AIVD verzweeg aftappen politici

DEN HAAG - De wettelijke plicht van de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (AIVD) om mensen die zijn afgeluisterd vijf jaar na dato hierover te informeren, lijkt zinloos. 'Het is buitengewoon bewerkelijk en het heeft een minimaal effect', verklaart Bert van Delden, voorzitter Commissie van Toezicht Betreffende Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten (CTIVD).


Sinds 2002 heeft de AIVD een zogeheten notificatieplicht. Als de dienst bijzondere opsporingsmethoden heeft gebruikt, zoals het afluisteren per telefoon of het binnendringen van een woning, moet degene die werd onderzocht daarvan altijd in kennis worden gesteld. De persoon in kwestie moet dan overwegen of hij met terugwerkende kracht bezwaar wil maken.


In een deze week vrijgegeven rapport van de CTIVD meldt de commissie dat er twee politiek actieve Nederlanders zijn afgeluisterd zonder dat zij daarover later zijn ingelicht.


In het ene geval betreft het een voormalige volksvertegenwoordiger die van 2005 tot 2007 door de Algemene Inlichtingen en Veiligheidsdienst (AIVD) is getapt. Die is niet om politieke maar andere redenen op de radar van de geheime dienst gekomen. 'Tijdens het onderzoek bleek dat de persoon in kwestie toevallig ook nog eens lid was van een vertegenwoordigend orgaan', zegt Van Delden.


De AIVD vindt dat de voormalige volksvertegenwoordiger niet hoeft te worden geïnformeerd dat hij is afgeluisterd 'omdat anders impliciet naar buiten zou worden gebracht dat de AIVD leden van politieke partijen tapt.'


SP-Tweede Kamerlid Ronald van Raak wil van minister van Binnenlandse Zaken Ronald Plasterk weten waarom niet bekend mag worden dat de AIVD politici afluistert. Van Raak: 'In een democratie controleren volksvertegenwoordigers de regering en niet andersom. Als de AIVD politici afluistert, moet de Tweede Kamer daarover worden geïnformeerd. Het lijkt erop dat de regering dat nu niet durft.'


Het tweede geval betreft een Nederlander die lid is van de Nederlandse afdeling van een buitenlandse politieke partij. De AIVD maakt niet bekend om wie het gaat, omdat het de betrekkingen met een ander land zou schaden.


In het algemeen is de CTIVD te spreken over de manier waarop de AIVD nu omgaat met de notificatieplicht. Uit het onderzoek blijkt dat in de periode 2010 tot juli 2012 dertien personen per aangetekende post zijn geïnformeerd dat hun telefoon is afgetapt en/of hun huis is doorzocht door de AIVD.


Het aantal onderzochte personen dat niet meer is te traceren door de AIVD, is teruggelopen van 43 naar 12 procent. Dit komt omdat de dienst er meer werk van maakt. De AIVD wil geen exacte getallen noemen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.