Aangename levendigheid met karikaturale trekjes

Zomergasten..

amsterdam Overspel, openbare dronkenschap en poëtische intermezzo’s zijn de dagelijkse bezigheden van de zomergasten in het Amsterdamse Bostheater. Het moderne complex van zomerhuisjes dat de theatergroep op het vaste openluchtpodium heeft gebouwd, bevat onder meer een fitnessruimte met zonnebank, een bar en een barbecueplaats. Faciliteiten die de onverdraagzame gasten moeten zien te delen.

De voorstelling die het Bostheater deze zomer speelt is Zomergasten (1904) van de Rus Maksim Gorki. De oorspronkelijke Russische titel is Datsjniki: ‘bewoners van zomerhuisjes’. Om zo’n groep, veelal rijke vakantiegangers, is het Gorki te doen. Elke zomer zitten ze in hun vakantiehuisjes bij te komen van het drukke leven. Dit gemêleerde gezelschap kent elkaar alleen van deze jaarlijkse bijeenkomsten. Gezelligheid kent geen tijd, hoewel iedereen zich natuurlijk kapot ergert aan elkaar.

Zo zijn daar Basov en Soeslov, een advocaat en een projectontwikkelaar. Twee ‘liederlijke burgerzwijnen’ volgens de jonge en opstandige Vlas. Deze jongen wordt op zijn beurt verliefd op Maria Lvovna, een veel oudere en gescheiden arts. Haar socialistische idealen vallen weer erg slecht bij kapitalisten als Soeslov en zijn stinkend rijke, gepensioneerde oom. Ook Sacha, de cynische schoonmaakster, is het noemen waard. Ze is een Russische immigrant en levert met een zwaar accent grappig commentaar op de rijke Nederlandse zomergasten.

Met vijftien personages op het toneel – vaak ook nog allemaal tegelijk – is het een onmogelijke taak om iedereen even goed uit de verf te laten komen. Dat is regisseur Frances Sanders ook niet gelukt.

Maar Sanders heeft soms terecht duidelijke keuzes gemaakt. Sommige acteurs krijgen van haar de tijd en ruimte om flink uit te pakken. Martijn Fischer is onvergetelijk. Als advocaat Basov, de bulderende man van het volk, altijd uit op gezelligheid, vervult hij een centrale positie in het gezelschap. Hij is het type man dat zichzelf een ‘gevoelsmens’ noemt, en dingen zegt als: ‘De natuur is mooi, maar je moet er wel wat bij te drinken hebben’. Ook Jan Paul Buijs (als de hevig puberende Vlas) en Elise Schaap (als de promiscue Olga) weten in al het gedrang op het podium te imponeren met sterke rolinvullingen. Knap dat dit lukt, ondanks de vele karikaturale trekjes die hun personages vertonen.

Sowieso is dat een beetje het manco van de voorstelling. Zelden wordt een personage echt goed uitdiept. Onverklaarbare gedragswisselingen en clichéopvattingen over bijvoorbeeld literatuur of een groots en meespelend leven doen hier regelmatig de ronde. Maar goed, Gorki was geen Tsjechov, en het stoort nauwelijks.

Waar Zomergasten namelijk in uitblinkt, is sfeer en een aangename levendigheid. Er is geen moment in de voorstelling waarop er niets gebeurt. Tussen de bedrijven door rennen de acteurs met allerlei stukken van het vindingrijke decor rond, dat telkens weer een andere vorm blijkt te kunnen aannemen. Zo mobiel als die houten rode zomerhuisjes zijn, zo ingekakt en vastgeroest zijn de bewoners ervan. Verandering kost tijd en lef, blijkt weer.

Vincent Kouters

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden