87 en gelukkig als (een) kind

Dolf Verroen 'is pas 87', scheurt nog met 190 over de snelweg en schrijft dit jaar het kinderboekenweekgeschenk. Dat voelt als erkenning want ondanks twee grote Duitse prijzen, kreeg hij in Nederland tot zijn frustratie nooit een gouden griffel.

Dit jaar schrijft Dolf Verroen (87) het kinderboekenweekgeschenk. Beeld Jiri Buller / de Volkskrant

'Hij wil 105 worden', zegt kinderboekenschrijfster Nannie Kuiper over haar dierbare collega Dolf Verroen. 'Hij is pas 87', voegt ze toe. Geen wonder dus dat Verroen nog zo kwiek is als een kuiken. Hij heeft wel 'duizend modieuze brillen', vertrouwt Kuiper toe, en 'honderd mooie jasjes'. Niet zo heel lang geleden is hij door de politie van de weg gehaald. De indruk bestond dat hij te hard reed. Ze kwamen uit op 190 kilometer per uur. Toen ze op het rijbewijs zijn geboortedatum lazen - 20 november 1928 - dachten ze aan een vervalsing.

En nu, aan de vooravond van zijn 88ste verjaardag is hem gevraagd het geschenk, het gratis boek te schrijven dat hoort bij de kinderboekenweek. Het verzoek maakte hem blij als een jonge hond. Volgende week woensdag, bij de start van de Boekenweek verschijnt Oorlog en vriendschap. 'Natuurlijk wisten we dat Irma Joods was', luidt de openingszin. 'We wisten niet dat ze van school moest.' Hoe vriendschap op de proef wordt gesteld, ook onder kinderen, in tijden van oorlog - daar gaat het over. Tegelijk worden twee klassiekers van Verroen opnieuw uitgebracht, De Verschrikkelijke Schoolmeester en De prinses en de paradijstuin.

Hij had niet gedacht dat hij nog zo meetelde. Aan productie heeft het nooit ontbroken. Dolf Verroen schreef vanaf 1957 meer dan honderd kinderboeken. Ettelijke duizenden exemplaren van zijn werk zijn verkocht. Hij is een schrijver die goed kan leven van zijn roeping.

1928 Geboren in Delft

1955 Dichtbundel In los verband

1956 Van eeuwigheid en amen, romandebuut

1957 Marieta's overwinning, eerste kinderboek

1979 De kat in de gordijnen, Zilveren Griffel

1981 Hoe weet jij dat nou? Zilveren griffel

1987 Een leeuw met lange tanden, zilveren griffel

2006 Tweemaal onderscheiden in Duitsland

Zilveren griffels

Drie griffels won hij in de jaren zeventig en tachtig. Zilveren griffels, geen gouden. Erkenning is een raar ding. Slaaf Kindje Slaaf uit 2006 omvat veertig scenes uit een koloniaal leven op de plantage. Hoofdpersoon is een meisje dat voor haar twaalfde verjaardag een slaafje krijgt. Ja, dat had ze nog niet! Het is een handig cadeau. Slaven moeten namelijk doen wat jij hun zegt.

Onder Nederlandse recensenten belandde het boek op de stapel van het grote geduld. Het kreeg amper aandacht. In Duitsland ontving Wie schön weiss ich bin twee grote prijzen, de Gustav Heinemann-Friedenspreis en de Deutsche Jugendliteraturpreis.

Dolf Verroen wordt slecht begrepen door volwassenen, meent schrijfster Yvonne Keuls. 'En het zijn de volwassenen die hem hebben beoordeeld. Veroordeeld.'

Maar hoe dan zijn succes in Duitsland te verklaren? Keuls: 'Duitsers hebben geen gevoel voor humor. Dat sluit goed aan bij de droge humor van Dolf. Wij lachen ons de pleuris. De Duitsers zien het als literatuur. Daar hebben ze gelijk in, want dat is het ook.'

Uit De vis en de jongen uit 1979, over de vis die met zijn hengel de jongen vangt en mee naar huis neemt, naar de bodem van het water:

Nogal links

Een kinderboekenschrijver vult zijn bestaan naast het schrijven, met lezingen en voordrachten. Ooit ontving Dolf Verroen een uitnodiging om te komen voorlezen in Apeldoorn op de school van de kinderen van Van Vollenhoven. Twee dagen voordien werd hij gebeld door een nerveuze schoolbestuurder. Hij had gehoord dat Verroen 'nogal links was en zulke gekke dingen schreef'. Verroen: 'Waarschijnlijk had hij me het liefst afgezegd, maar ik had een contract en dat kon dus niet meer.' Of Verroen in ieder geval, zo was het dringende verzoek, 'er alsjeblieft aan wilde denken dat de prinses er was'.

'Ik zal hem gauw bakken', zei de moedervis.

'Die zal best smaken.'

'Mag ik het piemeltje?', vroeg de vis die de jongen gevangen had.

'Want dat is het lekkerste.'

Keuls: 'Ze kunnen hem niet onderbrengen, niet vangen. Ettelijke keren heeft hij mij verteld hoezeer het hem frustreert. Hij is nooit op zijn waarde geschat, heeft nooit een gouden griffel gekregen.'

Kuiper: 'Onder critici wordt wel gezegd: hij is te karikaturaal, te weinig literair. Ach, het zal. Hij heeft die kritiek altijd moeilijk gevonden. Daarom is hij nu ook zo blij met het boekenweekgeschenk.'

Beiden, zowel Yvonne Keuls als Nannie Kuiper behoren tot de oude schrijversvrienden. Verroen verzamelt al zijn leven lang mensen. Hij is secuur in het onderhoud van vriendschappen. Ofschoon hij ongerichte uitvallen van woede kent, is de regel dat het gezellig moet zijn en feestelijk.

Dolf Verroen met echtgenoot Gerard Hemmes voor hun huis in St Nicolaasga begin jaren 90. Beeld privécollectie

Huisschilder

De schrijver Gerbrand Bakker is schilder geweest, huisschilder. Hij kwam bij Dolf Verroen en diens man Gerard Hemmes in eerste instantie aan huis om de boel wat op te knappen. Hij vond het een fascinerende wereld. In dat grote huis in St. Nicolaasga in Friesland trof je overal kunst aan de muren; er was altijd eten en drank, veel drank. Er kwamen tal van mensen over de vloer, bekende mensen. Bakker weet nog dat hij een keer de telefoon aannam, omdat de heren des huizes niet in de buurt waren en dat aan de andere kant van de lijn zich zomaar Yvonne Keuls meldde. Geïmponeerd was hij. 'Ik stond te trillen', herinnert hij zich.

Auteur Rindert Kromhout zit in een lunchclubje met Verroen. Hij kent hem als een warme, grappige man, als een onderhoudend causeur. Vooruit, als een gezellige roddelkont - zo mogen we het ook noemen. Verroen is betrekkelijk nietsontziend in zijn oordelen over de anderen.

Vorige maand verscheen bij de kleine uitgeverij Boertjens & Kroes een boekje met fragmentarische herinneringen van Verroen aan collega's. Kijken naar anderen heet het. Over Miep Diekman: 'Het was soms moeilijk haar een goed hart toe te dragen (-). Haar familieleden hadden de belangrijkste banen, haar kennissen waren invloedrijk, haar zonen waren superintelligent en haar minnaars waren rijk, hadden topfuncties of zouden die zeker krijgen.'

Over Tonke Dragt: 'Ik heb Tonke Dragt nooit erg aardig gevonden. Zo egocentrisch als zij ken ik eigenlijk niemand. Kinderachtig ook nog.'

Rindert Kromhout is blij dat hij niet voorkomt in de galerij. 'Veruit de meest sympathieke schrijver die Dolf in dit boekje onder handen neemt, is Dolf zelf.'

Uit die schets over hemzelf: 'Ik kan heel heftig reageren, mensen uit boosheid in de rede vallen en uitblinken in vooroordelen.'

Op handen gedragen

Zijn woede-aanvallen komen uit het niets. Gaan vaak over niets. 'Maar na 35 jaar kan ik er nog steeds van schrikken', vermeldt Gerbrand Bakker. Hij heeft Verroen dan al tot 'een ontstellende lieverd' verklaard, hetgeen van meerdere kanten wordt bevestigd.

Uiteindelijk voelt Dolf zich niet veilig, meent Nannie Kuiper. 'Vergeet niet, hij was het prinsje thuis. Zijn moeder droeg hem op handen.'

Verroen had naar eigen zeggen een lelijke moeder met een sterk karakter en een vader met de schoonheid van 'een Italiaanse ijscoman'. Het was ook een vader 'van wie je nu zou zeggen: die moet de praatgroep in'. Zijn moeder stond op tegen maatschappelijk onrecht. Ze was lid van de SDAP, de vooroorlogse voorloper van de PvdA. Na de oorlog heeft ze haar lidmaatschap opgezegd, toen de PvdA zich niet verzette tegen de politionele acties tegen de opstandelingen in Nederlands Indië. 'Nu worden wij zelf bezetters', had zijn moeder gezegd.

Dolf Verroen als baby met zijn moeder. Beeld privécollectie

Dolf was gekomen na tien jaar kinderloosheid. 'Ze was zó bang mij te verliezen', zei hij in Trouw over zijn moeder, 'ze adoreerde mij.'

'Ik heb nooit veel zelfvertrouwen gehad', verklaarde hij in een interview met het blad Boekwijzer. Angst is bij hem nooit ver weg. Het kruipt in allerlei gaatjes. Hij zegt bijvoorbeeld zelden nee tegen verzoeken van uitgevers of andere opdrachtgevers, als de dood zo bang als-ie is dat hij nog eens financieel aan de grond raakt.

Het zal nooit ideaal zijn, maar het is wel beter geworden in de loop der jaren. Dat zegt hij althans zelf. Dat hij geleerd heeft, enigszins geleerd heeft genoegen te nemen met wie hij is. Zijn man Gerard heeft die vooruitgang geestig verwoord. 'Vroeger', zei hij tegen Dolf, 'reageerde je als een kind van zes, nu als een kind van tien.' Gerbrand Bakker: 'Dolf is ook maar een eenvoudig jongetje. Hij heeft zich opgewerkt. Hij is ergens gekomen waar hij als joch nooit van gedroomd had.' Helemaal gerust is hij er niet op, Dolf Verroen. En helemaal vertrouwd ermee is hij evenmin. 'Ik kan zo slecht bij mijn gevoel', zei hij in Trouw.

Gelukzaligheid

Daaruit moet volgens de vrienden de ongerichte boosheid begrepen worden. Tegelijk kan hij ontwapenend zijn, bijvoorbeeld in de manier waarop hij geniet van aandacht. Gerbrand Bakker was erbij toen Verroen in 2006 in Duitsland de Friedenspreis kreeg. Bakker: 'Hij laat gelukzaligheid over zich heen komen. Hij wentelt zich erin. Hij werpt kushandjes naar de kinderen op de Bühne.'

Verroen is in de jaren vijftig begonnen als auteur voor volwassenen. Hij kreeg geen onaardige kritieken. Toch liep hij vast. 'Ik wist niet wat grote mensen voelden', zei hij in het Dagblad van het Noorden. 'Ik had het gevoel alsof ik uit een grote leegte moest putten.' Hij heeft er jaren mee getobd.

Alsof de engel Gabriël hem bezocht, is hij op een nacht wakker geworden, heeft hij zijn pen gepakt en is hij gaan schrijven. De zinnen vloeiden, hij wist het thema, hij wist alles. Het waren zinnen voor een kinderboek. 'Toen heb ik gezegd: ik schrijf nooit meer voor volwassenen.'

En ook: 'Het heeft me bevrijd, het schrijven van kinderboeken. Ik weet niet hoe, maar het vulde de leegte.' In De Groene, 1978: 'Ik schrijf het beste voor jonge kinderen, heb ik gemerkt. Dan kan ik het meest mezelf zijn.'

Prins Floris

Floris, de vierde zoon van prinses Margriet en Pieter van Vollenhoven, zat nog op de kleuterschool toen Verroen op bezoek kwam. 'Weet jij wie ik ben?', vroeg Floris. Maar natuurlijk, had Verroen geantwoord, jij bent Floris. 'Dat weet ik ook wel. Maar de een zegt dat ik een prins ben en anderen dat ik een gewone jongen ben, een gewone Van Vollenhoven.' Verroen probeerde het uit te leggen en Floris luisterde alsof het over iemand anders ging. 'Ik zou veel liever een hond zijn', zei Floris na een tijdje. Honden worden geaaid. Even later was hij liever een vogel. 'Dan ben je altijd vrij.'

Verkeerde been

De kinderboekenschrijver Dolf Verroen zet zijn lezers graag op het verkeerde been. Hij houdt dat stug vol, waardoor gaandeweg het verkeerde been het goede been blijkt te zijn.

In Karel en de kindermoordenaar (1987) komt de vraag aan de orde hoe kinderen doodgaan:

'Ik denk dat de meesten verdrinken', zei tante Alebes. 'Kleine kinderen tenminste. Dan worden er ook nog wel wat vermoord. En jeugdkanker natuurlijk.'

Yvonne Keuls: 'Kinderen kennen geen sarcasme, geen kwade bedoelingen. Die kennen alleen maar authenticiteit. Om je de waarheid te zeggen: Dolf is zo'n kind.' Verroen heeft het bevestigd in een interview met het tijdschrift Boekwijzer. Hij zei over een afgesloten schrijfproces: 'Ik kon me ontzettend goed in mijn personages verplaatsen. Of niet eens verplaatsen; ik wás die kinderen gewoon. Ik was zelf de bron waaruit ik putte.'

Dolf Verroen trof eens een huilend kind op straat, intens verdrietig. Wat eraan scheelde. Het kind verdronk in haar tranen. Na enige tijd kwam met horten en stoten het verhaal eruit. Ze hadden thuis een nest poesjes gekregen. 'Mijn moeder', huilde het kind, 'is de poesjes aan het verdrinken.' En ontgoocheld had ze eraan toegevoegd: 'Ik had het zelf willen doen.' Verroen had vol begrip gereageerd: natuurlijk had dat meisje zelf de poesjes willen verdrinken. Als hij nadien in gezelschap de gebeurtenis aanhaalde, was altijd de moraal: 'Anders dan volwassenen willen kinderen heel dicht bij de realiteit staan.'

Yvonne Keuls: 'Dat is Dolf ten voeten uit. Hij doorziet dat wat wij als kwaadaardigheid zien voor zo'n kind niet bestaat.' Zelf zei Verroen in Trouw: 'Ik denk dat veel mensen, misschien niet bewust, maar dan toch onbewust ervoor kiezen de tijd van het kind-zijn achter zich te laten. Dat is mij niet gelukt.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden