Abou Jahjah's pleidooi stoelt op merkwaardig complotdenken

Abou Jahjahs Pleidooi voor Radicalisering is vooral oude linkse wijn in nieuwe modieuze zakken, vindt Bezige Bij-auteur Marcel Möring.

Abu Jahjah in debat over Joods-Palestijns conflict in 2004.Beeld anp

Eerder dit jaar brak een literair stormpje uit toen schrijvers van De Bezige Bij zich opwonden over het plan van de uitgeverij om een boek van Dyab Abou Jahjah uit te geven. Ik was een van de critici. Waarom iemand aantrekken die de Antwerpse burgemeester 'een zionisten-pijper' noemt, als die na aanslagen op joodse doelen bewaking wil voor de Antwerpse joden? Om maar een voorbeeld te noemen. De hele wereld scheen vervolgens te denken dat Abou Jahjah gecensureerd werd, niet in het minst omdat hij drie joodse Bij-schrijvers - een van hen was ik - boekverbranders noemde. Er was natuurlijk geen boek in de hens gegaan en dat zal ook niet gebeuren, maar met de geschiedenis van boekverbranding in het achterhoofd is het altijd pikant om joodse schrijvers zo te noemen.

Nee, er werd niets verboden, verbrand of gecensureerd. Wel sprak de schrijversvereniging van De Bezige Bij met de directie en die vergadering was eensgezind tegen het verbreken van het contract met Abou Jahjah. Eensgezind, maar dat wil niet zeggen dat iedereen dat contract een goede zet had gevonden. Mijn standpunt was: ik bepaal waar ik mij thuis voel aan de hand van wat iemand schrijft. Het wachten was dus op het boek van Abou Jahjah.

Dat is er nu en ik las het. Een kleine twee uur vertoefde ik gezellig in de tumultueuze late jaren zeventig, vroege jaren tachtig toen de hippe mens (m/v) post-, pseudo- of cryptomarxist was (of liever nog marxistisch-leninistisch). Dyab Abou Jahjah's Pleidooi voor radicalisering is geen onaangename ervaring, eerder een die verbazing en, soms, verbijstering oproept. Pleidooi voor radicalisering is wat de titel belooft, maar of de onderdrukte massa (die we nu de 'multitude' moeten noemen) erdoor in beweging komt, is de vraag. Daarvoor is het pamflet te veel oude linkse wijn in nieuwe modieuze zakken.

In zijn 160 pagina's tellende pamflet snijdt Abou Jahjah een belangrijk probleem aan. Leen Jongewaard zong er al over: de schuld van het kapitaal. Abou Jahjah vervangt kapitaal door 'macht'. Maar het komt op hetzelfde neer. Het is de oude kwestie van rechtvaardige verdeling. Je hoeft niet links te zijn om te weten dat daar op veel manieren geen sprake van is. Het kapitaal, of de macht, is sinds de teloorgang van de sociaal-democratische ideeën in handen geraakt van steeds minder individuen, instituties en overheden. Abou Jahjah bepleit terecht een meer wereldwijde, inclusieve, analyse van die toestand. Het gaat niet alleen meer om kapitaal, macht, werk, huisvesting, noem maar op, maar ook zeer om toegang tot de samenleving en alles wat daarbij hoort.

Abou Jahjah's antwoord op de sociale problemen van onze tijd heet 'constructief radicalisme' en dat zou een mooi idee zijn als hij duidelijk maakte wat dat dan precies is. Het is niet de radicaliteit van IS, Trump of Wilders, zoals het woord 'constructief' al suggereert. Maar veel helderder wordt het niet. Ja, de constructieve radicaal strijdt tegen 'de elites', een woord dat hij vaak gebruikt, maar dat maar niet wil materialiseren. De ene keer zijn het multinationals, dan weer staten en hun eventuele verbanden, dan een soort vage hutspot waarin van alles bij elkaar komt dat bijdraagt aan de handhaving van de status quo. Zo ook de kunsten. Je zit bijna te wachten op een aanklacht tegen kunstenaars als handlangers van de onderdrukkende macht.

Nostalgie

De oplossing voor het probleem dat Abou Jahjah schetst, is mistig. 'Het volk regeert niet,' schrijft hij, 'maar delegeert zijn macht. Zonder afbreuk te doen aan de verworven mensenrechten en democratische instellingen, is de tijd rijp de democratie op een hoger niveau te brengen.' Mooi, maar wat is dat hogere niveau dan, welke vorm heeft het, waarom is het beter en hoe bereik je dat? We komen het niet te weten.

Het probleem van Pleidooi voor radicalisering is dat het weliswaar voortkomt uit een bij tijd en wijlen scherpe analyse van de situatie - Noord-Zuid- en Oost-Westverhoudingen, de erfenis van het koloniale tijdperk, de effecten van globalisering - maar nooit ontsnapt aan een bijna nostalgie opwekkend neo-marxistische vertoog.

Dit bijvoorbeeld: 'Vandaag worden mensen geassimileerd tot een postnationale en opkomende mondiale identiteit via een proces van controle door de biomacht. In dat opzicht is er een opvallende overeenkomst met het psychologische proces van de hersenspoeling (...)' En: 'De opheffing van de identiteit en van het verleden zoals die door de mondiale macht wordt beoefend, wil een project van universeel burgerschap bevorderen. Socialisatie en institutionalisering, ofwel hersenspoeling, wordt aan de mensen verkocht als een vorm van catharsis.'

Really?

Het heeft iets huiveringwekkends. Iemand die blijkbaar niet geassimileerd en gehersenspoeld is, vertelt de rest dat ze slachtoffers zijn van het Groot Allesomvattend Wereldcomplot. Ik moest de neiging onderdrukken om te roepen: 'Soylent Green is made out of people!'

Abou JahJah heeft het juiste onderwerp te pakken, maar het is de vraag of dat komt omdat hij de situatie juist analyseert. Aan zijn pleidooi ligt een merkwaardige vorm van complotdenken ten grondslag: de 'elites' (nu eens niet in de vorm van illuminati of een cabal), 'het Westen', de VS, dat zijn de kwade machten. Zo stelt hij een soort van mondiale wiedergutmachung voor om de schade van kolonialisme en slavernij te herstellen. Een goed idee. Maar de daders die hij noemt zijn alleen de West-Europese staten en de VS. En de Chinese bezetting van Tibet dan? En wat te doen met Afrikaanse stammen die hun buren als slaaf aanboden, evenzo Arabische stammen? Hij wijst op het defensiebudget van de VS en stelt dat tegenover wat nodig is om honger, dorst en ziekte in de wereld te lenigen. Het verschil is, zoals we al wisten, beschamend. Maar Rusland dan, China of de rijke Arabische oliestaten?

Simpele oplossingen

En dat is waar het steeds misgaat. Abou Jahjah heeft voor veel ingewikkelde problemen simpele oplossingen en gemakkelijke verklaringen. Het is de schuld van het kapitaal, kapitaal is 'het Westen', de oplossing dat het Westen moet veranderen en betalen.

Ik ben bang dat de problemen ingewikkelder zijn dan Abou Jahjah ze voorstelt en dat de oplossingen inderdaad simpel lijken, maar dat niet zijn.

Pleidooi voor radicalisering is in eerste instantie een soort politiek manifest. Er kan en moet naar hartelust over gedebatteerd worden. Maar een probleem is dat de verwijzingen naar de oude helden Gramsci en Foucault leuk en aardig, en vooral belegen, zijn, maar dat veel gewoon niet klopt.

Neem bijvoorbeeld Abou Jahjahs '...premisse dat het menselijk leven systemisch georganiseerd en geconstrueerd is...' Ik kan wel als premisse nemen dat de mens eigenlijk een pinguïn is, maar dat wil nog niet zeggen dat iedereen daar zomaar in mee hoeft te gaan. De lezer wordt echter geacht zich onvoorwaardelijk aan te sluiten bij Abou Jahjahs premisse en die lijkt mij op zijn zachtst gezegd discutabel. Het is de soort aanname die je doet als je gelooft dat al het slechte in de wereld een gevolg is van intentie en organisatie. Het woord daarvoor is: complotdenken.

De Bezige Bij - Schrijvers weg uit protest

Schrijvers Tommy Wieringa en Jessica Durlacher waren al vertrokken bij uitgeverij De Bezige Bij, deze week volgde ook Leon de Winter. Precies op de dag dat Abou Jahjahs Pleidooi voor radicalisering in de winkel lag, maakte hij dat bekend. Toen De Bezige Bij eerder dit jaar liet weten dat ze een boek wilde uitgeven van de Libanese Belg protesteerden veel schrijvers. Uitgerekend de uitgeverij die werd opgericht door verzetsheld Geert Lubberhuizen zou geen podium moeten bieden aan iemand die, op zijn minst, flirtte met antisemitisme. De uitgeverij zwichtte niet, waarna Wieringa en Durlacher vertrokken naar Hollands Diep. Ook De Winter geeft daar zijn nieuwe roman De dood van Europa uit. Dat ze bij die uitgever terechtkomen, is niet toevallig. Ze worden er herenigd met Robbert Ammerlaan, de vorige directeur van De Bezige Bij.

En dan zijn er de technische uitglijders, veelbetekenend omdat Abou Jahjah internet ziet als een instrument dat ons tot slaaf van de macht maakt. Zo denkt hij dat ict-systemen op Windows draaien en hij schrijft dat gps 'werd (...) gecommercialiseerd met als doel kapitaal en dus meer macht voor de producenten ervan te genereren'. Eh, nee. Gps, ontwikkeld voor het Amerikaanse ministerie van Defensie, werd door president Reagan vrijgegeven toen een Koreaans lijnvliegtuig niet werd herkend en neergeschoten. Wat je ook mag denken van de Amerikaanse overheid: gps was een geschenk aan de wereld-gemeenschap om dat soort ongelukken te voorkomen. En 'de producenten' worden er niet rijk van. Het Amerikaanse ministerie van Defensie beheert het en stelt het beschikbaar.

Windows, gps, zelfs ziekenhuizen in de derde wereld maken deel uit van Abou Jahjahs wereldkomplot: 'Zo bouwden koloniale machten wegen, scholen en ziekenhuizen in Afrika. Deze activiteiten waren niet vanuit een humanitair oogpunt geïnitieerd en niet opgezet om de koloniale gebieden op een hoger plan te brengen.' Echt niet? Nooit? Er was helemaal nimmer een schaduw van een positieve gedachte en goede bedoelingen?

In de wereld van Abou JahJah gelden de oude marxistische axioma's: wij zien niet wat we zien, maar wat 'ze' ons willen laten zien; als de gevestigde macht iets goeds doet, kan dat nooit zomaar 'goed' zijn. Pleidooi voor radicalisering is een simpele kijk op een ingewikkelde wereld en wijkt niet veel af van de manier waarop Trump, Wilders en hun vrienden naar de wereld kijken. Het is hetzelfde antimodernistische verlangen naar een eenvoudige wereld.

Er is een twitterende Abou Jahjah die wild om zich heen slaat, Israël graag met nazi-Duitsland mag vergelijken en dat niet antisemitisch vindt en een die in het nette jasje van de essayist formuleert. Met die laatste incarnatie zou je kunnen debatteren. Of dat zin heeft, weet ik niet, gezien zijn warrige complotdenken en gestaaldekadersproza. Zijn 'pleidooi' is in ieder geval niet het soort proza waarvoor iemand De Bezige Bij gedag hoeft te zeggen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden