'Al die wagens lieten een spoor van ellende achter'

Eelco Brand (25), beeldend kunstenaar. Is gek op auto's, het onderweg zijn, het niemandsland. 'Misschien is het inderdaad wel zo simpel dat je gewoon schildert wat je bevalt.'..

STEFFIE KOUTERS

'Alles begon voor mij te veranderen toen ik eenmaal mijn rijbewijs haalde. Ik had het nog geen drie dagen, of ik kocht voor vierhonderd gulden een Renault 20, zo'n grote bak, en ging met mijn vriend op vakantie naar Spanje. En daar merkten we ineens dat we succes hadden bij de meisjes. Dat was een goede tijd. Wij werden stoere kerels. Zo kwamen we terug.

Vanaf dat moment begon Denneke geïnteresseerd te raken. Misschien had ze iets van: er kijken ook andere meisjes naar hem. En ik durfde echt te gaan jagen, in de cafés waar zij uitging. Wat tot die tijd een sprookje leek waar je niet aan mocht komen, werd aardser.

Ik zag haar voor het eerst op mijn vijftiende, tijdens een popconcert in Werchter, en ik dacht meteen: ai, dat is een geweldig meisje. Wat een onvoorstelbaar mooi meisje. Zes jaar later heb ik voor elkaar gekregen dat het mijn vriendin werd. En in al die tussenliggende jaren is altijd door mijn hoofd blijven spelen dat ik nog nooit iemand was tegengekomen die geweldiger was dan zij.

Toen uiteindelijk bleek dat zij mij ook leuk vond, was dat voor mij het grootste cadeau ooit. Iedere mens heeft misschien wel zo'n soort superliefde. Ik dacht altijd dat Denneke een totale onmogelijkheid zou blijven. En dan bereik je het mooiste dat er te bereiken valt.

Door dat rijbewijs werd de wereld groter. Auto's boeien me: ik ben nu aan mijn dertiende bezig. Het zijn niet de machines op zich die me interesseren, maar wat je ermee kunt. Een auto betekent voor mij avonturen beleven, erop uit gaan, onderweg van A naar B. Benzine op, lekke band, of iets veel ergers. Dat schilderij waarbij een Renault 5 met een open deur aan de kant van weg staat: dat is een situatie die mij bevalt. Het onderweg zijn. Het niemandsland.

Al je werk houdt verband met je leven ernaast. Auto-biografisch, zeggen ze wel eens, al staat niet op ieder schilderij een auto, hoor. Maar misschien is het inderdaad wel zo simpel dat je gewoon schildert wat je bevalt. Het is ook mooi om als kunstenaar dicht bij huis te blijven: het niet te ver te zoeken. Bij mij zijn dat auto's en wrakken, stelletjes, boomstammen, weilanden. Koelkasten of wc-potten boeien me niet.

Avonturen beleef je ook samen, als stelletje, die moet je delen. Dat wil weer niet zeggen dat ik alleen maar stelletjes schilder. Kijk naar dat werk van die jongen die daar alleen loopt in het bos, met een schep op zijn rug. Hoewel het natuurlijk zou kunnen zijn dat hij net zijn vriendin heeft begraven.

Wij hebben thuis zeven zebravinkjes los vliegen. In de tijd dat ik aan dit schilderij werkte, is er eentje doodgegaan, waarschijnlijk door het eten van vergiftigde maïs. Dus die hebben we een heel mooie begrafenis gegeven in het bos. Ik denk dus bij dit schilderij aan een man die zijn huisdier aan het begraven is, maar iemand anders verwacht misschien dat hij zoekt naar een schat.

Ik probeer door een bepaalde scherpte-diepte in mijn werk de toeschouwer het idee te geven dat er wat staat te gebeuren. Ik ben afgestudeerd aan de audio-visuele afdeling van de Rietveld. Daar komt van alles bij elkaar: computerfreaks, beeldhouwers, filmmakers, schilders.

Eigenlijk ben ik eerder een regisseur die zijn ideeën schildert in plaats van filmt. In mijn schilderijen gebruik ik ook die filmtaal, een beeldtaal die iedereen kan lezen. Het schilderij met die auto in de sloot, en die kerel die wegloopt, daarmee probeer ik te suggereren dat er van alles aan de hand is. Is gebeurd en gaat gebeuren.

Vroeger maakte ik allerlei grappige schilderijen. Flauwekul in de ruimste zin van het woord. Gekke vormen waar bovenop hele kleine autootjes werden achtervolgd door politiewagens. Op een gegeven moment keek ik naar mijn werk en dacht: ai, ik probeer kunst te maken, en dat is helemaal fout. Het is namelijk helemaal niet moeilijk om iets op kunst te laten lijken. En het zal nog moeilijker zijn voor de buitenwereld om te zeggen dat het geen kunst is, omdat het er toch zo uitziet.

Maar dat was voor mij het moment om de hakbijl te pakken, alle kunstfratsen weg te kappen en gewoon een boom en een wolkenlucht te schilderen. Het echte sleutelschilderij, een keerpunt, was een silhouet van een sparrenbos tegen een mooie sterrenlucht. Dat was een heerlijk schilderij. Dat was fantastisch. Bij mij werkt het goed om een boom zo te schilderen als hij in werkelijkheid is. Een rode boom geeft geen toegevoegde waarde aan mijn werk, die leidt alleen maar af.

Het is moeilijk. Stel dat je voetballer bent, dan heb je een coach die continu tegen je brult. Nu moet alles vanuit jezelf komen. Ik probeer er ook een soort baan van te maken. Mijn atelier is mijn bedrijf. Hier moet ik om negen uur 's ochtends zijn, om vijf uur 's middags ben ik meestal klaar, soms ga ik 's avonds nog terug, en in het weekeinde werk ik vaak ook door.

Tegen de eenzaamheid kan ik goed. Eigenlijk heb ik er bewust voor gekozen om weer terug te gaan naar Brabant en in een stad tussen de bossen te gaan wonen. Ik ken bijna niemand in Breda. Mijn vrienden wonen in Amsterdam. En Amsterdam is hartstikke leuk, een boel flauwekul, maar wel veel tijdverlies. Hard werken kun je alleen in afzondering.

Met schilderijen is het eigenlijk heel simpel. Je produceert een schilderij dat zo de vuilnisbak in kan, of je maakt er een waarvan het goed is dat het er is. Het is natuurlijk ingewikkeld als je precies moet uitleggen waarom het goed of slecht is.

Maar dat voel je, dat weet je: deze kan de vuilnisbak in, die moet gewoon weg. Zo'n schilderij verkoop ik ook echt niet, al vindt een ander het wel mooi. Het is wel zo verstandig jezelf dermate serieus te nemen dat je alleen de goede wilt verkopen.

Uiteindelijk draait het erom dat je nog niet het schilderij hebt gemaakt waarvan je zegt: deze is nu echt geweldig. Dat schilderij zal er ook wel nooit komen. Maar dat is je drijfveer: je weet dat het beter kan, ooit. Er zit iets binnenin je, dat roept: je kan het. Je kan het. Ooit sla je de spijker op zijn kop.

Ik heb ook wel eens de dubbeltjes uit de stofzuigerzak moeten halen om nog een pakje shag te kunnen kopen. Maar tot nu toe is het bij mij altijd zo geweest dat er wel kopers waren voor een schilderijtje van me. Ik heb nog nooit een baantje in de fabriek hoeven nemen. Afgelopen jaar kreeg ik een startstipendium van 35 duizend gulden.

Dat is natuurlijk geweldig, maar ik moet daar ook niet te over doen. Er zijn een hele hoop kunstenaars die hem niet krijgen. Dat wil alleen niet zeggen dat hun werk minder zou zijn. De selectiecriteria zijn gewoon heel ingewikkeld en zwaar. In het bestaan van een kunstenaar zitten veel momenten van wachten op de uitslag van een aanvraag: gaat het door, gaat het niet door.

Ik weet te weinig van de BKR om er een goed oordeel over te kunnen geven. Die regeling was van voor mijn tijd. Maar de verhalen die ik erover ken, komen erop neer dat er geen goed werk uit voortkwam, dat het geen kwaliteit opleverde. En met alle mogelijkheden die je creeert voor kunstenaars moet één ding voorop staan: dat het werk oplevert waarvan je blij moet zijn dat het er is.

Het systeem is nu zwaarder en ingewikkelder geworden, maar de financiële middelen voor kunstenaars zijn er nog steeds. Dat massale van de BKR is eraf. Het had ook wel iets lomps in zich: kunstenaar, hoppakee, voor mekaar. Als het financieel zo gemakkelijk gaat, zal je dat waarschijnlijk niet aansporen er keihard tegenaan te gaan.

Maar ik ben niet zo thuis in de vroegere en huidige regelingen voor kunstenaars. Daar moet je je ook niet te veel in verdiepen, vind ik. Je moet met je werk bezig zijn. En geld mag geen hoofdzaak zijn. Verkopen is soms zelfs gevaarlijk. Dan is het verleidelijk om vooral te blijven doen wat goed aanslaat en kom je geen stap verder.

Mijn leven is tot nu toe vrij gemakkelijk verlopen. Ik hou me ook nooit zo bezig met de vraag hoe ik me voel. Natuurlijk maak je wel eens wat rottigs mee. Ik heb nu auto nummer 13, maar al die wagens hebben wel een spoor van ellende achtergelaten.

En één auto-ongeluk was echt wel heel vervelend. Een vrouw gaf geen voorrang. Ik klapte op haar zijkant, we schoven een eind door, vier auto's total loss. Het gebeurde voor een feestzaal waar een trouwpartij aan de gang was, dus iedereen kwam naar buiten rennen. Een gegil. Ik dacht: het hoofd van die vrouw is eraf gevallen. Toen ik kon gaan kijken schreeuwde ze dat ze verlamd was. Dat was niet zo, maar ze had wel een hele zware bekkenfractuur. Drie maanden heeft ze in het ziekenhuis gelegen. En ik had allebei mijn polsen gebroken.

Mijn verzekeringsmaatschappij heeft al een hoop schade uitgekeerd. Ik heb een keer met een CX een spiksplinternieuwe Golf GTI total loss gereden in Gent. Dat was verschrikkelijk voor ze, natuurlijk. Ik stond dan ook op een zwarte lijst.

Maar wat wel leuk is: Er is een tentoonstelling geweest bij die verzekeringsmaatschappij. En daar hebben ze, zonder te weten om welke slechte cliënt het ging, een schilderij van vijfduizend gulden van me aangekocht.

Eén schilderij is niet te koop. Dat waarop Denneke en ik samen dansen, naast een Renault 5, waarachter je nog net een Mercedes kunt zien. Soms moet je denken: dit houd ik zelf.'

Volgende week: 'Toen ik in Joegoslavië zat, dacht ik: wat wil ik nou voor mezelf?'

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden