Afrika is juist te dun bevolkt

OP de nadering van de VNbevolkingsconferentie in Cairo, staan de kranten weer vol met verhalen over de bevolkingsexplosie...

De 'overbevolking' is in 1814 uitgevonden door de Engelse dominee Thomas Malthus. De Engelse adel was net overgestapt van landbouw op schapenteelt, en plotseling wisten de rijken zich geen raad met de miljoenen overbodig geworden en dus snel verpauperende dorpelingen. Die sloegen massaal op drift, trokken naar de woonoorden der rijken waar ze sloppenwijkjes timmerden, bedelden en af en toe zelfs muitten.

Malthus werd dus populair bij de rijken die niet bereid waren hun welvaart te delen, en nu is hij dat weer bij ons om exact de zelfde reden. Het recente GATT-akkoord vernietigt zo'n 200 miljoen banen in het Zuiden. Slechts een fractie van die mensen komt deze kant op.

Wanneer is de wereld echt vol? Volgens deskundigen kun je met de huidige stand van de techniek makkelijk duizend mensen voeden van een hectare. Als je de som van Malthus daarmee narekent, blijkt dat je van slechts eenderde van het landoppervlak van de aarde ongeveer vijfduizend miljard mensen kunt voeden. De wereld zou dan onherkenbaar zijn veranderd en waarschijnlijk onleefbaar zijn, maar in principe kan de aarde dus duizend maal meer mensen voeden dan ze nu doet.

Waarom moeten dan hemel en aarde worden bewogen om de bevolkingsgroei af te remmen? China is maar half zo dicht bevolkt als de EG, Indonesië nog minder, en Afrika is maar liefst tien maal dunner bevolkt dan Europa. Een VN-rapport dat vorige week uitkwam, beweerde dat minder bevolkingsgroei goed is voor de armoedebestrijding en de voedselproduktie. Maar is dit waar?

De redenering gaat uit van een top-down ontwikkelingsmodel. Lokale overheden, rijke landen en de Wereldbank doen in dit model hun best om via onderwijs, projecten en programma's de armen te bereiken. Wij, het Noorden, bieden hen 'moderne' instrumenten aan (onderwijs, gezondheidszorg, mensenrechten, krediet, technische hulpmiddelen, landbouwtechniek) en we hopen dat dan ook vanzelf westerse 'gewoonten' zoals een laag kindertal en zorg voor het milieu het gevolg zullen zijn.

Deze benadering gaat helemaal voorbij aan de specifieke omstandigheden waaronder het armste miljard mensen op deze planeet woont. Zij hebben gemeen dat ze meestal vrouw zijn, en boer, vaak in zeer dun bevolkte streken wonen, en dat 90 procent van hen nooit bereikt zal worden met een project.

Eind vorig jaar reisde ik door Mali en Mauretanië, twee van Afrika's dunst bevolkte landen. Na vele gesprekken met boeren, ambtenaren, ontwikkelingswerkers en met slaven was de conclusie onvermijdelijk dat het grootste knelpunt in de landbouw ligt in de zeer geringe bevolkingsdichtheid. Te weinig arbeiders, te weinig monden om te voeden, te weinig mensen om een economie op te bouwen.

Als overbevolking in Afrika armoede veroorzaakt dan zou je bijvoorbeeld verwachten dat de dichtst bevolkte landen ook het armst zijn. Het omgekeerde is echter waar: er is in Afrika een sterk positieve correlatie tussen bevolkingsdichtheid en bruto nationaal produkt per inwoner. De correlatie is nog sterker tussen landbouwproduktie en bevolkingsdichtheid.

Wie daar tegenin brengt dat zowel een lage landbouwproduktie als een lage bevolkingsgroei het gevolg is van onvoldoende regen en onvruchtbare grond, moet ik teleurstellen. In de Sahellanden valt 7 tot 87 maal meer regen per inwoner dan in Nederland. Het probleem is dat het zo veel arbeid kost om de regen op te vangen en te gebruiken.

Ook de bodemvruchtbaarheid als verklaring voldoet niet. Bij nadere analyse van het FAO-rapport Land, Food and People blijkt dat in streken in Afrika die even weinig vruchtbaar zijn, die plaatsen waar de bevolkingsdichtheid het hoogst is, ook de produktie per persoon het hoogst is. Case-studies bevestigen dit beeld.

HET is logisch dat het als dorp, als familie of als alleenstaande vrouw heel moeilijk is om op eigen houtje te boeren in een gemiddeld Sahelland. Niet zozeer omdat het klimaat riskant is, maar vooral om economisch-demografische redenen. Als ieder dorp in de wijde omtrek ook redelijk zelfvoorzienend is, dan woont je dichtsbijzijnde klant dus al gauw in de stad, duizend kilometer verder en dus onbereikbaar.

Wordt je dorpje echter groter dan een paar duizend mensen, dan ontstaat er wat middenstand, lokale handel, vertier, er komen ambtenaren, het transport verbetert, er komt wat lange-afstandshandel en plotseling heeft het zin om voor de markt te produceren. Hiervoor is echter een bevolkingsdichtheid nodig die in grote delen van de Sahel, maar ook elders in Afrika en in de wereld nog lang niet is bereikt.

Afrika's dichtst bevolkte land is het eiland Mauritius. Dertig jaar geleden luidde men hier de noodklok: de bevolkingsexplosie zou tot een economische ramp leiden. Op dit moment is het op twee na het rijkste, en qua landbouwproduktie per inwoner zelfs het rijkste land van Afrika.

'Reproduktieve rechten voor vrouwen', zoals de progressieven in Caïro hopen te bereiken, klinkt mij sympathiek en noodzakelijk in de oren. Maar ondertussen worden door het IMF in de armste streken der aardkloot de overheden, die de projecten toch moeten gaan uitvoeren, meer en meer uitgekleed.

De kans dat de armen ook werkelijk bereikt zullen worden, is zeer gering. Zij zijn dus in nog sterkere mate aangewezen op wat zij er met elkaar in hun regio van maken. In die situatie is het voor vrouwen, families en dorpen in de meeste Afrikaanse landen en delen van Azië zeer verstandig om veel kinderen te nemen. Wij zouden hen daarin, ook vanuit Caïro, op zijn minst moreel in moeten steunen.

Pieter Smit

De auteur is politicoloog.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden