Acht jaar niet regeren is genoeg, vinden Democraten

Na acht jaar niet wéér een Republikein aan het roer, is Obama’s boodschap. ‘We houden daarvoor te veel van dit land.’..

Van onze correspondent Philippe Remarque

Barack Obama aanvaardt de nominatie van zijn partij voor een decor dat op het Witte Huis lijkt, te midden van tachtigduizend hem adorerende fans. Hij ziet er iets volwassener uit. Ernstig, maar ook gepassioneerd. ‘Acht is genoeg!’, roept hij boos over de Republikeinse regeerjaren.

Het duurt slechts enkele seconden tot de nieuwe leus, eerst gescandeerd op het veld, vak 511 heeft bereikt: ‘Acht-is-genoeg!’ In de bovenste ring van het footballstadion is de sfeer feestelijk. Jonge vrijwilligers doen de wave met oude zwarte vrouwen, die er nooit van hadden gedroomd ooit een zwarte presidentskandidaat te zien. Er wordt gejuicht, gestampt en met Amerikaans vlaggen gezwaaid. ‘U S A ! U S A! scanderen drie hiphoppers, een van hen met een rode hanekam. ‘Bush is zo verschrikkelijk, de slechtste president sinds 1860. We moeten het stoppen’, zegt David Cuomo, en krijgt meteen een instemmende hand van een vreemde een rij voor hem. Ze zijn gekomen, zeggen ze, om ‘geschiedenis bij te wonen’.

Na de opwarmacts Sheryl Crowe, will.i.am, Stevie Wonder en Al Gore valt de avond majestueus over het ‘home of the Broncos’. Het Obama-kamp buit de aandacht van de natie maximaal uit om aarzelende kiezers gerust te stellen.

Met tien gewone mensen, soms Republikeinen, die op Obama stemmen. Met een hele rij generaals in ruste die hun vertrouwen in Obama’s leiderschap uitspreken. En met een vakkundig gemaakt biografisch filmpje over zijn bescheiden achtergrond en de waarden van zijn (blanke) moeder en grootouders. Het is de boodschap die als een rode draad door de conventieweek loopt: ik kom niet van Mars, maar ben net als u. In vak 511 is het doodstil. Cuomo heeft tranen in zijn ogen.

Eindelijk, onder oorverdovend gejuich, komt Obama op. De verwachtingen die de commentatoren van hem hebben zijn enorm. Hij moet zichzelf voorstellen aan kiezers. Hij moet concreet worden. Hij moet oppassen voor al te gezwollen retoriek, zonder de idealen te verraden die hem de onwaarschijnlijke nominatie hebben opgeleverd. En hij moet de strijd aanbinden met McCain.

Obama beantwoordt aan al deze eisen. Opvallend is meteen de agressieve toon tegenover McCain: ‘Volgende week, in Minnesota, zal dezelfde partij die u George Bush en Dick Cheney heeft gebracht, dit land vragen om een derde termijn. En wij zijn hier omdat we te veel van dit land houden om de komende vier jaar te laten lijken op de vorige acht. Op 4 november moeten we opstaan en zeggen: Acht is genoeg.’

Hij somt op wat de economische crisis betekent voor gewone mensen. ‘Ik denk niet dat senator McCain niets geeft om wat in de levens van Amerikanen gebeurt. Ik denk dat hij het gewoon niet weet.’

En de kandidaat wordt concreet. ‘Laat me precies opsommen wat verandering betekent als ik president ben’, zegt hij. Dan volgt een ambitieuze lijst voornemens, zoals belastingverlaging voor de middenklasse en gezondheidszorg voor iedereen. Hij belooft in tien jaar een eind te maken aan ‘onze afhankelijkheid van olie uit het Midden-Oosten’. In vak 511 springen ze op voor een staande ovatie.

Het is een lijst waarop de Republikeinen het etiket van ‘big government’ gaan plakken. Obama zegt dat hij alle plannen kan betalen, door belastingvrijstellingen voor grote bedrijven op te heffen en de bureaucratie aan te pakken.

Op buitenlands gebied, McCains sterke punt, valt hij frontaal aan. Als McCain een debat wil over wie het beoordelingsvermogen heeft om te dienen als opperbevelhebber, ‘dan is dat een debat dat ik graag aanga’, zegt Obama.

En over de Republikeinse poging McCain met de leuze ‘country first’ als patriottischer voor te stellen: ‘Ik heb nieuws voor je, John McCain: we zetten allemaal ons land voorop.’ Zijn stem zwelt aan, en hij spreekt over Republikeinse en Democratische soldaten, die sneuvelen ‘onder dezelfde trotse vlag’.

Aan het einde geeft Obama zich over aan het idealisme dat de Amerikanen van hun presidenten graag horen. Er klinkt een duidelijke echo van Ronald Reagan door in Obama’s vaststelling dat niet geld, maar de Amerikaanse ‘geest’ Amerika rijk maakt: ‘de Amerikaanse belofte die ons naar voren duwt, ook als het pad onzeker is; die ons samenbindt ondanks onze meningsverschillen; die maakt dat we niet kijken naar wat wordt gezien, maar op wat niet wordt gezien, die betere plaats achter de bocht.’

Uiteindelijk belandt hij bij Martin Luther King, die vandaag precies 45 jaar geleden zijn ‘I have a dream’-toespraak hield. Obama en hij staan samen op T-shirts die in het stadion worden verkocht.

Dan is het voorbij en komen Obama’s vrouw Michelle en zijn dochters Malia en Sasha op in prachtig bij elkaar kleurende roze jurken. Op de rand van het stadion barst vuurwerk los. Er klinkt pompeuze muziek. De mensen in vak 511 vergapen zich met het hoofd in de nek. Maar Cuomo is het meest onder de indruk van de toespraak, tijdens welke Obama er niet alleen uitzag als een president, maar ook zijn ‘Obambi-imago’ afwierp. ‘En dat is nodig om te winnen.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden