Al weer moet Nederland (onterecht) hangen

Nausicaa Marbe

Het kakelverse rapport van de mensenrechtenorganisatie Human Rights Watch over het Nederlandse integratie-examen in het buitenland is vernietigend. De conclusie: deze maatregel schendt de mensenrechten van aspirant-migranten en hun familie in Nederland en discrimineert vooral Turken en Marokkanen. De term ‘racisme’ valt.

Die bevindingen komen niet onverwacht. In februari publiceerde de Europese Comissie tegen Racisme en Intolerantie (ECRI) het inmiddels beruchte rapport dat Nederland in één adem van racisme en islamofobie beschuldigde. Toch is er verschil tussen de twee documenten. Terwijl de ECRI een chaotisch prutswerk leverde dat zonder bronvermelding conclusies trok na een aantal willekeurige ‘werkbezoeken’, ging de HRW grondiger te werk. Geen bewering zonder vermelding van bestudeerde rapporten of wetgeving. Contact met betrokken bewindslieden wordt in detail vermeld.

Toch staat zo’n aanpak niet garant voor een intelligente conclusie. HRW heeft eigenlijk één hoofdklacht: Den Haag kan niet aannemelijk maken waarom migranten uit westerse of economisch ontwikkelde landen géén inburgeringexamen in het buitenland moeten afleggen en anderen wel. Concreet: waarom mag de Japanner fluitend naar binnen en de Turk niet?

Mijn antwoord is simpel: omdat er in Nederland geen Japanse gemeenschappen zijn met schrijnende integratieproblemen die door migratie worden gevoed. Weliswaar erkent HWR dat specifiek migratiebeleid soms legitiem is, maar meent zij dat in Nederland de (succesvolle) maatregelen niet in verhouding staan tot het doel. Anders gesteld: het leed van families of echtelieden die door taal- of geldgebrek de hereniging aan hun neus voorbij zien gaan, zou erger zijn dan segregatie, armoede en radicalisering. En, ook dat nog, Nederland moet de schuld van de integratieproblemen niet in de schoenen van migranten schuiven. De mythe dat de moslimmigratie eerder een verrijking dan een probleem is, doet dus weer opgeld.

Haperende integratie
Het verweer van Nederland dat juist van migranten die in gemeenschappen terechtkomen waar de integratie hapert, een blijk van inspanning niet te veel gevraagd is, maakt geen indruk op de HRW. Hun perceptie van mensenrechten is uit de legitimerende context gerukt. Als naar een speld in een hooiberg speuren ze naar discriminatie in wetgeving die zich juist op sociale cohesie richt.

Want waarom treffen de beperkende maatregelen juist Turkse en Marokkaanse migranten? Omdat in die gemeenschappen, los van de culturele segregatie, decennialang misbruik gemaakt is van de wet op familiehereniging. Uitkeringsfraude voor niet bestaande familieleden, het inschrijven van willekeurige personen als kind, of serie-import van echtgenotes door polygame mannen zijn geen uitzonderingen. Om maar te zwijgen over de naleving van familiewetten uit het land van herkomst, waardoor uitgestoten vrouwen en kinderen zomaar in de illegaliteit konden verdwijnen. Is het zo gek dat een humanitaire overheid een rem op de groei van dergelijke gemeenschappen wenst?

Overigens was dit niet nodig geweest als moslimmigranten harmonieus in de samenleving waren opgegaan. Maar door het eigen racisme ging het gros níet met autochtonen trouwen: misschien de meest schadelijke vorm van discriminatie in een multiculturele samenleving. Toch moet Barbertje – Nederland – hangen.

Mensenrechtenschending
Typerend is ook de beschuldiging dat Nederland art. 16 van de Universele Verklaring van Mensenrechten zou schenden, dat gericht is tegen discriminatoire schending van het recht te trouwen en een gezin te stichten. Heb ik iets gemist? Sinds wanneer mogen Nederlandse burgers dat niet meer?

De echte schending vindt juist plaats in moslimgezinnen die uithuwelijking praktiseren, waarbij het geweldsmonopolie bij de vader ligt en problemen rijzen zodra een individu zijn vrijheid opeist. Het zou de internationale mensenrechtenorganisaties sieren als ze zich op de echte problemen gingen richten: het politieke en culturele onvermogen van West-Europa om met democratische middelen de discriminatie en de schending van individuele vrijheden binnen radicale moslimgemeenschappen tegen te gaan.

Nederland zou afgerekend moeten worden op het aantal meisjes dat gedwongen huwt, besneden wordt, verstoten of verbannen, en op de volharding in (religieuze) waarden en praktijken die haaks staan op de universele mensenrechten én op de Nederlandse wet.

Dat een land dáár niets aan doet, zou de primaire zorg van internationale commissies moeten zijn. Wat zou dat een heilzame breuk zijn met de huidige gedoogpraktijk jegens Europese moslims die andersdenkenden discrimineren.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden