Aaf schakelt graag vaklui in, ondanks dat ze elke keer hun voorganger afzeiken

'Wie heeft vorige keer je fiets gemaakt/je haar geverfd/je lood gegoten?'

Het eerste wat ik altijd denk als ik op weg naar een afspraak een lekke band krijg, is: 'Ze zullen nooit geloven dat ik te laat ben vanwege een lekke band.' Het is dus dubbel pech: die lekke band en het vooruitzicht dat de mensen zullen denken dat je liegt door middel van de flauwst denkbare smoes. Maar misschien is dat mijn zieke geest.

Enfin, ik had een lekke band en de bijbehorende doemgedachten en ging naar een fietsenmaker die ik niet kende, want het gebeurde aan de andere kant van de stad. De volgende dag haalde ik mijn fiets op en hij stelde mij die omineuze vraag die fietsenmakers graag stellen: 'Wie heeft jouw fiets de vorige keer gerepareerd?'

Gewoon, de fietsenmaker bij mij om de hoek, zei ik. 'Je hebt er dus niet zélf aan geklust?', wilde de fietsenmaker weten. Nee, zei ik, dat was niet echt iets voor mij, zomaar zelf aan mijn fiets klussen. Nou, hij had anders ráre dingen in mijn fiets aangetroffen. Zei hij. Een heleboel olie in mijn kettingkast. Alsof een amateur eraan had gezeten. Ik verzekerde hem ervan dat ik niet op eigen initiatief olie op mijn ketting had gesmeerd. Het was ook heel ráre olie, zei hij. Heel vettige.

Ik nam mijn fiets weer mee en dacht er het mijne van. Namelijk: er zijn bepaalde beroepsgroepen die hun concurrenten graag afzeiken. Ze proberen dat subtiel te doen, maar dat lukt niet. De subtiliteit zit hem in de vragende vorm. 'Wie heeft vorige keer je fiets gemaakt/je haar geverfd/je lood gegoten?' Ik krijg deze vraag namelijk het vaakst van fietsenmakers, kappers en loodgieters. Die zien eigenlijk al zodra ze je haar doorkammen of je wc betreden wat voor prutswerk de vorige vakman daar heeft afgeleverd.

Ik neem het altijd op voor de vorige vakman, want ik vond die fietsenmaker of kapper of loodgieter prima, en bovendien heb ik daarna weken naar volle tevredenheid met die haarkleur rondgelopen en op die wc gepoept, dus ik zag het euvel niet zo.

Maar de vakman knijpt zijn ogen dan dicht, zo van: 'Ja, maar jij ziet niet hoe slecht die kettingkast/haarkleur/hydraulische pomp is. Jij bent een amateur.'

Wat ook zo is. En daarom schakel ik vaklui in, maar die vaklui brengen me in de war door elkaar hoogst kritisch te beroddelen.

Nu, een week later, is mijn band alweer lek. Ik zou dus eigenlijk klagend terug moeten gaan naar die fietsenmaker die mijn vaste fietsenmaker een prutser vond, maar ik ga liever naar mijn vaste fietsenmaker, met wie ik dan kan bespreken dat die fietsenmaker van vorige week een prutser was. Want dat vind ik nu ook echt. Ik kan me daarop verheugen. Maar misschien is dat mijn zieke geest.