'Aanpak giframp was niet slecht'

VAN ONZE CORRESPONDENTE LEEN VERVAEKE

BRUSSEL - Naast een chemische vloeistof lijkt uit de ontspoorde trein in het Belgische Wetteren ook een golf van woede te zijn gestroomd. De aanpak van de treinramp wordt door de Vlaamse media en politici neergesabeld. Maar maakten de hulpverleners er inderdaad een zootje van of staan de beste stuurlui aan wal?

Sinds woensdag mogen de geëvacueerden in Wetteren straat per straat terugkeren. Van de 1.979 geëvacueerden waren er donderdagavond 1.400 weer thuis. De brandweer begon met het leegpompen van het treinwrak en milieu-instanties voerden metingen uit. Behalve in enkele waterlopen, waar een visverbod werd ingesteld, waren alle metingen gunstig.

Daarmee lijkt de rust in Wetteren terug te keren. Maar het laatste woord over de ramp is nog niet gezegd. Volgens veel critici stapelden de hulpverleners fout op fout: de trein had niet geblust mogen worden, men had meer mensen moeten evacueren, en men had de geëvacueerden vooral niet op maandag al mogen laten terugkeren, om ze dinsdag halsoverkop weer weg te halen.

Nog fundamenteler was de kritiek van noodhulpexpert Luc Rombout in de krant De Morgen. Die stelde dat de Belgische rampenbestrijding jaren achterophinkt bij die in de buurlanden. De Belgen evalueren hun noodhulp niet, zetten amper iets op papier, volgen niet de nodige opleidingen en doen dus maar wat. In grote letters stond op de voorpagina: 'Dit kan alleen in België'.

Het klopt dat de Belgische aanpak van rampen minder formeel verloopt dan in Nederland. Er is geen Onderzoeksraad voor Veiligheid. Er is ook geen wettelijke verplichting om provinciale rampevaluaties nationaal te delen. 'Maar de hulpverleners doen dat uit zichzelf', zegt Wim Haenen, die als federaal gezondheidsinspecteur werd ingeschakeld bij enkele grote rampen en die zijdelings bij Wetteren betrokken is. 'Na elke ramp worden de procedures aangepast. We komen daar alleen niet mee naar buiten, omdat die verbeterpunten vaak erg technisch zijn.'

Ook de beoordeling van de Wetterse aanpak blijkt genuanceerder. Voor elke negatieve expert is er ook een positieve te vinden. Opvallend: die laatsten bevinden zich vooral in Wallonië.

'Ik heb de ramp in de media gevolgd, en ik zou geen fouten kunnen aanwijzen', zegt onafhankelijk veiligheidsconsultant Marc Lerchs. 'Men zegt: met deze stof in de trein had de brandweer niet mogen blussen. Maar in het begin weet je nog niet om welke stof het gaat. Het is donker, er hangt rook, de codes van de lading zijn misschien niet meteen leesbaar. Dan moet je wel blussen, anders dreigt ontploffingsgevaar.'

De neiging om bij elke ramp meteen een schuldige te zoeken, is natuurlijk universeel. Maar in België speelt ook de politieke context. Provinciegouverneur Jan Briers, verantwoordelijk voor de hulpcoördinatie, werd benoemd op voorspraak van de N-VA. De andere partijen - die een koude oorlog voeren met de N-VA - zijn dus extra scherp.

Daarnaast zijn ontegensprekelijk communicatieblunders gemaakt. De aanvankelijke twee doden werden er één. De 500 geëvacueerden werden er - gisteren pas - liefst 1.979. Daarmee verliep de hulpverlening zelf niet noodzakelijk chaotisch, maar creëerde Briers wel de perceptie van chaos.

undefined

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden