Reportage

Aantal zelfstandige coaches stijgt explosief - iedereen zijn eigen coach

Register-coach Paula Kaag (links) luistert naar ‘coachee’ Sijke van der Heide. Beeld Harry Cock / de Volkskrant

Is het wildgroei of een logische ontwikkeling? Het aantal coaches in Nederland is de laatste jaren met duizenden gegroeid. Bij beroepsorganisaties van gecertificeerde coaches neemt de vrees voor ongelukken toe.  

Het stampvoetend uitbeelden van een goede ‘nee’ is toch anders dan wanneer je de nee-opties in een boekje leest. Er is een kwade nee, een resolute nee, een doodvermoeide nee, een wanhopige nee, een empathische nee, zelfs een verleidelijke nee. Dat is een nee waarbij de ander hopelijk het gevoel krijgt dat hem of haar een plezier wordt gedaan, ook al wordt het verzoek geweigerd. 

Wie beter nee tegen de baas wil leren zeggen, of zich anderszins professioneel wil ontwikkelen, kan terecht bij Corrie Fickinger (59) voor een coachingtraject. Desgewenst inclusief rollenspel, beeldend werken of zelfs een poppenopstelling van de werkvloer. ‘Ik heb verschillende rugzakjes waaruit ik kan putten’, zegt Fickinger, sinds 1995 actief als coach en supervisor en aangesloten bij beroepsvereniging LVSC (Landelijke Vereniging voor Supervisie en Coaching). 

Met dat lidmaatschap behoort ze tot een zeer kleine minderheid; de LVSC heeft 2.000 leden, drie andere beroepsverenigingen samen nog eens 4.500. Een smaldeel, gezien de 63 duizend ‘coaches’ die inmiddels staan ingeschreven bij de Kamer van Koophandel, een stijging van 66 procent ten opzichte van 2014. 

‘En dat is het probleem: de stijging zit hem niet in de gecertificeerde coaches’, zegt Annemarie van der Meer, voorzitter van de International Coach Federation in Nederland (306 leden). ‘Terwijl coaches te maken kunnen krijgen met allerlei ethische dilemma’s, integriteitskwesties, vertrouwelijkheid binnen de werkorganisatie, en psychologische problematiek. Wij zouden graag zien dat coach een beschermd beroep wordt, net als bijvoorbeeld fysiotherapeut. Nu is het begrip volledig uitgehold.’

Hoogopgeleiden

De coach is de opvolger van de therapeut, die vanaf de jaren tachtig onmisbaar werd voor het mentaal welzijn van worstelende hoogopgeleiden. Inmiddels heeft die het afgelegd tegen de sindsdien sterk geprofessionaliseerde geestelijke gezondheidszorg als medische sector. De coach sprong in het gat.

De coach lijkt wat tegen een psycholoog aan te hangen, maar doet - als het goed gaat - wat anders. Coaches zijn meestal gericht op de professionele beslommeringen van de gecoachte, in de context van diens persoonlijke leven. Bij een psycholoog is het vaak net andersom. Een coach wordt meestal ingeschakeld door een werkgever. Vervolgens gaan coach en ‘coachee’ aan de slag met doelstellingen: effectiever leidinggeven, een betere balans tussen het werk en privéleven bewerkstelligen, de juiste carrièrekeuzes maken.

‘Een coach wordt vaak ook wat positiever gezien’, zegt Matthijs Kruk (38), psycholoog en zelf geregeld te gast bij een coach. ‘Een coach kijkt naar wat er nu al is, en probeert dat te extrapoleren naar waar je wil zijn. Een psycholoog kijkt eerst wat er mis is, en probeert dat te repareren. Dat is in elk geval het beeld van een buitenstaander: naar een psycholoog ga je met een probleem, naar een coach als je jezelf verder wil ontwikkelen.’

Nog een verschil: een psycholoog heeft ten minste vier jaar een academische opleiding gevolgd voordat hij zich ‘psycholoog’ mag noemen, en nog een paar jaren meer voordat hij van de zorgverzekeraar zelfstandig mensen mag behandelen. Maar ‘coach’ is geen beschermde titel: voor vijf tientjes kan de aspirant-coach zich inschrijven bij de Kamer van Koophandel en een coachingpraktijk beginnen. 

Dat gebeurt dan ook: loopbaancoaching, leiderschapscoaching, personal coaching, outdoor-lifecoaching, huiswerkcoaching, een wandelcoach, een dierencoach, en een kledingcoach: Nederlanders coachen wat af, en het is niet altijd makkelijk om serieuze coachingsprogramma’s - en coaches - te onderscheiden van projecten van mensen met meer creatieve bedoelingen.

In theorie moet een coach met een grote boog om de psychologenstoel heenlopen. Maar in de praktijk gaat hij er toch vaak op zitten. Een 66-jarige gepensioneerde journalist, die niet met haar naam in de krant wil, vertelt hoe haar coach door middel van placemats op de vloer een ‘familie-opstelling’ maakte. Daarbij moest zij als ‘coachee’ de placemat die haar moeder vertegenwoordigde eens goed de waarheid zeggen.

‘Daar had ik helemaal geen zin in, mijn moeder was allang overleden en ik had haar ook allang vergeven. Ik wilde al die dingen uit het verleden niet naar boven halen, en daar kwam ik ook helemaal niet voor. Uiteindelijk ben ik maar uit balorigheid op die placemat gaan stampen. Terwijl de gesprekken tot op dat moment behulpzaam waren geweest.’

Ook Fickinger, de nee-coach, zegt dat het verschil vaak ‘ragfijn’ is. ‘Dat is iets waar we als beroepsgroep heel scherp op moeten zijn. Want coaches hebben soms grote invloed op beslissingen van mensen. Je kunt iemand ook schade berokkenen, bijvoorbeeld door van een vraag naar ontwikkeling een heel groot probleem te maken.’

Of door juist het probleem te ontkennen. Iemand kampt met een trauma, depressie of verslaving, maar de voormalig HR-manager denkt dat zelf wel even weg te coachen in plaats van de ‘coachee’ door te sturen naar een huisarts. Er kunnen ook ethische problemen optreden: coaching vindt vaak plaats binnen een professionele organisatie waar allerlei belanghebbenden zijn. Net als een bedrijfsarts heeft ook een coach te maken met vertrouwelijke informatie die een werknemer hem verstrekt.

125 euro per uur

Wardy Doosje, voorzitter van beroepsvereniging LVSC (die van coach Fickinger), is genuanceerd: ‘Er zitten onder die 63 duizend mensen een heleboel heel goede coaches. Maar ja, ze zitten ertussen, mensen die net voor hun pensioen het sprongetje naar een zelfstandig bestaan wagen en denken: dat lijkt me wel wat, voor 125 euro per uur coachen.’

Als er eenmaal een match is, kan het een hoop opleveren. ‘Defensieve communicatie, negatieve houding, verkeerd verbaal gedrag’, verklaart een 49-jarige technicus, die niet met zijn naam in de krant wil, de redenen voor zijn werkgever om hem richting een coach te sturen. ‘Dat kritiek op mijn functioneren al snel ruzie werd, zullen we maar zeggen. Dat was enorm confronterend om te horen. Maar ik was erg gemotiveerd, omdat er in de privésfeer een grote beslissing op huwelijksgebied besproken werd vanwege datzelfde gedrag.’

Tien bezoekjes aan een gecertificeerde coach later heeft de technicus een helder overzicht van zijn ‘drijvers’, ‘zinkers’ en ‘triggers’. Hij is een herboren mens. De oorzaak lag - zoals vaker - in zijn jeugd. Dat hij vóór zijn switch, naar een zorginstelling, in de bouw werkte (‘in een organisatie waar men heel anders met elkaar communiceert’), had ook niet geholpen. Winst? Hij lacht: ‘Met name dat ik niet meer met iedereen ruzie heb.’

Fickinger heeft in haar 24-jarige carrière slechts één keer een ‘coachee’ doorverwezen naar een psycholoog. Omdat het voor haarzelf te belastend werd; de persoon in kwestie ging gebukt onder een forse verlatingsangst, en leunde steeds meer op Fickinger.

‘Ik denk dat de meeste mensen die de hulp van coach inroepen toch wel weten wat ze daar moeten verwachten, dat de coach geen psycholoog is’, verklaart Fickinger de zeldzame noodzaak tot doorverwijzen van haar cliënten naar huisarts of ggz.

Mocht er nu toch iemand langskomen van wie de professionele klachten geworteld blijken in een ernstig disfunctioneel huwelijk, verwijst Fickinger deze dan door naar een relatietherapeut? ‘Absoluut’, zegt ze. Dan, met luide lach en een priemende wijsvinger: ‘Of naar een gezinscoach, dat kan natuurlijk ook!’

De grootste beroepsvereniging, de Nobco, eist voor aansluiting een ‘mensgerichte hbo-opleiding’ of een op Europees niveau gecertificeerde coachopleiding. Anders moet de kandidaat praktijkervaring aantonen en een assessment doen. De LVSC, ICF en beroepsvereniging Noloc hebben vergelijkbare standaarden. Beroepsorganisaties beschikken over een klachtencommissie, en leden ondertekenen een ethische code. 

Er zijn inmiddels ook enkele opleidingen die voorbereiden op het vak van coach. De Vrije Universiteit in Amsterdam biedt een masterprogramma executive coaching. De Hogeschool van Rotterdam en de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen verzorgen een masterprogramma begeleidingskunde, en de Hanzehogeschool Groningen biedt samen met beroepsvereniging LVSC een verkort programma supervisie en coaching.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden