Aan talent heeft Brazilië geen gebrek

Brazilië wil schitteren op de Spelen van Rio in 2016. Om die gouden regen te realiseren zijn Gerard Lenting (atletiek) en Bert Bunnik (hockey) ingehuurd.

Het dondert en bliksemt tijdens het gesprek aan het strand in Rio de Janeiro. Gerard Lenting en Bert Bunnik leren elkaar kennen. Ze lachen, leggen uit, zijn trots op hun werk en verbazen zich.


Bunnik is door de internationale hockeybond FIH gevraagd als high performance director in de voorbereiding op de Olympische Spelen van 2016. Hockey moet ook na de Spelen van Rio een wereldsport blijven. Lenting verdwaalde in het bureaucratische doolhof, verliet de atletiekbond en is nu trainer van een commercieel team.


brazilië

Lenting: 'Er zijn twee kanten, op elk moment. De Copacabana is geweldig, maar je draait je om en ziet de favela's, de sloppenwijken. Bovendien bestaat het beeld van allemaal Romariootjes. Dat klopt niet. Je hebt groot, klein, blank, zwart, alles ook nog gemengd. Hoe het weer is in Brazilië? Hangt ervan af waar je naartoe wilt. We hebben tropisch, subtropisch, landklimaat, zeeklimaat. In sommige delen valt af en toe sneeuw.'


Bunnik: 'Het is boeiend. De mensen zijn vriendelijk, maar de problematiek zit in de planning en beslisbevoegdheden. Wij zijn opgevoed in een Rijnlands model. Je maakt een afspraak en komt die na. Dat is moeilijk hier. Je kunt niet zomaar zeggen: omdat we nu carnaval hebben, is er geen tijd om de aanvraag te behandelen. Want dat toernooi van de atleten gaat door. 'Maar veel komt op het laatste moment goed.'


Lenting: 'Brazilië is een continent op zich. Alleen al die natuur met de grootste verschillen in flora en fauna. Ik wil veel leren dus dan denk ik bij een bepaald geluid: hoe kan dat nu? Dan blijkt er een vogeltje te zijn dat giga veel lawaai maakt.'


doel

Bunnik: 'Het organiserende land mag meedoen, maar alleen op waardige wijze. Voor de Braziliaanse hockeymannen betekende dat ze moesten stijgen van rond de veertigste naar de dertigste plaats op de wereldranglijst, of naar de vijfde plek bij de Pan-Amerikaanse Spelen van 2015. De vrouwen mogen een plaats lager staan, zesde, en rond de 40ste plaats op de wereldranglijst.


'In de praktijk blijkt de doelstelling bij de mannen iets makkelijker. Fysieke training, leven met sportvoeding, verhouding tussen arbeid en rust, dat zit er bij kerels meer. Vrouwen in de sport hebben in Brazilië lang geen aandacht gekregen. Na 2016 moeten er twee nationale coaches zijn die het werk bij de landenploegen kunnen voortzetten. Er zijn tussen de drie- en vijfduizend hockeyers, van wie de meeste aan schoolsport doen.


'Ik heb drie kernen, in Rio, Sao Paulo en Florianopolis. De afstand Rio - Sao Paulo is Amsterdam - Parijs, Rio - Florianopolis is Amsterdam - Barcelona. Het is niet zo dat we vanuit Bloemendaal even een potje gaan hockeyen in Amsterdam en het daarna gezellig hebben in de stad. In de competities spelen 600 mensen, gedurende zes maanden, steeds dubbele wedstrijden. Dus zaterdag of vrijdagnacht met de bus naar Rio, waar op militair terrein het enige waterkunstgrasveld van Brazilië ligt. We hebben nog vijf velden in de molen, maar de besluitvorming is traag.'


Lenting: 'Ik zat eerst bij de Confederatie, de overkoepelende bond, als bondscoach meerkamp en hoogspringen. Via mijn werk in Qatar kwam ik in contact met Braziliaanse coaches. Nadat Brazilië de organisatie van de Spelen kreeg, ontstond behoefte aan structuur en Nederland heeft een goede naam als organisator. In het noorden van Brazilië liggen nog steeds door Nederlanders aangelegde bruggen, terwijl alles van de Portugezen is weggespoeld, of slecht is.


'Na een jaar had ik nog niets gedaan, want ik had te maken met 25 federaties en één federale staat. Al die staten hebben zeggenschap in de confederatie, ook naar belang van die staat. In Sao Paulo zit geld, de rijkere staten liggen daaromheen. Sao Paulo kan net niet alles in zijn eentje beslissen. Je krijgt scheve situaties.


'Na een tijdje bleek dat de voorzitter van de confederatie die mij had gehaald de benoeming niet had overlegd. Er kwam weerstand. Waarom die buitenlander? Aan het eind van mijn contract werd ik benaderd door Powerade, een commercieel team in Rio. We willen met het Powerade atletiekteam het bewustzijn creëren van een andere manier van trainen: planmatig, met coaches die op dezelfde manier doelgericht werken. Het team bestaat uit tien atleten, twee coaches en een staf, met een fysiotherapeut, voedingsdeskundige en dokter. Het team is gericht op de sterke punten van de Braziliaanse atletiek: sprintsnelheid en sprongkracht, explosiviteit.


'Wij bieden een basissalaris dat minder is dan bij de grote clubs. Alleen ons pakket is heel interessant: ze zijn verzekerd, iedereen wordt onderzocht, de atleten krijgen bonussen. Ze krijgen hun salaris op tijd en er is tandzorg. Dat is zeldzaam. De meeste Brazilianen gaan niet naar de tandarts, behalve als het te laat is. De meisjes gaan naar de gynaecoloog, vooral opdat ze goede anticonceptie krijgen. Tegelijkertijd kunnen we hun menstruatie bijsturen.'


Bunnik: 'Ze krijgen wat de Nederlandse A-sporters krijgen. Dat probeer ik ook met de hockeyers. Onze groep is veel groter. Dat is meteen het knelpunt met het olympisch comité. Ze vroegen aan mij: hoe doen jullie dat in Europa? Dan vertel ik over NOC*NSF, over A- en B-kader, over steun, faciliteiten, afspraken en pogingen het niveau van de sport omhoog te tillen. Hier begin ik soms aan een toernooi zonder mijn twee beste spelers. Die krijgen geen vrij van de universiteit.'


ambitie

Lenting: 'Ons team is een project gericht op 2016, met het oog op 2020. Als Brazilië dezelfde structuur had als Duitsland, Engeland of Nederland, zou het land binnen drie jaar medailles winnen in alle takken van sport. Ze hebben hier zo'n ongelooflijke pool talent. Je schudt aan een boom en er vallen mensen uit die kunnen hardlopen, die alles kunnen met een bal. Alleen: ze zitten op plekken waar ze niet worden ontdekt, niet naar school gaan. Er is wel leerplicht, maar de helft gaat niet. En op veel scholen zijn geen lessen lichamelijke opvoeding.'


Bunnik: 'Overal zijn veldjes op gemalen autobanden, waar de hele dag wordt gevoetbald.'


Lenting: 'Je hebt hier vrouwen met benen tot onder de oksels, bij wijze van spreken. Die kunnen niet allemaal volleyballen. Die kunnen ook hoogspringen, basketballen. Er is ongelooflijk veel talent, maar er is geen organisatie. Brazilië heeft geld, ruimte, maar er gebeurt niets. De Spelen? Ze hebben niet de infrastructuur, niet de hotels, ze zijn volgens de regels van het IOC onvoldoende toegerust. Maar ze hebben ze toch gekregen van de IOC-leden. En dat is niet gebeurd om hun mooie ogen.'


Bunnik: 'Uiteindelijk gebeuren veel dingen op het laatste moment. Wij spreken dus een oefenstage af. We gaan naar Stellenbosch, Zuid-Afrika. We verblijven er voor een prikkie. Vlak van tevoren wordt het trainingskamp afgelast, omdat het geld voor de vluchten niet wordt vrijgegeven. We discussiëren. Uiteindelijk krijgen we toestemming naar Chili te gaan, we halen bij een toernooi een medaille, het is vroeg carnaval. Maar dan zijn er mensen die zeggen: de hockeyers hebben nu zoveel uitgegeven, nu mogen anderen.'


talent

Bunnik: 'Je moet niet tegen hockeyers zeggen dat ze mislukte voetballers zijn. Een paar van hen hebben gevoetbald, maar degenen die bij de nationale ploeg tot de beteren horen, zijn allemaal leraar lichamelijke opvoeding. Die hebben op de academie kennisgemaakt met de sport. Naar verhouding beginnen ze te laat. Ik heb twee jongens in de ploeg onder 21 jaar uit de favela. Wij geven demonstraties op school, clinics, dan blijven er altijd wel een paar hangen.


'Als we daar niet heen rijden met twintig sticks en vijftig ballen, zien we ze niet. Overal in de wereld willen jongeren sporten. Als je kinderen sport aanbiedt, proberen ze het. En als je je kunt onderscheiden, heb je een nieuwe toekomst. Je hebt zekerheid, je kunt ergens trainen, je hebt te eten en drinken, je mag naar de dokter.'


Lenting: 'In die achterstandswijken denken ze: Als ik beter word, krijg ik dingen die ik anders niet krijg.'


Bunnik: 'Op een goede manier meedoen aan de Spelen en eindigen tussen de 10 en 12, dat is ons realistische doel. Topzes is absoluut niet haalbaar, topacht is heel lastig, dan moet je veel geluk hebben.'


Lenting: 'De sport is op mondiaal niveau dicht bij elkaar gekomen. Je moet je op een bepaalde manier onderscheiden. Er ontbreekt hier nog een schakel: lichamelijke opvoeding. Motorische vaardigheden worden niet aangeleerd. Dat is een groot nadeel als je wilt sporten op niveau.


'In Nederland spelen kinderen blokfluit, zitten op gymnastiek en voetballen. Uiteindelijk blijft één ding over. Hier doen ze vanaf het begin één ding en ze krijgen op school niets anders. Ze missen ruimtelijke oriëntatie, ervaring met bewegen. Ze zijn wel de hele dag buiten, maar ze leren niet sportspecifiek bewegen.'


sport

Lenting: 'Brazilianen zijn chauvinistisch. Als je vraagt: wat is moderne vijfkamp, dan weet niemand dat. Maar iedereen kent de naam van het meisje dat in 2012 een medaille heeft gewonnen in Londen (Yane Marques brons, red.). Ze hebben medailles behaald: eerste keer moderne vijfkamp, eerste keer gymnastiek. Brazilië telt mee.'


Bunnik: 'Dat was ook zo bij de eerste hockeymedaille tijdens de Zuid-Amerikaanse kampioenschappen. Die medaille is zo uitzinnig gevierd, alsof ze wereldkampioen waren. Geweldig. Brazilianen tonen veel emotie in de sport; spelers en toeschouwers. Ze zijn zielsongelukkig of waanzinnig blij.


'Wij hadden een verzoek ingediend over de aanleg van velden. Er kwamen aanvullende vragen. Konden wij exacte gps-gegevens aanleveren van het beoogde veld? Ik vroeg: is dit niet wat overdreven? Het antwoord was: ja, de mensen die beslissingen nemen hebben slechte ervaringen met voetbal. Ze gaven geld uit, maar de velden zijn nooit aangelegd. De vraag bleek een manier om te controleren.'


Lenting: 'Wij trainden in de schaduw van het Maracana Stadion. Die atletiekbaan is aangewezen als officiële trainingscentrum voor de Olympische Spelen. Maar het Maracana is gerenoveerd voor een bedrag waarmee ze minimaal twee andere voetbaltempels hadden kunnen aanleggen. Toen kwam de FIFA met voorwaarden voor de Confederations Cup en het WK van volgend jaar. Een eis was: 10.750 parkeerplaatsen. Toen bedachten ze: dan gooien we die atletiekbaan plat . Komen aan om te trainen: gesloten.'


Bunnik: 'Hoe vaak mensen mij niet vragen welke sport ik doe. En als ik dan uitleg dat het is voor de Olympische Spelen, vinden ze dat mooi. Als je dan zegt: hockey, zeggen ze, jockey, dat is toch met paarden. Dat is hun beleving.'


Gerard Lenting atletiekcoach

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden