Nieuws Leraren

Advies voor docentenopleiding: iedere leraar dezelfde basis, daarna specialisatie

De Onderwijsraad wil dat het hele opleidingstraject voor leraren en onderwijzers op de schop gaat. De kwaliteit moet omhoog en het vak moet aantrekkelijker worden. Het advies is om voortaan eerst een soort basisleraren op te leiden, die zich daarna pas specialiseren en dus ook veel makkelijker kunnen switchen gedurende hun loopbaan. 

Leraar tijdens een examencursus in Leiden. Beeld ANP

Krijgt Nederland na de basisarts ook de basisleraar? Wel als het aan de Onderwijsraad ligt. Dit adviesorgaan van de regering bepleit een geheel nieuwe kijk op het leraarschap: eerst leren lesgeven, daarna kiezen op welke school en in welk vak. Bij die keuze moet ‘clusteren’ mogelijk zijn: specialiseren in verwante onderwijssoorten en vakken.

Dat schrijft de Onderwijsraad in het woensdag verschenen advies ‘Ruim baan voor leraren. Een nieuw perspectief op het leraarschap’. De Tweede Kamer had om het advies gevraagd. De vaste Kamercommissie voor onderwijs maakt zich zorgen over het oplopende lerarentekort, vooral in het basisonderwijs, en zoekt naar manieren om het leraarschap aantrekkelijker te maken.

Leraren moeten anders worden opgeleid, schrijft de Onderwijsraad, zodat zij op verschillende onderwijsniveaus en in meerdere vakken kunnen lesgeven. Dit vergroot hun perspectief op een gevarieerde werkomgeving en maakt een baan in het onderwijs aantrekkelijker op de arbeidsmarkt. Het vereist wel één loongebouw voor voorschoolse educatie, basis- en voortgezet onderwijs en middelbaar beroepsonderwijs. Dat is op dit moment een politiek onhaalbare wens, omdat het miljarden extra aan belastinggeld kost. 

Clusters

Het advies werd dan ook nadrukkelijk gepresenteerd als ‘een stip op de horizon’, niet als een blauwdruk die morgen werkelijkheid kan zijn. Een onderwijsbevoegdheid zou voor iedereen dezelfde brede basis moeten hebben. De basisleraar mag nog niet zelfstandig lesgeven. Als hij deze fase heeft afgerond, kan de leraar in opleiding kiezen uit clusters. Dat kan bijvoorbeeld het cluster 0 tot 8 jaar zijn, waarbij een leraar zowel in de voorschoolse opvang als in de laagste klassen van de basisschool kan lesgeven. Of het cluster 8 tot 14 jaar, voor lessen in de hoogste basisschoolklassen en de onderbouw van het voortgezet onderwijs.

De Onderwijsraad filosofeert nog verder en denkt ook aan een ‘bèta-cluster’ van natuurkunde, scheikunde, biologie en wiskunde. Of een ‘gamma-cluster’ voor aardrijkskunde, geschiedenis, economie en maatschappijleer. Daarnaast blijft een aparte (academische) specialisatie nodig voor de hoogste klassen van havo, vwo en gymnasium.

Het is allemaal dringend noodzakelijk, volgens het advies, omdat nu gemiddeld een kwart van de startende leraren in het basis- en voortgezet onderwijs binnen vijf jaar het beroep verlaat. De verantwoordelijke ministers Ingrid van Engelshoven (D66) en Arie Slob (CU) proberen wel met uiteenlopende maatregelen het kwantitatieve lerarentekort op te lossen, zoals het bevorderen van de zij-instroom, maar de Onderwijsraad wil meer aandacht voor de kwaliteit en aantrekkelijkheid van het vak op de lange termijn.

Die kan aantrekkelijkheid kan worden vergroot door niet langer opgeleid te worden tot leraar in één sector in één vak, zoals nu de gangbare praktijk is, maar door meer aandacht te hebben voor ‘doorgroeimogelijkheden’. Dat vergt van de scholen ‘goede begeleiding, sterkere prikkels voor loopbaanontwikkeling en professionalisering op de werkplek’.

De Tweede Kamer reageert voorzichtig op de suggesties van de Onderwijsraad. ‘Een interessant maar ook ingewikkeld advies’, zegt GroenLinks-Kamerlid Lisa Westerveld. PvdA-Kamerlid Kirsten van den Hul sluit zich daarbij aan. D66-Kamerlid Paul van Meenen wil vooral weten wie er straks ‘over de lerarenopleidingen gaat’.

Financiële consequenties

De Onderwijsraad stelt voor nu een commissie aan te stellen, die op dit soort vragen antwoord geeft en het advies verder uitwerkt. ‘Dan worden ook de financiële consequenties duidelijk. Alleen als deze consequenties worden aanvaard, heeft het voorstel kans van slagen’, aldus het advies. ‘Hoe dan ook vragen de voorgestelde aanpassingen om overdenking van de cao’s voor beroepskrachten in de voorschoolse sector en voor leraren in het basisonderwijs, voortgezet onderwijs en middelbaar beroepsonderwijs.’

Daarmee neemt de Onderwijsraad een voorschot op een nieuwe kabinetsperiode, want de zittende bewindslieden hebben bij herhaling laten weten dat geld voor het gelijktrekken van de salarissen in het primair- en voortgezet onderwijs ontbreekt. De PO-raad, de koepel van schoolbesturen in het primaire onderwijs, liet woensdag weten graag te willen ‘meedenken en meewerken’ aan de uitwerking van het advies. Liesbeth Verheggen, voorzitter van de Algemene Onderwijsbond, noemde het een ‘heel ingrijpend en breed’ advies. ‘Veel zal afhangen van de praktische uitwerking van de voorstellen.’ 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.