Aanslagen zijn test voor liberale democratieën

Na de aanslagen in de VS domineren in het debat niet alleen in Amerika krachttermen als 'oorlog' en 'vergelding'. Toch is de test voor de liberale democratieën: hoe kan men zich verdedigen tegen het kwaad zonder zelf tot het kwaad te verworden, zo meent Cas Mudde....

NU, bijna een week na de afschuwelijkste terroristische aanslag in de geschiedenis, richt de discussie zich steeds meer op de (westerse) reacties. Verschillende leiders hebben de aanslagen en haar gevolgen als een test voor de 'democratische wereld' betiteld. En er is inderdaad geen twijfel mogelijk dat liberale democratieën momenteel zwaar getest worden. Maar wellicht nog meer door de onvermijdelijke reactie dan door de actie.

Niet alleen in de Verenigde Staten domineren (kracht)termen als 'oorlog' en 'vergelding' het debat over de wenselijke reactie van 'de beschaafde wereld'. Met name in het Westen zijn er slechts weinigen die openlijk vraagtekens zetten bij deze retoriek (een opmerkelijke uitzondering is het Californische Congreslid Barbara Lee). En toch is de zwaarste test waarvoor liberale democratieën na de moorddadige aanslagen staan een eeuwenoude: hoe kan men zich verdedigen tegen het kwaad zonder zelf tot het kwaad te verworden?

Allereerst heeft dit dilemma betrekking op de onvermijdelijke 'vergeldingsacties' van de Verenigde Staten en haar bondgenoten. Gezien de immense publieke en politieke druk op president Bush om 'te handelen', is het te hopen dat hij geen actie onderneemt totdat met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid de dader(s) zijn aangewezen. Dit is niet alleen van belang vanuit democratisch en rechtstatelijk oogpunt, maar ook om zuiver pragmatische redenen. De kans op de groei in sympathie voor Osama Bin Laden en de zijnen in reactie op vergeldingsacties is kleiner naarmate de bewijsvoering voor zijn betrokkenheid overtuigender is. Dit is geen ondergeschikt punt, gezien de vernietigende kracht van zijn netwerk.

Van Pakistan tot Jordanië, van Rusland tot Israël hebben regeringen laten weten volledig achter de Amerikaanse vergelding te staan (zonder een idee te hebben wat die zal inhouden). Slechts de Duitsers, en dan met name president Rau, lijken bezorgd over overhaaste en overdreven vergeldingen. Het is te hopen dat Kok in zijn nadagen als premier de moed kan opbrengen om, in het geval van een overdreven reactie, nu eens een duidelijk en standvastig 'nee' te laten horen (al heeft het slechts symbolisch belang).

Maar de test heeft niet alleen een externe dimensie. Voor Nederland, en alle andere liberale democratieën, is er een zo mogelijk nog belangrijkere interne dimensie. We moeten namelijk oppassen dat we ons niet vergalloperen in onze binnenlandse reacties op deze onmenselijke daad. Zo zijn er zowel in de VS als Nederland reeds verschillende stemmen opgegaan om het veiligheidsapparaat uit te breiden in zowel personeel, budget, als bevoegdheden (o.a. door oud-minister van Binnenlandse Zaken, Bram Peper).

Hoewel dit logisch klinkt, is het nog maar de vraag of een meer omvattend veiligheidsapparaat werkelijk meer veiligheid brengt, met name waar het terroristische groepen als die van Bin Laden betreft. De recent gebeurtenissen in Israël en Oezbekistan, bijvoorbeeld, geven eerder een ontkennend antwoord op deze vraag. Hetzelfde geldt voor oproepen om de vrijheid van islamitisch fundamentalistische groepen, ook zonder banden met terroristen, te beperken. Sterker nog, er zijn evenzogoed aanwijzingen dat dit slechts tot meer geweld leidt.

Een andere test heeft direct te maken met de multiculturele samenleving, die sinds de de uitspraak van imam sheik Khalil el-Moumni dat homoseksualiteit 'een ziekte' is sowieso aan glans lijkt te hebben verloren. Alle Nederlandse media berichtten uitvoerig over de kleine groepjes allochtone (met name Marrokaanse) jongens die de aanslag op de VS in de straten vierden. Vanzelfsprekend is dit verwerpelijk en ik kan mij goed indenken dat veel Nederlanders dit persoonlijk heeft aangegrepen.

Toch is overduidelijk dat de grote meerderheid van de allochtone en islamitische bevolking in Nederland (en daarbuiten) de terroristische aanslag in de VS in even duidelijke termen verwerpt als de meerderheden in het Westen. De groepjes opgeschoten jongeren, alsmede kleine kernen islamitische fundamentalisten en (ook Westerse) antisemieten, moeten dan ook niet als 'typisch' en 'representatief' worden beschouwd voor een gehele bevolkingsgroep.

Wat mij echter het meest schokte waren de reacties van enkele leden van de politieke elite - onder wie nota bene vice-premier en minister van Binnenlandse Zaken Dijkstal en minister van Justitie Korthals - op het gedrag van deze Marrokaanse 'rondhangjongeren'. Zonder blikken of blozen stelden deze hoeders van de democratie dat de politie had moeten optreden, omdat 'zij' zich aan 'onze' normen moeten aanpassen. Nog even in het midden gelaten wie 'zij' en wie 'ons' zijn, vrijheid van meningsuiting is een van de belangrijkste normen van 'onze' samenleving!

Het is te hopen dat in de komende dagen, als er meer tijd verstreken is en wellicht ook ruimte is geweest voor reflectie, de gemoederen weer bedaren en we kunnen terugkeren naar weloverwogen uitspraken en besluitvorming. De schuldigen moeten worden gestraft, laat daarover geen twijfel bestaan. Maar daarbij moeten niet ook onschuldigen worden getroffen. Zelfs niet als zij er verderfelijke ideeën op na houden.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden