Advies aan volgende kabinet: doe niets

Het volgende kabinet moet vooral op de winkel passen, schrijft een groep ambtenaren met vaak vergaande invloed. Goed voor de overheidsfinanciën, maar de koopkracht knapt er niets van op.

Beeld anp

De hoogste ambtenaren van het land dragen het volgende kabinet op niets te doen: niet bezuinigen, maar ook niet meer uitgeven. Dat vinden ze het beste voor de stabiliteit van economie en overheidsfinanciën. Het gevolg van die keuze: geen koopkrachtverbetering en nauwelijks minder werklozen in 2021, normaal gesproken het laatste kabinetsjaar.

Zet gewoon het beleid van Rutte II voort, is het vrijdag uitgebrachte advies van de Studiegroep Begrotingsruimte. Dat is een club van Haagse topambtenaren die ruim voor elke verkiezing het nog te formeren nieuwe kabinet adviseert welk begrotingsbeleid het vier jaar moet voeren. Een zwaarwegend advies: het is de financiële leidraad bij elke formatie.

Volgend jaar, na de verkiezingen van maart, begint die formatie en als het nieuwe kabinet een meerderheid in de senaat wil, moet het uit minstens vier partijen bestaan. Ze onderhandelen in economisch gunstige tijden, maar dat is moeilijker dan in een recessie. Vorig jaar lukte het het kabinet bijna niet om 5 miljard uit te delen. Kortom: een ingewikkeld onderhandelingsspel voor gekozen politici en in dat vacuüm zien ongekozen ambtenaren kansen om hun opvattingen om te zetten in echt beleid.

En het is productief, dat ambtenarenkabinet. Nu, ruim acht maanden voor de verkiezingen, kunnen de schrijvers van de verkiezingsprogramma's - en later de formatieonderhandelaars - putten uit een flinke en almaar groeiende stapel onderzoeken, menukaarten en zwaarwegende adviezen over het in een volgend kabinet te voeren beleid. Allemaal van niet-politici aan politici. Van onderwijs tot asfalt en van zorg tot zzp'er - doorgerekend en wel door planbureaus, adviesraden en ambtenarenclubs.

Exorbitante bezuinigingen

Boven op die rapportenstapel ligt de boreling van de vijftiende Studiegroep Begrotingsruimte met een titel die alleen technocraten kunnen verzinnen: Van saldosturing naar stabilisatie. Vrijdag droeg de hoogste ambtenaar van het ministerie van Financiën, Manon Leijten, het advies over aan haar politieke baas, minister Jeroen Dijsselbloem, die het naar de Tweede Kamer stuurde.

Sinds mensenheugenis adviseert de Studiegroep exorbitante bezuinigingen. In 2010 droegen de topambtenaren het kabinet op 18 miljard euro te bezuinigen en in 2012 nog eens 20 miljard. Huidig en vorig kabinet voldeden braaf aan de opdracht. Nu, zegt de Studiegroep, is wel weer genoeg bezuinigd. Het volgend kabinet moet vooral op de winkel passen. Of in ambtenarenlingo: 'De Studiegroep Begrotingsruimte beveelt een budgettaire opgave van nul aan.' Het is de kernzin van het advies.

Geen gouden bergen

Daarmee volgen de topambtenaren een ander rapport dat op de formatietafel zal liggen: de Middellangetermijnverkenning van het Centraal Planbureau. Daarin voorspelt de economisch adviseur van het kabinet hoe Nederland erbij ligt in 2021 als het huidige beleid ongewijzigd wordt voortgezet. Dat pad, zegt de studiegroep nu, dat moeten we volgen.

Aan het eind van die weg, in 2021, liggen geen gouden bergen. Er is dan een aardig plusje op de begroting, na jarenlange begrotingstekorten. De staatsschuld is van een aanvaardbare omvang, al is die niet zo klein als vlak voor de crises die in 2008 begonnen. Kortom: de overheidsfinanciën zien er bij nietsdoen goed uit in 2021 en dat benadrukt de studiegroep dan ook.

Maar hun advies leidt ook tot een erg bescheiden daling van de werkloosheid en erger: tot geen enkele verbetering van de koopkracht. Mensen hebben in 2021 net zoveel te besteden als nu, als het nieuwe kabinet het advies van de studiegroep volgt. En dat na, dan, vier jaar economische groei.

Zorguitgaven beperken

De zorg biedt een mogelijkheid om het tij enigszins te keren. Minister Edith Schippers van Volksgezondheid heeft een reeks zorgakkoorden gesloten die de groei van de zorguitgaven hebben beperkt. Die akkoorden moet het nieuwe kabinet weer sluiten. Dat levert moeiteloos 2 miljard op. Geld dat, zo adviseert de studiegroep, onverwijld in koopkrachtverbetering moet worden gestoken.

Het is de enige handreiking van de Studiegroep om het leven er in 2021 wat rooskleuriger uit te laten zien. Voor het overige hameren de topambtenaren op rust, zekerheid en stabiliteit. De begroting moet onverstoorbaar doorrollen. 'Dus niet in het ene jaar belastingverhoging en in het volgende belastingverlaging', zegt Studiegroepvoorzitter Leijten streng, verwijzend naar de eenmalige 5 miljard belastingverlaging. 'Het volgende kabinet moet buffers opbouwen als de zon schijnt, zodat het niet hoeft te bezuinigen als het regent.'

Zeven opdrachten van de ambtelijke top aan het volgende kabinet (2017-2021)

1. Niet bezuinigingen, maar ook niet meer uitgeven, beleid Rutte II gewoon voortzetten

2. Zorg voor een klein overschot op de begroting in 2021 in plaats van een tekort

3. Zorg voor een staatsschuld ruim onder de Brusselse norm

4. Accepteer een bescheiden daling van de werkloosheid

5. Beperk de stijging van de zorgkosten en gebruik dat geld voor koopkrachtverbetering (anders stijgt de koopkracht nooit)

6. Zorg dat gemeenten meer belasting kunnen heffen, ze hebben immers meer taken gekregen

7. Ga verder met het hervormen van woningmarkt en pensioenen

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden