Afkicken van de macht

Inspraak prima, maar de directie beslist. Zo denken China’s leiders, 20 jaar nadat ze de democratische uitdaging door studenten op het Tiananmenplein met geweld smoorden.

Het was even schrikken voor de Chinese autoriteiten toen onlangs wereldwijd – met uitzondering van China zelf – de memoires van Zhao Ziyang uitkwamen. Van de in 2005 overleden oud-premier en partijchef was sinds de zomer van 1989 niets meer vernomen.

Dat was geen toeval: hij zat in huisarrest in Peking, omdat hij te veel sympathie had getoond voor de demonstranten die in die roerige zomer de communistische partij op haar grondvesten deden schudden.

Zhao had het pleit verloren. Er mocht geen vreedzaam compromis worden gezocht met de demonstranten, bepaalden de partijoudsten onder leiding van opperste leider Deng Xiaoping. De studenten die in hartje Peking het martiale Plein van de Hemelse Vrede hadden omgevormd tot een ludiek uithangbord voor een vrijer land, inclusief een zelf geknutseld Vrijheidsbeeld, moesten terug het hok in. In de vroege ochtend van 4 juni voltrok de tragedie zich. Tanks en soldaten rukten moordend op, Peking werd gezuiverd van ‘contrarevolutionairen’. De hoop van een generatie Chinese intellectuelen was de grond in geboord.

Huisarrest

In zijn memoires Staatsgevangene No 1 (in het Engels verschenen als Prisoner of the State), die hij in de jaren van huisarrest insprak op cassettebandjes die het land zijn uitgesmokkeld, beschrijft Zhao de felle machtstrijd in de top. Hij doet het helaas op boekhouderige toon, waardoor van de emoties in die traumatische periode weinig doorsijpelt.

Zo blijf je zitten met vragen als: hoe beleefde Wen Jiabao, de huidige premier van China, die donkere dagen? Hij was de partijfunctionaris die op 19 mei 1989 aan de zijde van Zhao op het plein verscheen, toen deze met tranen in de ogen een laatste poging deed de studenten naar huis te krijgen. Op de foto zie je een jonge Wen afgemat toekijken, omringd door demonstranten, terwijl Zhao de luidspreker bedient.

Diezelfde Wen Jiabao is anno 2009 de populairste leider van China. ‘Wen geeft om ons’, hoor je op straat. Hij verschijnt bij overstromingen, sneeuwstormen en aardbevingen als vaderlijke oom. Een leider verheven boven alle machtsmisbruik en decadentie, zo schilderen de spindoctors in Peking hem graag af.

Wen kan in zeldzame interviews ook een semidemocratisch vergezicht schetsen. China zal ooit veel beter bestuurd worden, met onafhankelijke rechtspraak en goede checks and balances, aldus de premier. Maar inspirerende details blijven achterwege. Zijn notie van democratie lijkt vooral betere inspraak binnen het huidige eenpartijsysteem, waarmee het dilemma van effectieve controle op de macht levensgroot blijft.

Controle

Zhao gaat verder. Wat de conservatieve geesten in de partij het meest zal steken, is zijn conclusie dat het Westerse model van democratie superieur lijkt, een boeiende conclusie na vijftien jaar mild huisarrest in het oude centrum van Peking, met bewakers voor de deur en een piepkleine golfbaan in het binnenhofje.

De Chinese Communistische Partij is hard toe aan een ontwenningskuur voor haar machtsverslaving. Ze moet leren concurreren met andere partijen, betoogt de oud-partijchef. Maar hij pleit ook nadrukkelijk voor geleidelijkheid. De Partij zal mogelijk nog ‘lange tijd’ de dominante rol moeten spelen om de overgang ‘ordelijk’ te laten verlopen.

Het is precies het argument dat de machthebbers in Peking gebruiken om de status quo te handhaven: zonder onze controle wordt het een rommeltje, kijk naar wat de Sovjet-Unie is overkomen. Westerse democratie, vergeet het maar. Chinese democratie moet er komen: een soort ondernemingsraad die het verder floreren van de BV China faciliteert. Inspraak van het personeel prima, maar de directie beslist – dat is waar de huidige leiders in Peking aan denken.

Daarom houden ze iedereen kort die openlijk om democratie roept, zoals eind vorig jaar weer de opstellers van het manifest Charta 08, onder wie zich velen bevinden die ‘veteranen’ zijn van de opstand van 1989. Peking houdt de touwtjes strak in handen. Ook in economisch en cultureel opzicht.

Westerse zakenlieden

Dit gebeurt met dank aan horden veelal westerse investeerders die geld en kennis het land in brengen, gelokt door een reusachtige markt en lage lonen. De gretige buitenlanders worden doorgaans bekwaam uitgemolken door hun vanuit Peking voorgeschreven lokale zakenpartners.

Hoe dat spel werkt wordt op vermakelijke wijze beschreven in het boek van Bruce Dover over de pogingen van mediatycoon Rupert Murdoch om een voet tussen de deur te krijgen in China. Het is net als Zhao’s memoires het verslag van een insider: ex-journalist Dover was zaakwaarnemer van Murdoch in Peking.

De eigenaar van onder meer Fox Network, BskyB en de Wall Street Journal had grote plannen met het Rijk van het Midden. Zijn News Corporation wilde met STAR TV de Chinese huiskamer veroveren – en zo greep krijgen op honderden miljoenen aan advertentiedollars. Murdoch groef zijn Chinese graf vier jaar na het bloedbad van het Plein van de Hemelse Vrede. Satelliet-tv was een ‘onmiskenbare bedreiging voor totalitaire regimes’, flapte hij eruit. Peking wist zich gewaarschuwd. De tycoon probeerde de schade te herstellen via deals met zoontjes van partijbonzen en uitstapjes voor hen naar Australische koraaleilanden.

De Chinezen maakten intussen behendig gebruik van de introductie in China door News Corp van het nieuwe fenomeen internet, terwijl de staatszenders de populaire formats van Murdoch’s tv-zenders kopieerden. De Chinese huiskamer blijft van ons, bepaalde Peking.

Muurbloem

Het meest tastbare dat Rupert Murdoch eraan overhield, was een nieuwe vrouw (zijn derde), tolk Wendy Deng. Mevrouw Deng Murdoch bestiert tegenwoordig MySpace China, de sociale netwerksite van News Corp. Een onbeduidende marktspeler, vergeleken met lokale grootheden als 51.com, Baidu en Tencent. Van bedreiging tot muurbloempje: zo heeft men het graag in Peking.

Ook Zhao Ziyang werd via huisarrest tot muurbloem gemaakt. Over zijn graf heen geeft de voormalige partijleider zijn oud-collega’s een dringend advies: ze moeten zichzelf ‘koste wat kost’ de opdracht stellen parlementaire democratie in te voeren, inclusief strikte scheiding van wetgevende, uitvoerende en rechtsprekende macht. Gebeurt dit niet, dan loopt het niet goed af met de natie. Dan zal China een land blijven waar corruptie, vervuiling en uitbuiting welig tieren.

Neem een voorbeeld aan Taiwan en Zuid-Korea, bepleit hij. Daar evolueerde het autoritaire regime tot een democratisch bestuur, met vrije verkiezingen, een vrije pers en ruimte voor een civil society. Het werd geen chaos, de economie bleef floreren.

Het is de vraag of Zhao’s woorden nog weerklank vinden, niet alleen in het politbureau, maar vooral bij de Chinese bevolking. Daar vormt zich een nieuwe internetgeneratie die zich niet drukt maakt om staatshervorming, maar om aardse dagelijkse kwesties. Een eenpartijstaat die daar slim op inspeelt kan nog lang blijven bestaan.

Mei 1989: de toenmalige Chinese partijleider Zhao Ziyang (met megafoon) vraagt de studenten het Tiananmenplein te verlaten. Tweede van rechts: de huidige premier Wen Jiabao. (AP)
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden