Aanstekelijk visitekaartje ***

Het concept deugt. De aankleding en dramaturgie blijven achter.

MIRJAM VAN DER LINDEN

Almere en de Floriade, oké. Maar Almere en ballet? De grote dansgezelschappen van Nederland lijken de new town, 49ste op de cultuurranglijst van de vijftig grote steden, te hebben gevonden. Deze week begint daar de Scapino Academy Talent Class, voor Flevolandse amateurdansers met profambities, en dinsdag trad Het Nationale Ballet er voor het eerst op, in een goed bezette Schouwburg. Eveneens met een programma dat draait om talent, Sterrenstof.

Het concept deugt: een avondvullend programma met hoogtepunten uit het klassieke balletrepertoire en eigentijds werk. Dit alles door jonge dansers en jonge choreografen uit het gezelschap die hiermee extra ervaring opdoen. Een klassiek balletgezelschap werkt met rangen en standen - van aspirant tot eerste solist - en hoe goed je ook bent, de doorstroom naar de hoofdrol kan soms lang duren. Bovendien is een programma als dit een visitekaartje waarmee Het Nationale Ballet, vaste bespeler van Het Muziektheater, zich her en der kan presenteren.

Maar was het ook leuk en goed? Jazeker. Het kijken naar fragmenten uit Giselle, La Bayadère, Les Sylphides en Notenkraker & Muizenkoning heeft iets van een balletconcours. De dansers zijn allen sterk, maar toch brengt de ene wel iets teweeg en de andere niet. Dat heeft behalve met techniek, vooral met interpretatie en muzikaliteit te maken. Van de tweede solistes Emanouela Merdjanova (een fluweelzachte Sylphide) en Isaac Hernández (een natuurlijke prins) verwacht je niet anders dan een bijzondere prestatie. Maar iemand als Aya Okumura verrast. Deze Japanse, rang coryfee, is technisch trefzeker en precies, en sprankelt. Ze is levendig, alert, kwikzilver vlug en aanstekelijk; met haar geniet je tot in elke vezel van het dansen.

Na de pauze schakelen de dansers naar modern ballet. Van de vijf korte choreografieën was er één brand new: Saltarello van Ernst Meisner, die voor de zomer opviel met Het Nationale Cantaballet en vorige week nog een duet leverde voor de opening van het Stedelijk Museum. Geïnspireerd op een oud-Italiaanse 'springdans' laat hij vier dansers (onder wie Okumura) vijf minuten vlammen. Ze vertalen de virtuoze muziek van Bartholdy in een prachtige stroom van sprongen en draaien.

Kanttekening: de aankleding en dramaturgie van het geheel. Alle stukjes zijn als losse nummers achter elkaar gezet, met licht als enige decor en de scheiding tussen klassiek en modern als enige regie-ingreep. Sterrenstof is een soort warmdraaien voor de nieuwe Juniorgroep die volgend seizoen van begint. Hopelijk met inventievere programmapresentatie.

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden