Reportageafvalcrisis in Den Haag

Achter de rommel rond deze Haagse afvalcontainer schuilen de problemen van de stad

Orac 20VO2485 in de Wenckebachstraat in het Haagse stadsdeel Laak. Beeld Harry Cock
Orac 20VO2485 in de Wenckebachstraat in het Haagse stadsdeel Laak.Beeld Harry Cock

Ieder jaar is Den Haag miljoenen kwijt aan het ophalen van sluikstort. De troep lijkt het symptoom van dieperliggende problemen. De Volkskrant postte bij de ondergrondse container Orac 20VO2485 en zag met eigen ogen hoe het dag in, dag uit misgaat.

Robert van de Griend

Zondag, 12.05 uur

In de Wenckebachstraat in Laak, een stadsdeel aan de oostkant van Den Haag, staat Orac 20VO2485 te blinken in de najaarszon. Er ligt weer een week vol plastic, karton en blik in het verschiet. Maar aan deze ondergrondse restafvalcontainer, type Belfast, zal het niet liggen. Een behuizing van verzinkt staal, een vulcapaciteit van 5.000 liter, een dubbelschalige trommel met brede handgreep, een loopplateau met antislipplaat – wat wil een mens nog meer? Twee dagen geleden hebben ze hem nog uit de stoep getakeld en van al zijn ballast ontdaan, nu is Orac 20VO2485 ready for action.

. Beeld .
.Beeld .

Even over twaalven lijkt het raak. Een vrouw van middelbare leeftijd loopt met een kartonnen doos van Bol.com in haar handen recht op Orac 20VO2485 af. In plaats van de doos in stukken te scheuren en in behapbare porties in de trommel te deponeren, zet ze hem pal naast de container op de tegels en maakt rechtsomkeert.

Tien minuten later komt een twintiger op badslippers aangesloft met een grote vuilniszak. Hij kijkt naar de doos, aarzelt even, en besluit zijn zak op dezelfde plek neer te smijten. Dan sloft hij verder.

Waarom doen deze mensen alsof Orac 20VO2485 er niet staat? En hoe krijg je burgers zover dat ze hun huis- en grofvuil op de juiste manier ‘aanbieden’, zoals dat in afvaljargon heet? Het lijken basale vragen, maar in Den Haag breken bestuurders en bewoners er zich al jaren het hoofd over. De stad kampt met wat in de gemeenteraad inmiddels een ‘vuilniscrisis’ wordt genoemd.

Dat probleem concentreert zich voornamelijk rond de bijna zevenduizend ondergrondse restafvalcontainers (oracs) die sinds 2009 in de wijken zijn geplaatst. Die bosgroen geschilderde bakken moesten Den Haag een florissanter voorkomen en een fikse bezuiniging op het stadsreinigingsbudget bezorgen, maar in de praktijk blijken ze dagelijks een compleet parcours van kleine vuilstortplaatsen te creëren.

null Beeld Harry Cock / de Volkskrant
Beeld Harry Cock / de Volkskrant

Soms omdat ze vol of verstopt zitten en de omwonenden zich genoodzaakt zien hun afval naast de container achter te laten, vaker omdat velen van hen niet eens de moeite nemen om de vulklep op te lichten. Komt bij dat de oracs als een magneet werken op versleten meubilair, doorgelegen matrassen en andere afgedankte huisraad. Vooral in armere stadsdelen als Laak, Escamp en Centrum springt het probleem in het oog, het straatbeeld wordt daar in hoge mate bepaald door stillevens van troep.

Den Haag is zeker niet de enige gemeente in Nederland die hier tegenaan loopt. Waar de ‘mooie stad achter de Duinen’ door sommige inwoners werd omgedoopt tot Napels aan de Noordzee, staat Amsterdam al een tijdje bekend als Napels aan de Amstel, Rotterdam als Napels aan de Maas en Delft als Napels aan de Schie.

In Den Haag is het probleem echter vele malen groter dan elders. Vorig jaar moesten de Haagse vuilnisdiensten bijna 120 duizend keer uitrukken om zogeheten bijplaatsingen, ook wel 'sluikstort', op te halen. Kosten: 7,5 miljoen euro. Dat is 5 miljoen euro meer dan het bedrag dat Amsterdam kwijt is aan illegaal gedumpt afval, terwijl die stad ruim 300 duizend meer inwoners heeft.

Met de gemeenteraadsverkiezingen in aantocht laait in Den Haag ook het debat over de vuilniscrisis weer op. Niet in de laatste plaats omdat deze crisis om veel meer gaat dan afval alleen. De zakken, dozen, meubels en matrassen; ze zijn een symptoom van allerlei andere maatschappelijke problemen waar het Haagse stadsbestuur geen antwoord op lijkt te hebben.

null Beeld Harry Cock
Beeld Harry Cock

Zondag, 15.15 uur

Er zijn mensen die Orac 20VO2485 een enkeltje schroothoop toewensen, of op zijn minst een ernstige vorm van roest. Piet Grimme (72) is zo iemand. Hij woont met zijn vrouw om de hoek van de container, waar inmiddels een tweede vuilniszak en winkelwagentje bij zijn gezet. ‘Het is toch geen gezicht, al die rotzooi’, zegt Grimme, leunend tegen zijn voorgevel. ‘Ik maak er niet eens meer melding van bij de gemeente. Zo wordt het opgehaald en zo ligt het er weer.’

Ook voor zijn eigen huis staat sinds zes jaar een orac, op nog geen 3 meter van zijn voordeur. Die trekt doorgaans relatief weinig rommel aan – vandaag zal het beperkt blijven tot een wasmand en een stofzuigerstang – maar volgens Grimme is de hinder er niet minder om. ‘Op warme dagen stinkt het hier vreselijk’, zegt de gepensioneerde gemeenteambtenaar. ‘Als het regent, staat het hier altijd blank, omdat de stoep door die bak is verzakt.’

En dan is er nog het legen van de container, dat zo’n drie keer per week plaatsvindt. ‘Dat maakt een hels kabaal. Mijn vrouw heeft parkinson, zij wordt er bloednerveus van.’

Ook andere inwoners van Den Haag zijn de oracs in hun buurt meer dan beu. Op het Pasteurplein in Laak plakte een vrouw haar ramen vol met grote foto’s van het vuilnis dat zich steevast rond de afvalbak voor haar huis opstapelde. Vorig jaar zomer trok een groep mensen uit Laak, Transvaal en de Schilderswijk in een mars naar het stadhuis om aandacht te vragen voor het vuilnisprobleem. En onlangs nog staken bewoners van Spoorwijk uit protest containers in brand.

null Beeld Harry Cock
Beeld Harry Cock

Jaarlijks ontvangt de gemeente Den Haag zo’n 60 duizend meldingen over wantoestanden rond de oracs. Die gaan onder meer over straten waar je als voetganger tot je enkels door het vuil moet waden, over weggewaaide plastic verpakkingen waar watervogels in verstrikt raken en over de ratten die op het vuil afkomen. ‘De ratten zijn zo doorvoed dat ze vaak zo groot zijn als katten’, stelde gemeenteraadsfractie Hart voor Den Haag. ‘Veel bewoners van wijken waar een rattenplaag heerst durven nauwelijks nog hun woning uit.’

Het verklaart mede waarom de afgelopen jaren zeker 130 inwoners van Den Haag een rechtszaak aanspanden tegen het stadsbestuur om te voorkomen dat er een orac voor hun deur zou worden geplaatst, al was dat in de meeste gevallen tevergeefs.

Piet Grimme ziet voorlopig geen oplossing voor de overlast die zijn vrouw en hij al zes jaar ervaren. ‘Als het aan mijn vrouw ligt, gaan we vandaag nog verhuizen. Maar ja, vind in deze tijd maar eens ergens anders een betaalbare benedenwoning.’

Zondag, 19.40 uur

Misschien is het omdat de gemeente geen bord naast Orac 20VO2485 heeft neergezet, zoals bij sommige andere ‘hotspots’ in de stad. Op die borden staat een plaatje van een orac die bijna bezwijkt onder de bijplaatsingen, begeleid door waarschuwende woorden in het Nederlands (‘Dit is niet normaal!’), Engels (‘This is not normal!’) en Pools (‘To jest nienormalne!’).

Hoe dan ook lijkt de besnorde man die aan het begin van de avond een open vuilniszak vol lege blikken Tyskie-bier bij de bak in de Wenckebach laat neerkletteren zich niet bewust van wat hij verkeerd doet. Op de vraag waarom hij de zak niet gewoon weggooit zoals het hoort, volgt eerst een blik die oprechte verbazing verraadt en dan een opwaarts handgebaar dat ook voor niet-Polen prima valt te begrijpen.

Het zijn dit soort voorvallen die sommigen in Den Haag sterken in het idee dat de vuilniscrisis vooral een probleem is van demografische aard. Of zoals een leidinggevende van het Haags Werkbedrijf, een van de gemeentelijke diensten die bijplaatsingen ophaalt, het later zal verwoorden: ‘Er komt hier toch een stukje migratie om de hoek kijken.’

Feit is dat de stad een opvallende transitie doormaakt. Het aantal inwoners, dat nu bijna 550 duizend bedraagt, is sinds 1995 met maar liefst 24 procent toegenomen. Ter vergelijking: Rotterdam en Amsterdam groeiden respectievelijk met 9 en 21 procent.

Onmiskenbaar is ook dat de Haagse bevolkingscijfers vooral zijn gestegen door de instroom van migranten. Door de aanwezigheid van onder meer het Internationaal Strafhof, tientallen ambassades en de hoofdkantoren van Europol en Unicef zijn er tienduizenden expats en buitenlandse studenten in de stad komen wonen. Daarnaast verblijven er in Den Haag naar schatting 55 duizend arbeidsmigranten uit Oost-Europa (een vertienvoudiging ten opzichte van 2005), die hoofdzakelijk in de kassen in het Westland werken, maar daar geen onderdak kunnen vinden.

Over beide populaties klinkt nogal eens het verwijt dat ze een groot aandeel hebben in de vuilniscrisis, omdat ze niet bekend zouden zijn met de Haagse afvalregels of zich er niets van zouden aantrekken. Vooral de arbeidsmigranten hebben een slechte naam. ‘Ze komen hier alleen om te werken en hebben geen binding met de wijk,’ analyseerde een bewoner van Transvaal in Pownews.

null Beeld Harry Cock
Beeld Harry Cock

Helemaal onbegrijpelijk zijn die verwijten niet. Wandel op een willekeurige ochtend door een buurt in Den Haag waar veel Polen, Roemenen en Bulgaren wonen en je struikelt over de sluikstort. Tekenend is ook dat de eerste dag van de maand, waarop een deel van deze groep huiswaarts keert en volledige inboedels op straat belanden, in stadsdelen als Laak al matrassendag wordt genoemd.

Toch is het te eenvoudig om arbeidsmigranten als zondebok voor de vuilniscrisis aan te wijzen, zegt Sabina Jurjewicz (46). De geboren Poolse werkt als opbouwwerker in Laak. Ze trekt regelmatig met een megafoon en een bakfiets vol folders in vijf talen de buurt in om Oost-Europeanen wegwijs te maken in de wereld van de afvalinzameling.

‘Het probleem wordt niet veroorzaakt door deze mensen’, zegt Jurjewicz, ‘maar door het systeem van overbewoning.’ Ze doelt op de ontwikkeling dat de afgelopen jaren een groot deel van de Haagse huizen werd opgekocht, ‘verkamerd’ en verhuurd door particuliere investeerders. In Laak gebeurde dit in 2020 met 40 procent van de woningen. Veel van de investeerders ontpopten zich al snel tot huisjesmelkers die zo veel mogelijk huurders in een ruimte proberen te proppen en van de ene op de andere dag de huur kunnen verhogen of opzeggen.

null Beeld Harry Cock
Beeld Harry Cock

Vooral arbeidsmigranten zijn afhankelijk van deze investeerders. Dat feit drong zich dit voorjaar weer eens aan toen in een straat in de Schilderswijk 23 huizen in vlammen opgingen en meerdere etages volgestouwd bleken met Oost-Europeanen, die daar in erbarmelijke omstandigheden verkeerden.

De overbewoning zorgt ook voor extra belasting van de oracs en voor een continue toevoer van grofvuil, zegt Jurjewicz. ‘Als je zo dicht op elkaar woont, heb je geen ruimte om vuilniszakken en dozen in huis te houden. En als je zomaar ineens op straat wordt gezet, moet je gewoon zo snel mogelijk van je spullen af. Het laatste waar je dan aan denkt zijn afvalregels.’

Zondag, 21.30 uur

Normaal gesproken zou Theo Gruppe (70) waarschijnlijk zijn telefoon uit zijn zak hebben gehaald als hij zou zien wat zich nu weer bij Orac 20VO2485 heeft opgehoopt. Hij zou er een foto van hebben gemaakt en die op Twitter hebben geplaatst, gericht aan de gemeente. Zo doet hij dat vaker als hij zijn vaste rondje loopt langs de afvalcontainers in de buurt.

Nu hij voor de zoveelste keer bij de bak in de Wenckebachstraat staat en in het licht van de lantaarnpalen zijn ogen laat glijden langs de berg troep, die ondertussen is aangegroeid met een zwarte printer en een opgerold tapijt, kan hij alleen maar zuchten. ‘Soms’, zegt de voormalig risicomanager bij ABN Amro, ‘vraag ik me af waar ik het allemaal voor doe.’

Gruppe is sinds een half jaar orac-adoptant, wat erop neerkomt dat hij op vrijwillige basis toezicht houdt op Orac 20VO2485 en een aantal andere restafvalcontainers rond zijn huis. Behalve het melden van bijplaatsingen is het zijn taak om blokkades te verhelpen door de betreffende bak open te maken met de speciale sleutel die hij altijd bij zich draagt.

In Den Haag hebben zo’n 1.300 inwoners de taak van orac-adoptant (sommigen zeggen: containercoach) op zich genomen. Ze maken onderdeel uit van een groter netwerk van vrijwilligers die zich inzetten voor een schonere stad. Er zijn zogeheten Wijkambassadeurs Schone Wijk die buurtgenoten informeren over de vuilnisrichtlijnen. Er is een out-of-the-boxteam dat onorthodoxe ideeën bedenkt om de afvalbakken netjes te houden, zoals het aanleggen van containertuintjes. Er zijn Plastic Ridders die met grijpstokken de straat gaan op om rondslingerende koffiebekers en petflesjes te verzamelen. En er is de organisatie TrashUre Hunt die kinderen enthousiast maakt voor zwerfvuil rapen door er een soort speurtocht van te maken.

De inspanningen van de vrijwilligers vormen een tegenwicht voor de tanende sociale samenhang waar Den Haag al decennia mee te maken heeft. Een ontwikkeling die niet los kan worden gezien van de instroom van arbeidsmigranten, expats en particuliere investeerders en de exodus van inkomensgroepen die te weinig verdienen voor een koophuis en te veel voor een sociale huurwoning.

null Beeld Harry Cock
Beeld Harry Cock

‘Ik woon al mijn hele leven in Laak’, zegt Theo Gruppe, ‘en herken niets meer van de keurige ambtenarenwijk die het ooit was. Vroeger zouden we elkaar hebben aangesproken op afvaloverlast. Dat gebeurt nu niet meer, omdat het mensen niet interesseert of omdat ze bang zijn voor een mes in hun buik.’

Wat ook niet helpt, is dat tegenwoordig 30 procent van de inwoners van Laak onder of net boven de armoedegrens leeft en wel andere problemen aan het hoofd heeft dan een verwaarloosde orac. Voldoende reden dus voor het vrijwilligerslegioen om er stevig de schouders onder te zetten.

Sommigen nemen hun rol buitengewoon serieus. In Escamp woont een orac-adoptant die zichzelf Cliff de Orac Meister noemt en zijn containers met enige regelmaat een sopje geeft. Wijkambassadeur Schone Wijken Lia Visser belt al drie jaar bij nieuwkomers in Laak aan om uit te leggen waar de oracs staan en wie ze moeten bellen om hun grofvuil te laten ophalen. ‘Ik doe het uit liefde voor de buurt’, zegt ze.

Visser woont nog altijd in het huis aan de Oudemansstraat waar ze 67 jaar geleden werd geboren. Ook zij heeft haar omgeving ‘gigantisch’ zien veranderen. ‘Dat begon al in de jaren tachtig, toen de Turken en Marokkanen kwamen.’ Inmiddels heeft 70 procent van de mensen in Laak een migratieachtergrond.

Haar vrijwilligerswerk doet Visser vol overtuiging, al zijn er momenten waarop ze denkt: ik kap ermee. Als het weer eens een week duurt voordat er op een grofvuilmelding wordt gereageerd, bijvoorbeeld. Of toen de gemeente ineens besloot om in de straten waar nog geen oracs staan de ophaaldag voor afvalzakken te wijzigen van woensdag naar vrijdag. ‘Dat voelde als een dolk in mijn rug. Had ik net al die arbeidsmigranten aan het verstand gebracht hoe het hier werkte, kon ik weer helemaal opnieuw beginnen.’

Toch wil ze voorlopig niet van stoppen weten, daarvoor vindt ze haar taak te belangrijk. Soms, bekent Visser, doet ze alsof ze een toezichthouder van de gemeente is. ‘Dan zie ik dat iemand iets op straat gooit en zeg ik: ‘Weet u wel dat daar een boete op staat? Ik zal het voor deze keer door de vingers zien, maar niet meer doen, hoor!’ Dat heeft vaak wel effect.’

Maandag, 04.10 uur

Laak is nog in diepe slaap als Orac 20VO2485 bezoek krijgt vanuit de lucht. Drie zilvermeeuwen strijken neer op en rond de container. Na eerst een paar schelle kreten te hebben geslaakt, en en passant het verzinkte staal van een klodder kak te hebben voorzien, beginnen ze met hun gele snavels aan de vuilniszakken op de tegels te trekken. In een mum van tijd zitten er gaten in het plastic en liggen de tegels bezaaid met boterhammen, eierschalen en andere stukken voedsel in verschillende stadia van ontbinding. Na een een minuut of twintig hebben de vogels er de buik vol van en vliegen ze ervandoor.

Waren de meeuwen er niet geweest, dan was het afvalleed in Den Haag wellicht nog enigszins te overzien. Maar ze zijn er wel, in groten getale, en nu is het elke ochtend alsof er op talloze plekken in de stad een vuilnisbom is afgegaan.

null Beeld Harry Cock
Beeld Harry Cock

Als reactie hierop kwam het Haagse stadsbestuur met de meeuwenzak: een gele afvalzak van extra dik plastic waar geen snavel doorheen zou kunnen prikken, gratis te verkrijgen op diverse afhaalpunten. Omdat de animo nog te wensen overlaat, wordt er in de Haagse gemeenteraad ook vaak gepleit voor meer rigoureuze maatregelen, zoals het verstikken van meeuweneieren door ze in te smeren met maïsolie.

Dat zal nog niet eenvoudig worden, aangezien meeuwen vanwege hun teruglopende populatie een beschermde diersoort zijn. Bovendien, zegt ecoloog en meeuwenexpert Roland-Jan Buijs, pak je daarmee de afvaloverlast niet aan. ‘Wat weinig mensen lijken te weten, is dat de meeuwen die op de Haagse daken broeden en berucht zijn om hun geluidsoverlast en agressieve aanvallen, niet dezelfde zijn als de meeuwen die in de zakken graaien. Die tweede groep komt zelfs helemaal niet uit Den Haag.’

Buijs deed uitgebreid onderzoek naar de afvalmeeuwen en bracht hun vliegroutes in kaart door ze te ringen. Wat bleek? De vuilnispikkers in Den Haag broeden vooral in de Rotterdamse haven.

‘Voor meeuwen is het heel normaal om enorme afstanden af te leggen als ze eenmaal doorhebben dat er ergens voedsel te vinden is’, zegt de ecoloog. ‘Het zijn gewoontedieren, met bijna autistische trekjes. Ik ken een meeuw die elke dag vanaf de BP-raffinaderij op Europoort naar een Hema-vestiging in Den Haag komt gevlogen, daar net zo lang wacht tot er iemand naar buiten komt met een rookworst, dan een duikvlucht maakt zodat die persoon van schrik zijn worst laat vallen, en vervolgens voldaan weer terugvliegt.’

null Beeld Harry Cock
Beeld Harry Cock

Volgens Buijs hebben de Hagenaars het aan zichzelf te danken dat hun stad zo veel meeuwen aantrekt. ‘Door de klimaatverandering wordt de grond droger en is het voor vogels lastiger geworden om wormen uit de grond te trekken. Daardoor moeten ze hun eten ergens anders zoeken. Als de mensen in Den Haag hun afval beter zouden scheiden, zou er bij die vuilcontainers niets meer te halen zijn. Nu zie je meeuwen met hompen kaas en complete kippenpoten in hun snavel.’

De Haagse bevolking moet maar proberen te wennen aan hun gevleugelde bezoekers, zegt Buijs. Zeker omdat de Rotterdamse haven steeds meer wordt volgebouwd en straks zo’n twintigduizend meeuwen een ander onderkomen zullen moeten vinden. Waar die dan heen zullen gaan? Buijs: ‘Tja, een deel heeft natuurlijk al een sterke band met Den Haag.’

Maandag, 07.45 uur

Er komt een jonge vrouw in een witte Suzuki Alto de Wenckebachstraat ingereden. Ter hoogte van Orac 20VO2485 zet ze haar auto stil langs de stoep, stapt uit en tilt twee grote vuilniszakken uit haar kofferbak. Op haar hakken slalomt ze langs de printer, het tapijt en de overblijfselen van het meeuwenontbijt en posteert de zakken zorgvuldig tegen het winkelwagentje. Dat Orac 20VO2485 verre van vol en zelfs niet verstopt is, lijkt haar te ontgaan. Met hoge snelheid rijdt ze de straat uit.

Wat gaat er om in het hoofd van de bijplaatser? Menig afvalwetenschapper en vuilnisexpert heeft zich daarin verdiept. Het is complexe materie, waarbij oorzaak en gevolg soms lastig van elkaar te onderscheiden zijn. Eén stelling keert vaak terug: vuil trekt vuil aan.

Dat kwam onder meer naar voren uit een experiment van de Erasmus Universiteit en Universiteit van Tilburg uit 2014. Drie maanden lang haalden Rotterdamse vuilnisdiensten in de helft van één bepaalde wijk het afval minder vaak op dan in de andere helft. De onderzoekers wilden weten of de bewoners zelf aan het opruimen zouden slaan. Dat bleek geenszins het geval, er kwam alleen maar afval bij.

Volgens de Groningse sociaal psycholoog Kees Keizer vinden veel mensen het domweg te veel gedoe om hun vuilnis weer mee naar huis te nemen als ze ontdekken dat een orac vol is. ‘Het is een wankel evenwicht tussen de moeite die je daarvoor moet doen en de karmapunten die je verliest als je het niet doet.’

Die gemakzucht kan verstrekkende gevolgen hebben, stelt Keizer. Voor zijn promotieonderzoek vergeleek hij schone en vervuilde straten in Rotterdam en Heerlen, en stelde vast dat bewoners van vervuilde staten eerder geneigd waren om een strategisch achtergelaten envelop met geld mee te nemen en minder snel te hulp schoten als iemand ‘per ongeluk’ zijn boodschappen liet vallen. Keizers conclusie: bijplaatsingen kunnen leiden tot algehele normvervaging.

Je zou zeggen dat de gemeente Den Haag er wijs aan doet nog meer energie te steken in het legen en vuilvrij houden van de oracs. Maar dat is te simpel geredeneerd, zegt Jaap Dinkelman, sinds zeven jaar beleidsmedewerker Schone Stad bij de gemeente.

Hij constateert juist dat het intensief opruimen van afval er in de praktijk toe leidt dat burgers nog gemakzuchtiger worden. Steekproeven zouden zelfs uitwijzen dat de Haagse oracs in slechts 2 procent van de gevallen vol of verstopt zijn als er vuilnis naast wordt gezet. ‘Mensen weten dat hun rommel toch wel wordt opgehaald, daarom gooien ze het gewoon neer’, zegt Dinkelman. ‘Je zou het een pervers effect van onze verzorgingsstaat kunnen noemen.’

Maandag, 10.00 uur

In de loop van de ochtend trekt er een lange stoet van mannen in oranje pakken langs Orac 20VO2485. Sommigen besturen een grote vrachtwagen, anderen duwen een karretje voort waaraan een bezem en een grijpstok zijn bevestigd.

Een voor een verlossen ze Orac 20VO2485 van alles wat hij sinds zaterdag te verstouwen heeft gehad. De eerste man kiepert de container leeg in de laadbak van zijn vuilnistruck, de tweede haalt de bijgeplaatste zakken en dozen op, de derde zamelt het grotere grofvuil in, de vierde het kleinere grofvuil, de vijfde veegt de achtergebleven rommel weg en de zesde spuit de stalen behuizing en het loopplateau schoon.

Vraag de mannen of ze hun werk leuk vinden, en er verschijnt een grote glimlach op hun gezicht. Natuurlijk, zeggen ze: lekker buiten, de hele dag contact met mensen, beter wordt het niet. ‘Ik haal hier ook eergevoel uit’, zegt Jeffrey Neervoort (41), die al twintig jaar op de vuilnisauto zit, ‘Ik ben er trots op dat ik bijdraag aan een schone stad.’

Maar vraag door en de mannen vertellen ook andere verhalen. Dat vervuilers steeds geraffineerder te werk gaan, bijvoorbeeld. Vooral Danny Pennings (30) valt dat op. Als medewerker van het Haags Werkbedrijf controleert hij bijplaatsingen op adresgegevens, zodat de daders kunnen worden beboet. Hij zegt: ‘Vroeger kon ik bij tien oracs vier keer een rapportage maken, nu nog maar één. Veel mensen zijn tegenwoordig zo slim om hun adres van hun dozen te scheuren en geen persoonlijke gegevens in vuilniszakken achter te laten.’

null Beeld Harry Cock
Beeld Harry Cock

Wat de mannen ook constateren: de inwoners van Den Haag zijn onvriendelijker geworden, op het agressieve af. Pennings wordt regelmatig voor NSB’er uitgemaakt. Dave van Zee (46), sinds dertien jaar werkzaam bij de veegdienst, is ermee opgehouden om passanten aan te spreken die de straat vervuilen. ‘Meestal word ik compleet genegeerd’, zegt hij. ‘Soms moet ik oppassen dat ik geen klappen krijg.’

Jeffrey Neervoort maakt het regelmatig mee dat mensen de vuilniszakken gewoon voor zijn voeten neersmijten. ‘Dan zeggen ze: het is toch jouw taak om het op te ruimen?’ Hij heeft zelfs een training gekregen om met agressieve Hagenaars te leren omgaan. ‘Gewoonlijk beginnen ze al te toeteren zodra ik de steunpoten van mijn wagen uitklap. Ik weet nu dat je altijd rustig moet blijven. Dat haalt de druk er vaak wel af. Ik heb tot nu toe maar één keer aangifte bij de politie hoeven doen.’

Maandag, 12.33 uur

33 minuten. Laten het er 34 zijn. Veel langer kunnen de omwonenden van Orac 20VO2485 niet genieten van de grondige schoonheidsbehandeling die de container zojuist heeft ondergaan. De vuilnisophalers zijn Laak nog niet uit of daar komt alweer iemand op de bak afgelopen. En, hop, daar staat weer een doos.

Hilbert Bredemeijer ‘ligt er weleens wakker van’, zegt hij. Als wethouder Buitenruimte is hij in het Haagse college verantwoordelijk voor de troep naast de oracs – niet voor de troep ín de oracs, die valt onder een andere wethouder. Met zijn voorganger heeft hij de afgelopen jaren al van alles geprobeerd om het bijplaatsingsprobleem tegen te gaan: hogere boetes, cameratoezicht, sensoren die een signaal afgeven als een container vol is, een app waarmee overlast kan worden gemeld, een publiekscampagne met de slogan ‘Schoon, doen we toch gewoon?’, en ga zo maar door. ‘We gaan binnenkort bij een aantal hotspots ook op zondag bijplaatsingen ophalen. Dat kost 700 duizend euro extra, maar het moet maar.’

Er zijn ook delen in de stad waar het wél goed gaat, wil de wethouder benadrukken. Toch voelt zijn beleid soms als ‘dweilen met de kraan open’. Wat het extra complex maakt, is dat een aantal oorzaken van de vuilniscrisis buiten zijn macht ligt.

Neem het gegeven dat Den Haag is uitgegroeid tot de dichtstbevolkte stad van Nederland, met 6.620 inwoners per vierkante kilometer tegenover 5.273 in Amsterdam, 3.811 in Utrecht en 2.993 in Rotterdam. Dat leidt in Den Haag tot een voortdurende strijd om ruimte, waarbij parkeerplaatsen, bomen, stroomkabels, waterleidingen én oracs met elkaar moeten concurreren.

Een van de consequenties is dat het het aantal restafvalcontainers niet evenredig heeft kunnen meegroeien met de toename van de bevolking, een probleem dat zich vooral wreekt in oude wijken met smalle straatjes, zoals in Laak. Bredemeijer: ‘Het liefst zou je natuurlijk veel meer oracs neerzetten, maar als je de stad ook nog een beetje leefbaar en groen wilt houden, gaat dat gewoon niet.’

null Beeld Harry Cock
Beeld Harry Cock

Een ander punt is de overbewoning. Als die niet serieus wordt teruggedrongen, blijft het vechten tegen het vuilnis, erkent Bredemeijer. Zijn collega-wethouder van Wonen, Wijken en Welzijn heeft al een aantal nieuwe wetten en maatregelen doorgevoerd om het huisjesmelkers lastiger te maken, maar het effect daarvan moet nog blijken.

Groot struikelblok is ook dat de gemeente Westland vooralsnog niet wil voldoen aan het dringende verzoek van Den Haag om meer onderkomens voor arbeidsmigranten te bouwen. ‘Ik heb inderdaad gehoord dat de gesprekken daarover niet opschieten’, zegt Bredemeijer.

De Haagse gemeenteraad heeft weinig boodschap aan dit soort verklaringen. Die eist een keiharde aanpak van de ‘afvalhufters’. Hart voor Den Haag, de grootste fractie in de raad, pleitte al eens voor het three strikes you’re out-principe: ‘Na de derde keer de viespeuk uithangen, krijg je een week veegcorvee.’ De plaatselijke PVV diende (tevergeefs) een motie in om financiële beloningen uit te delen aan buurtbewoners die vervuilers verklikken bij de gemeente.

Breder gedeeld is de kritiek dat de 7,5 miljoen euro die Bredemeijer nu uitgeeft aan het ophalen en controleren van bijplaatsingen, boven op het reguliere afvalbudget van 80 miljoen euro, ontoereikend zou zijn. Vast staat dat dit bedrag de afgelopen vijf jaar vrijwel gelijk is gebleven, ondanks de bevolkingsgroei en de sterk toegenomen afvalproductie van Haagse huishoudens door de coronacrisis (van 158 kilo in 2019 naar 280 kilo in 2020).

Hebben de critici een punt? De wethouder vindt van niet. ‘Nog los van het feit dat ik niet zomaar het aantal vuilnisophalers kan vermeerderen omdat die mensen lastig te vinden zijn, is het mijn stellige overtuiging dat deze crisis zich niet zomaar laat oplossen met geld. Uiteindelijk ligt de sleutel bij het gedrag van de inwoners. Daar blijven we ons als gemeente op richten en het zou fijn als een deel van hen zelf ook een beetje verantwoordelijkheid gaat nemen voor hun stad.’

Zolang dat niet gebeurt, zullen Orac 20VO2485 en de duizenden andere restafvalcontainers in de Haagse wijken zich nog een hoop vuiligheid moeten laten aanleunen. ‘Hartstikke frustrerend’, noemt Bredemeijer dat. ‘Ik zeg weleens dat dit een probleem is dat ik meeneem naar huis. Sommigen doen daar lacherig over. ‘Nam je het maar mee naar huis’, krijg ik dan te horen, ‘dan was Den Haag een stuk schoner.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden