Al moet het niet te bloederig worden

Bijna alles mag bij het free fight, dit weekeinde voor het eerst in Nederland te zien. Volgens 'worstelmonument' Chris Dolman is er moed voor nodig om de ring in te stappen....

TWINTIG JAAR geleden werd het vrije gevecht nog door de politie verboden, gisteren woonden drieduizend mensen in Amsterdam de Nederlandse introductie van het free fight bij. Het uitschakelen van de tegenstander door knock-out is het doel. Slaan, gooien, klemmen en wurgen van de tegenstander zijn de middelen. Hans Nijman, portier van de Amsterdamse koffieshop The Bulldog nam een Rus voor zijn rekening. Dick Vrij, professioneel vechter en portier van discotheek iT rekende af met een Japanner. Net als de portier van Marcanti Plaza. 'Alleen voor echte kerels', zegt de worstelkampioen Chris Dolman over de onversneden vechtsportvariant. 'Er is moed voor nodig om hier de ring in te stappen.'

Een straatgevecht in de ring met een handvol regels, zo wordt het free fight door vechters omschreven. Slaan met de blote vuist op het lichaam is toegestaan, maar niet op het hoofd. Daar moet de open hand voor gebruikt worden. Trappen naar lichaam en het hoofd mag ook, maar niet als de tegenstander is gevloerd. Armklemmen, beenklemmen en verwurgingen passen eveneens in het arsenaal van de free fighter, net als kniestoten naar het hoofd. Bijten, vingerklemmen, elleboogstoten en 'aanvallen naar het kruis' zijn verboden. 'Het gaat mij om de realiteit van het gevecht', zegt Dolman, die met tientallen titels in het Grieks-Romeins en sambo-worstelen wordt gezien als 'vechtsportmonument'. Het free fight vindt hij 'prachtig'. 'Al moet het niet te bloederig worden en zijn dooien niet de bedoeling.'

Dolman, voormalig poortwachter van sextheater Casa Rosso van wallenkoning Zwarte Joop en ook daarna nog actief als ordehandhaver in donker Amsterdam, vierde twee dagen na zijn vijftigste verjaardag zijn afscheid als wedstrijdvechter. Hij schakelde de Japanse 'Marco van Basten van het worstelen', Akira Maeda, met een armklem uit. Dolman: 'Maeda schopt ontzettend hard. Als hij je knie raakt, kun je niet meer lopen. Raakt hij je hoofd, dan sta je niet meer op. Ik wachtte op mijn kans hem op de grond te pakken. Als afmaaktechniek vind ik een klem toch wel het mooiste.'

De toeschouwers worstelden met de vraag of het gepets, gezwiep en gekraak niet allemaal show was. Zoals ze kennen van de televisieworstelaar Hulk Hogan tijdens Wrestle Mania. Aanwezige vechtsporters raakten gaandeweg overtuigd van de echtheid van de gevechten. Kickbokser en sportschooleigenaar André Mannaart: 'Ze zijn hier allemaal: worstelaars, boksers, judoka's.' Bokser Alex Blanchard, aanwezig op uitnodiging van Dolman, vond de gevechten 'wel leuk en agressief'. 'Echt straatvechten en heel allround. Als je kunt worstelen en je bent soepel genoeg heb je hier wat voor.'

Thai- en kickbokskampioen Ernesto Hoost, die jeugdige delinquenten met kickbokstraining op het rechte pad probeert te krijgen, was sceptisch toen hij als toeschouwer de zaal betrad. 'Al is dit niet echt wat ik leuk vind, het ziet er goed en echt uit. Soms denk ik wel: waarom gebruikt hij nou zijn knie niet? Maar dat kun je een worstelaar niet kwalijk nemen. Die maakt dan weer een mooie worp.'

Free fighter Dick Vrij, in het weekend portier bij iT en als professioneel vechter tien keer per jaar in Japan, greep na zijn overwinning op knock-out de microfoon om zijn frustraties de zaal in te schreeuwen. 'Is dit echt of niet?! Hè?' Na afloop: 'Ze zeiden dat het een nepzooi was met vooraf in elkaar gezette partijen. Ik heb even laten zien dat het echt is. Ik ben een vechter van de straat. Ik doe alles op straat. En in de ring kan ik ook alles.'

Het free fight is een bedenksel van het Japanse bedrijf Rings, dat zich afficheert als fighting network. Dolman is gecontracteerd als manager en trainer van een ploeg Nederlandse free fighters. Het zijn volgens hem 'moeilijke jongens', die hem met vier, vijf uur trainen per dag 'handenvol werk' opleveren.

Dolman zelf, 124 kilo zwaar, 1,87 meter hoog en vrijdag vijftig jaar geworden, is volgens de marketing manager van Rings, Kouichi Kawasaki, als vechter big business. In april staan nog twee gevechten voor Dolman op het programma, een in het 'Tokyodome' in Tokyo voor zestigduizend toeschouwers en een afsluitend gevecht in Osaka. Rings heeft contracten met Amerikaanse en Japanse televisiezenders. Volgens Kawasaki staan 'meer dan honderd' vechters in Japan, Nederland, Rusland, Bulgarije, Polen en Korea, onder contract bij Rings.

De zakelijke mogelijkheden van het harde gevecht worden benadrukt door sportonderzoeker Eric Lagendijk, een socioloog die bij de Nederlandse kickboksbond een cursus over de geschiedenis van vechtsporten geeft. Lagendijk: 'Op de achtergrond sluimert altijd het idee van: wie is nou eigenlijk de sterkste als alles is toegestaan? Dat is als kijksport en daarom als commerciële business populair. Net als in de middeleeuwen. Meestal kan er weinig worden verdiend in de eigen gevechtsvariant, zoals bij karate. Dan is het wel logisch om na zo veel uren training voor veel geld een harder gevecht aan te gaan. Het free fight is als ultieme uitdaging een soort eindstation. De volgende stap is doorvechten tot de dood erop volgt. Dan grijpt de overheid in.'

De free fights tussen Nederlandse en Japanse vechters van Rings worden gepresenteerd als interland. Kleine meisjes gaan als vaandeldragers de vechters vooraf. Met hoorngeschal maken de glimmende kaken en schedels hun opwachting in de ring. Rondemiss Gill maakt haar opwachting in lingerie, de begeleidende muziek is harde house of metal. Ook de Japanners worden door westers gedreun aangekondigd.

De sponsors hebben 'een gigantische hoeveelheid geld bijeengebracht', meldt de omroeper. Cafés, sexclubs, een videobedrijf en 'onroerend-goedmagnaten' als Jaap Kronenberg en Bertus Luske behoren tot de financiers van het gevecht. Een van de tafels rond de ring wordt bezet door Hell's Angels, waarvan voorman Willem van Boxtel een prijs mag uitreiken.

De introductie van het free fight kan worden gezien als een voorlopig eindstation in de ontwikkeling van de harde vechtsporten. Alleen de Ultimate Fights in de Verenigde Staten kennen minder regels. Volgens sportsocioloog Maarten van Bottenburg, die de introductie van het free fight 'interessant' noemt, is de ontwikkeling van nieuwe, steeds hardere gevechtsvarianten onstuitbaar. In dertig jaar tijd veranderden veel martial arts van esoterische Japanse vechtkunst in internationale vechtsport. De competitie tussen verschillende vechtstijlen leverde steeds hardere varianten op.

Iedere sportschoolhouder wil volgens Van Bottenburg in de concurrentieslag met andere ondernemers een eigen stijl introduceren. Niet alleen kan dat nieuw publiek naar de sportschool trekken. De leraar, vaak begonnen als judoka of karateka, promoveert zo ook van leerling tot leraar. Een aantrekkelijk gegeven, zegt Van Bottenburg, dat wordt vormgegeven met strenge gedragsregels op de sportscholen. Nieuwe stijlen moeten steeds de indruk wekken te zijn afgeleid van de Japanse filosofie, maar heeft niet meer dan 'een vliesdun oosters sausje'.

De battle of styles betekent ook een verharding van de vechtsporten. Een logische vraag volgens de socioloog is welke vechtstijl de 'meest effectieve' is. Het beantwoorden van die vraag vergt steeds hardere, steeds completer vechtstijlen. Zo ontstond het kickboksen toen Japanse karateka's het onderspit dolven tegen thai-boksers.

Ook de sporters zelf trekken volgens Van Bottenburg van zachte naar harde vechtvarianten. Wie zich wil onderscheiden door vechtvermogen en spierkracht zal zich snel opgesloten voelen in 'verburgerlijkte, sterk gereguleerde sporten als judo en karate'. Dan is een ongebonden school met een harde vechtvariant een aantrekkelijk alternatief.

DE LAATSTE keer dat de overheid ingreep, was tijdens het eerste free fight gala van Dolman en thai-bokser Thom Harinck. 'We wisten van niks, hadden geen regels en iedereen ging knock-out het ziekenhuis in. Na een half uur was het gala afgelopen.' Het publiek liet zich bij de gevechten niet onbetuigd. Sportscholen gingen elkaar te lijf. De laatste jaren zijn tijdens vechtsportgala's, zoals bijvoorbeeld in het kickboksen veel worden georganiseerd, geen incidenten gemeld, zegt een politiewoordvoerder. 'Die hebben de ordehandhaving nu blijkbaar goed voor elkaar.'

De free fights zijn weinig eenvormig van techniek. Een vechter met een verleden als worstelaar probeert zijn tegenstander zo snel mogelijk op de grond te krijgen. Een kickbokser probeert zoveel mogelijk te trappen en te slaan en een klem of verwurging te vermijden. De meeste vechters zijn vlezig, zwaar en weinig lichtvoetig. Bovendien, zegt Thom Harinck, zijn de Nederlanders zo gericht op een knock-out dat ze weinig spektakel maken. Een Jap doet meer zijn best voor het publiek.'

Ruud Ewoldt wordt door de Japanner Yoshishu Yamamoto zo met de vlakke hand geranseld dat zijn gezicht met sneeën overdekt raakt en opzwelt. 'Zo'n vlakke hand kan een soort scheermes zijn', zegt een vechter. Ewoldt weet zich vijf ronden van drie minuten te verweren, onder andere met een vuistslag in het gezicht van Yamamoto, wat hem strafpunten en de zege kost. Elke vechter kan door het vastgrijpen van een van de touwen van de ring even adempauze krijgen. Een rope-escape mag vier keer, maar levert strafpunten op. Acht tellen rust van de scheidsrechter is twee keer toegestaan om in gevecht te blijven.

Volgens socioloog Lagendijk zal de groep die de harde vechtsport beoefent groeien. 'Die wereld is heel statusgevoelig. De groepen die gevoelig zijn voor de lichamelijke hiërarchie zijn in Nederland groter geworden. Voor jongens uit groepen met lage sociaal-economische status is lichamelijkheid nu eenmaal belangrijker dan geestelijke ontwikkeling.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden