AfD-leider doet vele nekharen overeind staan na opmerking over Holocaustmonument

Björn Höcke wil radicaal nieuwe herdenkingspolitiek

In Duitsland leeft altijd de angst dat ideeën die lijken op die van de nazi's opnieuw massaal in vruchtbare aarde vallen. Is dat moment aangebroken nu AfD-leider Björn Höcke het Holocaustmonument 'een schande' heeft genoemd?

Höcke dinsdag bij de bijeenkomst in Dresden. Beeld afp

'Een monument van schande' noemde hij het, en een bierhal vol jonge mensen liet bulderend hun instemming blijken. 'Wir sind das Volk, wir sind das Volk', scandeerden sommigen. Het gebeurde dinsdagavond in Dresden. De man op het podium was Björn Höcke, lokale grootheid bij de AfD, de partij die in september de tweede of derde kan worden bij de verkiezingen.

En het 'monument van schande' is het Holocaust Monument in Berlijn, de zwarte stenen die sinds 2005 tussen de Brandenburger Tor de Rijksdag staan, op een steenworp afstand van waar ooit de Hitlerbunker stond. Het monument dat herinnert aan zes miljoen uitgeroeide Joden.

'Wij Duitsers, dus ons volk, zijn het enige volk ter wereld dat een monument van schande in het hart van zijn hoofdstad heeft geplant,' zei Höcke.

Björn Höcke tijdens zijn speech in Dresden. Beeld afp

De gevestigde politieke orde reageerde geschokt. SPD-leider Sigmar Gabriël, noemde Höcke een demagoog en was van mening dat hij 'Duitsland veracht'.

Waarschijnlijk heeft Gabriel het daar bij het rechte eind. Höcke zei, op een toon waar de minachting afdroop, dat 'dit Duitsland nog steeds de mentaliteit van een overwonnen volk heeft.' Wat hij daarmee impliceert blijkt eigenlijk pas uit de volgende zin, waarin hij het Duitse herdenken 'verwerpelijk' noemt en hij pleit voor 'draai van honderdtachtig graden in de herdenkingspolitiek'.

Patriotten

Daarmee is de 44-jarige AfD-chef van de deelstaat Thüringen de eerste politicus die zo openlijk zegt dat hij een eind wil maken aan de centrale rol die het herdenken van de Holocaust in de Duitse samenleving speelt, in elk geval de eerste politicus die geen lid is van de neonazipartij NPD.

Höcke was te gast bij een bijeenkomst van de jongerenbeweging de AfD, de Junge Alternative. De classicistische bierhal was tot de nok gevuld. Pers was niet welkom, afgezien van het extreemrechtse blad Compact en propagandamedium Russia Today.

In de rede, die 47 minuten duurde en waarin Höcke zijn publiek consequent aansprak met 'patriotten', zei hij nog wel meer waarvan in Duitsland vele haren overeind gingen staan. Zo noemde hij het bombardement op Dresden een oorlogsmisdaad die 'ons van onze collectieve identiteit wilde beroven'.

Hij sprak over Richard von Weizsäcker, de Bondspresident van weleer die in 1985 de eerste politicus was die de dag van de capitulatie, 8 mei, een 'dag van bevrijding' noemde, in plaats van 'dag van de nederlaag'. Over hem zei Höcke: 'Hij heeft zich tegen het volk gekeerd.' Waarop zijn publiek vol enthousiasme 'volksverrader, volksverrader' begon te kraaien.

Het Holocaustmonument in Berlijn. Beeld afp

Wegen

En Höcke streeft naar een 'vollständiger Sieg' van de AfD bij de verkiezingen, zei hij. Dat is onmiskenbaar nazi-jargon. En Höcke weet dat. Hij is namelijk geschiedenisleraar op een middelbare school. Tenminste dat was hij, voordat hij vanwege zijn politieke standpunten door de deelstaat Thüringen met onbepaald verlof werd gestuurd. De grote vraag is: hoe zulke uitspraken te wegen? Serieus nemen? Negeren?

Voor dat laatste spreekt dat Höcke binnen de partij al als een onstuimige rechtsbuiten geldt die door het partijbestuur vaker op zijn vingers is getikt vanwege zijn rechts-extreme en 'völkische' uitspraken.

Maar datzelfde bestuur zet hem niet uit de partij. En dus zijn de uitspraken van Höcke uitspraken van de AfD, de partij die geldt als de grote uitdager van Merkel en haar CDU bij de komende verkiezingen, die op 24 september zullen worden gehouden. De AfD kan de derde partij worden of de tweede. Dat ze de grootste worden is onwaarschijnlijk, maar niet uitgesloten.

Tekst gaat verder onder video.

Een tweede argument tegen het bagatelliseren van Höckes uitspraken, is het genoemde applaus. Het toont aan wat veel Duitsers vrezen en wat het partijbestuur van de AfD altijd weer ontkent, namelijk dat Höcke lang niet de enige binnen de AfD is die enthousiast raakt van toespelingen op het nationaalsocialisme. Want daarvan zaten er in Höckes verhaal ongeveer zoveel als rozijnen in een krentenbol.

En zo is een op non-actief gestelde leraar geschiedenis met staalblauwe ogen opeens de personificatie van de angst die het naoorlogse Duitsland lang in zich heeft gehouden: de angst dat 'het weer kan gebeuren,' dat ideeën die lijken op die van de nationaalsocialisten opnieuw bij een groot deel van de bevolking in vruchtbare aarde zouden kunnen vallen. Die angst is het belangrijkste fundament van het naoorlogse Duitse denken en politieke handelen. Die angst is de oorzaak van het moreel krampachtige gedrag van de intellectuele elite die tot de dag van vandaag met haar opgeheven vingertjes over krantenpagina's zwaait.

De angst leidde er ook toe dat in Duitsland lange tijd een taboe gold op alles wat ook maar naar rechts riekte.

Het was juist de komst van het Holocaustmonument in 2005, een plek van pijlloze donkere diepte middenin de tot bloei komende hoofdstad, die een periode van intellectuele ontspanning inluidde. Duitsland durfde haar litteken te tonen en kreeg wat vertrouwen in zichzelf. Men raakte er voorzichtig van overtuigd dat democratie en rechtsstaat tegen een stootje konden.

De ironie wil dat het constitutionele gerechtshof juist vanuit die gedachte heeft besloten de neonazipartij NPD niet te verbieden. De partij heeft gevaarlijke ideeën, maar is te klein en onbeduidend geworden om de democratie omver te kunnen werpen, oordeelde de rechter dinsdagmorgen.

Kopje onder

Lichtzinnig, oordeelden sommigen. En ja hoor, nog voor de zon onder was gegaan was daar een lid van een veel grotere partij die openlijk met het nationaalsocialisme flirtte. En applaus oogstte.

Binnen zijn eigen partij leidden Höckes uitspraken tot verdeeldheid. Sowieso wordt de strijd tussen rechts en extreemrechts in de AfD sinds afgelopen herfst steeds meer in de openbaarheid gevoerd.

Partijchef Frauke Petry zei tegen de rechtse krant Junge Freiheit dat Höcke een belasting voor de partij geworden is. 'De AfD moet nu beslissen of ze de weg van de Republikeinen gaat', zei ze, refererend aan een kleine rechtse partij die in de jaren negentig kopje onder ging aan zijn eigen extreme standpunten, 'of die van succesvolle partijen als de FPÖ.'

Maar de éminence grise van de partij, Alexander Gauland, net als Höcke ooit lid van de CDU, verdedigde zijn partijgenoot. Hij vindt het logisch dat Höcke erop wijst dat 'de prestaties van de Duitse geschiedenis in het publieke discours maar al te vaak verdwijnen achter de herinnering aan deze twaalf jaar in de geschiedenis'.

'De liberale democratie is in gevaar', zei scheidend bondspresident Joachim Gauck woensdag in zijn laatste publieke optreden. En Gauck, die bij uitstek geldt als rustig en zichzelf al vaker een optimist heeft genoemd, deed een bekentenis: 'Het land heeft zich anders ontwikkeld dan ik had gehoopt.'

Höcke kreeg bijval van partijgenoot Alexander Gauland. Beeld ap
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.