de schermen de macht te behouden.

Tegen Nano's verwachting in bleek Majko echter in staat een onafhankelijke koers te varen. Tijdens de Kosovo-oorlog werd de jonge premier zowel in binnenland als buitenland met complimenten overladen. Nano's zorg om de stabiliteit van Albanië moet het toen van zijn ijdelheid hebben verloren. Deze maand slaagde hij erin opnieuw als partijleider van de socialisten te worden gekozen, ten koste van Majko, wiens positie als premier daarmee onhoudbaar werd.

Aanhangers van de afgetreden premier kunnen zich nu slechts troosten met het feit dat de socialisten gisteren de 30-jarige Ilir Meta als zijn opvolger kozen en niet Nano's marionet Makbule Ceco. Meta's positie is echter weinig benijdenswaardig. Hij zal moeten gehoorzamen aan de oude garde, die Albanië zo weinig goeds heeft gebracht.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden