4.800 injecties

In het Academisch Medisch Centrum in Amsterdam werken 7.000 mensen en 2.400 studenten volgen er hun opleiding. Het ziekenhuis heeft 50 kilometer gang, 25 duizend opnamen per jaar, 29 duizend dagbehandelingen en 350 duizend polikliniek-bezoeken....

Corine Koole en  Henk Wildschut

Maandag 8.00 uur. Op de afdeling van de arbodienst is het alsof er een bedrijfsuitje wordt georganiseerd, met kamer C0321 als middelpunt. Er staat een rode stoel, een bureau en, naast de rode stoel, een kleine kruk. ‘Zullen we beginnen?’, vraagt doktersassistente Wanda, gekleed in een paarse overslagtrui, aan Ed, een lange grijze verpleger, die net als zij gewoonlijk heel ander werk doet, maar ja, dit gaat nu voor, ‘Of wil je eerst nog opzuigen?’

Nee, Ed wil niet opzuigen. Dat wil zeggen, hij wil het wel, maar hij doet het tussendoor. Ze zijn een team, Wanda en Ed. Wanda prikt, Ed zuigt het vaccin in de speciale AMC-veiligheidsinjectienaald. Minister Klink levert zijn gratis vaccins met goedkope naalden, maar daar zouden Wanda en Ed zich bij het opruimen aan kunnen prikken en ze hebben bij de arbo die afsluitbare naalden niet laten ontwikkelen om zich vervolgens niet aan hun eigen regels te houden. Zo.

De personeelsleden van het AMC druppelen binnen. Achtenveertighonderd hebben een uitnodiging gekregen. Het zijn werknemers die of veel met patiënten in aanraking komen, of in de organisatie zo’n cruciale rol vervullen dat ze onmisbaar zijn. De eerste prik, die een bescherming biedt van 60 procent, hebben ze een maand geleden al gehad. Vandaag, morgen of overmorgen volgt de tweede, die zorgt voor 90 procent. Veel vrouwen melden zich, de meeste gekleed in makkelijke spijkerbroeken en truien die ze gedachteloos en behendig omhoog wippen, waarna eenvoudige katoenen hemdjes en een enkele vleeskleurige, struise bh zichtbaar worden. Er zijn er ook die hun bloesjes aanhouden en hun mouwen opstropen, al heeft Wanda dat liever niet, want een opgestroopte mouw kan de bovenarm afknellen en dan komt het vaccin er weer uit. Mannen zijn er ook. Ook in truien, maar vaker in overhemd en meestal in witte jas; dat zijn de artsen.

Wanda haalt haar schouders op over een fysiotherapeut die guitig tegen zijn collega roept dat hij op de gang moet wachten tot hij een knal hoort omdat hij onderuit gaat. Ze kent haar collega’s uit het ziekenhuis. Vrouwen ondergaan het injecteren anders dan mannen. Vrouwen gaan zitten, laten zich prikken en vertrekken dan, alsof ze nooit geweest zijn. Of ze maken luchtige grapjes en roepen als ze het intakeformulier invullen: ik gok dat ik niet zwanger ben, om dan zacht maar triomfantelijk te verkondigen dat hun baarmoeder twintig jaar geleden verwijderd is en dat ze elk weekend seks hebben. Mannen maken ook grapjes tijdens de vaccinaties, maar luider. Hun lachen verraadt sporen van nervositeit en sterft soms pas lang na hun vertrek, halverwege de gang, weg.

Wanda laat zich door praatjesmakers niet van de wijs brengen. Het is haar al vaker opgevallen dat vrouwen binnenkomen alsof ze naar de kapper gaan en veel mannen bang zijn voor naalden, ook al werken ze nog zolang in het ziekenhuis. Ze laat zich evenmin intimideren door de plotselinge, tijdelijke, maar niettemin ingrijpende veranderingen die haar werk de afgelopen maanden heeft ondergaan. ‘Hou je arm maar zo ontspannen mogelijk’, zegt ze tegen een cardiologe, zwiept dan de naald in de bovenarm en plakt er een schildpadpleister op.

Voor de zomer deed ze nog de gewone arbodingen zoals hepatitis-B-injecties bij studenten geneeskunde, aanstellingskeuringen en tbc-controles.

Sinds begin september is haar leven een strijd tegen de Mexicaanse griep. Nou ja, strijd. Zelf ziet ze dat een stuk luchtiger. Ze volgt de ontwikkelingen met grote belangstelling, heeft meegewerkt aan alle voorlichtingscampagnes, maar heeft zich nooit grote zorgen gemaakt. Ze vindt het meer jammer dan begrijpelijk dat sommige mensen zo bang zijn voor de griep dat ze zich niet meer in wachtkamers of bussen wagen. Haar krijgen ze niet gek. Zij en haar collega’s hadden weliswaar opgezien tegen de enorme organisatie, maar het ging allemaal makkelijker dan ze hadden gedacht. Vanaf de eerste vaccinatieronde is er bewust gezorgd voor een overcapaciteit aan prikkend personeel, wat voor het AMC-personeel betekent dat ze meteen aan de beurt zijn. Het is dan wel druk en anders dan anders op haar afdeling, maar Wanda heeft voor de griep geen dag hoeven overwerken. In de piek van afgelopen oktober heeft ze niet één keer haar wekelijkse les stijldansen hoeven afzeggen. Wanda wil genieten, en geniet. Haar ogen schitteren blij. Vorig jaar is ze nog met haar hele gezin naar Florida geweest, een reis waarvoor ze jarenlang had gespaard. Iedere minuut in Miami was precies even overweldigend als ze zich had voorgesteld.

Een radioloog komt binnen en wordt gevolgd door de man die de beademingsapparatuur bedient in operatiekamers, eveneens onmisbaar bij een grote uitbraak van de gevreesde ziekte. De man heeft op zijn ‘bijwerkingen-formulier’ opgeschreven dat hij een week na de prik last van diarree had, maar volgens bedrijfsarts Josephine kan dat onmogelijk verband houden met de vaccinatie.

De pandemie is veel meer dan een storm in een glas water. Ongeveer een maand geleden was het ziekenhuis nog slechts enige tientallen patiënten verwijderd van de kritieke, oranje fase: het moment dat niet alle gewone OK’s ‘gedaan mochten worden’ zodat de beademingsapparatuur vrij kon worden gehouden voor grieppatiënten. Dat was de tijd dat zich in Nederland elke week bijna driehonderd nieuwe patiënten bij ziekenhuizen meldden, van wie de helft kinderen. Nu zijn dat er gemiddeld nog tweehonderdvijftig per week. Het AMC wil zoveel mogelijk klanten uit zijn doelgroep vaccineren. Tot nu toe waren dat er 3.500 van de 4.800.

Er komt een lange man binnen: een hoogleraar psychiatrie. De hoogleraar stroopt zijn mouw op, Wanda pakt hem bij zijn vel en slaat met een vinnig en efficiënt gebaar pijnloos de naald in zijn arm. In het academisch ziekenhuis van Nijmegen is de opkomst onder zijn collega’s hoger. Daar kijkt de hoogleraar niet van op. Amsterdammers zijn arroganter dan de rest van Nederland, zegt hij.

Wanda glimlacht; zelf vermoedde ze ook al zoiets. In heel Nederland denken ze: zo’n oproep zal wel niet voor niks zijn. Maar in Amsterdam is de natuurlijke reactie of ze er niet onderuit kunnen. Zo van: en wie bepaalt dat dan wel? Tijdens de voorlichtingsavonden die ze hebben georganiseerd, wapperden de banieren in de gangen, werden er ronkende sites gelanceerd – alles om de AMC’ers ervan te overtuigen dat ze werkelijk beter af waren met dan zonder vaccinatie. Maar er bleven er die zeiden: ‘Ik heb nooit griep, waarom zou ik dan nu die griepprik halen? Als de patiënt bang is voor zijn gezondheid, laat hij zich dan zelf inenten.’

Eén ding is zeker: de vaccinaties tegen de Mexicaanse griep zijn een succes vergeleken met de jaarlijkse reguliere griepprik. Daarbij komt gemiddeld maar 16 procent van het personeel opdagen.

Ach, wat kun je erover zeggen, denkt Wanda. Hooguit dat er bij het AMC eigenzinnige types werken, wat zo slecht nog niet is, en ze richt zich tot een vrouw die op de gang staat: ‘U mag gerust plaatsnemen, allemaal bij de prijs inbegrepen.’

En zo gaat het de hele verdere ochtend: ‘Komt u binnen. Gaat u zitten. Laat uw arm maar lekker ontspannen hangen. Wilt u een egel of een kikker? Graag gedaan. En heeft u uw formulier met bijwerkingen meegenomen?’ De meeste personeelsleden hebben overigens na de eerste keer geen last van bijwerkingen gehad. Een enkeling had een stijve arm en iemand voelde zich wat hangerig. Niemand klaagt over een kriebelende nanochip. Ach, de Mexicaanse griep, Wanda hoopt dat die snel voorbij is, dan kan ze al het werk dat is blijven liggen na Kerst weer oppakken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden