A.F.Th. van der Heijden bekroond voor requiemroman over zoon

De Libris Literatuur Prijs is dit jaar voor A.F.Th. van der Heijden voor zijn roman Tonio, over de dood van zijn zoon. De jury was onder de indruk van de wijze waarop de schrijver laat zien hoe zeer hij heeft geworsteld met het onmetelijke verlies.

ARJAN PETERS

Een grote literaire prijs die nu eens wél naar de gedoodverfde winnaar gaat, dat is ook alweer bijna een statement. De bekroning van Tonio - een requiemroman van A.F.Th. van der Heijden (Geldrop, 1951) met de Libris Literatuur Prijs 2012 (50 duizend euro), die maandagavond door juryvoorzitter Robbert Dijkgraaf bekend werd gemaakt in het Amstel Hotel te Amsterdam, kwam niet onverwacht. De auteur die sinds de dood van zijn zoon Tonio op 23 mei 2010 nog maar sporadisch buiten is geweest, had ervoor gekozen om thuis in Amsterdam te blijven en daar naar de live-uitzending vanuit het Amstel in het tv-programma Nieuwsuur te kijken, in het gezelschap van zijn vrouw Mirjam Rotenstreich en redacteur Suzanne Holtzer van uitgeverij De Bezige Bij.

Nadat Van der Heijden toezag hoe zijn uitgever Henk Pröpper namens hem de prijs in ontvangst had genomen, mocht de pers die in de buurt had staan wachten in de hoop een glimp van de verwachte laureaat vast te leggen, even binnen komen. Een schouwspel dat de verzamelde literaire goegemeente in het Amstel weer op schermen diende te volgen, om het vervolgens te honoreren met een langdurig applaus.

De jury was getroffen door de wijze waarop Van der Heijden laat zien hoe zeer hij heeft geworsteld - met het onmetelijke verlies, met dit boek waarin hij zijn zoon met inzet van al zijn vermogens poogt terug te roepen, en met zijn ideeën over het schrijverschap. Met name was de jury van de prijs voor Nederlandstalige fictie onder de indruk van de wendingen waardoor de schrijver 'de waarheidsgetrouwe beperkingen overstijgt' en het requiem in een roman overgaat. Tonio is niet alleen het verslag van de rouw, en een portret van de zoon en student media & cultuur die op 21-jarige leeftijd aan de gevolgen van een nachtelijk verkeersongeluk overleed, maar ook een reconstructie van diens laatste dagen en uren, en zelfs van zijn gedachten. Om die welhaast detective-achtige kant van het boek te kunnen schrijven, moest Van der Heijden de structuur van het realistische dagboek verlaten en zijn zoon door middel van fictie zien te naderen.

Sinds de verschijning van het boek, een jaar geleden, is de respons immens geweest. Inmiddels zijn er meer dan honderdduizend exemplaren van Tonio verkocht, en is de Duitse vertaling van Helga van Beuningen verschenen en daar eveneens lovend ontvangen.

In januari 2012 kreeg Van der Heijden voor zijn hele oeuvre de Constantijn Huygens Prijs, die hij aan zijn zoon opdroeg ('Tonio was mijn mannelijke muze'). In dezelfde maand veroordeelde een Belgische politierechter een 30-jarige wegpiraat onder meer tot het lezen van Tonio. Een voorbeeld dat ook in Nederland navolging zou moeten krijgen, hoopte Van der Heijden. 'Als schrijver twijfel je soms aan de maatschappelijke relevantie van je boeken', zei hij toen, 'zeker bij zo'n persoonlijk werk als dit. Deze uitspraak bewijst dat dat wel degelijk het geval kan zijn.'

Van navolging is voor zo ver bekend nog geen sprake geweest, al noemt advocaat Moszkowicz deze onorthodoxe straf in zijn onlangs verschenen boek in positieve zin 'creatief'. Wel besloot de gemeente Amsterdam om het kruispunt Stadhouderskade/Hobbemakade nabij het Vondelpark, de plaats waar Tonio bijna twee jaar geleden werd aangereden, na enkele recente verkeersongevallen aan te passen. De verkeerslichten zijn gedraaid, zodat ze beter zichtbaar zijn geworden.

De Libris Literatuur Prijs is niet de eerste prijs voor Tonio. In maart van dit jaar kreeg het boek de eerste NTR Docententrofee namens zeshonderd docenten Nederlands die aan een enquête hadden deelgenomen. Toen die prijs eveneens thuis aan Van der Heijden werd uitgereikt, vertelde hij na de publicatie van Tonio door te zijn gegaan met het maken van notities. Misschien dat er over een paar jaar een tweede, heel ander Tonio-boek gaat verschijnen. Orpheus in de metro zou dat tweede boek kunnen heten, geïnspireerd door het beeld dat de auteur geregeld voor zich ziet: hij daalt af in een metrotunnel, en hoort zijn zoon achter zich op de fiets door de modder ploegen. 'Maar je voelt het al aan: ik mag niet omkijken.'

Van der Heijden schreef de 633 pagina's van zijn requiem tussen juni 2010 en maart 2011. Niet wetend of hij het boek zou kunnen voltooien. Zo lang hij schreef, voelde hij de aanwezigheid van zijn zoon. 'Niet het schrijven, maar het lezen leek me te slopen', zei hij na het verschijnen van het boek in een schriftelijk interview in de Volkskrant: de confrontatie met de tekst, en met de drukproeven, het herlezen, de herbeleving van het sterfbed, dat werd hem soms te veel. Dan leken hem de wapens uit handen geslagen, omdat de dood de enige gebeurtenis is die stokt in zichzelf, zoals hij schrijft: 'Voor wie deze unieke gebeurtenis ondergaat, is er geen reflectie mogelijk. Woede, schaamte, schuldvraag, causaal verband, consequenties... het is allemaal niet aan de orde. Dood is dood.'

Maar hij ontdekte ook hoe hardnekkig zijn neiging is om associaties en flarden te arrangeren, te stileren, de notities zo te componeren dat zijn boek 'niet zou uitblinken door vormeloosheid'. Schrijven was zijn vak, en is dat gebleven. 'Als ik blijf schrijven, is het tegen de pijn in.' Inmiddels heeft hij laten weten aan drie boeken verder te werken.

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden